Metafoor

20141030_211257In Rebekka W.R. Bremmers roman De evolutie van een huwelijk komt herhaaldelijk de theorie van de metafoor aan de orde. Zo geeft de literatuurwetenschapper Masha een college over de werking van literatuur. Ze zegt tegen haar studenten het volgende:

‘Literatuur. Wat is literatuur? Uit onderzoek blijkt dat als je bijvoorbeeld Kafka leest, of Shakespeare – schrijvers van wie niemand zal beweren dat hun werk geen literatuur is – bepaalde delen van je hersenen oplichten en, belangrijker, opgelicht blijven. Het is zelfs zo dat als een bepaalde tekst wordt hertaald naar gewone. alledaagse taal, die gebieden helemaal niet oplichten. Dit geldt ook voor metaforen. Bij een dode metafoor wordt er weinig hersenactiviteit gemeten, maar bij een onbekende metafoor vertonen de hersenen intense activiteit.’ (251)

Zou dit academisch praatje over literatuur en het stimuleren van de hersenen ook in praktijk worden gebracht door de verteller? Zou ze laten zien dat schrijven en het bestuderen van literatuur twee verschillende grootheden zijn zoals Masha’s dochter Molly Bloem schrijft. Ze wil haar moeder niet vertellen dat ze eigenlijk wel een minor creatief schrijven wil doen. Haar moeder zou er het nut niet van inzien. Ze wist dan wel veel van literatuur, schrijven is wel even iets heel anders.

Gelukkig bevat de roman genoeg metaforen om van te genieten. Vooral in het vergelijken met dieren, schittert de verteller. Zoals het moment dat Anna Karen haar huiswerk zit te maken aan de keukentafel.

Anna K. trok zich terug achter haar notebook, als een schildpadje dat haar hoofd het schild introk. (33)

Mooie vergelijkingen waar ik van kan genieten. Helaas komen ze te weinig voor in de roman van Rebekka W.R. Bremmer. Het blijft die paar metaforen die onherroepelijk iets in je brein losmaken en het verhaal zo oneindig veel mooier maken.

Rebekka W.R. Bremmer: De evolutie van een huwelijk Amsterdam, Antwerpen: Querido, 2014. ISBN 987 90 214 5710 9. Prijs: € 18,99. 270 pagina’s.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn tweede bijdrage over Rebekka W.R. Bremmers roman De evolutie van een huwelijk. We lezen dit boek vandaag bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Evolutie – #WoT

20141029_203436evolutie (v.; -s) [<Fr. évolution of Lat. evolutio], 1 draaiende beweging, syn. zwenking; 2 (bij uitbr.) ingewikkelde bewegingsfiguur: evoluties op het slappe koord3 (mil.) zwenking van troepen (van een vloot), beweging m.betr.t. stelling of opstelling; 4 geleidelijke ontwikkeling tot iets anders, m.n. tot iets hogers of beters, tgov. revolutie: het ontstaan en de evolutie van een eigen Noordnederlandse plastiek (NRC); 5 ontwikkeling van het leven op aarde, vgl. evolutietheorie.

Vandaag lezen we van de leesclub Een perfecte dag voor literatuur het boek De evolutie van een huwelijk van Rebekka W.R. Bremmer. Het boek hinkt en slingert op veel gedachten. Eentje ervan is het huwelijk.

Eigenlijk suggereert de verteller met de titel dat het huwelijk evolueert, maar in de roman lijkt er eerder sprake te zijn van een evolutie naar een huwelijk. In het boek komen de personages Masha en Bastiaan juist tot een huwelijk, maar of dat nu echt het einde van het verhaal is…

Dagen en momenten

De roman speelt op enkele dagen en momenten. Elk hoofdstuk wordt dit weer herhaalt met de kopjes vandaag, morgen, gisteren, herfst, winter en zomer. Gebeurtenissen komen vaak terug, gezien vanuit verschillende personages uit het gezin.

Het is een ingewikkeld verhaal dat bij lezing bijna helemaal ontleed en uitgekleed moet worden. Raadselachtig is het ook en die spanning zorgt ervoor dat je verder leest. Wat dat betreft lijkt het op de evolutie van het verhaal. Maar ik kan mij goed voorstellen dat je ergens bij het lezen strandt.

Ik weet niet meer goed wanneer ik besloot door te lezen. Het verhaal buitelt eindeloos over zichzelf heen en zinnen van pagina’s geleden krijgen pagina’s verderop een vervolg. De betekenis dwarrelt overal doorheen. En het verhaal ‘an sich’ is ook niet zo interessant. Het is het spel tussen werkelijkheid, fictie en literatuurtheorie.

Poging huwelijk te vatten

Waarom het boek dan toch De evolutie van een huwelijk heet? Het is een poging een huwelijk te vatten in een verhaal, met een begin, middendeel en einde. Of zoals de verteller het zegt:

(Waar zou ze beginnen? Wat het begin ook altijd het begin? Of was het beter het eindpunt te kiezen en dan terug te werken naar waar het was begonnen? En wat was het eindpunt? Het einde was nog niet in zicht. Ze leefden nog lang en gelukkig, een rechte weg naar het verdwijnpunt – wat ook wel een vluchtpunt werd genoemd. Maar hun verhaal was geen sprookje. Of toch wel? Er waren eens een arme vreemdeling en een jonkvrouw aan de overkant van het water…) (68)

Het zijn de passages tussen haakjes waarin de verteller (Molly Bloem) iets laat doorschemeren van haar twijfel en strijd met het verhaal dat ze aan het vertellen is. Het zijn de passages waar ze iets verklapt over de afloop en toch niet.

Begin of einde?

Kent een evolutie een begin en einde? Of cirkelt het als een autoband over het asfalt? Langzaam vooruit, maar je weet eigenlijk na al dat draaien niet meer of je vooruit of achteruit bent gegaan?

Rebekka W.R. Bremmer: De evolutie van een huwelijk Amsterdam, Antwerpen: Querido, 2014. ISBN 987 90 214 5710 9. Prijs: € 18,99. 270 pagina’s.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn bijdrage over Rebekka W.R. Bremmers roman De evolutie van een huwelijk. We lezen dit boek vandaag bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

#WoT

Bij de #WoT schrijven bloggers over een woord of een foto. Elke donderdag verschijnt een nieuw woord waarover je kunt bloggen. Deelname is geheel vrijblijvend. Plaats een reactie onder dit bericht waarin je het linkje plaatst naar je blog.

De #WoT is opgezet door @metkcom en daarna door @pixelprinces overgenomen. Vanaf september 2014 hou ik het stokje in mijn hand. Schrijf vandaag mee over het woord: evolutie.

Dakconstructie

20141016_150911Op de kasteelzolder van Slot Loevestein ga ik even zitten op een bankje. Wat een hoogte zeg. De kapconstructie ziet er heel imposant uit. Dikke balken van eikenhout. De balken zijn met elkaar verbonden via pen-en-gatverbindingen, waarbij houten deuvels de verbindingen bij elkaar houden.

De hoogte van de zolder is enorm. De zolder is in tweeën gedeeld. Bovenin het dakspant dat de ruimtes deelt, zit zelfs een opening zonder dat er een vloer onder ligt. Dit dak alleen is hoger dan ons hele huis.

20141016_153904Een vreemde gedachte dat je omhoog kijkt naar iets dat ontdaan van vloeren zelfs hoger is dan je eigen huis. Terwijl je omhoog kijkt naar alleen maar dakbeschot. De vele dakspanten en balken maken het dak tot een kunstwerk.

Een gezin met jonge kinderen komt de zolder op. De vloer trilt. De kinderen gillen. Hun even rumoerige ouders verstoren even het genieten. Alle sleutelgaten worden gedicht met de plastic sleutels en overal klinken de animaties.

20141016_163250De aandachtsspanne van de kinderen is korter dan de animaties duren. Ze zijn alweer vertrokken terwijl in de hele ruimte de animaties nog draaien. Als de laatste animatie zijn mond houdt, is de zolder weer voor ons alleen.

Heerlijk.

20141016_165110

Sleutel tot het slot

20141026_095211Bij binnenkomst in het museum Slot Loevestein krijgen we een grote sleutel om de nek. Het is de sleutel om het slot te kunnen betreden. Onderweg staan kleine kastjes met een sleutelgat waarin de sleutel gestoken kan worden. Alleen als het groene lampje brandt. In het andere geval – als het rode lampje brandt – is de activiteit al in bedrijf.

Beneden in de kelder kunnen we ons omkleden in ridderkleding. Ik verander in een jonkheer. Doris in een jonkvrouw. Zo betreden we het kasteel. We komen binnen in de Riddertoren, een grote ruimte waar mensen vroeger ook al ontvangen werden. Het is het oudste deel van het kasteel. Vanuit deze kasteeltoren is de rest van het kasteel ontstaan.

20141016_145609We lopen door naar de hoge zaal, de voornaamste zaal van het kasteel, een soort ridderzaal. Hier worden verhalen verteld aan de kinderen. Ik loop lekker rond door het kasteel, pak soms een van de smalle trappen. De trappen zitten tussen de dikke muren.

De smalle trappen leiden naar de hoger gelegen ruimten. Waaronder ook de kamer waar Hugo de Groot twee jaar gevangen heeft gezeten. Allerlei animaties geven deze verder vrij kale ruimtes duiding. Ik laat mij er niet zo door afleiden en geniet vooral van de indrukwekkende formaten van deze zalen en kamers.

20141016_152336Het is ook niet heel erg druk in het museum. Het scheelt dat in dit gedeelte van het land de herfstvakantie nog niet is begonnen. Daardoor zijn er ook niet zoveel kinderen in het kasteel. De kinderen die er zijn, eisen genoeg aandacht op. Ze rennen en vliegen de kamers binnen. Ze duwen hun sleutels in de sleutelgaten, ook al brandt het rode lampje en alle animaties gaan gelijktijdig draaien.

Het levert veel lawaai op terwijl het verder zo rustig is. Gelukkig zijn dergelijke stormen ook weer snel overgewaaid. De kinderen zijn allang weer weg als de animaties zijn uitdraaien, de groene lampjes weer branden en de rust weer helemaal is weergekeerd.

20141016_143214

Slot Loevestein

20141016_141056Slot Loevestein ligt op een onmogelijke plaats. Je kunt er maar moeilijk komen. Over een smal weggetje voert de weg vanaf de grote weg van Zaltbommel naar Nieuwendijk. Het weggetje loopt langs de uiterwaarden en kronkelt af en toe over een dijk heen. Het begint met de hoogste dijk. Na die afdaling kronkel je langs de weilanden.

Een tractor trekt viezigheid uit de sloot. Vlak na een bocht komen we een tegenligger tegen. Van een slot is niks te bespeuren. Het uitzicht wordt belemmerd door dijken, wilgen en hoge rietkragen. In het natuurgebied wordt druk gewerkt.

20141016_165327Dan ineens doemt het kasteel op. Vanuit de verte, achter de wilgenbomen en de hoge vestingwallen. De puntjes van de torens koekeloeren over het groene gras. Het dak is duidelijk zichtbaar. Daar ligt het Slot Loevestein. Op het puntje van een smal strookje droog land staat het kasteel.

Al snel wordt duidelijk dat dit niet het meest onmogelijke plekje is, maar vooral het meest strategisch. De schepen voeren voorbij over de Waal. Aan de andere kant van het slot loopt de Maas. Hier bij de splitsing van de Merwede in Waal en Afgedamde Maas ligt het slot uiterst strategisch.

20141016_142033Van alle kanten kan het slot aanvallen weerstaan. Het vormt dan ook onderdeel van de Hollandse Waterlinie. Overigens voert de weg van Almere naar Loevestein via de A27 voor een groot deel langs deze waterlinie.

Iets meer dan een seizoen

20141021_205654Hoe moet je het boekje Iets meer van een seizoen van Stephan Sanders noemen? Hij – of zijn uitgever – heeft het zelf de naam ‘memoir’ meegegeven. Het boekje is in de eerste plaats een herinnering aan zijn vriend en schrijver Anil Ramdas. Daarbij vermengt Stephan Sanders zijn verblijf in Almere.

Almere zou een mooie stad voor Anil Ramdas zijn, stelt Stephan Sanders. Het past perfect bij het burgerlijk bestaan waarvan zijn vriend droomt: een huis met een tuintje waarvan het hegje mooi geknipt is. De garage en de piano in de huiskamer. De zolder om de spulletjes op te slaan die je niet meer nodig hebt:

Anil had heel goed in Almere kunnen wonen, omdat zijn woonwereld heel burgerlijk en gemiddeld mocht zijn, misschien wel omdat zijn belevingswereld zo buitengemiddeld was. Mind over matter. In zijn denken en zijn leven was en werd hij steeds excessiever: alles was Groot, Spraakmakend en Uiterst Urgent in dat hoofd – maar dat schrijven en denken, dat lukte ook uitstekend in de garage van de tweekapper, met uitzicht op een net, veelal betegeld tuintje. (84/5)

Dat brengt Stephan Sanders ook bij de kern van de Almeerder. De Almeerder in de zin van iemand die bewust voor Almere kiest om daar te gaan wonen, bestaat niet. De Almeerder kiest voor een huis met een tuintje, een plek om te wonen. Dit plekje ligt toevallig in Almere, maar kan evengoed ergens anders liggen.

Stephan Sanders: Iets meer dan een seizoen Amsterdam: De Bezige Bij, 2013. ISBN 987 90 234 7741 9. Prijs: € 15,90. 128 pagina’s.

Dit is het laatste blogje van drie blogs over het boekje Iets meer dan een seizoen van Stephan Sanders.

Gemiddeld

20141021_205644Het probleem van Almere ligt niet zozeer in de plaats maar in iets anders schrijft Stephan Sanders in Iets meer dan een seizoen. Almere is de stad van de gemiddelden, stelt hij. Nergens wordt zoveel op straat geënquêteerd als in Almere, constateert Stephan Sanders in zijn boek. Hier woont de gemiddelde Nederlander.

Je moet wel oppassen dat je ‘gemiddeld’ niet automatisch koppelt aan middelmaat. (88)

De hoeveelheid Almeerders dat onder ‘lagere middenklasse’ valt ligt hoog, stelt Stephan Sanders. De uitzonderingen daargelaten, de bekende comédienne met een flinke lap, flink huis. De bankiers, hoofdredacteurs, rechters en medisch specialisten:

Ze zijn er, of liever gezegd, ze wonen er, maar je ziet ze amper terug. (89)

Het brengt Sanders tot de kern van het probleem:

[H]et gros van de Almeerders heeft een keuze moeten maken: tussen Utrecht, Amsterdam en Almere, een parmantig, leuk, maar ook prijzig stadsappartement daar, of het huis met de extra kamers en de speelweide om de hoek voor de kinderen. Tussen grootsteeds of ruim met een tuin. Autoloos of met eigen garage. Wikken en wegen, en dan uiteindelijk kiezen voor wat het verstandigst is, het meest haalbaar. (90)

Een zuiver rationeel besluit om een gemiddeld leven te kunnen leiden. Niet veel mensen dromen van een leven in Almere en toch wonen er bijna 200.000 mensen. Vervolgens moet je het als Almeerder altijd weer afleggen tegen de publieke opinie die gehakt maakt van een leven in Almere. Alsof je je eigen doodsvonnis tekent bij het tekenen van het koopcontract van je nieuwe huis. Niemand benijdt je. Eerder krijg je de bons. Je woont in de lelijkste plek van Nederland!

Een oplossing heeft Stephan Sanders niet. Daar is hij natuurlijk ook niet voor betaald. Hij onthult wel iets van een antwoord: Almere is een stad van planologen. De stad is gepland en altijd is er iets dat verbeterd kan worden. Het is nooit af. Maar misschien moeten we gewoon tevreden zijn met de stad. Almere is Almere. Niets meer en niets minder. Wat anderen er ook van vinden. Jouw huis staat er, jouw plekje op deze aarde.

Stephan Sanders: Iets meer dan een seizoen Amsterdam: De Bezige Bij, 2013. ISBN 987 90 234 7741 9. Prijs: € 15,90. 128 pagina’s.

Dit is de tweede blog in een serie van drie blogs over het boekje Iets meer dan een seizoen van Stephan Sanders.

Culturele bovenlaag

20141021_205633Voor mij hoorde hij bij de culturele bovenlaag zoals hij het zelf beschrijft in zijn boek over Almere. Gastschrijver, ‘writer in residence’, Stephan Sanders verbleef in 2010 een paar maanden in Almere. Iets meer dan een seizoen zoals hij het zelf noemt. Het was precies de tijd dat Almere landelijk in de belangstelling lag vanwege de deelname van de PVV aan de gemeenteraadsverkiezingen.

Ook Stephan Sanders werd in die tijd gevolgd door de camera. Hij liep door Stedenwijk en lanceerde zijn theorie over de opkomst van deze partij. Hij legde het bij de Amsterdammer die zijn geluk in Almere verstoord ziet worden door de komst van buitenlanders. Ik weet niet of hij het bewust opmerkte, maar de argumentatie komt precies overeen met het onderzoek dat het ministerie van Binnenlandse Zaken in 1984 hield na de opkomst van de Centrumpartij in Almere.

De culturele bovenlaag die Stephan Sanders aan Twente doet denken, lijkt inderdaad het geval te zijn in Almere. Je behoort ertoe of je wordt compleet genegeerd. Ik merkte het aan den lijve toen ik eens een dichtersgenootschap in Almere benaderde. Ze reageerde terughoudend op mijn vraag voor een nadere kennismaking. Geen belangstelling. Ik heb het laten liggen, omdat ik niet zo nodig tot een groep hoef te horen. Zeker niet een groep die een bepaalde arrogantie aan de dag legt.

Het project van de gastschrijver, de ‘writer in residence’ sluit goed aan bij die gedachte. De culturele bovenlaag die elkaar ontmoet en begroet bij zelfgeorganiseerde evenementen. Ik zag het terug in het item dat EenVandaag destijds maakte over Stephan Sanders. Hij liep de notabelen van Almere de hele dag achterna.

Het boek dat hij vorig jaar schreef over zijn gastschrijverschap in Almere, ontstijgt echter de afhankelijkheid van de culturele elite. Ik kan mij goed voorstellen dat de PVV er niks van moet hebben en het als elitair zal verslijten.

Stephan Sanders bedenkt dat zelf ook in zijn boek. Hij vraagt zich af hoe blij de PVV zal zijn met ‘een ingehuurde schrijver in de stad’. Zeker als hij bij de opening de dame met de hapjes rondleidt in zijn nieuwe woonomgeving. De vrouw bekijkt het met een ‘mix van bewondering en afgunst':

Ineens voelde ik mij ‘linkse elite’ – nooit eerder gehad.
De man uit Amsterdam die een kant-en-klare flast betrekt. Betaald en wel.
En een mooie flat – ook dat nog. (31/2)

Het boek Iets meer dan een seizoen verrast mij. Op een mooie manier verweeft Stephan Sanders het leven van zijn overleden vriend Anil Ramdas met zijn verblijf in Almere. Hij doet dit op een bewonderenswaardige, bijna verterende manier.

Stephan Sanders: Iets meer dan een seizoen Amsterdam: De Bezige Bij, 2013. ISBN 987 90 234 7741 9. Prijs: € 15,90. 128 pagina’s.

Dit is de eerste van drie blogjes over dit boekje.

p.m.s. – #WoT

20141021_202326
p.m.s. (med) premenstrueel syndroom., ongeveer 14 dagen voor de menstruatie ontstaande prikkelbaarheid, vermoeidheid, gezwollen, pijnlijke borsten etc.

Ik heb het niet zo op chicklit. Shoppen, eten en geneuzel over mannen. Ik was heel bang dat ik bij het lezen van Lena Dunhams Not that kind of Girl, Levenslessen om (vooral) niet op te volgen op dit soort onderwerpen zou stuiten.

Maar niks van dat alles. Het is geen chicklit zoals ik vreesde, het is een heel leuk boek om te lezen. De absurde humor en vertelwijze zijn wel heel Amerikaans. Ik zie het een Nederlandse schrijfster niet snel doen, maar het boek is origineel, geestig en heel vrouwelijk.

De vertelster heeft het in het hoofdstuk ‘Wie heeft er aan mijn baarmoeder gezeten?’ over het maandelijkse ongemakje van vrouwen. Ze vindt menstrueren het enige aspect van vrouwelijkheid waar zet niet blij mee is. Voor de rest is ze trots en blij dat ze een vrouw is. Maar die ongesteldheid, moet dat nou?

In het begin vond ik het nog op een morbide manier fascinerend, als een auto-ongeluk dat elke drie weken in mijn broekje plaatsvond. Ik was blij dat ik tot de exclusieve club was toegelaten, eindelijk de tamponautomaat kon bezien met de kennis van de ingewijde. Maar al snel werd het even vervelend als een melodramatische vriendin of de repetities van een toneelstuk. De voorspelbaarheid heeft iets ontzettend ontmoedigends: we willen chocola. We zijn boos. Onze buik zwelt op als bladerdeeggebak. Al vroeg nam ik me heilig voor de menstruatie nooit te zullen gebruiken als vehikel voor grappen of als narratieve middel. (142)

Als man begrijp ik niks van ongesteldheid. Waarom dat humeurige gedoe en wat is het precies voor een pijn. Ik kan mij er niks bij voorstellen. Dat het een invloed heeft op je dagelijks functioneren, zie ik wel. Er worden niet voor niks grappen over gemaakt.

Helemaal eerlijk vind ik dat niet. Waarom mag een vrouw het niet zeggen dat ze zich even wat minder voelt? Van mij mag het wel. Als je je niet lekker voelt, mag je best wel even wat knorriger reageren. Dus waarom je van Lena Dunham niet meer mag zeggen dan: Ik heb buikpijn…

Wat vind jij van dit onderwerp? Eigenlijk zeggen vrouwen het nooit dat ze wat humeuriger zijn omdat ze ongesteld zijn. Ze zeggen hooguit ‘Ik heb buikpijn’. Soms lijkt het wel of vrouwen zich ervoor schamen. Of het niet mag. Terwijl bij mannen ook hormonen door het lijf gieren en dat testosteron als typisch mannelijk gezien wordt.

Ik ben ontzettend benieuwd naar ieders ervaringen met dit onderwerp…

Lena Durham: Not That Kind of Girl, Levenslessen om (vooral niet) op te volgen. Oorspronkelijke titel: Not That Kind of Girl – A Young Women Tells You What She’s “Learned”. Vertaald door Maaike Bijnsdorp en Lucie Schaap. Amsterdam: Meulenhoff, 2014. ISBN 987 90 290 9041 4. Prijs: € 19,95. 304 pagina’s.

#WoT

Bij de #WoT schrijven bloggers over een woord of een foto. Elke donderdag verschijnt een nieuw woord waarover je kunt bloggen. Deelname is geheel vrijblijvend. Plaats een reactie onder dit bericht waarin je het linkje plaatst naar je blog.

De #WoT is opgezet door @metkcom en daarna door @pixelprinces overgenomen. Vanaf september 2014 hou ik het stokje in mijn hand. Schrijf vandaag mee over de afkorting ‘p.m.s.’.

Finsterwolde – Finnerwold

finsterwoldeMaandagavond werd ik gegrepen door een documentaire van de NCRV over het Groningse dorpje Finsterwolde. Behalve dat het een prachtig Freytag-orgel heeft, ken ik het plaatsje niet. Het ligt vlakbij Beerta en het ligt in Oost-Groningen. Drs P. bezingt deze streek in een lied met als refrein ‘Ja, dat gaat met strokarton’.

De documentaire met als naam ‘Een brief van de burgemeester’ vertelde over de Middenweg in Finsterwolde. In de brief van burgemeester aan de bewoners van die straat staat dat de burgervader Pieter Smit zich zorgen maakt. Er zouden mensen zijn die niet meer zo gelukkig zijn in de straat.

Daarna volgt het verhaal van een bemiddelaar (onafhankelijk coördinator) die een EigenKracht-conferentie voorbereidt met de bewoners van de straat. Het blijkt dat de problemen zich concentreren op nummer 11 en nummer 8. In het eerste huis wonen mensen die zich helemaal aan de buurt proberen te onttrekken. Ze hebben hun huis omhangen met camera’s. De bewoonster van nummer 8 vereenzaamt. Daar maken de buren zich het meeste zorgen om. In de etagewoningen aan het eind van de straat wonen mensen met problemen. Het zorgt ervoor dat de buur niet als veilig en prettig wordt ervaren.

Het is een merkwaardig moment als de coördinator aan het eind van een bewogen avond zegt ‘mijn opdracht zit erop’ en dan vertrekt. Hij laat de bewoners een beetje aan hun lot over. Maar ze pakken het goed op, ruimen de straat op en proberen er iets van te maken.

De woningbouwvereniging die zich aanvankelijk niet met het project bemoeit, krijgt ook een belangrijke rol. Ze weten uiteindelijk toch hun problemen op te lossen. Al kun je je afvragen of de brief van de burgemeester niet eerder een probleem maakte dan een probleem oploste.

De muziek bij de documentaire trok mijn aandacht. Het is een lied van componist en liedjesschrijver Arnold Veeman. Veeman is een Groningse Surinaamse streekstaalzanger en componist met een prachtige, diepe stem. Hij zingt in mooi Gronings over het dorp Finsterwolde, Finnerwold. De begeleiding op piano en fluitend tussen de regels, maken het tot een echte belevenis.

Ik vroeg direct na de uitzending via twitter aan Arnold Veeman of hij het liedje ook ergens online beschikbaar had. Zo plaatste hij het een halfuurtje later op Soundcloud. Het is zeker de moeite van het beluisteren waard. Al kun je niet om het uitgestrekte landschap van Oost-Groningen heen.

Beluister het liedje via Soundcloud
Bekijk de documentaire De brief van de burgemeester