Fietsen bij 33 graden (1)

image

Hoe zouden de vogels zich gedragen met deze hitte? Ik vroeg het mij terwijl het kwik al een eindje in de dertig graden verbleef. Het raadsel kon natuurlijk eenvoudig worden opgelost. Naar de Lepelaarplassen fietsen om te ontdekken wat die beesten doen met deze temperatuur.

Ik stapte op de fiets en reed eerst nog langs de kringloopwinkel om te jagen op leuke boeken. Het lijkt wel of in de vakantieperiode veel interessantere boeken liggen bij de kringloopwinkel. Binnen een week tref ik al twee boeken aan waar ik langere tijd naar op zoek ben. Zo ook op deze warme zomerdag waarbij het kwik al een flink eind in de dertig graden verbleef.

image

Maar de fietsrit richting Lepelaarplassen kon ik niet voorkomen. De verrekijker lag in de fietstas. De boodschappen opgehaald bij de Albert Heijn zouden de hoge temperatuur wel even kunnen verdragen en de voorband was juist extra hard opgepompt voor een langer tochtje op de fiets.

Ik voelde de warme wind mij tegemoet waaien, maar het irriteerde absoluut niet. Het voelde zelfs best aangenaam. Ik fietste langs de Almeerse strandjes. De badgasten stonden puffend in de rij bij de ijskraam. De rest probeerde zich in het hoge gras onder de bomen te beschutten tegen de felle zon. Ik fietste op het gemakje langs jengelende kinderen met opblaasbeesten op de rug en zwetende zonnegoden en godinnen.

image

Ik fietste langs de vissende Polen en frisbeeënde kinderen op het kinderfeestje van Michael. Of dat vertelden de briefjes die aan de bomen hingen om de richting naar het feestje aan te geven. Ik fietste alles voorbij. Zag tieners van de ophaalbrug in het water duiken. De spartelende lijven bewogen in de richting van de aanlegsteiger, om daar watertrappelend te hangen.

Ik was er nog niet, een racefietser met een erg gebruind lichaam passeerde mij en ik sloeg de weg van de eenzamen in. Er fietste daar niemand. Alleen de koeien versperden mijn weg. Ze namen ook helemaal geen aanstalte om mij uit de weg te gaan.

image

Hitte en nieuwsgierigheid belette dat. Ik slalomde maar lopend, met de fiets aan de hand tussen het koevolk door. Ze liepen een eindje met mij op en ik accepteerde maar dat ik door de dikke, bruine koeienvlaai heen moest stappen.

Morgen deel 2 van deze warme omzwerving

Amerongse Feniks

image

Kasteel Amerongen en het verhaal van de bewoners Godard Adriaan van Reede met zijn vrouw Margaretha Turnor ging voor mij echt leven na het lezen van het boek over het rampjaar 1672. Het vertelt over de diplomaat Godard die in eerste instantie probeert het noodlot af te wenden.

image

Het dramatische verhaal van het kasteel, komt later als Margaretha gevlucht is naar het veilige Amsterdam. De Fransen bezetten het kasteel en eisen een geldsom op. Als ze niet betaalt, dan gaat het kasteel in vlammen op. Ze is ten einde raad.

image

Het kasteel dat er nu staat is oogstrelend en ergens ben ik de Fransen dankbaar. Het gebouw dat nu tussen Amerongen en de Rijn in ligt, is strak en evenwichtig vormgegeven. Een gebouw om vaker heen te gaan. Het ligt mooi, zeker in de zomermaanden als de pruimen, kersen, appels en peren aan de bomen rijpen. De tuinen om het kasteel zijn heerlijk om door te wandelen.

image

Naast de Galerij op de eerste verdieping was ik ook getroffen door de bibliotheek op de beletage. Hier staat een mooie boekenkast tegen de wand, met imposante boeken erin. Ze bieden goede stof voor gespreksonderwerpen aan. In de grote fauteuils bij de kachel kun je er dan tot ‘s avonds laat over discussiëren.

image

In de kleine bibliotheek, misschien nog wel charmanter, staat een schattig bureautje. De plek waar Godard Adriaan van Reede zijn deftige documenten schreef. Het is niet de plek waaraan hij of zijn vrouw de brieven schreven aan elkaar tijdens zijn verblijf in Duitsland en als zij van Amerongen naar Amsterdam vlucht. Die meubels zijn immers verloren gegaan bij de brand in 1673.

image

Het was daarom erg jammer dat de museumwinkel bij onze terugkomst bij de ingang al gesloten was. Ik had graag de brievenbundel gekocht van deze twee bijzondere achttiende-eeuwers. Net als het boekje over het kasteel zelf met allerlei interessante wetenswaardigheden.

image

Het dwingt me bijna om weer snel terug te gaan.

Kasteel Amerongen

image

Ik ben in mijn jeugd weleens naar het kasteel geweest. Het maakte toen al diepe indruk op mij. Vandaag bij het bezoek ontdekte ik dat er weer hele andere dingen zijn blijven hangen dan de dingen die ik nu zag.

image

Het zat al een tijdje in mijn gedachten om naar Kasteel Amerongen te gaan. Zeker na het nieuws in 2011 met het filmpje van Peter Greenaway dat het museum weer opengesteld was voor publiek. Het is jarenlang dichtgeweest en ging vorig jaar zomer weer open.

image

Dat nog niet alles klaar is, zag ik vandaag. Zo staat het orgel nog niet op zijn oude plek in de enorme galerij op de eerste verdieping. Ook hingen de mooie wandkleden van Gobelin niet in de gelijknamige kamer. Het wacht nog op restauratie.

image

Het maakte wel weer grote indruk. Zeker de Galerij op de eerste verdieping. Het hoge plafond maakt het tot een enorme ruimte waar je mooi kunt musiceren. Dat bewees een demonstratie op de piano wel. De muziek klinkt door het hele kasteel. Het orgel moet die werking zeker kunnen evenaren. Ik heb het helaas nog nooit gehoord.

image

Ook zag ik enkele klavecimbels staan. Imposante instrumenten waarvan er eentje rond 1700 staat gedateerd. Het hele huis ademt die classicistische uitstraling van de bouwtijd. Het is het imponerende verhaal van de feniks die uit haar as herrijst. Het symbool is ook op enkele plaatsen in het kasteel terug te vinden.

Morgen deel 2…

Hendrik de NSB’er

20140330_145356Een treffend verhaal in het familieboek Het Boschhuis van Pauline Broekema is het verhaal van haar oudoom Hendrik ter Beek. In geen enkel opzicht lijkt Hendrik op zijn kleinere en dikker uitgevallen broer Juul. Hendrik is dierenarts geworden in de streek waar hij vandaan kwam, rond Muiderberg. Hij vestigt zich in Naarden met zijn knappe vrouw Wim.

In hoofdstuk 40, met de titel ‘De broer’, doet Pauline Broekema uitgebreid verslag van haar bijzondere en eigenzinnige oudoom. Hendrik zou volgens haar wars zijn van overheden en gezagsdragers. Ze geeft een mooi portret van deze man die op verjaardagen ‘voor zijn moeder een tastbaar Muiderberg meenam’:

Wat opgespaarde kranten. Een paar stukken kaas, verse boter, karbonades en worst. Dat hij de geur van de stal en de weide binnenbracht, en dat die voor dagen bleef hangen in de zware velours gedorijnen, in het dikke tapijt en de boenwas van meubels. Zijn moeder, merkte hij, genoot verholen mee. (252/3)

Het verrast daarom heel erg dat uitgerekend hij lid wordt van de NSB in het najaar van 1940. Dat hij het zijn Wimpie of ‘wijfie’ soms moeilijk maakt met ‘wat in de familie verhullend ‘vrouwenkwesties’ werden genoemd’, neem je voor lief. Maar hoe kon zo’n verstandig man lid worden van de NSB? Met een heuse cliffhanger eindigt het hoofdstuk:

En zo kwam het, zou Hendrik na de oorlog verklaren, dat hij zich, weliswaar na grote aarzeling, in november 1940 aansloot bij de Nationaal-Socialistische Beweging. (256)

Een schokkende gebeurtenis, waar Pauline Broekema verstandig genoeg niet op terugkomt als de verzetsheld en zoon van Hendriks broer Juul, Pieter, wordt neergeschoten door de bezetter. Bij de herbegrafenis van Pieter, haalt Pauline Broekema kort een briefje aan dat Hendriks vrouw Wim aan de familie schreef.

Pas daarna komt het verhaal van de ‘dwarse Ter Beek’, die in de oorlog veel voor de Gooise boerenbevolking heeft betekend. Het is een andere kant van de oorlog, waarbij goed en fout door elkaar lopen. Het lidmaatschap van zo’n omstreden partij kan namelijk ook goed van pas kan komen.

De verteller trekt haar eigen conclusie in een bijna terloops zinnetje:

Toch werd Hendrik nooit meer de oude. (432)

Ook na de oorlog zijn er kortzichtige mensen die het de dwarse Ter Beek knap lastig maken. Hij wordt gevangen genomen vanwege zijn NSB-lidmaatschap in de oorlog. Al deze gebeurtenissen maken hem tot een man ‘met een flauwe glimlach op de lippen’ die de lens vermijdt.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is de laatste bijdrage over Pauline Broekema’s familiekroniek Het Boschhuis, Kroniek van een familie. We lezen dit boek vandaag bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Pauline Broekema: Het Boschhuis, Kroniek van een familie. De Arbeiderspers, 2014. 471 pagina’s. ISBN: 9789029588973 Prijs: € 19,95

Jane

image

De kracht in het boek Het Boschhuis van Pauline Broekema ligt in het vertellen en laten zien in plaats van het uitleggen. Een mooi voorbeeld is de naam Jane. De hedendaagse lezer verengelst de naam onbewust, terwijl deze naam op zijn ‘Nederlands’ werd uitgesproken.

In plaats dat Pauline Broekema tussen haakjes achter de naam zet hoe ze uitgesproken wordt, heeft ze het in een kort verhaaltje gegoten, op een conferentie met een Engelsman:

Wel bracht die moeilijke tijd aan het Naardermeer hem zijn vrouw. Adriana Kreuger, of kortweg Jane. Hij wist nog dat ze op een conferentie werd voorgesteld aan een Engelse deelnemer, die het kaartje op haar jurk bestudeerde, omdat hij haar naam niet verstond. ‘Good morning Jane, nice to meet you!’ Ze had gelachen en overwon haar angst om Engels te spreken. ‘No it’s Dutch. We pronounce it as Jaane.’
Och, wat was hij trots op haar geweest. En ook jaloers. Want de dagen erop, telkens als ze die heer ontmoetten boog hij even, begroette haar: ‘Hello! Jaane’, en deed zijn best het zo Hollands mogelijk te laten klinken. (162)

Een voorbeeld waarbij de historische werkelijkheid waarschijnlijk geweld wordt aangedaan. Zeker Juul en Jane bezochten regelmatig conferenties waarbij ook Engelsen waren en het zal ongetwijfeld zo gegaan kunnen zijn. Maar of het echt zo gebeurd is?

Voor het verhaal is het niet belangrijk en het is een aantrekkelijke manier om de lezer te laten weten hoe je Jane uitspreekt. Hier is ‘het zou zo gebeurd kunnen zijn’ belangrijker dan dat het zo gebeurd is.

Het Boschhuis zit vol met dit soort fragmenten. Soms slaat het een beetje door en is het zijpad te groot voor het verhaal. Dan komt er een nieuw verhaal die niet direct slaat op het familieverhaal. Vooral in de Tweede Wereldoorlog gebeurt dit. Daar verandert Het Boschhuis bijna in een plaatselijke geschiedenis van Bilthoven in de oorlog.

Maar die zijsporen zijn ook heel interessant. Je wordt dan weer zo meegenomen door het verhaal dat het zijspoor je niet stoort. Het is onderdeel van het proces om een periode uit de geschiedenis tot leven te wekken en de verhalen naar boven te laten borrelen.

Overigens valt mij de enorme gelijkenis op tussen Pauline Broekema en haar moeder Joke. Het lijkt wel hetzelfde gezicht, dezelfde vormen en met dezelfde ernst. De ernst waarmee ze gezocht heeft naar het verhaal van haar familie maakt alles compleet.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn achtste bijdrage over Pauline Broekema’s familiekroniek Het Boschhuis, Kroniek van een familie. We lazen dit boek bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Pauline Broekema: Het Boschhuis, Kroniek van een familie. De Arbeiderspers, 2014. 471 pagina’s. ISBN: 9789029588973 Prijs: € 19,95

Fietswrakken

imageLaat op de avond voer de schoonmaakboot door de gracht. De scherpe punten van dregvork aan de voorzijde staken dreigend vooruit. De bootschroef woelde het water los. Het water vertroebelde van de beweging. Achter het schip dreef een donker spoor in het water.

Elk jaar rond deze tijd vaart deze schipper door de gracht. Hij ontdoet de gracht van afval. Zo maakt hij de vaarwegen weer begaanbaar. Vanmorgen bij het uitlaten van de honden, zag ik de fietswrakken die hij uit het water had gevist.

imageRechts van het bruggetje waren ze uit het water getakeld en lagen ze opzichtig op de waterkant. Bemodderd en verroest. Niet meer te herkennen als fiets, na een maandenlang verblijf onder water.

Vanmiddag was de collectie aangevuld met een boot. Het scheepswrak lag bij de fietswrakken. Net zo toegetakeld. Een laagje water op de bodem van de boot, vertelde dat hij lek was. Daar viel niet veel eer meer te behalen.

imageIk genoot van het gezicht over de fietswrakken. Niet dat ik zou wensen dat daar mijn fiets lag, maar de berg oud roest maakte het tot een heus monument van afval. De fietsen waren niet veel meer waard. Alleen de oud-ijzerboer kan er nog wat plezier uit halen.

Waarom die Polen afgelopen winter dit kostbaarste metaal in het water lieten liggen? Te zwaar en waardeloos om mee te nemen? Of waren ze op zoek naar ander zwart goud.

Familie Zwaan

image

Ze broedde tussen de waterkant en het fietspad in en lag op een heuveltje van riet. Ik bedoel de aanstaande moeder zwaan die ik een tijdje geleden beschreef in mijn blog. Vader zwaan bewaakte het nest en zorgde ervoor dat de fietsers op afstand bleven.

image

Op de terugweg dat ik erlangs fietste, zag ik dat het nest leeg was. De zwanen waren er niet meer. Het nest was uitgevlogen. Zo bleven ik en de lezer achter zonder een afloop. Hoe groot was de vreugde toen ik een tijdje terug de familie zag zitten. Op de plek van het nest.

image

Het gras was weggemaaid. Het nest kon ik niet meer zien, maar daar stonden ze. Vader, moeder en twee uit de kluiten gewassen kuikens. Ze kijken even eigenwijs als hun ouders. Ze nestelen zich lekker aangenaam op het stukje geboortegrond. Moe van een dag zwemmen en rondzwerven.

Poëtische stijl

image

De enige bevrijding uit de zwaarmoedigheid van André Plattels Alles hiervoor is de stijl van het verhaal. In bijna overdreven poëtische bewoordingen probeert de verteller het verhaal lucht te geven. Het lukt hem vaak, maar soms maakt de lucht van de vergelijking het juist zwaar.

Zoals het moment als Jonathan in het hotel genegenheid zoekt bij Bette, het meisje waar hij iets voor voelt. Ze is weggelopen nadat hij een jaloerse opmerking heeft gemaakt.

Ik ga haar achterna, leg een hand op haar schouder als ze de deur van de hotelkamer opent. In het woordeloos spreken van de vorige avond gebeurde iets wat zich niet helemaal voltrok en daardoor duurde. Nu is het bijstellen, repareren, in onszelf wankelen. Voordat we gaan slapen omhelzen we elkaar wel, maar leunen op een zuchtje wind. (124)

Deze stijl zet zich het hele boek voort. Het maakt het verhaal luchtig, maar soms ook onnodig zwaar. Ook haalt het vaak de vaart uit het verhaal, in opsommingen die het verhaal niet vooruit helpen en alleen maar gewichtigdoenerij in zich verbergen. Dan slaat de verteller de plank mis. Zoals wanneer hij in Leiden loopt achter het vriendinnetje van zijn broer aan.

Kloksteeg, Wolsteeg, Diefsteeg, Herensteeg, richting Pieterskerkhof, de kinderkopjes waren grijzer dan ik me herinnerde, langs de Trianon, de bioscoop in de Breestraat, waar ik regelmatig met mijn verader kwam, doorsteken richting Burgsteeg, de kapperszaak.
De straten waren me vertrouwd. (163)

Of deze passage nu helpt om het verhaal te vertellen van Claire en zijn broer Stefan. Ik weet het niet, het is voor iemand die in Leiden gewoond heeft heerlijk te lezen over deze straten, maar of het het verhaal vooruit helpt?

Zo maakt de poëtische verteltrant het verhaal soms nog zwaarder dan het al is. Het maakt het verhaal dramatisch en tragisch. Het is heel veel verdriet in die 250 bladzijden, waarbij ik vaak naar lucht moet happen en snak naar een goede grap.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn bijdrage over André Platteels debuutroman Alles hiervoor. We lezen dit boek vandaag bij Een perfecte dag voor literatuur vannotjustanybook.nlLees de bijdragen van anderen in de reacties.

André Platteel: Alles hiervoor. De Arbeiderspers, 2014. 256 pagina’s. ISBN: 978 90 295 8890 4 Prijs: € 17,95

Bijensterfte

image

De laatste dagen zie ik ze liggen op het pad onder de lindebomen. Ze liggen dood op de grond, op hun zij. De vleugels wijzen treurig schuin naar achteren. Het pad ligt bezaaid met de bijenlijken en de kadavers van dikke hommels.

Ze vallen uit de boom alsof het rijpe kersen zijn en spartelen op de grond. De pootjes krabbelen over de aarde. De lijfjes draaien rondjes, de vleugels fladderen vergeefs. Ze liggen half versuft en lijken de weg compleet kwijt te zijn. Verdoofd en half verlamd.

image

Ik vermoed dat het insectengif is. Ze vallen dizzy en versuft uit de lucht en spartelen hulpeloos over de bodem. Zonder enig effect. Alleen de dood biedt uitkomst.

Ze vliegen de omgekeerde weg als Nijhoff in het Lied der dwaze bijen zingt. Daar vliegen de bijen te vroeg uit,  vol verlangen naar hoger honing. Ze bestijgen de bevroren lucht tegemoet.

image

Nu vallen ze uit de warme hemel naar beneden. En sterven spartelend. Verder weg van hoger honing dan ooit.

Opwindende poëzie – #50books

image

Veel Nederlandse speelfilms uit de jaren ’70 en ’80 moesten bloot bevatten. Ook de literatuur ontkwam er niet aan. Zo zijn er veel romans die als een noodzakelijk kwaad bepaalde erotische beschrijvingen in zich hebben. Niet dat het mij bepaald opwindt.

Het haalt mij eerder uit het verhaal, dan dat het een boek mooier maakt. Ik tref het zelden echt functioneel aan. Net als dat personages moeten eten en drinken, zo moeten ze ook hun natje en droogje hebben op seksueel gebied.

Turks fruit

De boek en de film Turks fruit van Jan Wolkers behoren tot een grote uitzondering. Al moet ik zeggen dat film en boek bijna niet meer los van elkaar te maken zijn. Als je het boek leest, denk je aan de film en als je de film ziet, denk je aan het boek.

Waar het verhaal faalt, een erotisch verhaal neigt snel de pornografische kant op, daar lijkt de poëzie de ultieme uitlaatklep. Jammergenoeg is er niet zoveel erotische poëzie. Deze dichtvorm herbergt opwindend en mooi ineen. Het wordt zelden plat en behoudt zijn kracht in de mooie beschrijvingen.

Carlos Drummond de Andrade

De dichter Carlos Drummond de Andrade is misschien wel de dichter die erotiek, liefde en porno mooi weet te combineren. Zonder ergens plat te worden. Bovendien slaat het op alle vrouwen, mannen en vormen van liefde. Hij weet in universele bewoordingen de liefde te vatten.

In het boek De liefde, natuurlijk heeft August Willemsen de erotische poëzie van deze Latijns-Amerikaanse dichter heel mooi vertaald. Carlos Drummond de Andrade schreef deze gedichten op hoge leeftijd, maar weet in de beelden die hij oproept, herinnering en fantasie samen te brengen.

Het laat je niet los als je dit sonnet leest:

Aan ‘t vrouwenlichaam is het dit albast
-de billen- dat ik nog het meest begeer.
Daarnaar mijn diepste smachten, want hoe meer
ik ernaar kijk, hoe meer ik het betast.En mijn begeerte groeit als ik mij wond
aan scherpe nagels, waarin ik het waaien
der planeten in hun machtig draaien
voel… En wanneer dan de hand, gerond,die ronding voelt-de hand die het genot
gelijk een lens verheldert en vergroot,
of als mijn dorst gelest is en ik tot

mijzelf kom, mij herstel, hervind, ziehier:
dan komt mij de gedachte aan mijn dood
en wordt het kontje, eerst zo zacht, vampier. (53)

Poëzie die opwindt en je gelijk bij de kladden grijpt.

Carlos Drummond de Andrade: De liefde, natuurlijk. Vertaald en van een nawoord voorzien door August Willemsen. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers, 1992. 128 pagina’s. ISBN: 90 295 1386 1.

#50books

Dit is het antwoord op vraag 28 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief vanPeter PellenaarsMartha Pelkman heeft in 2014 het stokje overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.