Fantaseren over de werkelijkheid

Christiaan Weijts integreert in zijn romans de hedendaagse werkelijkheid op een bijzondere manier in het verhaal. Zo schrijft hij in Euforie over een aanslag in Den Haag, waarbij hij refereert naar aanslagen in Madrid en Londen.

De nieuwste roman Het valse seizoen biedt veel ruimte voor de aanslag in Parijs op het cartoonistenblad Charlie Hebdo. Deze gebeurtenis krijgt een plekje voor het personage Nadège. Een foto van haar circuleert op de voorpagina van Libération en krijgt daarmee een heldenrol.

Daar stond ze, Nadège. Met haar viool het middelpunt van de verzamelde menigte op de place de la République. Met haar warmrode altviool als enige kleur in die zwartgeklede massa met hun zwarte JE SUIS CHARLIE-bordjes. (207)

Ze staat daar en speelt. Muziek verbindt. Het gebeurt rond de tijd dat ze wordt uitgenodigd om op de gereconstrueerde Titanic mee te komen spelen in het ensemble. De foto op de voorpagina in de krant is de reden voor de dirigent om haar aan te nemen. Hij neemt er Camiel maar voor lief bij in het orkest op het cruiseschip.

De bouw van dit schip heeft Christiaan Weijts evenmin verzonnen. Het is een serieus initiatief van de Australische miljardair Clive Palmer. In 2018 moet dit schip klaar zijn en de route varen die het in 1912 voor het eerst voer.

Naast de aanslagen in Parijs, spelen ook de ramp met vlucht MH17, de onthoofdingen in de woestijn door Islamitische Staat en de Zwarte pietendiscussie een rol in de roman. Het zijn actuele dingen die Christiaan Weijts op een originele manier uitlicht. Net als dat de personages rondlopen met mobieltjes en elkaar whatsappen.

Christiaan Weijts: Het valse seizoen. Roman. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 2950 5215. Pagina’s: 454. Prijs: € 23,99. Bestel

Langeveen – #fietsvakantie

We beginnen aan de terugreis naar Almere. De motivatie is sterk. De gezellige verjaardag maakt het verlangen naar huis groot. Alles ingepakt, vertrekken we in de richting van het dorpje Langeveen.

We waren 2 dagen geleden al een aardig eind op weg. We fietsen voor een deel dezelfde route. Nu fris en fruitig. Het dorpje ligt niet zo ver weg.

Aan het eind van het dorp, echt op de rand, staat het kerkje waar ik organist was in 2004 en 2005. Ik maakte een heel kerkelijk jaar mee. Een koorlid was erg begaan met het Maarschalkerweerd-orgel dat er stond en wilde dat dit pijporgel weer bespeeld werd.

We stappen het kerkje binnen. Ik word geraakt door melancholie. Het smalle trapje omhoog naar het orgel. Ik durf het niet op. Van beneden uit de kerk zie ik dat er een groot elektronisch orgel voor het pijporgel staat. De wens van Theo is niet vervuld.

Ik vertel Doris over het koor dat ik begeleidde. We gaan even zitten op een bankje, steken een kaarsje aan en vertrekken weer. De warme zomerdag stappen we binnen. Verder langs de moerassen op weg naar het klooster van Borculo.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

Op de helft? – Tiny House Farm

Een jaar geleden stonden we in de Auguste Comte weg, de straat waar Daan zijn huis heeft gebouwd. We kregen daar de informatie over de Tiny House Farm. Ons hart begon sneller te kloppen. Konden we het betalen en lag het binnen ons bereik? We hebben ons ingeschreven voor dit avontuur. En wat voor een avontuur.

Nu zitten we er midden in. Het mooie weer en de volstrekte eenzaamheid daar in die akker. Die maken je weemoedig en geven je tegelijkertijd vleugels. Vleugels die we hard nodig hebben bij dit project. Want het is een zaak van lange adem.

Zo stonden we er afgelopen weekend weer en keken hoe groot het land dat we gaan kopen nu echt wordt. We kozen alledrie voor een hoek en stonden versteld: wat wordt het groot. Opnieuw keken we onze ogen uit, want het is een flinke afstand.

De klei is droog en we waren dankbaar voor het kleine buitje dat de aarde iets vaster maakte. Hopelijk wordt het bewerken van het land niet heel erg zwaar. Bij thuiskomst lag wel heel het huis vol met stukken klei. We weten het dus voor straks: schoenen uit in huis!

Spannend of we inderdaad op de helft zitten. Over een jaar wonen we er hopelijk. Dan zitten we nu op het grensvlak tussen verleden en toekomst.

Oefening in Nederigheid: Divina Commedia: Louteringsberg: Canto 11b

Het gesprek met de miniatuurschilder Oderisi, mondt uit in een monoloog over kunst. Wat bepaalt dat je een goede kunstenaar bent? Het schilderen zelf of juist de afgunst naar je collega-schilders?

Oderisi noemt hier de schilder Giotto die de naam van zijn voorganger verduistert. Betekent het verduisteren van je voorganger ook dat jouw werk beter is?

Het brengt Oderisi nog een stap verder, je leven is slechts een grasspriet. Wat de wereld over iemand zegt, is niet meer dan een windvlaag die ook zo overgevlogen is.

De roem der waereld is een windvlaag slechts,
Die nu van hier en dan van daar komt blazen
En naar ’t verschil van streek van naam verandert

Wat roem bezit gij meer, zoo ge oud het lichaam
U aflegt, dan wanneer gij jeugdig sterft,
Vóór pop en rinkelbel vergeten zijn,

Eer duizend jaar voorbij zijn? korter tijdperk
Bij de eeuwigheid, dan de opslag van een oog
Bij ’t wentlen van den traagste hemelboog. (vs 100 – 108, Kok)

Dat Dantes Goddelijke komedie 700 jaar na verschijning nog gelezen wordt, mag een wonder heten. Roem vervliegt snel, zeker als het roem is die verworven is door de ander af te branden.

De hoogmoed is een gevaarlijke zonde. Dat is de boodschap die Oderisi hier vertelt. Hij wijst naar de man die voor hem loopt. Hij komt nauwelijks vooruit onder de zware last die hij draagt. Als Dante aan Oderisi vraagt wie die man dan is, krijgt hij het antwoord: het is de heerser over Siena: Provenzano Salvani.

Waarom deze man dan toch op de Louteringsberg mocht komen, dankt hij aan de bereidheid om aan het eind van zijn leven de trots van zich af te werpen. Het heeft hem hier gebracht, stelt Oderisi. Door deze daad van nederigheid is de hel hem bespaard gebleven. Dan voorspelt de miniatuurschilder aan Dante dat hem binnenkort een vergelijkbaar lot zal treffen.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 11

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van A. S. Kok uit 1863 – 1864. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Het valse seizoen

Een heuse muziek-roman is Het valse seizoen van Christiaan Weijts. De roman draait om 3 personages die elk hun eigen verhaal vertellen. Soms komen ze elkaar tegen, spelen met elkaar mee, soms vormen ze de tegenstem of laten een dissonant horen. Het is een heus kwartet dat je leest in deze roman.

In zijn debuutroman Art. 285b heeft Christiaan Weijts ook al een muzikant opgevoerd, de pianist Sebastiaan Steijn. Hier speelt de muziek van Scarlatti een belangrijke rol. In de grote architectuurroman Euforie voert Weijts een architect op.

Het draait in deze romans om het creëren, het maken van kunst. Het maken van muziek is natuurlijk wel een eigenaardige variant hierbij. Vaak is de muzikant niet de schepper, maar geeft een interpretatie van een werk. Hij speelt van papier en geeft betekenis aan de noten die op papier zijn gezet. Hierin onderscheidt de muzikant zich juist van de architect. Deze maakt een gebouw op papier en bemoeit zich soms helemaal niet met de verwerking ervan in de werkelijkheid.

In Het valse seizoen appelleert de muzikante Nadège op haar altviool tegen de uitvoering van papier. Zij schept er juist genoegen in om muziek uit het hoofd te spelen. Niet zozeer het improviseren van melodieën, maar het naspelen van de muziek zoals ze die eerder geleerd heeft.

De Parijse violiste Nadège vormt een mooi tegenwicht met Camiel. Camiel is violist in het Corretto Kwartet. Hij speelt letterlijk tweede viool en voelt zich hoe langer hoe meer buiten het ensemble staan. Hij leidt aan het begin van de roman aan een bijzondere kwaal: hij is ongevoelig geworden voor muziek.

Soms is het alsof ik door een omgedraaide verrekijker ons kwartet gadesla. (26)

Hij doet opeens andere dingen in de interpretatie van de muziek. Midden in een uitvoering, geeft hij een andere weergave dan afgesproken. Die houding helpt Camiel niet om beter in het kwartet te kunnen spelen. Als hij bij een liveopname zijn partituur vergeet en uit het hoofd moet spelen, vergeet hij 10 maten. De relatie is onherstelbaar beschadigd:

Zonder partituur: trapezekunst zonder vangnet. Wat de live-performance al aan extra spanning had opgeleverd vermenigvuldigde mijn verdwenen partituur nog eens met een factor tien. Het was onuitstaanbaar dat de anderen zich blind hielden voor die prestatie. (99)

Het veroorzaakt de onvermijdelijke breuk van het legendarische kwartet waarin Camiel speelt. Samen hebben ze succesvol getoerd over de hele wereld met hun eigenzinnige interpretaties. Camiel speelt mede dankzij het kwartet op een mooi authentiek instrument: een Landolfi uit 1764. Dit instrument begrijpt hem en kent zijn stemmingen, verlangens en angsten. Hij moet het na het uiteenvallen van het kwartet weer inleveren bij het Nationaal Muziekinstrumenten Fonds.

Christiaan Weijts: Het valse seizoen. Roman. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 2950 5215. Pagina’s: 454. Prijs: € 23,99. Bestel

De laatste zin – #50books

De laatste zin, de 16e boekenvraag. Een laatste zin die mij altijd is bijgebleven komt uit Gerard Reves roman De Avonden. Het is eigenlijk de voorlaatste zin, voordat de hoofdpersoon Frits van Egters zich laat vallen op bed en in slaap valt.

De laatste alinea luidt:

Hij zoog de borst vol adem en stapte in bed. ‘Het is gezien’, mompelde hij, ‘het is niet onopgemerkt gebleven’. Hij strekte zich uit en viel in een diepe slaap. (222)

Een heerlijke zin, kenmerkend voor Gerard Reve. De verteller gebruikt hier de litotes, de stijlfiguur van de dubbele ontkenning. Een stijlfiguur waar vooral de Engelsen goed in zijn.

Over de laatste zinnen. Vaak ligt het accent op de eerste zin van een roman, maar bij het zoeken van een universiteit bezocht ik Nijmegen. Ik wilde dolgraag in Nijmegen gaan studeren en kreeg een dag lang colleges.

Als onderdeel bij het middageten, kregen we een quiz met een aantal laatste zinnen uit romans. We moesten raden uit welke roman de betreffende zin kwam. Daartussen stond ook deze zin van Gerard Reve. Ik was er best goed in en ging zelfs met het prijsje naar huis.

Zo geniet ik regelmatig nog van deze laatste zin. Minstens zo belangrijk in een boek als de eerste zin. Is de eerste zin voor een roman de paukenslag aan het begin. De laatste zin hoort een mooie slag te zijn aan het einde van het concert.

Iets wat Gerard Reve heel mooi doet in De Avonden

Tournemire in Doesburg

De 7 orgelkoralen bij de woorden van Jezus aan het kruis. De meditaties die de Franse componist en organist Charles Touremire (1870 – 1939) bij de laatste woorden van Jezus, schreef zijn indrukwekkende passiemuziek.

7 verschillende zinssneden

Als je alle evangeliën bij elkaar neemt, kom je op 7 verschillende zinssneden. Ik maakte met deze bijzondere compositie van Charles Tournemire bijna 25 jaar gelden kennis. Ze werden uitgevoerd op het net gerestaureerde orgel in de Sint Servaas van Maastricht door een onbekende organist. Ene Marc Brefield, zoals ik uit de woorden van Kro-presentator Jos Leussink hoorde.

Het aantal uitvoeringen in de paasperiode in Nederland van Tournemires Sept chorales-poèmes pour les sept dernières paroles de Xrist, op. 67 uit 1935 is minimaal. Een aantal jaren geleden voerde de Haarlemse organiste Gemma Coebergh regelmatig dit imposante muziekstuk uit. Ik hoorde het imposante muziekstuk voor het eerst live in 2013 in het Orgelpark, uitgevoerd door Tournemire-adept Tjeerd van der Ploeg.

De uitvoering van Wilbert Berendsen in de Grote of Martinikerk in Doesburg is veelbelovend. Zodoende reis ik met mijn vader af naar Doesburg voor het concert dat op Goede Vrijdag om 21 uur begint. Een handjevol mensen in de koude kerk. Als de verwarming aangaat, raakt het orgel snel ontstemd wat de luisterkwaliteit weer niet ten goede komt. Ik vind het niet zo erg.

Verdwenen programmaboekjes

De programmaboekjes met achtergrondinformatie zijn ook op een raadselachtige manier verdwenen, daarom geeft concertant Wilbert Berendsen vooraf mondelinge toelichting. Het is zeker een interessant product van zijn tijd. De ontstaanstijd, in het Parijs van 1935 met andere spelers als Louis Vierne en Charles Widor. De laatste was zijn leraar. Daarnaast namen als Marcel Dupre en Olivier Messiaen.

Deze beide laatste organisten halen veel inspiratie uit het werk van Charles Tournemire. De beide organisten zijn vaak naar de missen geweest die Touremire begeleidde op zijn orgel in de Basilique Sainte-Clotilde. Of zoals Wilbert Berendsen het zei: ‘Als hij nog zou leven, zou ik zeker even naar Parijs zijn gegaan om te luisteren.’

De muziekstuk van Charles Tournemire is natuurlijk voor het Frans-symfonisch orgel bedacht en het orgel in Doesburg is de Duitse tegenhanger hiervan. Toch ben ik erg onder de indruk hoe deze muziek in Doesburg klinkt. Wilbert Berendsen heeft ook erg veel werk gemaakt van de registraties. Hij laat het instrument op alle mogelijke manier horen.

Symfonische gedichten

Elk koraal is een symfonisch gedicht waarin de meditatie voorop staat. Ieder kruiswoord krijgt daarmee een prachtige vertolking in de koralen van Charles Tournemire. Hierbij speelt het Gregoriaans slechts een licht verwijzende rol. De motieven zijn wel door alle 7 koralen verweven en klinken melancholisch, dramatisch en ingetogen tegelijk.

In zijn uitvoering is Wilbert Berendsen niet altijd even zorgvuldig, maar dat vergeef ik hem. Hij weet namelijk wel de juiste snaar te raken: hij roept in de protestantse kerk van Doesburg heel mooi de mystieke sfeer van Tournemire op.

Ingetogen laatste delen

Met name in het fluitenspel of de zeer ingetogen laatste delen, waar je als luisteraar meer en meer meegaat in het hoofd van een stervende. De doodstrom roffelt door de gewelven in de diepe pedaaltonen. Daarbij de geliefde registercombinatie van Charles Tournemire bestaande uit vox humana (een Frans model in Doesburg), voix celeste en tremulant, met vaak een bourdon en gambe. En Doesburg heeft mooie tremulanten: voor elke emotie 1.

De combinatie van het grote orgel met de ruimte helpen mee om het muziekstuk zijn diepere lading mee te geven. De hoge fluiten in combinatie met de diepe pedaaltonen, waarbij het geluid echt door de gewelven cirkelt als een heuse wervelwind. Het draagt bij aan een mooi concert op een bijzondere avond. De donkere kerk helpt verder mee aan de mystiek. En zo voel je op deze avond even verbonden met allen die er zijn en die er niet meer zijn.

De 7 kruiswoorden in improvisaties en gedichten

Ik was er al een tijdje mee bezig, langzaam alles bij elkaar spelend, improviseerde ik op mijn harmonium over de 7 verschillende kruiswoorden. De woorden die Jezus zou hebben uitgesproken toen hij aan het kruis hing.

Voor de componist Charles Tournemire is het een inspiratiebron geweest. Het leverde een muzikaal portret op van meer dan een uur aan muziek. Vanavond bezoek ik een concert in Doesburg. Al voorbereidend maakte ik vandaag 7 gedichten op mijn blog wolkenhemel en publiceerde de bijbehorende improvisaties.

Niet allemaal even geweldig. Ik heb zelfs vandaag nog 2 nieuwe gemaakt. Wel een prachtige manier om mij voor te bereiden op het concert dat ik vanavond bezoek.

7 gedichten over 7 kruiswoorden

  1. Geen idee
  2. Alles komt goed
  3. Achteloos vol
  4. Onverlaat
  5. Liefde
  6. Volbracht (vanaf 18 uur)
  7. Toekomst (vanaf 19 uur)

Beluister de bijbehorende improvisaties

Speellijst van improvisaties

Molens – #fietsvakantie

We nemen een potje jam mee dat langs de weg in Oormarsum wordt verkocht. De herinneringen aan de tijd dat ik met Inge regelmatig naar Ootmarsum ging, borrelen weer sterk naar boven. Laten we daarom de herinnering compleet maken en naar de Molen van Bels gaan.

We rijden erheen. Het ligt achter Ootmarsum, tegen de Duitse grens aan. De telefoon zwiept heen en weer van Duitsland naar Nederland. Bij de molen is overigens een prachtig informatiecentrum over dit bijzondere gebied van Nederland.

De grond is best uniek hier. Zoals we later zullen ontdekken is hier in de buurt ook de afdruk van een man gevonden. De Man van Mander lag in een grafheuvel. Als grafgift lag ernaast een vuurstenen mesje.

Wij bezoeken de watermolen die hier staat. Onderwijl vertellen we over de tijd dat wij hier liepen aan het begin van onze verkering. Dat we met Sientje hier een wandeling maakten. Het ezeltje dat een stuk van Inges jas opat en de pannenkoeken die we hier aten.

Daarom eten wij hier ook een heerlijke pannenkoek. Dat is nog eens een verjaardagsmaal. Inge kan niet meer te lang blijven. De honden wachten thuis op haar. Daarom rijden we eerst naar de camping. We verdwalen nog omdat ik een verkeerde afslag nam waardoor we ineens in Duitsland reden. We maken snel rechtsomkeer en dan is daar eindelijk de camping.

Het einde van een heerlijke verjaardag. Het afscheid van Inge valt best zwaar. Het was een ontzettend leuke verjaardag. We zullen haar snel achterna gaan en hopen over 2 dagen in Almere aan te komen. Op de fiets natuurlijk.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

Het uiterste hoekje – Tiny House Farm

Het heerlijke weer lokt me naar buiten en als ik bij De Kemphaan ben, fiets ik meteen verder naar ons toekomstige landje. Het terrein is afgezet met paaltjes.

De bodem ziet eruit als een gebarsten vloer. Kurkdroog met grote scheuren erin. De rupsbanden van de bodemonderzoekers hebben het tot een hobbelig terrein gemaakt. Hier wordt aan het eind van het jaar iets moois gebouwd.

Ik ben onder de indruk van de grootte van het land. De boer heeft het naastliggende land geploegd waardoor de contouren van onze toekomstige straat zich duidelijk aftekenen.

Nu ploeg ik door de akker en loop naar het uiterste paaltje aan de rand van het gebied waar de Tiny House Farm komt. Wat een groot terrein is het. Ik speur tussen de sporen van rupsbanden.

Hier komt waarschijnlijk ons huisje. Ook zie ik gaten van het archeologisch onderzoek. De klei die ernaast ligt, komt waarschijnlijk al wat dieper uit de bodem.

Terwijl ik hier zo sta en besef dat we hier – precies op deze plek – komen te wonen. Dat ik op mijn toekomstige landje sta. Of misschien in de sloot die naast ons huis komt. Ik ben onder de indruk. Het besef, dat het nu wel heel dichtbij komt. De grond is zelfs tastbaar. Ik neem een stukje klei mee. Als aandenken en bewijs. Dit is de grond waar wij straks op zullen wonen.