Vloer – Tiny House Farm

We hebben zeker ideeën over de vloer die we willen leggen in ons houten huisje op de Tiny House Farm. Het plan is om linoleum te leggen, een mooi natuurproduct dat erg robuust is. Het ligt in klaslokalen en ziekenhuizen. Goed schoon te houden en prachtig materiaal.

We hebben een indrukwekkende demonstratie van pelletkachels gehad en weten nu wel wat we daarmee willen. Al is het lastig om een licht genoeg exemplaar te vinden voor het kleine huis dat we straks hoeven te verwarmen. Hopelijk zijn er straks mooiere 6 kW modellen te vinden dan die er nu zijn. We zijn erg onder de indruk van het grotere model en zien dat een pelletkachel erg mooi vuur geeft.

Hoe groot is dan de teleurstelling als je doorrijdt naar Almere Buiten en in een saaie interieurwinkel verzeild raakt voor linoleum. Een muur waarop een paar stukjes geplakt zitten, geen oog voor de beleving zoals bij de kachelboer.

We houden monstertjes vast, voelen het materiaal van lijnzaad, hars, kurk en jute. Materialen die onverslijtbaar zijn en echte natuurproducten. De combinatie van vlas en olie die een heel mooie vloerbedekking is en zeker goed bij ons houten huis pakt.

Dat wordt nog verder kijken, want deze verkoper gun ik het ook niet. We nemen gelijk een grote hoeveelheid vragen mee: lijnen of juist een marmereffect. En wat voor een kleur: beetje neutraal of iets psychedelisch in felle kleuren. We zullen wel ergens tussenin uitkomen.

Verbeeldingskracht: Divina Commedia: Louteringsberg: Canto 17a

De verteller richt zich tot zijn lezers om voor te stellen hoe het is als de mist in het zonlicht oplost. Heel mooi zoals hij het beschrijft. De oproep aan de lezer om je dit voor te stellen vergemakkelijkt het om het beeld voor te stellen.

Daarna doet de verteller een oproep aan zijn eigen fantasie. Een dubbele boodschap natuurlijk als je beseft dat het hele boek uit zijn verbeelding ontspruit. Een mooi spel met de lezer en het verhaal.

Een oproep van de verbeelding, maar niet alleen de verbeelding van de verteller. Ook de verbeelding van de lezer wordt hier aangesproken.

Wat doet de verbeelding met Dante. Hij krijgt een visioen:

O, gij, verbeelding, die ons soms aan dingen
van buiten zo ontrukt dat ’n mens niets hoort
al klinkt trompetgeschal rondom: wie is het

die u, als oog noch oor iets aanreikt, drijft?
Dat doet een licht dat in de hemel vorm krijgt
vanzelf óf door een Wil die ’t neerwaarts leidt.

Zo trof mijn geestesoog het spoor van ’t onmens
dat werd veranderd in een vogel die
het mooiste, en het liefste ook, zingt van alle.

En door die beeltenis ín hem was mijn geest
zozeer gevangen dat hij niets van buiten
als indruk in zijn zinnen nog ontving. (vs. 13 – 24, Rob Brouwer)

De verbeeldingskracht die zich onttrekt aan de werkelijkheid. De verbeelding is met geen mogelijkheid te wekken, stelt de verteller. Zelfs duizend trompetten kunnen je dan niet wakker krijgen. Het is de verbeelding waarin je heerlijk kunt verdrinken. Eenmaal erin gedoken, kom je er moeilijk uit.

En zo zinkt de verteller Dante ook in de verbeelding. Hij ziet Assuerus, zijn vrouw Ester en de rechtvaardige
Mordokai. Dante refereert hier naar het verhaal van Esther in het gelijknamige bijbelboek uit het Oude Testament. Het beeld lost op en spat uit elkaar als een zeepbel. Onmiddellijk gevolgd door het volgende beeld van een meisje.

Gedichten rond Canto 17

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Rob Brouwer uit 2001. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Hoog bezoek in Weimar

Als Charlotte Kestner-Buff in Weimar aankomt in het hotel Zum Elephanten, krijgt ze vrijwel meteen bezoek. Ze heeft zich nog maar net geïnstalleerd in het hotel of doctor Riemer komt langs.

De privéleraar van de Von Humboldts en later van Goethes zoon August,, wordt later docent klassieke talen op het stedelijk gymnasium van Weimar. Hij vertelt honderduit over de situatie in de stad waarin Goethe woont. Zo krijgen Lotte en de lezer meteen een mooie inleiding op de situatie in de Duitse stad en rondom Goethe.

Na zijn bezoek, hoort ze de verhalen aan van demoiselle Schopenhauer. Adele, de zus van de later beroemde filosoof Arthur, vertelt over de amoureuze escapades van Goethes zoon August. Het gaat om haar beste vriendin Ottilie die zich verliest in de drankzuchtige en seksbeluste August.

Men wist te verhalen van een affaire met de vrouw van een huzaar, wier man deze relatie duldde omdat zij thuiskwam met geschenken. Ze was zo mager als een lat, lang en hoekig, al was ze niet eens zo lelijk, en de mensen lachten omdat hij dingen tegen haar zou hebben gezegd als: “Jij bent het licht van mijn leven!”, wat zij uit ijdelheid rondvertelde. Men lachte ook over een half scandaleus, half ontroerend verhaal: de grijze dichter was het paar eens onverwacht tegen de avond in de tuin tegengekomen en had slechts gezegd: “Kinderen, laat je niet storen!”, waarop hij zich onzichtbaar had gemaakt. (182)

De verteller stunt met al deze verhalen. Hij weet ze prachtig neer te zetten en lijkt alle verhevenheid van Goethe weg te halen. Het hoogtepunt van de roman is als Charlotte bij de grote meester zelf op bezoek komt. Ze mag met hem op vrijdagmiddag dineren. Het wordt een bezoek om nooit te vergeten.

Thomas Mann: Lotte in Weimar. Oorspronkelijke titel: Lotte in Weimar (1939). Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, 1987. ISBN: 90 295 3014 6. 383 pagina’s.

Blik in het hoofd van de grote meester

Elk hoofdstuk in Lotte in Weimar voert weer een andere spreker op. De wisseling in perspectief geeft het verhaal veel lading. Uiteindelijk mondt het uit in het bezoek van Lotte aan Goethe bij de lunch op vrijdag.

De blik in het hoofd van de grote meester Goethe is bijzonder vermakelijk en humoristisch om te lezen. Goethe citeert fragmenten aan zijn scribent Carl. De gedachten die tussen de gedicteerde tekst door zijn hersenen heen en weer schieten, zijn prachtig. Hij baalt er bijvoorbeeld van waarom hij even tevoren beloofd heeft om een goed woordje te doen voor Carl.

Ondertussen komen mooie passages uit Goethes Faust voorbij. De verteller weet de grootste auteur uit Duitsland heel treffend en met veel humor te verwoorden. Goethe wil graag doen geloven dat hij Lotte uitnodigt uit beleefdheid.

Zo gaat het ook als het dan eindelijk vrijdag is. Lotte en Goethe ontmoeten elkaar. Dan ziet ze hem:

Charlotte herkende hem en herkende hem niet – en door allebei was ze geschokt. Vooral herkende ze op het eerste gezicht de eigenlijk niet zo grote, donkere spiegelende, wijd geopende ogen in het ietwat gebruinde gelaat – zijn rechteroog zat opvallend lager dan het linker – , die naïeve grote ogen die nu nog versterkt werden door een vragend optrekken van de zeer fraaie wenkbrauwen die in een grote boog naar de ietwat neergetrokken buitenste ooghoeken liepen – een uitdrukking alsof hij wilde zeggen: ‘Wie zijn die mensen eigenlijk?’ (332)

Het eten is verder heerlijk. Alleen valt het Charlotte op dat de man die vroeger zo verliefd op haar is geweest, wel veel drinkt. Hij begint zelfs een beetje minder zorgvuldig in zijn taalgebruik te worden. Als hij de vroeger ontvangen portretjes van de haar gezin wil laten zien, kan hij ze niet vinden.

Daarmee geeft Thomas Mann in zijn Lotte in Weimar een mooi portret van de Duitse schrijver. Hij doet het nergens heel extreem, hij ontheiligt de schrijver niet. Alleen geeft hij Goethe wel een menselijker gezicht. Hij integreert de vele verhalen omtrent deze bijzondere schrijver mooi in deze roman. Daarmee is het boek bijzonder vermakelijk om te lezen.

Thomas Mann: Lotte in Weimar. Oorspronkelijke titel: Lotte in Weimar (1939). Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, 1987. ISBN: 90 295 3014 6. 383 pagina’s.

Lotte in Weimar

Soms brengen mensen je op ideeën. Het lezen van de leesvoornemens van anderen, wil daarbij wel helpen. Zo las ik het voornemen van iemand om Lotte in Weimar van Thomas Mann te gaan lezen. Het laatste boek dat ik las van Thomas Mann was ergens tijdens mijn studie literatuurwetenschap.

Zo las ik Doctor Faustus en de prachtige novelle De dood in Venetië. Het laatste kwam terecht in een scriptie waarin ik het boek met de film vergeleek. Het leverde interessante inzichten op. De Toverberg en de Buddenbrooks bleven op het nachtkastje staan. Ik had zoveel andere mooie boeken te lezen.

Lotte in Weimar proberen

Waarom zou ik het weer niet eens proberen? De roman Lotte in Weimar geldt als Thomas Manns meest humoristische boek. En dat is het. Het is een ontzettend grappig boek, alleen ontdek je dat niet meteen aan het begin. De humor is subtiel en vraagt wel wat extra verbeelding van de lezer.

Thomas Mann heeft een heel roman gecomponeerd rond 1 zinnetje uit het dagboek van Goethe: ‘Lotte in Weimar’. Het refereert naar het bezoek van Charlotte Kestner-Buff aan de stad waarin Goethe 50 jaar van zijn leven heeft gewoond.

Model voor gelijknamig personage

Lotte heeft model gestaan voor het gelijknamige personage in Goethes debuutroman Die Leiden des jungen Werthers. Een boek dat insloeg als een bom en Goethe in 1 keer beroemd maakte. Ze is verloofd met Johann Christian Kestner maar de jonge Goethe is smoorverliefd op haar. Hij vertrekt uiteindelijk zonder haar gedag te zeggen en schrijft zijn roman. In de roman laat hij de romanheld zelfmoord plegen.

Als Lotte Weimar aandoet, is de belangstelling voor haar bijzonder groot. Het ontaardt bijna in een hysterie rond haar persoon. Of zoals ze het zelf zegt tegen dr. Riemer:

En nu behoor ik tot de literatuurgeschiedenis, een voorwerp van studie en pelgrimage en een Madonna-figuur in een nis in de kathedraal van de mensheid waarvoor de menigte zich verdringt. Dat was mijn lot, en als ik die vraag mag stellen, dan vraag ik me af hoe ik daar terecht ben gekomen. Moest dan die jongen die mij in verleiding en verwarring bracht, één zomer lang, zó groot worden dat ik samen met hem groot ben geworden en mijn leven lang wordt vastgehouden in de spanning en pijnlijke overdrijving waarin zijn zinloze avances me destijds hebben gebracht? (105/106)

De oudere Goethe

Het boek van Thomas Mann zinspeelt op allerlei aspecten van de oudere Goethe. Zijn vrouw is kortgeleden overleden. Daarnaast heeft hij een zoon, August. August is niet zo slim en leidt een buitensporig leven met veel drank en vrouwen. Hij neemt het niet zo nauw en zijn vader moet hem steeds weer uit de ellende halen.

Het boek bestaat uit 9 hoofdstukken en in elk hoofdstuk is een ander persoon die Charlotte ontmoet. Ze is waanzinnig populair. Het gonst als een lopend vuurtje door Weimar dat ze is gearriveerd. Ze wil op bezoek bij haar schoonzus en logeert in het beroemde hotel Zum Elephanten.

Ze krijgt helemaal niet de kans om bij de familie te gaan. Allemaal mensen uit Weimar komen bij haar langs, zoals Adele Schopenhauer, zus van de latere filosoof Arthur, de docent van het stedelijk gymnasium doctor Riemer en Goethes zoon August. Allemaal vertellen ze verhalen rond de wereldberoemde stadgenoot. Ze geven intrigerende inkijkjes in het leven van Goethe.

Thomas Mann: Lotte in Weimar. Oorspronkelijke titel: Lotte in Weimar (1939). Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, 1987. ISBN: 90 295 3014 6. 383 pagina’s.

Hoog Catharijne – Op zoek naar Maria (8, Slot)

Misschien is de grootste anticlimax van een bezoek aan het Utrechtse Catharijneconvent wel in het andere gebouwencomplex dat naar de heilige martelares Catharina van Alexandrië is vernoemd: Hoog Catharijne.

Wij lopen terug door de overdekte winkelstraat die we binnengaan waar het kantoor van mijn vader vroeger zat. We lopen de lange glazen overkapping door. Op de vloer liggen dadels, platgetrapt door de voorbijgangers.

Een duif scheert rakelings langs ons. De vaste bewoners van dit winkelparadijs scharrelen hun maaltje bij elkaar. De vogel landt bij de visboer en pikt met zijn snavel zijn lunch op.

De bibliotheek hier is een mooi initiatief. Je kunt hier je boeken achterlaten en gratis nieuwe meenemen, voorzien van een sticker. Ik kan mij nauwelijks bedwingen. Deze boeken wil ik meenemen, zo mooi zijn ze.

Dan nemen we een ijsje bij de grote frietbar voor we de stationshal binnenlopen. Een kinderijsje voor 95 cent met spikkels. De jongen die ze gemaakt heeft, heeft om het hoorntje een papiertje gedaan om het smeltende ijs op te vangen. Maar bij ons verdwijnen ze eerder naar binnen.

Van de mystiek en het religieuze gevoel dat je zou verwachten bij de naam Catharina, zie je hier niet veel terug. Best jammer dat dit in onze tijd zo weinig ruimte heeft. Mystiek in het leven brengt ook heel veel mooie dingen. Dat heb ik wel geleerd bij deze boeiende tentoonstelling over Maria.

Op zoek naar Maria

Dit is de 8e en laatste blog uit een serie van 8 blogs over het bezoek aan de Mariatentoonstelling in het Museum Catharijneconvent te Utrecht.

IJs en brood – #fietsvakantie

Hellendoorn en Nijverdal zijn gigantisch toeristisch. Je mist snel de wegwijzers in al die drukte van bejaarden op elektrische fietsen en mensenmassa’s die midden op de paden lopen. Bijna niet voorbij te komen. Zo ontgaat je snel een belangrijk bordje.

Dan duiken we eindelijk het bos in. Een levensgevaarlijke situatie met een kerende vrachtwagen. Een smal fietspad. We klimmen de heuvel op. Het is doodstil, slechts een enkele vogel fluit. Alleen een hardloper die ons tegemoet loopt.

Wat een verademing na al die drukte en stress. Ik geniet hier. En als we de afdaling beginnen, zie ik opeens iets langsflitsen. De bordjes met het nummer van het knooppunt waar we naartoe willen. Wat is dit ontzettend gaaf!

Zo rijden we door. We zetten er weer het tempo in. We willen graag de IJssel over en besluiten om via Raalte en Wijhe te rijden. Als we Raalte binnen rijden, zie ik dat het al laat in de middag is. Misschien toch nog wat brood kopen, dan eten we dat vanavond.

Zo stoppen we bij de bakker vlak voor sluitingstijd en koop ik 2 zakken met witte bolletjes. Daarna lopen we naar de buren voor een ijsje. Daar ontdek ik pas dat de ijssalon gewoon bij de bakkerij hoort.

Wat smaakt dit ontzettend lekker als je al zoveel kilometers in de benen hebt zitten. Een heerlijke pauze met zicht op de imposante neogotische kerk van Raalte. Zo bezien lijkt hij wel op een grote middeleeuwse basiliek. Ver verheven boven de huizen uit.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

Kachel – Tiny House Farm

Voor de aanvraag van de bouwvergunning is het nodig om een indicatie te geven van het energieverbruik en welke energiebesparende maatregelen we willen nemen. Deze EPC-berekening is voor ons best lastig. Wij verbruiken namelijk erg weinig energie en dan zijn de kosten om de besparende maatregelen te nemen er niet zo snel uit.

Te denken valt aan een speciale douche waarbij je weinig water verbruikt. We zouden een zonneboiler kunnen nemen of een warmteterugwinsysteem dat meteen je verwarming is. Maar waarschijnlijk zullen het een paar extra zonnepanelen worden om de EPC-waarde op niveau te krijgen.

Wij denken aan een pelletkachel. Het huis wordt heel goed geïsoleerd waarmee je met een korte warmtestoot je huis meteen voor de hele dag warm houdt. Een gek idee dat je met deze warmte bezig bent met het uitzoeken van een geschikte kachel. Dit weekend maar eens gaan kijken, dan kan dit mee met de EPC-berekening.

Met deze temperatuur denk ik ook na hoe zo’n geïsoleerd huis in de zomer de warmte buiten houdt. Is het niet zo dat juist zo’n goed geïsoleerd huis voor problemen zorgt als het langere tijd warm is? Dat als de warmte eenmaal in huis zit, hij er bijna niet meer uitkomt?

Dichte rook: Divina Commedia: Louteringsberg: Canto 16

De dichte rook ontneemt de 2 reizigers elk zicht. Dante zegt dat hij door de hel heeft gelopen, maar dat het zicht niet eerder zo slecht was. Hij kan zelfs zijn ogen niet meer open houden en houdt zich vast aan zijn leidsman Vergilius.

Achter het rookgordijn hoort de dichter stemmen. Ze zingen om erbarmen en vrede aan het Lam Gods, het ‘Agnus Dei’. Daar wordt Dante aangesproken door een schim. Al ziet hij hem niet, de schim wil weten waarom de dichter hierheen is gekomen.

Het is Marco uit Lombardijen. Wie die Marco precies is, is niet meer na te gaan. De man is zeer bedreven in argumentatie, want hij voert een prachtig pleidooi op in dit gedeelte van de Louteringsberg. Terwijl hij onzichtbaar is, roept hij op om voor hem te bidden.

Daarnaast legt Marco een belangrijk element neer: de vrije wil. Het is natuurlijk een interessante filosofische discussie. Of de mens nu wel invloed heeft op de dingen die gebeuren. Staat het niet in de sterren geschreven?

Marco is heel duidelijk: de mens beslist weldegelijk over zichzelf:

Gij mensen schrijft de grond van alle dingen
de hemel toe, alsof deze in zijn wentling
uit noodzaak alles met zich mee doet cirklen.
Indien ’t zo was, wat bleef u dan over
aan vrije wil? En zou ’t nog billijk heten
voor ’t goede loon, voor ’t kwade straf te erlangen?
De hemel geeft de stoot tot uw daden
– ik zeg niet àlle – al zou ’t zo wezen,
u blijft een licht om goed van kwaad te scheiden,
en vrije wil die – weet hij stand te houden
in de eerste worsteling met ’s hemels machten –
eens alles overwint door geestelijk voedsel. (vs 67 – 78, vertaling Christinus Kops)

Het licht verwijst naar het verstand, waarop de mensen in de tijd van Dante zich steeds meer beroepen. De sterren bepalen het leven van de mens slechts heel beperkt. De mens is weliswaar onderworpen aan een hogere macht en de natuur.

Hier klinkt het ‘Veni Creator Spiritus’, de schepper en de geest, door. De hogere macht schept juist de ruimte voor de menselijke geest om zelf beslissingen te nemen. Als je van het rechte pad afdwaalt, komt dat door jezelf, zegt Marco heel stellig.

De kerk van Rome kwijt zich moeilijk van haar taak, stelt dezelfde persoon in zijn wijze verhandeling tegen Dante. Daar houdt het licht hem tegen van de engel die daar staat.

Gedichten rond Canto 16

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Christinus Kops uit 1943. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Kitscherig – Op zoek naar Maria (7)

De kitscherige Maria in de tuin. Ze draagt een zwaailicht op haar hoofd en houdt een bloemenperkje in haar hand vast. Het licht knippert, is een oud zeebaken in de Waal geweest. Het zal de schippers hebben misleid…

De film die wat verderop te zien is, komt wat minder goed aan. Het is het Renaissancebeeld van Maria en een andere vrouw (Elisabeth?). De film duurt eigenlijk 45 seconden, maar is vertraagd afgespeeld en duurt dan 10 minuten.

De beelden zijn treffend vanwege de opwaaiende jurken en de bewegingen van de vrouwen waarmee ze iets krijgen van de schilderijen uit de Renaissance. Niet dat het mij zo raakt als bijvoorbeeld de maagd van Elisabet Stienstra, maar het imponeert genoeg.

Net als de laatste zaal. Een Maria met een grote ketting eraan, een rozenkrans, het refereert naar de vele Mariabeeldjes die aan vrouwenkettingen hangen. Het is een installatie van Maria Roosen.

In dezelfde zaal hangen als afsluiting allerlei varianten van Maria uit andere culturen. Bijna elke cultuur blijkt een oermoeder, een Maria, in zich te bergen. Het levert mooie beelden op, heuse iconen, want dat is Maria vooral: een icoon.

De Afrikaanse, Indiase, Chinese en vele andere. Het plaatst Maria in een breed perspectief. Het helpt ook om op een andere manier naar religie en vooral de verering van Maria te kijken.

Het heeft ook iets bespottelijks. Neem bijvoorbeeld de zaal waarin allemaal biechtstoeltjes in een rij staan. Je mag er niet op knielen! Maria en het kind Jezus zie je in deze lange gang in alle mogelijke varianten voorbij komen. Van kitsch tot überkitsch. Het kan niet op.

De enorme galerij aan foto’s aan de andere kant van de wand demonstreert dat Maria nog altijd onderdeel uitmaakt van onze cultuur. Maria in alle varianten, van moeder tot seksbom. Ik zie ze voorbij komen: de Batman-variant, de Barbie-variant of eentje met Kermit de Kikker bij Maria op schoot. Allemaal verwijzingen naar de icoon die Maria is.

Maria is in ieders hoofd de verpersoonlijking van de oermoeder. Hoe je er ook over denkt. De expositie in het Catharijneconvent laat zien dat je er niet omheen kunt: ze zit bij ons allemaal in ons hoofd. Een heus icoon.

Op zoek naar Maria

Dit is de 7e blog uit een serie van 8 blogs over het bezoek aan de Mariatentoonstelling in het Museum Catharijneconvent te Utrecht. Lees morgen het slotdeel: (8) Hoog Catharijne