Vervalsers: Divina Commedia: Hel: Canto 29

img_20160823_122313.jpg
Nog onder de indruk van de zondaars die hij gezien en gesproken heeft in de 9e grachtring, trekt zijn begeleider Vergilius Dante weer in het verhaal. Dante zegt dat hij wil gaan huilen van alle smart die hij hier ziet. Vergilius ziet het anders.

De Romeinse dichter is van mening dat je de pijn en verdriet die mensen hier treft, hier moet laten. Je kunt niet alle zonden van de wereld op je nemen, vindt hij. Zelfs de bloedverwant van Dante, een neef van zijn vader, die een gewelddadige dood gestorven is, moet hij met rust laten. Je schiet er niks mee op, vindt de dichter.

Ze lopen naar de 10e en laatste ringgracht van de 8e kring, de Malebolge, de kring van de bedriegers. In de 10e ring zitten de vervalsers. Hij kan het niet goed zien omdat er niet genoeg licht is, maar er komt een ondraaglijke stank omhoog uit deze gracht. De verteller vergelijkt het met de lucht van ontbindende lijken.

Het leed dat Dante ziet, is te vergelijken met alle zieken in de periode juni in juli in de ziekenhuizen van Sardinië, de Valdichiana en de Maremmen liggen. In deze tijd van het jaar waren er tijdens Dantes leven veel malaria-slachtoffers.

Als hij wat lager komt, ziet hij de bodem van de ringgracht wat beter. Ze lopen zwijgend over de lager gelegen dwarsdam. Dan ziet Dante 2 mannen die helemaal van top tot teen met korsten bedekt zijn. Ze vechten tegen een krankzinnige jeuk:

Ik zag er twee zitten tegen elkander geleund.
Zooals men om ze te warmen pan tegen pan zet,
Van ’t hoofd tot de voeten met korsten bevlekt;

En nooit zaag ik zóo de roskam hanteeren
Door staljongen op wien de meester wacht,
Noch door hem, die ongaarne wakker blijft:

Als ieder van hen de nagels repte
Steeds over zich heen om de groote woede
Van den jeuk, waarvoor geen verlichting meer is.

En zoo trokken de nagels de schurft af,
Als het mes de schubben van den brasem,
Of van een anderen visch, die er grootere heeft. (vs 73 – 84, Bremer 1943)

Een prachtig fragment dat ik niet kan lezen zonder een ongelooflijke jeuk te krijgen. Dante loopt hier de alchemisten Griffolino en Capocchio tegen het lijf. De laatste zit hier omdat hij de alchemie heeft ingezet voor zijn eigenbelang. Hij vervaardigde er valse munten mee.

Volgens de verteller is het vervalsen van geld wel de ergste zonde tegen de staat die je kunt plegen. Tegelijkertijd wijst de alchemist Capocchio erop dat Dante hem ook moet kennen vanwege zijn kunde de natuur heel goed na te kunnen bootsen.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 29

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Frederica Bremer uit 1943. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Minnaars van Brusselmans poetsvrouw

img_20160821_202202.jpgDe hele literaire thriller Zeik en de moord op de poetsvrouw van Hugo Claus kabbelt voort totdat ze stuiten op 3 minnaars van de poetsvrouw. Ze blijkt 3 verschillende mannen te behagen en daarvan komt natuurlijk ellende is de moraal van het verhaal. Maar de ontdekking is niet een reden om met loeiende sirenes door Gent te rijden. Gewoon een nachtje over slapen voordat je de moordenaar vindt en oppakt:

‘Morgen’, zei Zeik. Dat vond El Baza een goed idee. Morgen. Als het nieuwe licht is gekomen. Een verse dag breekt aan. De helende zon zendt haar stralen naar de eeuwenoude aarde, en alles is weer mogelijk. (183)

De volgende dag is alles binnen 8 bladzijdes opgelost en kan Zeik weer rustig met zijn team op naar de volgende moord om op te lossen.

De literaire thriller van Herman Brusselmans is natuurlijk een zwaar overdreven periflage op de literaire thriller. Zo ernstig overtrokken dat het eerder gemakzucht dan vakmanschap ademt.

Zeker, ik heb om bepaalde romans van Herman Brusselmans smakelijk moeten lachen. Maar de overdosis seks en drank in deze roman roept bij mij de vertwijfeling op of hij hiermee niet zijn eigen hand verspeelt. Is dit nog wel leuk? Of is dit leukdoen om het leukdoen en dient het geen doel meer?

Ik denk het laatste en zou Herman Brusselmans vooral willen uitdagen eens iets heel anders te gaan doen dan het koude kunstje keer op keer te vertonen. Deze roman voegt helaas niets toe aan een oeuvre dat soms uit zijn voegen barst en controversie toont. Nu verliest het verhaal niet alleen het verhaal, maar verliest Brusselmans vooral zichzelf. Alsof hij het tussen 2 pilsjes en 2 zaadlozingen heeft geschreven. En dat ook nog eens gewoon slecht is.

Herman Brusselmans: Zeik en de moord op de poetsvrouw van Hugo Claus. Amsterdam: Prometheus, 2015. ISBN: 978 90 446 2876 0. Prijs: € 14,95. 192 pagina’s. Bestel

Zeik

img_20160809_122500.jpgEen parodie over de top. Dat is de literaire thriller van Herman Brusselmans. De titel zegt al genoeg: Zeik en de moord op de poetsvrouw van Hugo Claus. De personages uit het team van commissaris Übertrut van de Gentse Moordbrigade met zijn inspecteurs Zeik, El Bazaz, Compas en Broekgat.

De moordzaak is op zijn minst opvallend. De poetsvrouw van de Vlaamse schrijver Hugo Claus is vermoord. Het kost even moeite voordat de moord gemeld wordt bij het team en tot de commissaris en zijn medewerkers uitvogelen dat de vermoorde Martha De Maeseneere, poetsvrouw was van de Vlaamse schrijver Hugo Claus.

‘Hugo Claus?’ zei Zeik. ‘Die slechte schrijver?’ Hij had ooit, niet eens zo lang geleden, een boek van Hugo Claus proberen doorploegen en dat was hem niet meegevallen. De eerste zin stond hem al niet aan, en van alle zinnen kreeg hij een psychosomatische combinatie van schurft, tyfus, jeuk aan de hoofdhuid, inrkimping van de balzak, stinken van de navel, en al te snel groeien van de teennagels. (38/39)

Als commissaris Zeik naar de huisarts gaat, krijgt hij het advies om nooit meer een boek van Hugo Claus te lezen. Als ze eindelijk bij de schrijver aanbellen, is hij niet in het land. Ze horen van zijn secretaresse Ine Prikkedel dat hij op tournee door Nederland is. Nadat rechercheur El Bazaz zijn zaad over de borsten van de secretaresse verspreid heeft, gaat hij verder op onderzoek uit.

Herman Brusselmans: Zeik en de moord op de poetsvrouw van Hugo Claus. Amsterdam: Prometheus, 2015. ISBN: 978 90 446 2876 0. Prijs: € 14,95. 192 pagina’s. Bestel

Welk boek van je heeft de mooiste cover – #50books vraag 34

Over boekomslagen kun je een heel boek schrijven. Het ene boek heeft een nog mooiere cover dan het andere. Het is ook de bedoeling dat deze boeken gepakt worden uit de stapel naast al die andere boeken. De titel en de naam van de auteur is niet genoeg.

Al heb ik mij nog nooit laten verleiden door een mooie cover. Voor mij moeten boekomslagen heel eenvoudig zijn en niet teveel opsmuk hebben. Zo vind ik uit mijn eigen collectie het boekomslag van Jan Wolkers’ Walgvogel erg mooi. Het groen spat ervan af en de contrasterende letters van de titel doen de rest.

Drukke plaatjes of tekeningen leiden mij af. Het liefst heb ik gewoon zo’n rood boekje uit de 19e eeuw, zoals de romans van Jacob van Lennep bijvoorbeeld. Of een strakke kaft met daarop in gouden letters de naam van de auteur en de titel van het boek.

Eenvoud dus. Hoe zit dat bij jou? Heb jij een boek met een cover dat er echt uitspringt voor jou? Dat brengt mij bij de boekenvraag voor deze week:

Welk boek in jouw kast heeft de mooiste cover?

Ik ben zoals altijd, heel benieuwd naar de antwoorden.

Met dank aan @marloesbomer voor de vraag.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Vingerafdruk van God

img_20160811_205515.jpgDe vergelijkingen die A.F.Th. van der Heijden maakt, zijn soms buitengewoon treffend gevonden. Zoals de vergelijking die de verteller maakt in Advocaat van de hanen van de stad Amsterdam:

De structuur van Amsterdam was die van een vingerafdruk, even labyrintisch en even onverwisselbaar. Eens per jaar raakte Quispel zielsgelukkig verdwaald in wat hij beschouwde als de vingerafdruk van God zelf. (188)

Inderdaad, gezien van bovenaf lijkt het stadsplan met de half cirkelvormige grachten op een vingerafdruk. Het labyrint waarin je verdwaalt raakt. De hoofdpersoon Ernst Quispel raakt de weg helemaal kwijt in het mathematische wonder van de stad. De verteller verwijst naar alle mogelijke meetkundige figuren als vierkanten, rechthoeken, ruiten en trapeziums.

Onder invloed van drank, trekt de hoofdpersoon deze cirkels in de stad die hij vergelijkt met de vingerafdruk van God. Het verwoordt het dwalen van de hoofdpersoon die helemaal de weg kwijt is en van het pad af raakt. Een prachtige metafoor waarbij de verteller zijn vingerafdrukken achterlaat in het verhaal.

A.F.Th van der Heijden: Advocaat van de hanen. De tandeloze tijd 4. Amsterdam: Querido, 1998 [1e druk 1990]. ISBN: 90 214 6690 2. 574 pagina’s. Prijs: € 15,00.Bestel

De kat op de telefoon

img_20160811_205537.jpgBij het lezen van Advocaat van de hanen vallen mij meteen weer die heerlijke details op die A.F.Th. van der Heijden zo mooi in zijn verhaal weet te integreren. Zoals de lapjespoes die een plekje op het kantoor van advocaat Ernst Quispel heeft gevonden naast de telefoon:

De lapjeskat van de bovenburen had in Quispels kantoor haar vaste plek in een postmandje.Het stond onder een bureaulamp die sterker en dus warmer was dan die op de andere bureaus, met als enig nadeel dat het zich vlak naast de telefoon bevond, waarvan zij het gerinkel verafschuwde. De kat had geleerd met een flinke tik tegen de hoorn, waarmee die een kleine centimeter van de haak werd gelicht, het wrede apparaat het zwijgen kon opleggen. Het had Quispel al heel wat zakelijk aantrekkelijke telefoontjes gekost, en een boel ongeloofwaardige uitleg aan de meer vasthoudenden. (47/48)

Ik kan ongelooflijk genieten van zo’n passage waarbij de verteller dit soort niet direct ter zake doende informatie geeft. Dit kleurt het verhaal en maakt het zo memorabel. Ook omdat je weet dat dit element ongetwijfeld terugkomt in het verhaal.

Dat geldt hier zeker ook omdat Van der Heijden het mooi vermengt met de kater van de hoofdpersoon. De hoofdpijn slaat toe, de schok van Ernst Quispel komt overeen met de schok van de lapjeskat onder de bureaulamp.

Als de telefoon iets voor achten is gegaan, de kat de hoorn opwipt en pas tegen kantoortijd (9 uur) de telefoon weer rinkelt, slaat de kat juist niet toe. Het is de heer Noppen aan de andere kant van de lijn, die de advocaat van de hanen vraagt om raad. Zijn zoon is op raadselachtige wijze om het leven gekomen in een politiecel en nu wil de politie hem zo snel mogelijk begraven.

Het verhaal is begonnen, al heeft de kat het proberen te verhinderen.

A.F.Th van der Heijden: Advocaat van de hanen. De tandeloze tijd 4. Amsterdam: Querido, 1998 [1e druk 1990]. ISBN: 90 214 6690 2. 574 pagina’s. Prijs: € 15,00.Bestel

De verborgen impact

img_20160811_202320.jpgBewust leven vraagt ook om bewust met energie bezig te zijn. Uit de bibliotheek heb ik het boek De verbogen impact, Alles wat je wilt weten én kunt doen om eco-neutraal te leven van Babette Porcelijn meegenomen. Het boek vertelt alles wat we eigenlijk best weten, maar doet het op een onthullende manier.

Porcelijn verdeelt namelijk de impact in wat je ziet aan vervuiling en belasting van het milieu. Dat is een kwart. Het grootste deel van de impact zie je namelijk niet. Dat is de verborgen impact die Babette Porcelijn op 74 procent schat.

Verborgen impact zijn uitstoot van broeikasgassen die je niet ziet, landgebruik en ontbossing, en verschillende soorten vervuiling zoals gebruik van gif of andere milieubelastende middelen.

In de top 10 van de grootste impacts in ons dagelijks leven staan spullen, vlees en wonen. Daarna volgen de dingen waar ik mij vaak druk om maak: de auto (4) en vliegen (6). Gelukkig vertelt Babette Porcelijn dat vliegen misschien op de 6e plek staat. Dit is een gemiddelde. Iemand die een reis naar Australië of China maakt, zal vliegen meteen naar de 1e plek in de top 10 brengen. Bij een minder verre afstand, komt vliegen ook snel boven die 6e plaats.

Babette Porcelijn vergelijkt vliegen niet met autorijden zoals veel vliegmaatschappijen doen. Zij doen net alsof je naar Bali ook met de auto kunt rijden, terwijl niemand dat doet. De impact berekent ze door te kijken naar de reistijd. De trein is hier echt het schoonste alternatief van de snelle vervoermiddelen. Al blijft de fiets het schoonste (wel de fiets met trappers) daar kost 6,5 uur reizen geen enkele boom, de trein 8, de auto 17 en het vliegtuig 130 bomen.

De top 10 is dus voor ieder individu anders. Dat geldt ook voor autorijden. Bij een grootverbruiker die 45.000 kilometer per jaar rijdt, komt de impact van de auto snel op de 1e plek in de top 10. In haar boek merkt ze op dat autorijden veel energie kost.

Ze vergelijkt elektrisch rijden met rijden op fossiele brandstoffen. Elektrisch rijden kost ook best veel energie, maar de impact hiervan verdwijnt voor een groot gedeelte uit ons zicht. Het maken van een elektrische auto heeft meer impact dan het maken van een auto op fossiele brandstof.

De fabricage van de batterijen en andere onderdelen heeft grote impact. Daarbij is het ook heel belangrijk hoe de auto opgeladen wordt. Is het op zonne-energie of komt de stroom uit een kolencentrale? Dat maakt gigantisch uit.

Babette Porcelijn: De verborgen impact, Alles wat je wilt weten én wat je kunt doen om eco-neutraal te leven. Amsterdam: Think big act now, 2016. ISBN: 978 90 8251 0201. 202 pagina’s. Prijs: € 22,50.

Zaaiers van tweedracht: Divina Commedia: Hel: Canto 28

img_20160811_211129.jpgDante en Vergilius komen aan bij de 9e ringgracht in de 8e kring van de hel. Het wordt steeds grimmiger, merkt de verteller op. In dit deel zitten de zaaiers van tweedracht, zegt hij aan het eind van de vorige canto. Hij vertelt er meteen bij dat het met schuld beladen tweedracht is.

De eerste die hij hier al aantreft zijn Mohammed en zijn schoonzoon Ali. Het gezicht van Ali is van kin tot kuif doorklieft. Een duivel splitst hen telkens weer gemeen in tweeën, vertelt Ali aan Dante. Als Mohammed hem even later vraagt wat hij hier doet, antwoordt Vergilius.

Dat Mohammed hier te vinden is, komt mogelijk door legenden uit de Middeleeuwen waarin beweerd wordt dat de profeet van de Islam mogelijk een afvallige kardinaal is geweest. Hier maakt Mohammed al aanstalten om verder te gaan nog voor hij uitgesproken is.

In dit deel van de hel komt Dante een bijzondere ziel tegen. Het is een romp zonder hoofd dat hier rondloopt. Hij loopt onder de brug door die de verteller en Vergilius oversteken.

Ik zag, en ’t schijnt mij dat ik nog zie schrijden
Een lichaam zonder hoofd, gaande met de scharen
Die in die droeve stoet zich samenrijden.

Het afgeslagen hoof hing bij de haren
Hem aan de hand en zag ons aan en klachtte:
O jammer! en het diende ‘m als lantaren.

Het Zelf dat zag, ging uit voor het omnachte,
Twee en toch één, één en in twee tezamen;
Hoe ’t kan weet Hij die werkt in al ’t volbrachte. (vs. 118 – 126; Verweij)

Hij noemt zich Bertran de Born en vertelt over de tweedracht die hij zaaide tussen de koning van Engeland en zijn zoon. Hij vergelijkt zijn rol met die van de bijbelse Achitofel die vader David en zoon Absalon op soortgelijke wijze tegen elkaar opzette. Zijn daad heeft Betran de Born deze straf opgeleverd.

Hij legt uit dat de straf die hij krijgt, een contrapasso is. De straf heeft een relatie met de begane zonde op aarde. Voor Betran betekent dit zijn hersenen los van zijn lichaam zijn. Het is de wet van de wedervergelding, merkt hij op tegen Dante.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 28

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Albert Verweij uit 1923. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Drankprobleem

img_20160811_205559.jpgDe roman Advocaat van de hanen leest als een heuse detective. Daarbij zit de roman ook literair gezien buitengewoon vernuftig in elkaar. Het drankprobleem van de advocaat Ernst Quispel passeert de revue. Hoe een verslaving zijn carrière kapot maakt. Daarnaast speelt een rol hoe hij gebroken heeft met zijn familie vol advocaten en de vader die zich aan het eind ontfermd over de zoon.

Ernst Quispel heeft op alle fronten verloren. Tegelijk weet Van der Heijden op een heel bijzondere manier het verhaal van de Tandeloze tijd door deze roman te verweven. Hij heeft de controle over de eerdere delen. Daarbij wetend dat voor de lezer al deze aspecten pas later duidelijk zouden worden. Een tour de force waarbij de verteller de enorme van het verhaal helemaal onder controle heeft.

Als Advocaat van de hanen in 1990 verschijnt, moet het 3e deel nog verschijnen. Uiteindelijk komt dit deel in 2 helften in 1996 uit. Pas dan ontdekken de lezers hoe goed het 4e deel aansluit op de eerdere delen. A.F.Th. van der Heijden laat zien hoe goed hij de controle hij heeft over de vele verhaallijnen.

De alcohol speelt natuurlijk in de hele Tandeloze tijd een prominente rol. Ook dat de alcohol fataal kan zijn, zie je in de eerdere delen terug. De relatie met Zwanet Vrauwdeunt is hier samen met de advocaat. Hoe Ernst Quispel aan haar komt, blijft lange tijd onduidelijk. Zij krijgt zelfs een kind van hem, een dochter. Quispel is een periodiek alcoholist, een ‘kwartaaldrinker’ zoals hij het zelf noemt.

Eerst was er de euforie zonder drank, een euforie die zich naar buiten keerde. Pas toen hij het niet langer hield en de wereld deelgenoot wilde maken van zijn wonderbaarlijke geluk, ging hij kroegen bezoeken. Wekenlang duurde die toestand van opperste gelukzaligheid, die hij weerspiegeld zag in het zomerse humeur van de stadsbevolking. Tropisch voorjaar in Amsterdam. (252)

Aan het eind is de alcohol uitgewoed als hij het absolute dieptepunt bereikt. Dan heeft de alcohol alle lust in hem uitgedoofd. Hij heeft verloren en moet zich gewonnen geven. Het leven in de euforie is dan voorbij. Het gewone leven begint weer en hij kan er weer een paar maanden tegenaan. Het einde van Advocaat van de hanen blijkt deze levenswijze niet meer houdbaar. Ernst Quispel maakt een opmerkekijke keuze.

Dat Ernst Quispel in het 6e deel dat nog in ontwikkeling is, een plek krijgt, is onweerstaanbaar. Het maakt het verlangen naar dit deel met de veelzeggende titel Kwaadschiks alleen maar groter. Het zou vorig jaar al verschijnen, maar daar kwam de historische roman Ochtendgave eerst nog even tussendoor. Nu hopen dat dit najaar het 6e deel vande Tandeloze tijd verschijnt.

A.F.Th van der Heijden: Advocaat van de hanen. De tandeloze tijd 4. Amsterdam: Querido, 1998 [1e druk 1990]. ISBN: 90 214 6690 2. 574 pagina’s. Prijs: € 15,00.Bestel

Advocaat van de hanen

img_20160811_205522.jpgDe roman Advocaat van de hanen van A.F.Th. van der Heijden staat al wat langer op mijn verlanglijstje. Zeker ook omdat hij vaak aangehaald wordt als zijn mooiste boek. Het is het 4e deel van de Tandeloze tijd. Bij verschijnen in 1990 moest het 3e deel nog verschijnen. Dat het uiteindelijk in 2 boeken in 1996 is uitgekomen, heeft de waarde van Van der Heijden als ware croniqueur alleen maar versterkt.

De advocaat van de hanen verwijst naar de hanenkammen zoals ze in de jaren 1980 het leven in de hoofdstad tot een ware hel maakten. Ze kraakten het ene na het ander pand en bij de vele ontruimingen kwam veel geweld ter sprake. De roman van Van der Heijden slaat op deze roerige periode waarbij krakers vaak ook terecht opkwamen tegen de afbraak van mooie gebouwen.

Het levert een prachtig verhaal op. De roman vertelt over Ernst Quist, de advocaat. Hij krijgt een belletje of hij als advocaat zich wil ontfermen over de zaak van de in zijn politiecel overleden kraker Kiliaan Noppen. In eerste instantie wijst hij het af, maar na wat aandringen van de ouders van de jongen, wil hij wel in actie komen.

Zo is hij bij de autopsie en houdt hij een toespraak op de begrafenis van de kraker. Dit gebeurt ’s nachts om de voorkomen dat Noppen of Dr. Nop onder de krakers tot een martelaar zou worden uitgeroepen. Het helpt niet. De kammen gaan halfstok, zoals de verteller verwoordt als hij het over de demonstratie heeft van de krakers. Ze lopen voor de trams uit:

Hadden de hanen van iemand, bij voorbeeld vader Noppen, gehoord hoe hun Dr. Nop erbij lag in het mortuarium? Net als hij droegen ze allemaal hun kam halfstok: zonder stijfsel of suikerwater slierde het haar over het kale gedeelte van hun schedel. (165)

Ernst Quispel heeft meer met de zaak te maken heeft dan hij zou willen. Dat komt de lezer langzaamaan gedurende het verhaal te weten. Daarbij speelt de verteller met weten en niet weten. Want alle hoofdpersonen weten een deel van het raadsel en daarmee ontvouwt zich het verhaal op een heel treffende wijze. Het is ook een spel met de tijd, waarmee Van der Heijden bewijst dat hij een meesterverteller is.

A.F.Th van der Heijden: Advocaat van de hanen. De tandeloze tijd 4. Amsterdam: Querido, 1998 [1e druk 1990]. ISBN: 90 214 6690 2. 574 pagina’s. Prijs: € 15,00.Bestel