Verdriet in Goor

Een immens plein waarop alle 13.000 Gorenaren moeten kunnen zitten, maar waar genoeg ruimte is om op te parkeren. Meer is de Höfte niet, vindt Wim de Bie op zijn Bieslog. Een oerlelijk nieuw stadhuis omhelst het plein. Veel meer dan een Blokker en een Scapino kan De Bie niet bespeuren nadat hij via de onder doorgang van het ultramoderne stadhuis de Groote straat heeft bereikt.
De Bie bezoekt Goor omdat hij nieuwsgierig is geworden. Een paar dagen eerder bezocht Martin Bril het Twentse gat en hij constateert: In Goor is niets. Op de Höfte eet hij een broodje haring bij het enige vertier op het grote plein: Vishandel Verdriet. De Bie is het oneens met Martin Bril, maar hij constateert pas thuis wat Goor heeft. Goor is de geboorteplaats van Bert Haanstra, Rutger Kopland en Tommy Wierenga. Daarom is het een belangrijkere plaats dan Martin Bril wil suggereren.
Beide heren vergeten het allerbelangrijkste van Goor: het Schoolfeest. Jaarlijks wordt eind juni een grote tent op het plein gezet. Daarom is het plein zo groot. Dat het gemeentehuis daar staat, is een gunst van de Goorse bevolking. Het is namelijk hun Schoolfeestplein. Het hele jaar door kunnen er auto’s op parkeren of 13.000 Gorenaren op zitten, maar het plein is voor het Schoolfeest. Dat is het enige doel van dat plein.
De Bie en Bril hadden met deze wijsheid echt uit kunnen pakken. De grond is in 1938 door het echtpaar Jannink aan de Goorse bevolking geschonken en is eigendom van de gemeente. Wel is er één belangrijke voorwaarde: de weide moet blijven zoals het is, een plek voor het schoolfeest en andere evenementen. Daarom is het ultramoderne gemeentehuis van een ingewikkelde gang voorzien die doorgang kan bieden aan de bierwagen met het Schoolfeest. Het Schoolfeestbestuur beheert de grond en ging alleen akkoord met de definitieve aantasting van de weide als de aanlevering van bier gegarandeerd was.
Het heeft toch voordeel om een jaar verslaggever geweest te zijn in Goor, dan weet je meer dan Wim de Bie en Martin Bril samen! Over pretentie gesproken…

Geef een reactie