Categorie archief: boeken

Nederlandse Jack Kerouac?

image

Nieuwsgierig geworden door de verhalen van Jack Kerouac vond ik het tijd worden mij eens te verdiepen in de Nederlandse variant op dit boek: Ik Jan Cremer. Zodoende sloeg ik het boek open en begon te lezen over de avonturen van deze schelm uit Enschede. Het boek verscheen overigens 50 jaar geleden en sloeg in als een bom.

In niks doet Ik Jan Cremer mij denken aan Jack Kerouac. Het is veel meer een schelmenroman die pas verderop lichte associaties oproept met de roman On the Road van Jack Kerouac. Het is aanvankelijk een echt jongensverhaal dat opent met de oorlogsjaren en de jeugd van de ik-verteller die zich Jan Cremer noemt.

Hij is een held, zoals in strips en jongensboeken. Een held die al rovend en versierend door het leven gaat. Die houding houdt hij het hele boek vol. Hij versiert het ene knappe meisje na het andere en weet zich staande te houden met levenswijsheden. Zoals deze over leren en de onzin van naar school gaan. Op straat leer je jezelf pas echt iets:

Schoolgaan vond ik ergerlijk tijdverdrijf, ik heb er met opzet niks geleerd. Alles wat ik geleerd heb, heb mezelf geleerd. En heeft de ervaring me bijgebracht. En waarom zou ik niet. Waarom zou ik ook luisteren naar ouwe lullen, die zwetsen over de grootste gemene deler en het persoonlijk aanwijzend voornaamwoord in de onvoltooid verleden tijd. Of de tekenleraren met schaduwpartijen en de echtheid van het levende perspectief. Aan m’n laars ermee. (56)

Jan Cremer zou zijn kinderen nooit naar school sturen. Het kost alleen maar poen. Of ‘bisnes’ zoals Jan Cremer het noemt. Poen voor een sigaartje op de verjaardag van de meester. Ondertussen schavuit Jan Cremer in het boek lekker verder en belandt spoedig in de jeugdinrichting waar hij zich ook het leven onmogelijk maakt.

Het zijn patserige verhalen, die eigenlijk best ergeren en weinig vormen van reflectie bevatten. Pas verderop wordt het verhaal interessant en verliest de schelm het van de avonturier. Ik heb met meer plezier de verhalen gelezen als hij in het vreemdelingenlegioen in Algerije zit en vecht voor de goede zaak. Het zijn de verhalen die zich losmaken van schelm en het boek even verheffen uit de baldadigheid.

Jan Cremer: Ik, Jan Cremer Amsterdam: De Bezige Bij, 1964. ISBN 90 234 2444 1. 365 pagina’s.

Grotius

image

Ik heb hem gezien: de boekenkist waarin Hugo de Groot zou zijn gesmokkeld uit Slot Loevestein. Hij zit gevangen omdat hij de kant kiest van Johan van Oldenbarnevelt. Prins Maurits geeft hem levenslang en sluit de geleerde op in Slot Loevestein. Hij werkt daar al aan een werk.

Pas na de beroemde ontsnapping in de boekenkist en vlucht naar Frankrijk, schrijft hij het werk dat hem echt beroemd zou maken. Het boek over internationaal recht De iure belli ac pacis waarmee hij de grondlegger is van het internationaal recht zoals dat nu geldt en waar het Tokio tribunaal op is gebaseerd.

Kees van Beijnum haalt Hugo de Groot regelmatig aan in zijn roman De offers. Zo vraagt de hoofdpersoon, rechter Rem Brink zich af wat Hugo de Groot gevonden zou hebben van de aanklacht zoals zij het formuleren: misdaden tegen de vrede.

Zou de zeventiende-eeuwse grondlegger van zuivere en onaantastbare ideeën over recht en oorlog dit concept verworpen hebben? (58)

Voor Brink staat Grotius heel hoog in de rang naar volmaaktheid. Hij hoort samen met Bach tot het mensenwerk waarin hij onvoorwaardelijk gelooft. In gesprek met zijn mederechters raadt hij aan om als ze in Nederland komen, zeker Slot Loevestein te bezoeken. Zeker ook omdat hij verwijst naar de onvoorwaardelijke liefde van Grotius’ vrouw Maria:

‘Een paar jaar later schreef hij De iure belli ac pacic, zijn grote werk over het oorlogsrecht. En waar zouden wij rechters van het tribunaal staan zonder dat boek, vraag ik u.’ (225)

De vrouw achter de grote man lijkt in het geval van Grotius minstens zo belangrijk. Het verhaal gaat dat zij de list met de boekenkist had bedacht. Ze is daarmee het symbool geworden van de sterke vrouw achter de grote man. Met dit gegeven speelt Kees van Beijnum in zijn roman.

Het zet het overspel van Rem Brink tegenover de onvoorwaardelijke liefde van Maria voor haar man Hugo de Groot. Zeker omdat de verteller dit verhaal situeert als de rechters met hun overgekomen vrouwen zijn. Rem Brinks vrouw Dorien scoort hoge ogen bij zijn collega’s. Zo zegt Lord Patrick tegen hem:

‘[J]ij bent een verdomde geluksvogel met deze vrouw’.

Het is de verstokte vrijgezel die tegen de overspelige echtgenoot spreekt. Het levert Rem Brink nieuwe twijfel, want tegen zijn Japanse liefje heeft hij beloofd haar op te zoeken als zijn vrouw weer terug naar Nederland is.

Kees van Beijnum:De offers Uitgeverij De bezige bij, Amsterdam, 2014. ISBN 987 90 234 8628 2. 512 pagina’s. Prijs: € 24,90.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn derde bijdrage over Kees van Beijnums roman De offers. We lazen dit boek zondag bijEen perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nlLees de bijdragen van anderen in de reacties.

Saint Jack

image

Wat ik gelezen had over Saint Jack in zijn eigen De grote spoorwegcaroussel retour maakte mij nieuwsgierig naar het boek zelf. Ik had het al langere tijd in mijn boekenkast liggen. Eerst wilde ik de reisverhalen lezen voordat ik aan zijn fictie begon. Daarom bleef het boek nog even ongelezen in de boekenkast liggen.

Ik verbrak mijn eigen belofte met het lezen van de Vreemdeling in het Palazzo d’Oro en ik had al eerder het prachtige verhaal ‘De olifantgod’ in De poort naar India. Paul Theroux is niet alleen een schrijver van prachtige reisverhalen, hij schrijft op het gebied van de fictie ook heel indrukwekkende boeken.

Dat geldt zeker ook voor een roman als Saint Jack. Het verhaal gaat over de Amerikaan Jack Flowers. Hij woont al langere tijd in Singapore en verkeert voortdurend in geldnood. Hij lost allerlei zaakjes op voor Chinezen en helpt schepen en matrozen aan meisjes. Verder treedt hij op als gastheer voor zakelijke reizigers. Zo helpt hij ze op alle mogelijke manieren. Voor elke wens heeft hij wel een adresje.

Officieel is hij in dienst van de Chinees Hing. Hij zorgt voor de bevoorrading van de schepen in de haven en doet extra klusjes om wat bij te verdienen. Zo helpt matrozen aan hun hoeren en zorgt dat mannen die er behoefte aan hebben een travestiet krijgen. Hing zorgt voor de verblijfsvergunning van de Amerikaan. Hij beseft dat hij daarmee met handen en voeten aan Hing gebonden is.

Als hij zich probeert te ontworstelen aan de Chinezen, door zelf een hoerentent te beginnen, krijgt hij te maken met hun stille kracht. Hij is daarvoor gewaarschuwd, maar hij slaat de waarschuwing in de wind. Met alle gevolgen van dien. Op een avond komen vier Chinezen op bezoek in zijn bordeel. Ze slaan de boel kort en klein en nemen hem mee in de kofferruimte van de auto.

Binnenin lagen gescheurde kranten. Ik draaide me om en wilde protesteren. Mijn stem weigerde, voor hun ogen werd het helderrood, en een stroompje bloed brandde in mijn nek; het leek alsof ik aan de binnenkant van mijn ogen volkomen plat werd gedrukt, ik ademde uitlaatgassen in en werd omvergesmeten. (205)

Na een paar dagen van eenzame opsluiting, overleggen de Chinezen wat ze met Jack zullen doen. Ze zepen zijn armen in en scheren de behaarde delen weg.

Ho Khan zette een metalen brilletje op en pakte een zilveren instrument in de vorm van een pijltje, dat hij in een fles met blauwe vloeistof doopte. Hij leunde weer over me heen en begon met de snelheid van een naaimachine de naald in het vlezige gedeelte van mijn arm te prikken. Hij tatoeëerde me, van inspanning beet hij zich op zijn tong, en achter hem stonden de anderen te schreeuwen, hele tirades in het Chinees; blijkbaar vertelden ze hem wat hij in mijn armen moest prikken. (211)

Als hij wat later op straat gegooid wordt en de schade opmaakt blijken er de verschrikkelijkste verwensingen in het Chinees op zijn arm te staan:

Linkerarm: Vloek van de hondedrek, Pas op de duivel, Hoerenjong, Mond Vol Leugens, Verwijder Dit en Sterf
Rechterarm: Rood Geitegezicht, Verboden Aap, Tien Duivels in Een, Ik ben Gif en Dood, Verwijder Dit en Sterf

Jack Flowers besluit er het beste van te maken en vraagt een tatoeëerder om de tatoeages zo te omschilderen dat het weer toonbaar wordt. Hij maakt er bloemen van en op de plek waar ‘Verwijder Dit en Sterf’ staat komen een dolk en een crucifix.

De Chinezen hebben Jack goed te kennen gegeven wie er de baas is en dat je niet zomaar aan hun handel mag komen. De bloemen, dolk en kruis verbloemen misschien de tekens, maar de echte Chinezen kunnen de scheldwoorden die onder de bloemen staan nog altijd lezen.

Paul Theroux: Saint Jack Oorspronkelijke titel: Saint Jack. Vertaald door Benno Barnard. 2e druk als Pandora Pocket. Amsterdam: Uitgeverij Contact, 1999. ISBN 90 254 9996 1. 318 pagina’s.

Seks

image

Net zo ontwapend als ze over alles schrijft, schrijft Lena Dunham in Not That Kind of Girl over seks. Het is een waar genoegen om de passages te lezen. Ze vermengt hier onwetenheid, onbenul en overmoed heel mooi samen. De beelden die ze hier oproept, zijn erg lachwekkend.

Zo schrijft ze over een condoom die ze in de kamerplant van haar kamergenote ziet hangen terwijl ze vrijt met de conservatief van haar campus. Het doet denken aan het gordijn waaraan ‘mijn date zijn pik afveegde’ veel verderop in het boek.

Na een avond onbezonnen seks met een tengere dichter/wiskundige vertelt hij haar over een date een week eerder met een Filipijnse gast die hij in een homobar had opgepikt.

‘Ik heb hem in zijn reet geneukt en het condoom scheurde. En toen is hij met mijn portemonnee vandoor gegaan.’
Ik zweet even. ‘Wat rot voor je,’ zei ik. (262)

Daarna maakt ze zich grote zorgen en vreest dat ze aids heeft opgelopen. Een angst die haar vastgrijpt en haar denken aan de dood alleen maar versterkt. Ze vertelt er tussendoor op een bijna ontroerende wijze over de dood van haar oma, waar haar vader in de kelder een soepblik vindt uit 1965.

De vertelster probeert de geur op te snuiven van haar overleden grootmoeder. Ze trekt de ochtendjas aan en voelt de verfrommelde zakdoekjes van haar oma. Het zijn details waarmee ze haar verhaal zo ontroerend maakt.

Lena Durham: Not That Kind of Girl, Levenslessen om (vooral niet) op te volgen. Oorspronkelijke titel: Not That Kind of Girl – A Young Women Tells You What She’s “Learned”. Vertaald door Maaike Bijnsdorp en Lucie Schaap. Amsterdam: Meulenhoff, 2014. ISBN 987 90 290 9041 4. Prijs: € 19,95. 304 pagina’s.

Grijze luchten

image

De wolkenluchten komen veel aan bod in Maarten ‘t Harts Een vlucht van regenwulpen. De verteller refereert er vooral naar als er iets belangrijks gebeurt. Zijn geboorte zou zijn geweest onder een grijze lucht en zijn moeder sterft onder een treurig grijze hemel.

Zo zou je kunnen denken: ik ben, zoals mijn moeder o vaak ongevraagd verteld heeft, op een grijze zaterdag geboren; zij is op een grijze zaterdag gestorven, nu is het weer zaterdag en opnieuw is de hemel bedekt met datzelfde transparante, bestendige, nergens lichter of donkerder grijs. (68)

Als de uitslag van de eindexamens wordt gegeven, gaat de ik-verteller Maarten met Johan naar school onder een ‘grijze, treurende hemel’. Alleen als de woede van God zich openbaart, verandert de grijze hemel in een lucht vol donderkoppen.

Het weer maakt van een Een vlucht regenwulpen een typisch Nederlandse roman. Wat dat betreft sluit Maarten ‘t Hart heel goed aan bij een schrijver als Oek de Jong. Deze schrijver betrekt ook vaak het weer en het Nederlands landschap in zijn romans. Het krijgt daarmee bijna een rol alsof het een personage is.

De hoogleraar Ton Anbeek ergert al dat spruitjesproza. Hij schreef in 1980 een beroemd essay waarin hij pleit dat er meer straatrumoer in de Nederlandse letteren mag komen. Een vlucht regenwulpen mist dit rumoer. Daar blijft het beperkt tot de vele overpeinzingen van de verteller. Het rumoer is in het hoofd van Maarten en niet op straat.

Maarten ‘t Hart: Een vlucht regenwulpen. 1e druk, 1978. 65e druk met toestemming van Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, 2014. ISBN 9879059652613. 166 pagina’s.

Herinnering – #WoT

image

her·in·ne·ring (de; v; meervoud: herinneringen) 1 het herinneren 2 dat wat je je herinnert 3 geheugen 4 (eufemisme) aanmaning

Bij de actie Nederland leest staat deze maand het boek Een vlucht regenwulpen centraal. Wat mij erg opviel in dit boek zijn de scherpe jeugdherinneringen van de ik-verteller en hoofdpersoon Maarten.

Deze herinneringen uit de kinderjaren zijn erg mooi beschreven. Zoals de herinnering aan het amandelen knippen. De jonge Maarten gaat naar het dorp om zijn amandelen te laten ‘pellen’. Hij is tot die tijd altijd in en om het huis geweest. Het is de eerste keer dat hij in het dorp komt.

Ze varen er op de veilingschuit naartoe. Maarten geniet van de ervaringen die hij onderweg opdoet. Als ze in het dorp komen, maakt hij kennis met het plein en de kerk. De schaduw van de kerk trekt over het plein. Maarten is bang voor het licht.

Het zonlicht is zo hard en fel, het wil me verslinden, zo heb ik het nog nooit gezien. Ik ril als mijn moeder over het plein wil lopen, ik ruk aan de handen van mijn moeder en zeg: ‘Langs de huizen, moeder, langs de huizen.’ (29)

Hij wil niet over het plein omdat hij dan over de streep van vuur moet. Als hij er uiteindelijk toch overheen moet stappen, merkt hij dat er niks gebeurt als zijn schaduw opgaat in de schaduw van de huizen.Het knippen van de amandelen is een traumatische ervaring. Een gloeiend hete tang gaat in zijn mond en brandt in zijn keel. Een gruwelijke pijn.

Het zijn passages waarbij weemoed naar het verleden en de teleurstelling in mensen heel mooi samenvallen. De herinnering is heel sterk en weet ook bij de lezer een mooi beeld op te roepen van het Nederland uit de jaren ’50.

Maarten ‘t Hart: Een vlucht regenwulpen. 1e druk, 1978. 65e druk met toestemming van Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, 2014. ISBN 9879059652613. 166 pagina’s.

#WoT

Wat is jouw jeugdherinnering die je nog scherp voor de geest kunt halen. En heb jij een boek dat je treft vanwege de scherpe herinneringen?

Bij de #WoT schrijven bloggers over een woord of een foto. Elke donderdag verschijnt een nieuw woord waarover je kunt bloggen. Deelname is geheel vrijblijvend. Plaats een reactie onder dit bericht waarin je het linkje plaatst naar je blog.

De #WoT is opgezet door @metkcom en daarna door @pixelprinces overgenomen. Vanaf september 2014 hou ik het stokje in mijn hand. Schrijf vandaag mee over het woord: herinnering.

Lees ook mijn bespreking van Maarten ‘t Harts Een vlucht regenwulpen op Litnet.co.za

Godsdienstleraar

image

Bij de godsdienstlessen waarschuwde mijn godsdienstleraar Meneer De Bruin voor hem. Wanneer je de boeken van Maarten ‘t Hart leest, moet je wel heel sterk in je geloof staan. Hij achtte mij daar nog niet toe in staat. De boeken van Jan Wolkers waren helemaal ‘not done’. Die stonden op de zwarte lijst vanwege het taalgebruik, de godslastering en de seksscènes.

Zo begon ik pas na de Mavo aan Maarten ‘t Hart. Ik weet niet meer hoe ik erin ben gekomen. Het begon volgens mij met De aansprekers, een boek over Maarten ‘t Harts vader. Ik las het en werd getroffen door de vele bijbelcitaten die door het boek heen worden gegeven. Ook sprak er een vorm van humor in die ik met mijn strenge opvoeding goed kon volgen. Ik las het met plezier en ook een beetje met rode oortjes omdat meneer De Bruin mij dit soort boeken sterk ontraadde.

Ik zou zeker ontdekken dat ik niet zo sterk in mijn schoenen stond. Ik las na De aansprekers alle andere boeken van Maarten ‘t Hart. Behalve Een vlucht regenwulpen. Misschien omdat iedereen het had gelezen, misschien omdat ik er niet aan wilde. Meneer De Bruin zou het zeker ontraden, maar ik las het niet.

Daarvoor in de plaats las ik veel andere verhalen. Over de harmoniumverkoper in ‘De handelaar’ bijvoorbeeld of de spannende detective De kroongetuige. Of het mooie verhaal over de organist Willem Oranje in Maassluis in Stenen voor een Ransuil. Allemaal verhalen die veel meer mijn aandacht trokken dan dat enge boek dat iedereen zo verfoeide: Een vlucht regenwulpen.

Het moet ergens op de MTS zijn geweest dat ik het boek toch ging lezen. Ik werd getroffen door het verhaal. Ik herkende er zo verschrikkelijk veel in. De eenzaamheid van de hoofdpersoon, het verliefde, verlegene om het meisje waar je verliefd op bent nooit aan te spreken. Het verlangen naar haar, het fantaseren over haar. Even zien is genoeg. Als ze iets tegen je zegt, ben je dagen van slag. Ik herkende mijzelf erin.

Net als in de worsteling met het geloof. De almacht van God die hier direct wordt aangevallen. De moeder met keelkanker die haar hele leven zo vroom had geleefd. Dat terwijl Maarten ‘t Harts moeder gewoon nog leefde, maar voor het verhaal even dood moest gaan. Het vormt een rechtstreekse aanval tegen God. Het gevecht met de ouderlingen. Het veranderde mijn beeld van de kerk en God definitief.

Maarten ‘t Hart: Een vlucht regenwulpen. 1e druk, 1978. 65e druk met toestemming van Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, 2014. ISBN 9879059652613. 166 pagina’s.

Een vlucht regenwulpen

image

Voor de actie Nederland leest, leest Nederland Een vlucht regenwulpen van Maarten ‘t Hart. Bij dit leesevenement deelt de openbare bibliotheek een gratis boek uit en is het iedereen dat een grote groep hetzelfde boek leest. Het boek moet oud zijn en genoeg voer voor discussie opleveren.

Dat doet het boek van Maarten ‘t Hart zeker. Het levert genoeg stof voor een goed gesprek. Een gesprek over geloof, hoop en liefde. Een vlucht regenwulpen laat zich namelijk op verschillende manieren lezen. Je kunt er een liefdesroman in zien zoals Abdelkader Benali, maar je kunt het boek ook opvatten als een aanklacht tegen het gereformeerde geloof.

Ik las het boek als puber. Ik had al veel andere boeken van Maarten ‘t Hart gelezen voordat ik aan dit boek begon. Misschien was het de angst voor de populariteit ervan. Misschien was het de waarschuwing van de godsdienstleraar op de Mavo. Misschien was het wel de flinke aanklacht tegen het geloof dat ik toen aanhing.

Het begon zeker te wankelen nadat ik het boek gelezen had. Al vond ik het zeker niet het beste boek van Maarten ‘t Hart. Ik had veel meer liefde voor de roman over zijn vader, De aansprekers en boeken als De Jacobsladder. Of zijn debuut Stenen voor een Ransuil waarin kerk en orgel een veel prominentere rol speelden.

Het zorgde ervoor dat ik als 17-jarige het grootste gedeelte van de boeken van Maarten ‘t Hart las. Als afsluiting koos ik voor Een vlucht regenwulpen. Zijn boeken inspireerden mij tot het schrijven van een roman, dat qua onderwerpskeuze sterk doet denken aan dit boek van Maarten ‘t Hart.

Ook hielp dit boek mij een radicale keuze te maken: ik stopte met de MTS en ging via Havo en Vwo naar de universiteit om Nederlands te studeren. Toen dat zover was, las ik allang geen Maarten ‘t Hart meer. Ik stortte me op veel zwaardere boeken en had het geloof vaarwel gezegd.

Het is een openbaring om het boek zo’n twintig jaar later weer te lezen en de ervaringen van toen weer te voelen. Het boek doet nu heel anders aan. Het komt enigszins zeurderig over. Zeker over de merkwaardige liefde voor een meisje, het verlegene, bleue gedrag van de hoofdpersoon Maarten en zijn opvattingen over het geloof.

Het komt zeker overeen met mijn worsteling met geloof en liefde in die tijd. Nu lees ik de ervaringen of ik mijn eigen verleden aan het oprakelen ben. Het geloof vervult niet meer de rol die het toen vervulde. Net als dat de liefde voor een meisje een andere plek heeft gekregen.

Maarten ‘t Hart: Een vlucht regenwulpen. 1e druk, 1978. 65e druk met toestemming van Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, 2014. ISBN 9879059652613. 166 pagina’s.

Schildpadei

20141019_102815Gegrepen door de onrusten in Hongkong pak ik Paul Theroux’ roman De laatste dagen van Hongkong erbij. De paraplu’s van nu hebben een oorsprong. Ik denk dat deze ligt bij de overdracht van de Engelse kroonkolonie aan China in 1997.

Ik herinner mij het item op het journaal. De stad werd feestelijk overgedragen aan de Chinezen. Er waren allerlei afspraken gemaakt met de communistische Chinezen. Zo kreeg de stad een andere bestuursvorm dan de rest van het land.

Of de stad onder het bewind van de Engelsen zo democratisch was, kun je je afvragen. De zorgen om de democratie waren niet echt gegrond.

Opiumhandel

De stad Hongkong dankt haar bestaan aan de opiumhandel. Het vormde een legitieme vrijhaven om de rest van Azië onder controle te krijgen door middel van de opium. De stad is altijd de brug tussen China en het westen gebleven. Ook na de overdracht van de Engelsen aan de Chinezen.

De roman van Paul Theroux gaat op een mooie manier in op de onrust bij de overdracht van de stad. Hoofdpersoon Bunt noemt het steevast ‘de Chinese afhaalmanoeuvre’. De persoon Hung staat voor het nieuwe Chinese bewind. Nog voor de overdracht willen zij de stad van alle Engelse invloed hebben ontdaan.

Alles speelruimte

Bunt vertrouwt de man niet, maar hij geeft hem alle speelruimte. Het blijft beperkt tot waarschuwingen in de richting van de andere betrokkenen, zoals zijn moeder Betty en zijn advocaat Monty. Hung gaat ver om Bunt tot verkoop van zijn bedrijf te dwingen.

Een aantal Chinezen zijn op de hand van de Engelsen, zoals de huisbediende Wang, zijn medewerkster Meiping en de conciërge meneer Wu.

Sinds 1984 had Wu de vlag juist angstvallig punctueel opgehesen, alsof hij daarmee stelling nam tegen de Overname. Wu was degene die weigerde de naam van de dictator van China uit te spreken – Bunt wist niet eens hoe die heette, dus dat maakte weinig uit. Wu had een bijnaam voor de man, en iedereen die hoorde dat Wu het over ‘het schildpadei’ had, moest erom giechelen. (119)

Het verwondert niet dat hij opeens is verdwenen. Net als anderen die zich kritisch uitlaten over ‘het schildpadei’. In zekere zin geldt dat ook voor de overleden meneer Chuck, de compagnon van Bunt. Van Chuck heeft Wu de bijnaam van Mao overgenomen. Daarom is het niet zo vreemd dat hij er niet meer is.

Paul Theroux: De laatste dagen van Hongkong Oorspronkelijke titel: Kowloon Tong, The Last Days of Hongkong. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 1997. ISBN 90 254 2102 4. 238 pagina’s.

Readersblock – #50books

20141102_115054De 44e vraag van #50books: Heb je weleens last van een readersblock? Meer dan mij lief is. Dan koop of leen ik een boek, wil het helemaal gaan lezen, maar als ik dan probeer te beginnen lukt het niet. Pas als de dwang groot genoeg is, kan ik zo’n boek lezen. Anders verdwijnt het uit mijn gezichtsveld en zal ik het niet meer lezen.

Gelukkig weet ik het de laatste jaren vooral bij bibliotheekboeken te houden die ik leen en dan na drie verlengingen ongelezen terug breng. In vervlogen tijden heeft het de bibliotheek opgeleverd die ik nu heb. Vooral klassiekers moeten het ontgelden. Veel van die dikke pillen staan in de kast en zullen er waarschijnlijk ongelezen blijven staan.

Moet ik mij ervoor schamen? Ik vind het niet. Ik lees genoeg en ik lees ook boeken waarvan ik na het lezen weet dat ik ze nooit meer zal lezen. Soms dringt een boek zich aan mij op. Dan vind ik er iets over of zie het ineens staan en begin het te lezen. Dan weet ik weer waarom ik het destijds heb aangeschaft. Dat zijn mooie ervaringen.

#NaNoWriMo

Naast #NaNoWriMo is november in Nederland ook een leesmaand. De bibliotheken organiseren jaarlijks deze maand. De actie heet Nederland Leest. Het idee is dat veel mensen gelijktijdig hetzelfde boek lezen. Ik doe nu al een paar jaar mee en las zo Remco Camperts Het leven is verrukkulluk en BomansErik of het klein insectenboek.

Dit jaar staat Maarten ‘t Harts Een vlucht regenwulpen centraal. Ik heb het boek in mijn jonge jaren gelezen, was later best enthousiast over de film. Het verschilt totaal van het boek, maar misschien moet dat ook met zo’n onverfilmbaar boek. Allebei liggen ver achter mij, dus het kan geen kwaad dat boek weer eens open te slaan. Ik heb het boek in elk geval gisteren bij de bibliotheek opgehaald.

#50books

Dit is het antwoord op vraag 44 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief vanPeter PellenaarsMartha Pelkman heeft in 2014 het stokje overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.