Categorie archief: boeken

Lezen in de trein – #50books

image

Sinds ik in Utrecht werk, neem ik bijna dagelijks de trein naar mijn werk. Ik stap op Utrecht Overvecht uit en fiets de laatste 6 kilometer naar mijn werk. Onderweg in de trein lees ik. Ik sleep mijn boek gewoon mee de trein in en lees daar verder.

Lezen in de trein is heerlijk. Het is een reden voor mij om met de trein te reizen. Het moment dat je helemaal wegdroomt in je verhaal en alles vergeet. Ik kan daar ontzettend van genieten.

Wel vind ik het jammer dat de stoptreinen die tussen Almere en Utrecht rijden vaak erg druk zijn. Net als dat ze erg ongemakkelijk zitten. Je zit met je knieën op schoot en dat is niet altijd een gemakkelijke leeshouding. Net als dat een staand in een overvolle trein niet de meest prettige manier is om te lezen. Maar met genoeg aandacht voor het verhaal maakt dat allemaal niks uit.

Zo onderweg schieten de romans er doorheen. Ik lees nu gemiddeld 2 boeken per week. Als het boek wat dikker is, eentje. Maar ik slaag goed in het project waarbij ik elke week een boek lees: boekperweek. Het helpt mij heerlijk ontspannen voor en na het werk.

Dat zal wel wennen worden als ik volgende maand in mijn eigen woonplaats werk. Ik ga dan namelijk aan de slag als senior webredacteur bij Yarden in Almere. Het is maar een kwartiertje fietsen naarmijn nieuwe baan. Dan kan ik niet meer onderweg lezen en zal ik mijn leesmoment bewust moeten gaan zoeken binnen de drukte van de dag.

#50books

Dit is het antwoord op vraag 9 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief van Peter Pellenaars. Na Martha Pelkman in 2014 heeft Peter het in 2015 weer overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

Tonic en De Val

image

Bij de bloggersbijeenkomst van uitgeverij Meulenhoff sprak ik Ralf Mohren even. Ik wist niet zo goed wat ik van zijn (non-)alcoholische roman Tonic moest vinden. Deze debuutroman van hem zou een paar weken later uitkomen. Zou het weer zo’n beklag van een ex-alcoholist worden of zat er wel iets moois in?

Ik vertelde hem over het boekje De val van August Willemsen dat ik een paar maanden eerder had gelezen. Een bijzonder boekje over alcoholisme is dat. Vooral de fragmenten waar Willemsen citeert uit zijn dagboeken. Het zijn halve dromen waarbij al het besef van tijd, plaats en ruimte wegvallen.

Mohren werd heel enthousiast toen ik het hem vertelde. ‘Dat boek, De val, komt juist ook voor in mijn boek.’ Hij vertelde dat hij het een prachtig werk vond. Dat het boek voor hem een voorbeeld was. Een klein eerbetoon in zijn eigen debuutroman.

Vanaf die ontmoeting liet mij de roman Tonic niet meer los. Dat boek wilde ik ook lezen. Al was het alleen maar om het aparte boek van August Willemsen hierin terug te vinden. Dat zo’n boek als inspiratie dient voor Tonic, kan alleen maar betekenen dat het debuut van Ralf Mohren heel goed is.

En goed is het debuut van Ralf Mohren zeker. De alcoholische beelden spelen ook een rol net als in De val van August Willemsen. Al is Tonic een totaal ander boek geworden. Het is een boek dat je niet loslaat en waarvan je kunt genieten.

Daarmee is Tonic meer dan een roman over drinken en stoppen met drinken. Het is een boek geworden dat veel meer vertelt: over loslaten, verdriet, schaamte en afhankelijkheid. Door deze grootse thema’s komt het zelfs verder dan De val.

Morgen lees ik eerst August Willemsens boek De Val.

Ralf Mohren: Tonic, (non-)alcoholische roman. Amsterdam: Meulenhoff, 2015. ISBN: 987 90 290 8940 1. Prijs: € 18,95. 256 pagina’s.

Ordening in mijn bibliotheek – #50books

image

Bij de foto’s van Boudewijn Büchs bibliotheek zie je op oudere foto’s dat alle boeken netjes geordend staan. De foto’s die vlak na zijn dood zijn gemaakt, laten een rommelige bibliotheek zien. Boordevol stapels boeken op tafeltjes, voor de kasten en op de trap.

Of hij dat speciaal voor de foto’s heeft opgeruimd of dat later de slordigheid binnentreedt, durf ik niet te zeggen. Iets soortgelijks zie je ook op de foto’s die van Gerrit Komrij’s bibliotheek zijn gemaakt na zijn dood. Het ordenen van boeken kost tijd en misschien heb je dat niet meer vlak voordat je sterft.

Bij mij schiet de ordening er de laatste tijd ook aardig in. Ook omdat mijn bibliotheek een beetje begint dicht te groeien. Tot nu lukt het nog net de boeken ergens op andere te leggen. Dat is niet zo goed voor de boeken, dus ik zou eigenlijk de rijen moeten herordenen. Misschien wegdoen wat ik overbodig vind.

image

In mijn studententijd besloot ik ook mijn kamer rigoreus opnieuw in te delen. De reden was dat ik geen boek meer kon vinden. Ik ontwikkelde de theorie dat je iets niets hebt als je het niet kunt vinden. Alle wanden van mijn kamertje voorzag ik van planken waarop ik de boeken zorgvuldig uitstalde. Daarnaast nam ik uitvoerig mijn bibliotheek door en deed kritisch allerlei overbodige boeken weg. Ze kwamen in twee grote dozen die ik tijdelijk op de gang zette.

Ik verhuisde een klein jaartje later naar Almelo en de twee grote dozen gingen mee. Na nog een keer kritisch alles te hebben uitgeplozen, verkochten we een deel van de overtollige boeken op de Almelose boekenmarkt op Hemelvaartsdag. Dat deden we twee jaar achter elkaar en het leverde een leuk bedrag op.

Na de laatste verhuizing in 2006 heb ik alle overtollige boeken in dozen bewaard waarmee ik ooit nog op de boekenmarkt wil staan. Andere wil ik via internet verkopen. Maar zoals dat vaker gaat, komt het er niet van en blijft de grote herschikking achterwege.

image

De stapels boeken die zich nu in mijn bibliotheek beginnen te vormen, zouden het teken aan de wand moeten zijn: ik moet weer eens aan de slag om alles overzichtelijker te maken. Al kan ik op dit moment alles snel vinden en hoef ik niet heel lang op zoek naar een boek. Ze staan op alfabetische volgorde. De opgestapelde boeken liggen op andere boeken die in dat alfabet ergens zitten.

Maar het staat zoveel mooier en overzichtelijker. Bovendien is vorig jaar een deel van Inges boeken een etage lager verhuisd. Dus misschien volgend weekend maar eens een beginnetje maken. Of wordt het toch een weekend of wat later?

#50books

Dit is het antwoord op vraag 7 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief van Peter Pellenaars. Na Martha Pelkman in 2014 heeft Peter het in 2015 weer overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

De oorsprong van Muskietenkust

image

Onderweg van Boston naar Patagonië komt Paul Theroux in Cali een groep Amerikaanse zendelingen tegen. Hij ziet twee enorme mannen en twee dikke vrouwen, een jongen met een buikje en wat kleinere kinderen. Volgens de Amerikaanse reisboekenschrijver zijn het fanatieke baptistische evangelisten.

Hij vindt het maar bemoeizieke mensen die vaak ‘net op tijd voor de nieuwsbrief van de gemeente thuis’ een griezelige marteldood sterven. Hij zou graag met ze in gesprek komen, maar ze blijven onder elkaar, schrijft hij in zijn reisboek De oude Patagonië Expres.

In Costa Rica, aan de Muskietenkust, had ik de achtergrond gevonden voor een verhaal over schipbreukelingen; hier, aan de overkant van de zaal in dit hotel in Zuid-Columbia zag ik wie die schipbreukelingen zouden kunnen zijn. God had ze hierheen gezonden. (283)

Het verhaal is de roman Muskietenkust geworden. Een imponerend verhaal over schipbreukelingen dat in de woestenij van Honduras speelt. De bevindingen die Paul Theroux heeft tijdens zijn treinritje met meneer Thornberry liggen inderdaad aan de basis van het verhaal:

We waren bij de kust en reden langs een strand met palmen. Dit was de Muskietenkust, die zich uitstrekt van Puerto Barrios in Guatamala tot Colón in Panama. Het is een woeste streek en lijkt de volmaakte achtergrond voor een verhaal over schipbreukelingen. De weinige dorpen en havens daar zijn vervallen; ze zijn mét de scheepvaart achteruitgegaan, en weer opgegaan in de jungle. (195)

Het afschuwelijke oord Limón is regelrecht in de roman Muskietenkust terechtgekomen. De muffe geur die er hangt, de olie, het brakke water en alle andere smerigheid krijgt allemaal een bestemming in Muskietenkust. Weliswaar speelt de roman in Honduras, de inspiratie komt regelrecht van Paul Theroux’ ervaringen aan de kust van Costa Rica.

Op een wonderlijke manier combineert de reisboekenschrijver de zendelingen met de avonturier. De hoofdpersoon Allie Fox wil juist breken met zijn vaderland en gelooft dat Amerika elk moment ten onder gaat in zijn eigen weelde. Als tegenhanger staat de zendeling Gurney Spellgood.

De mannen ontmoeten elkaar op de boot de Eenhoorn als ze naar Honduras varen. De ene om er zich te vestigen, de ander om het woord van God te brengen. Allebei verliezen ze hun geloof. De een laat zich verleiden tot materialisme en de ander door zijn idealen. Hiermee haalt Paul Theroux een buitengewoon interessant onderwerp aan in Muskietenkust

Wordt vervolgd

Paul Theroux: Muskietenkust. Oorspronkelijke titel: The Mosquito Coast. Vertaald door Joop van Helmond. 4e druk. Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, 1989 [1984]. ISBN: 90 295 4867 3. 436 pagina’s.

Buskruitramp

leiden-na-de-buskruitramp-in-1807In een roman over een ramp in hartje Den Haag, midden in de tramtunnel, kan een andere ramp niet onbesproken blijven: de buskruitramp van Leiden. Christiaan Weijts haalt de ramp in het hart van Leiden aan in zijn roman Euforie:

Op een januari waren er in geboortstad 151 doden gevallen na een explosie aan de Steenschuur. Een schip met bijna achttien ton buskruit aan boord blies alle huizen in de wijde omgeving tegen de vlakte. Tientallen jaren bleef het gebied leeg: de Grote Ruïne. (300)

Op de plek waar het schip aangemeerd lag, is het Van der Werfpark verrezen. Aan de overkant staat het imposante Kamerlingh Onnesgebouw. Het gebouw waarin een paar Nobelprijswinnaars werkten is een paar jaar terug heel mooi gerestaureerd. Iets verderop is de Lodewijkkerk die na de ramp weer mooi is herbouwd en een heel bijzonder orgel herbergt.

Voor Christiaan Weijts is het aanleiding te schrijven over het park waarin de hoofdpersoon Johannes Vermeer zijn jeugdliefde Isa zoent. Voor de verteller is het ingebed in een vergelijking waarin het voorjaar explodeert, ‘in inslagkracht verwant aan de opening van Mahlers Eerste.’

De Leidse ramp keerde vaak terug tijdens mijn studie Nederlands in Leiden. Onze docent Peter van Zonneveld vertelde er al over op de eerste studiedag tijdens de rondleiding door de stad. Hij haalde daarbij de brief van Bilderdijk aan die tussen de puinhopen van zijn huis schreef. De docent negentiende-eeuwse letterkunde glimlachte en keek met guitige ogen over zijn leesbrilletje. ‘Terwijl de maar een paar ruiten gesprongen waren.’

De Leidse buskruitramp is in de negentiende eeuw talloze malen bezongen. Het was een nationale ramp van formaat. De net aangetreden koning Lodewijk Napoleon maakte zich verdienstelijk door naar de rampplek te gaan. Het was de eerste keer dat een vorst in Nederland poolshoogte kwam nemen bij een ramp. Sindsdien bezoekt een vorst altijd een rampplek om met eigen ogen de ramp te zien en het volk te steunen en te troosten.

Een tijdje terug vond ik op een boekenbeurs het boekje Het dichterlijk tafereel der stad Leyden van Willem Bilderdijk. Hierin voorziet de grote dichter een gedicht van Robert Hendrik Arnztenius van commentaar. Hij vult de dichtregels aan en voorziet het ook van veel onzin, zo schrijft Marinus van Hattum die het gedicht in zijn uitgave uitvoerig onder de loep neemt.

Bilderdijk weet een gedicht van 370 regels aan te lengen tot 1260 regels. In de drie bijlages spreekt de meester zelf. Hij gebruikt hier niet minder archaïsch taalgebruik:

Ja, Dichtkunst, kerm en schrei, rijt ingewanden open!
Graaf onmeêdogend om in ‘t siddrend, lillend hart!
Gods Englen schreien hier en staan met bloed bedropen.
De taal is zonder kracht; wy smoren in de smart.

Op die puinhopen in het latere Van der Werfpark, zoent de hoofdpersoon Johannes Vermeer in Christiaan Weijts Euforie met het meisje van zijn dromen: Isa.

Christiaan Weijts: Euforie. Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, 2012. ISBN 978 90 295 8627 6. 400 pagina’s.

Bouwspel

image

In Christiaan Weijts roman Euforie draait het op een bijzondere manier om het spel. De prijsvraag die is uitgeschreven om op de rampplek van de 6-juli-ramp in Den Haag een complex van gebouwen te bouwen. Het architectenbureau van Johannes Vermeer doet mee aan de prijsvraag. Het volk mag via een referendum kiezen welk ontwerp het mooiste is.

Johan Huizinga gaat in Homo Ludens kort in op het aspect van de prijsvraag voor een architectonisch ontwerp. Het roept een spelelement op. Hij merkt in zijn boek op dat leerlingen vaak als leerlingstuk een competitie voerden van wie het mooiste stuk maakte. Voor al deze vormen ligt het spel ten grondslag, stelt Huizinga:

Niemand kan uitmaken, in hoeverre bij bepaalde historische gevallen de nuttigheidszin of de agonale hartstocht overwoog, bijvoorbeeld wanneer de stad Florence in 1418 de wedstrijd uitschrijft om de Dom door de koepel te voltooien, die Brunelleschi op dertien mededingers won. Pure nuttigheid beheerste toch in ieder geval het stoute denkbeeld van de koepel niet. (222)

Hier weet Johan Huizinga het spelelement zelfs door te trekken naar de stad zelf. De stad Florence met al zijn pronktorens, die vroeger misschien een defensief doel hadden. De koepel vormt de kroon op een middeleeuwse stad met spelideeën.

Met de architectuurwedstrijd speelt Christiaan Weijts ook in zijn roman Euforie. In zijn boek mag het volk zelfs kiezen via een referendum. Dat daarbij ook veel andere belangen opspelen en het spel een serieus commercieel spel wordt, is onderdeel van het verhaal. Uiteindelijk weet de verteller de naam van de ontwerper los te trekken van het ontwerp. Zo verdwijnt de architect van het speelveld.

Christiaan Weijts: Euforie. Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, 2012. ISBN 978 90 295 8627 6. 400 pagina’s.

Leesdip of schrijfdip? – #50books

image

Er is een tijdje geweest dat lezen lastig ging. Langzaam keerde het terug. Ik las de biografie van Willem Elsschot door Vic van de Reit en werd zo enthousiast dat ik Lijmen/Het been las. Zo keerde het lezen weer langzaam maar zeker terug.

Als ik er iets van leerde, dan is het dit: de leesdoelen komen niet altijd overeen met de leesbehoefte van dat moment. Daarom is het ook goed om soms iets anders te pakken dan een exemplaar uit de stapel nog te lezen boeken.

Zo liet ik het idee losgelaten dat ik bepaalde boeken zou moeten lezen. De gebroeders Karamazov leverde teveel frustratie op. Misschien dat ik het later nog eens probeer. Ook voor de boeken van Dickens moet je in de juiste stemming zijn. Je kunt het niet afdwingen alles van hen te lezen.

Zo pakte ik vorige week weer het boekje Lijmen/Het been. Gewoon omdat ik er weer zin in had. Het kostte mij dit keer best veel moeite om erin te komen. Pas op het moment dat Boorman en Laarmans aankloppen bij de firma Lauwereyssen kreeg het verhaal mij te pakken. Ik lachte mee met de belachelijke situaties en genoot van de rake observaties van Elsschot.

Zo merk ik dat ik het gewoon een beetje ruimte moet geven. Al gaat die vlieger niet altijd op. Soms ben je gewoon te druk met andere dingen om geconcentreerd te lezen. Het wil dan best helpen om een ander boek te pakken en waar je mee bezig was, te laten voor wat het is.

Waar ik overigens wel erg veel last van heb, is dat ik graag over al die boeken die ik lees iets wil schrijven. Dan dringt zich een heel ander probleem op. Ik kom er niet aan toe, begin aan het volgende boek, dat dan ook weer een paar leuke blogjes moet krijgen en dat gaat dan soms best lastig. Dan achtervolgt mij het best en zou ik liever lekker gaan zitten lezen dan erover te schrijven.

Misschien moet ik dat ook oplossen zoals het lezen. Het schrijven even te laten of het bij één bijdrage te houden voordat ik meer ga schrijven.

Tips zijn van harte welkom.

#50books

Dit is het antwoord op vraag 6 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief van Peter Pellenaars. Na Martha Pelkman in 2014 heeft Peter het in 2015 weer overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

Het boekenparadijs

image

Een klein jaar geleden dreigde de grote boekhandelketen Polare om te vallen. Nauwelijks twee jaar daarvoor waren de boekwinkels van Selexyz en De Slegte bij elkaar gevoegd. Een bijzondere samenvoeging, vond ik. Zou een mooi fenomeen als De Slegte niet om zeep geholpen worden?

Best wel lef om daar ook een boek over te schrijven. Het boek lijkt jaarlijks minder kopers te hebben. De boekwinkels worstelen met een markt waar jaarlijks de procenten van af vliegen. Het kost grote moeite voor boekwinkels om overeind te blijven. En niet alleen boekwinkels hebben het moeilijk, ook uitgeverijen moeten vechten voor hun behoud.

Het boek Het boekenparadijs probeert de opkomst en ondergang van het boekenketen Polare te beschrijven. Het bestrijkt gelukkig niet zoveel tijd om er heel veel intriges bij te fantaseren. Het boek van Hanneke Chin-A-Fo en Toef Jaeger maakt een mooie reconstructie van deze tijd. Aan de hand van interviews met de betrokkenen en gesprekken die de twee NRC-redacteuren hadden met de mensen in en rond dit grote boekenketen.

Het verhaal van Polare is even spannend als treurig. Twee mannen zonder passie voor boeken – ze spreken over ‘boekjes’ – maar met een groot idee voor de boekhandels van Selexyz. Paul Dumas en Maurits Regenboog weten met geleend geld het fortuin bij elkaar te krijgen dat nodig is om doe hele boekwinkelketen over te nemen. Bovendien krijgen de avonturiers het voor elkaar dat het Centraal Boekhuis voor een periode de leveringsvoorwaarden verruimt.

Dat het ondanks al deze gunstige dingen toch mislukt. En niet zomaar een beetje, maar heel erg. Dat verbaasde mij destijds het meeste. De directie kreeg een riant salaris, maar het lukte de directeuren niet om de boekverkoop gelijkte tred te laten ophouden met het dalende markt. Ze blijven ver achter op de instortende boekenmarkt.

Het wachten is hoe lang de laatste stuiptrekking duurt. Dat gaat sneller dan verwacht. Zeker ook omdat de directeuren hun afspraken niet na komen. Dat geeft de genadeklap. Ze weten te weinig van boeken, ontberen de passie voor het boek en zijn meer bezig met geld dan met het product dat ze verkopen.

Na het faillissement belandt de boekwinkel waar ze hoort te zijn: klein en deskundig. Hier kan geen grote investeerder als ProCures tegenop. Daarmee is het verhaal van Het Boekenparadijs een boek dat onverwacht toch goed afloopt. Het besef dat je zomaar zonder boekwinkel kunt komen te zitten. Al is het de grote vraag hoeveel van de in dit boek genoemde boekwinkels zullen overleven.

Hanneke Chin-A-Fo & Toef Jaeger: Het boekenparadijs, De opkomst en ondergang van de grootste boekenhandelsketen in Nederland. Amsterdam: Ambo Anthos, 2014. ISBN: 987 90 263 2830 5. 218 pagina’s. Prijs: € 17,99.

De offers en De val van Jakob Duikelman

image

Bij het lezen van De val van Jakob Duikelman van Anne-Marieke Samson trek ik steeds een vergelijking met De offers van Kees van Beijnum. Speelt in het laatste boek een rechter onbewust naar zijn ondergang. In dit boek draait het om de aanklager.

Er ligt een lange periode tussen beide boeken. De tijd waarin het internationaal en oorlogsrecht zich ontwikkeld hebben. Lag er tussen het Tokio-tribunaal een lange leegte, in de jaren ’90 werden de oorlogsmisdadigers uit voormalig Joegoslavië en Rwanda.

Het internationaal recht heeft daarmee een heel andere positie gekregen ten opzichte van het Tokio-tribunaal waar de Nederlandse rechter Rem Brink recht spreekt. Het tribunaal kenmerkt zich door gekronkel en een sterke invloed vanuit de overwinnaar Amerika. Eerlijk oorlogsrecht moet aandacht besteden aan beide partijen.

Dat lijkt bij de tribunalen rond Joegoslavië en Rwanda veel meer aan de orde te zijn. In de roman van Anne-Marieke Samson speelt weer een andere vorm van internationaal recht een rol. Aanklager en hoofdpersoon Jakob Duikelman moet asielzoekers opsporen die zich in oorlogen hebben misdragen.

Deze vluchtelingen moeten overgeleverd worden aan de oorlogstribunalen wanneer ze oorlogsmisdaden hebben begaan. Vluchtelingen mogen geen misdadigers zijn. De vriend van zijn dochter Disi heeft oorlogsmisdaden begaan in Nigeria. Duikelman is specialist in dit Afrikaanse land. Zijn vorige vrouw kwam er zelfs vandaan.

Voor Duikelman is het een kwestie van routine om de vriend van zijn dochter te verhoren. Dat het op een jammerlijk verhoor uitloopt, past in de rest van het verhaal. Het bedriegelijke zit erin dat het aanvankelijk juist goed lijkt te lopen.

De rasmanipulator staat tegenover iemand die probeert te manipuleren, maar bij wie de wereld instort. Er ontstaat een duel, waarbij de uitkomst juist weer in lijn met de rest van de roman valt.

Anne-Marieke Samson De val van Jakob Duikelman. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers, 2014. ISBN 987 90 295 8950 5. Prijs: € 19,95. 272 pagina’s.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn bijdrage over De val van Jakob Duikelman van Anne-Marieke Samson en De offers van Kees van Beijnum. We lazen deze boeken bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nlLees de bijdragen van anderen in de reacties.

Leesdoelen – #50books

image

Een collega vroeg mij laatst hoe ik dat toch deed al dat lezen. Ik ga met de trein, antwoordde ik. Ik reis misschien wat langer, maar vermaak mij onderweg met een mooi boek. Het maakt voor mij de vertragingen die NS soms heeft ruimschoots goed.

Marcel van Driel wees mij op het voornemen elke week een boek te lezen. Het is een leuk initiatief waar op twitter lezers elkaar stimuleren wekelijks een boek te lezen via #boekperweek.

Ruimschoots gehaald

In 2014 zou ik het ruimschoots hebben gehaald. Ik hou van lezen en las het vorig jaar zo’n boek of 60. Zeker aan het einde las ik ongeveer twee boeken per week in de trein naar en van mijn werk. Heerlijk na een dag hard werken.

Of ik het dit jaar haal, weet ik niet. Ik heb geleerd dat je met lezen vooral niet teveel doelen moet stellen, maar gewoon lekker moet lezen. Zo kwam ik maar moeizaam door het boek De grote goede dingen van Alma Mathijsen. Nu lees ik Euforie van Christiaan Weijts en het gaat gelijk een stuk sneller. Hoe dat komt, weet ik niet. Maar het gebeurt.

Daarom durf ik mij niet te koppelen aan zo’n belofte van een boek per week. Misschien wordt het wat minder of het wordt wat meer. Net als dat ik nog het hele oeuvre van Paul Theroux wil lezen en alle romans van Dickens. Het hoeft niet meteen. Het moet de tijd krijgen. Als je lezen de tijd geeft, krijg je er plezier in en dan gaat het hard.

Tot die tijd laat ik het gewoon gebeuren. Een beter leesdoel kan ik niet verzinnen. Of het is het al jaren brandende verlangen om De goddelijke komedie van Dante de aandacht te geven die het verdient.

Wie weet…

#50books

Dit is het antwoord op vraag 1 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief van Peter Pellenaars. Na Martha Pelkman in 2014 heeft Peter het in 2015 weer overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.