Categorie archief: boeken

Bellenblazen

image

Op de voorkant van de debuutroman Brussel van Basje Bender staat een foto van een vrouw die bellenblaast. Je kijkt door de bel heen naar de vrouw die haar lippen tuit en lucht blaast door het kleine ringetje waaraan de bel vormt.

Een prachtig beeld dat verwijst naar een element in de roman. De ik-verteller en hoofdpersoon Elvira raakt getroffen door de Vlaamse kunstenares Camille. De naam roept meteen associaties op met Camille Claudel. Ik had eens een vriendin met zo´n grote bewondering voor deze kunstenares dat ze haar kat naar haar vernoemde.

Elvira loopt met bijna net zoveel bewondering voor haar Camille door Brussel. De kunstenares duikt steeds voor haar op als ze het niet verwacht. Maar als Elvira naar Camille op zoek is, dan vindt ze haar niet.

Als ze samen in haar appartement zijn, dan haalt Elvira een potje bellenblaas van de schouw. Ze blaast een stroom bellen:

Camille volgt de bellen tot ze knappen, en ik geef het buisje aan haar. Ze blaast met open ogen, een hele familie zeepbellen verlaat de plastic ring. […].
Perfect, denk ik, iemand met wie ik gewoon bellen kan blazen, uitstekend, zo vaak komt dat niet voor. Of eigenlijk nooit. (70)

De bellen komen terug als ze aan Camille denkt. De zeepbel en Camille vloeien samen. De ik-verteller noemt haar transparant en vloeibaar:

[E]en grote zeepbel die je voorzichtig wat hoger de lucht in kunt blazen. (162)

Maar zeepbellen die hoog komen, kunnen ook uit elkaar spatten. Dat lijkt de verteller niet te beseffen, maar als lezer kun je wel veel vermoeden. Zo drijft het verhaal langzaam maar zeker weg. Als een zeepbel waarvan je niet eens zeker weet of hij wel uit elkaar gespat is.

Basje Bender: Brussel. Roman. Amsterdam: Meulenhoff, 2015. ISBN: 978 90 290 9029 2. 208 pagina’s. Prijs: € 18,99. Bestel

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn bijdrage over Brussel van Basje Bender. We lezen dit boek bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Buiten het boekje gaan – #50books vraag 22

image

De schrijver Willem Frederik Hermans heeft 4 thrillers geschreven onder het pseudoniem Fjodor Klondyke. Het geheim is verklapt door Jan Kuijper in zijn boek Populaire literatuur in 1974. Kort na deze bekendmaking is menig Hermansliefhebber deze boekjes gaan verzamelen. Weinig van dit soort boekjes zijn zoveel waard als deze.

Fjodor Klondyke

Hermans heeft deze kleine boekjes aan het einde van de oorlog geschreven, in geldnood verkerend en vol verveling. Hij verdient er 300 gulden per boekje aan. Nu wordt er per boek veel meer dan dit bedrag betaald. Zo vind ik De demon van Ivoor voor 400 euro op boekwinkeltjes.nl.

Doodverf

Van andere schrijvers is ook bekend dat ze hun genre weleens te buiten gaan. A.F.Th. van der Heijden verzamelde alle spannende scenes rond de ‘gipsmoord’ uit zijn reeks De tandeloze tijd in de thriller Doodverf. Het levert een voor Van der Heijden buitengewoon spannend boek op.

Mijn verlustiging

Een andere held is Willem Bilderdijk. Hij schrijft in zijn jonge jaren de erotisch getinte dichtbundel Mijn verlustiging. Een dichter die zich waagt aan deze bundel. Hij komt er tijdens zijn leven niet echt voor uit, een jeugdzonde van de held van de gereformeerde in Nederland.

Buiten het boekje

Schrijvers gaan dus weleens te buiten aan hun eigen genre. Deze week komt de boekenvraag van Tessa Heitmeijer. Ze stelt ze hem op haar eigen blog, maar we doen hier mee met deze vraag:

Welke schrijver of schrijfster zie jij het liefst zijn of haar boekje te buiten gaan?

Ik ben benieuwd naar jullie antwoorden.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

De ideale boekwinkel – #50books antwoorden vraag 21

image

Een boeiende vraag was het die binnenkwam van Martha: hoe ziet jouw ideale boekwinkel eruit? De boekwinkels verdwijnen best snel. Veel mensen bestellen boeken via internet en ook het aanbod van tweedehands boeken is groot. Hoe zou een boekhandel er in deze tijd uit moeten zien, is de vraag.

Een ongekend aantal reacties zijn er op deze vraag binnengekomen. De boekwinkel leeft nog altijd en veel lezers zien er ook mooie dingen in.

Idealen en dromen

Martha mist een goede boekhandel in haar woonplaats. Na het faillissement van Paagman is er nog een kantoorboekhandel en een AKO en een handjevol Bruna’s. Niet veel bijzonders dus meer. Mijmerend legt ze uit hoe haar ideale boekhandel eruit ziet: veel boeken, heel veel boeken. Voor elk wat wils en absoluut niet rendabel. Maar wel een Walhallah voor elke boekenliefhebber.

Naast boeken wenst ze zachte banken met veel kussens en andere plekjes om met een boekje in een hoekje te kunnen zitten. Uiteraard hoort daar op elke verdieping een koffiezetapparaat en veel limonade om het verblijf in de boekenhemel nog iets completer te maken.

Ik vraag mij af of je op zo´n plek ooit nog zou weggaan met een boek in de handen of dat je er juist zou willen blijven wonen.

Geen boekenromanticus

Hij geeft het gelijk toe in zijn blog over de ideale boekwinkel: Carel is geen romanticus en zeker geen boekenromanticus. Voor hem geen Paagman, De Slegte of Donner. In de Zilverstad ontbreekt het aan een goede boekhandel. Daarom is hij praktisch ingesteld en houdt hij het bij bol.com en een e-book.

Marks & Co

Boekenblogger Wim hoeft niet lang na te denken over zijn ideale boekwinkel: Marks & Co, het antiquariaat uit de film 84 Charing Cross Road. Dat Anthony Hopkins achter de balie moet staan, of iemand die heel veel op hem lijkt, spreekt voor zich. Hij kan iedereen van literair advies dienen. Zelfs het de moeilijkste hints van klanten weet hij tot een boek te brengen.

De ideale boekwinkel is een antiquariaat voor Wim. Winkels waar je nieuwe boeken kunt halen, zijn niet meer interessant. Dat de boekwinkel in zijn dorp ermee ophoudt, is jammer, maar Wim betrapt zich er meteen ook op dat hij er maanden niet meer geweest is. Nieuwe boeken bestel je online via bol.com.

De ideale boekwinkel is de bibliotheek

Jannie haalt je meteen uit je droom: de ideale boekhandel bestaat niet, kopt ze dreigend. Daarvoor verschillen de wensen en verlangens van elke boekenklant. Ze stelt een lijstje met 5 eisen waar de ideale boekhandel aan moet voldoen, waarin ondermeer een goed en gevarieerd aanbod, bereikbaarheid, deskundig personeel en extra´s in de vorm van lezersavonden en tentoonstellingen.

Zo schrijvend ontdekt ze meteen dat de ideale boekwinkel die het dichtste hierbij in de buurt komt, geen boekwinkel is. Het is de bibliotheek. Deze heeft alles voor handen wat ze wenst en is bovendien een stuk goedkoper. Wat daarbij handig is, is dat boeken die niet in haar eigen bibliotheek voorradig zijn, worden uitgeleend via de Zeeuwse bibliotheek in Middelburg.

Deventer boekenmarkt

Blogger Niek geeft een korte historie van het (boek)winkelen. Eigenlijk komt ze haast nooit meer in een fysieke winkel, biecht ze op. Ze heeft ook niet de behoefte om op zoek te gaan naar boeken. Er liggen altijd wel boeken op haar plankje die nog gelezen moeten worden. En op 1 of andere manier raakt dit plankje eigenlijk nooit leeg.

Alleen 1 dag in het jaar zoekt ze nog de boeken op. Dat doet ze op de Deventer boekenmarkt. Dan struint ze kraampjes af en laat zich verrassen door alle boeken die er liggen. Ze dwaalt van de ene wereld in de andere en komt met een flinke stapel boeken thuis. Voor op het plankje ongelezen boeken.

Koffiehoekje of café

Ali is gek op boekwinkels en is blij dat ze in Den Haag woont. Het boekenklimaat is in de Hofstad aardig veranderd de laatste jaren. Het lijkt weer dat er weer goede boekwinkels zijn teruggekomen na de jaren dat ze bij bosjes omvielen en verdwenen uit het straatbeeld.

In haar lijst refereert ze ook naar een paar mooie buitenlandse boekwinkels, zoals American Book Center en Dussmann in Berlijn. Dat is voor Ali ook de ideale boekwinkel. Een boekwinkel waarin een ruim aanbod in buitenlandse titels te vinden is. Het liefst met een koffiehoekje of café erbij.

Nescio, Elsschot of Reve?

De dikke blauwe man heeft zeker zijn voordelen, vindt Fokke, maar een ‘echte’ boekwinkel is toch wel het mooiste. Lekker een boek vasthouden, bladeren door de pagina´s en er een stukje in lezen. Je kunt je in de boekwinkel laten verrassen. Dat lukt je niet online. Daar moet je het vooral hebben van reviews en aanbevelingen van anderen.

Daarna beschrijft Fokke zijn ideale boekwinkel. Tafels waarop ze liggen uitgestald, een ruime sortering in boeken en vooral de boeken van Nescio, Elsschot of Reve. Voor hem een belangrijk criterium: ‘als ze niet in de kasten in de winkel staan wordt het moeilijk, tussen die winkel en mij’. Net als de aanbevelingen van de boekhandelaar. Die meedenkt, weet wat je leuk vindt en goede tips geeft.

Lees morgen de nieuwe boekenvraag.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Biesheuvel: De weg naar het licht

image

In mijn strooptocht op zoek naar de boeken van Maarten Biesheuvel krijg ik plotseling de delen 2 en 3 van het Verzameld werk toegeworpen. Ze liggen op de tafel met afgeschreven boeken in de bibliotheek.

Een droom wordt werkelijkheid. Behalve dat ik wekenlang achtereen de tafel afstruin op zoek naar het eerste deel van deze serie. Het ligt er niet. Daarom zoek ik uit welke boeken in dit eerste deel zitten. Zo ontdek ik dat ik de verhalenbundel De weg naar het licht helemaal niet heb.

Als ik hem dan in een kringloopwinkel tegenkom, gaat hij mee. Ik kan mij niet bedwingen en begin te lezen. De wereld in de verhalen van Biesheuvel bestaat uit een uniek universum. Het universum waarin je verdrinkt in de woorden, het verhaal en de personages. Je weet niet altijd waar je bent, maar je laat je meeslepen in de beelden.

Het verhaal ‘De Leeuw van Leiden’ bijvoorbeeld. De verteller is bij een bijeenkomst waar de aanwezigen allerlei boeken en artikelen lezen. Daarna begint een man een lange monoloog over wat 1 iemand wel niet allemaal geschreven heeft.

Ze zijn allemaal van 1 man: Maarten ’t Hart. De verteller wijst de man die de monoloog hield op de schrijver: hij zit te breien in een hoekje van de kamer op een sofa. Het is de Leeuw van Leiden die daar zit.

Dan probeert de verteller te achterhalen waar het geheim vandaan komt. Hoe komt het dat Maarten ’t Hart werkelijk alles leest en daarna bijna dagelijks publiceert over allerlei onderwerpen. Of zoals de verteller aan de Leeuw van Leiden vraagt:

‘Vertel me nou toch eens wannéér je schrijft over al die onderwerpen, andere mensen zouden er met hun dertienen jaren over doen om zoveel te schrijven over aardrijkskunde, antropologie, biologie, economie, geneeskunde, geologie, geschiedenis, godsdienst, huishouding, krijgskunde, kunstgeschiedenis, letterkunde, maatschappijleer, mode, muziek, opvoedkunde, politiek, psychologie, recht, scheikunde, staatskunde, sterrenkunde, techniek, weerkunde, wiskunde, wijsbegeerte enzovoort, ja werkelijk járen zouden dertien mensen bezig zijn met het schrijven van zoveel artikelen over zoveel onderwerpen, zoveel verhalen, zoveel romans…, terwijl jij dat allemaal in je eentje in ééń jaar af kan? Dat grenst aan het krankzinnige. Jouw verschijnsel begint, wat wonderlijkhied betreft, vormen van metafysische onbegrijpelijkhied aan te nemen.’ (179)

Het gesprek begint hierna even wonderlijke, metafysische onbegrijpelijke vormen aan te nemen. Het gesprek fladdert van raaskallen naar de zang van de nachtegaal, naar de colleges van Karel van het Reve. Volgens Maarten ’t Hart zou de verteller de colleges ernstig verstoord hebben:

‘[W]aarom hielp jij altijd de colleges van Karel van het Reve naar de maan door er allerlei kletskoek uit te gooien? Dacht je soms dat wij geïnteresseerd waren in de verhalen van jou over je moeder, je vader, over Rooms en Protestant Kethel, dat wij belangstelling hadden in je zeeverhalen en al die zotte fantasiën?’ (181)

De verteller weerspreekt de opmerking dat de Leidse professor daar niet op zat te wachten. Hij vond het juist heerlijk als ik een deel van die 50 minuten vulde, geeft hij als tegenargument.

Toch wil de verteller graag achter het geheim van de enorme productiviteit van Maarten ’t Hart komen. Daar verliest het verhaal alle grip op de werkelijkheid. De verklaring voor die enorme productiviteit: zijn enorme verliefdheid. Daardoor gedreven vliegt zijn pen over het papier, waarna zijn vrouw alles uittikt en dagelijks de artikelen per post worden verstuurd naar alle media van Nederland.

Het is dat verlies op de werkelijkheid die de verhalen van Biesheuvel iets dromerigs geven. Je raakt de draad regelmatig kwijt of komt er juist verstrikt in te zitten. Het verhaal dat van de hak op de tak gaat en waarbij je alle kanten opschiet. Het beste is dan om stug door te lezen. Als een schip in de storm door te varen, want je komt vanzelf behouden in de haven aan.

J.M.A. Biesheuvel: De weg naar het licht en andere verhalen. 7e druk, 1985. Amsterdam: Meulenhoff, [1977]. ISBN: 90 290 0664 1. 240 pagina’s. [niet meer verkrijgbaar]

Ik vlogde al eens eerder over hem:

Je ideale boekwinkel – #50books vraag 21

image

De boekwinkel is niet meer wat het geweest is. De laatste jaren zijn er heel veel verdwenen uit steden en dorpen. In sommige plaatsen is er niet eens meer een boekwinkel te vinden. Of je het met een minieme zaak doen die de inkomsten niet uit boeken haalt, maar uit dure tijdschriften.

De boekwinkels zouden lijden onder de aanbiedingen van online boekverkopers. Mensen bestellen een boek meteen online dat de volgende dag in de brievenbus valt. Of dit klopt, weet ik niet. Ik bestel vrijwel nooit online en als ik het doe, dan is het tweedehands.

Vasthouden

Ik wil bij het aanschaffen van een boek het vasthouden of er zeker van zijn dat het het boek is dat ik zoek. Er even in bladeren en kijken. De eerste pagina lezen en me al laten meenemen door het verhaal.

In mijn woonplaats is een aardige boekwinkel. Al is het niet meer wat het geweest is en liggen kantoorartikelen, romans en kleurboeken gebroedelijk naast elkaar. Ook is het grootste aanbod van de boeken die er ligt niet aan mij besteed. Het zijn vaak boeken die gretig aftrek vinden onder een breed publiek.

Geld verdienen

Ik snap ook wel dat de boekhandelaar moet schipperen tussen fijnzinnigheid en geld verdienen. Naar mijn oordeel zouden ze heel goed samen moeten gaan, maar de praktijk is weerbarstiger. Aan de boekenlezer wordt de vraag niet zo vaak gesteld, daarom kreeg ik deze vraag binnen via Martha.

Boekenvraag 21

Hoe ziet jouw ideale boekwinkel eruit?

Is jouw ideale boekwinkel 24 uur per dag open? Heeft hij alle boeken op voorraad of wil je juist een boekwinkel die boeken voorstelt. Een boekhandelaar die je attendeert op een boek dat wel bij jou in de smaak zal vallen? Een zaak waar je helemaal in kunt verdwalen, of juist een klein winkeltje?

Ik ben ontzettend benieuwd naar de antwoorden.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Notities van een lezer – #50books antwoorden vraag 20

image

Maak je eigenlijk notities tijdens het lezen? De vraag is in mij opgekomen omdat ik in 2 boeken die ik vlak na elkaar las, de notitieboekjes van schrijvers voorbij zag komen. Schrijft Ilja Leonard Pfeijffer alleen in Moleskines, Basje Bender is minder kritisch. Zij doet haar notities gewoon in een goedkoper opschrijfboekje.

leesjournaal

Hoe zit het met de lezers van #50books. Maken zij notities. De vraag is niet alleen via de blogs beantwoord. Ik zag ook een mooie foto voorbijkomen van @PercyTienhoven op twitter. Hij schrijft zijn bevindingen tijdens het lezen keurig op in zijn journal met ringband, een heus leesjournaal.

Naar de lijntjes, pijlen en strepen van Charlotte Veldman word ik wel heel nieuwsgierig. Hoe ziet zo’n pagina van haar boek er uit na het lezen? Schrijft ze extra notities in de marge of blijft het bij paginanummers en andere gegevens?

Meekijken in notitieboekjes

Boekenblogger Lalagè geeft een inkijkje in haar notitieboekjes. Ze zegt wel dat ze notities maakt sinds ze aan het bloggen is over boeken. Eerder deed ze het alleen als haar echt iets aansprak. Nu zorgt ze standaard bij het lezen dat ze iets kan opschrijven. Zo kun je later bij het schrijven over het boek bepaalde dingen terugvinden. Al merkt ze zelf dat het in de praktijk weinig gebeurt dat ze echt terugkijkt in haar notities bij het schrijven van het blog.

Ze laat een paar pagina’s uit het notitieboekje zien, net als een paar andere methodes van haar om passages terug te kunnen vinden. De uitkomst is wel de e-reader. Daar kun je notities in het boek zelf maken. Een bijzondere blog over de geheimen van de lezer.

Overigens staan er heel veel enthousiaste reacties onder het antwoord van Lalagè. Veel lezers maken korte notities of schrijven mooie zinnen op. Ze markeren en krassen in de kantlijn van het boek bij mooie passages en schrijven soms de paginanummers op.

Doorlezen

Niek maakt geen notities bij het lezen. Ze wil weleens iets opzoeken als ze leest. Dat gebeurt voornamelijk bij het lezen in het Engels of Duits. Maar ze wel vooral genieten van het boek en zich niet afleiden door het opschrijven van notities.

Al heeft ze ook af en toe de neiging om iets uit te gaan zoeken bij het lezen. Als een tekst een bepaalde vraag oproept, wil Niek graag het antwoord opzoeken. Maar over het algemeen laat ze zich niet afleiden en leest heerlijk door.

Beklijven

Volgens Fokke nemen de meeste mensen dingen beter op als er op meerdere manieren met de stof omgegaan wordt. Daarom kan het zeker geen kwaad tijdens het lezen af en toe iets op te schrijven. Zo beklijft de stof beter. Zeker bij ingewikkelde series als de reeks Mijn strijd van Karl Ove Knausgård. Ondanks alle notities heeft Fokke er geen blog aan gewijd. Het is puur voor de verwerking van alle informatie.

Te meeslepend

Vrijwel nooit ligt er een verband tussen de notitie die hij maakt en de blog die het betreffende boek uiteindelijk oplevert. Terecht merkt de boekenblogger van Foxxblok op dat een heel goed veel te meeslepend is om er notities bij de maken. En dat is uiteraard waar.

Vergeten notities te maken

Dat schrijft boekenblogger Jannie ook in haar antwoord. Is het wel een goed teken als je aantekeningen bijhoudt van het boek dat je leest? Als het verhaal zo meeslepend is dat je vergeet om dingen te noteren. Dat is juist het leuke van lezen, dat het verhaal je vastgrijpt en je alles om je heen vergeet.

Gekleurde strepen

Ali geeft in haar blog over notities maken bij het lezen aan dat ze vooral tijdens haar studie veel noteerde in haar boeken. Deze boeken zijn dan ook onverkoopbaar. Naast de notities in de boeken met gekleurde strepen, maakte ze ook uitgebreide samenvattingen. Als ze de boeken nu bekijkt snapt ze niet meer waarom dat allemaal onderstreept is. Was alles belangrijk?

Bij het lezen van romans schrijft ze niets in de papieren boeken. Hoe anders is dat bij een e-book. Hierin kan ze aantekeningen maken. En dat is ontzettend handig, merkt ze. De notities helpen haar om snel de volledige naam van de hoofdpersoon te vinden of een passage snel tevoorschijn te halen als ze er iets over wil bloggen.

Aantekeningen over verhaallijnen

Boekenblogger en trouwe beantwoorder van de boekenvraag Martha maakte vooral tijdens haar studie Nederlands in Leiden veel aantekeningen als ze las. In speciale boekjes noteerde ze de belangrijkste personages, verhaallijnen en interessante passages die ze tegenkwam.

Niks missen

Als ze klaar is met haar studie, stopt ze met notities maken. Tot ze gaat bloggen over boeken en daar ook graag inhoudelijk iets over de boeken kwijt wil. Ze wil niks missen. Daarom maakt ze weer notities bij het lezen over de tekst binnen en buiten het verhaal. Aantekeningen die ze weer kan gebruiken in haar blogs over boeken.

Lees morgen de nieuwe boekenvraag.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Spel met de lezer

image

Hoe moet het aflopen? Het is een worsteling waarmee de schrijver Ilja Leonard Pfeijffer kampt in zijn Brieven uit Genua. Hij verzucht dat het verhaal toch ergens heen moet. Een boek kent toch een afloop. Of het nu een brievenbundel is of een roman. Dat zou niet hoeven uit te maken.

Brievenbundel

In zijn 4e brief aan zijn uitgever vraagt Ilja Leonard Pfeijffer het zich af. Hoe moet het aflopen? Hij kan moeilijk een afloop verzinnen, want een brievenbundel vraagt om de werkelijkheid in het verhaal. Het moet gebeurd zijn wat er staat.

Maar het probleem is dat ik niks mag verzinnen. Dat is de spelregel. Daar moet ik mij aan houden. Dus die grote dramatische wending zou ik in het echt, in het ware leven, moeten bewerkstelligen. Ik zou om compositorische redenen in mijn eigen leven een spectaculair omslagpunt moeten beleven. (596)

Wat verderop in zijn 44e brief aan Geyla, komt het onderwerp eveneens ter sprake. Bijna letterlijk schrijft Ilja Leonard Pfeijffer hetzelfde aan haar:

Omwille van de literaire compositie zou het het beste zijn om mijn leven in het echt spectaculair te veranderen. (620)

De compositie van de wereld op papier vraagt om een verandering in de werkelijkheid. En als geroepen komen de strubbelingen binnen. Het begint met de liefde en een ‘zere reet’ om uiteindelijk uit te monden in een radicale verandering van leven.

Leven overdenken

Of zoals hij in zijn laatste, toeval of niet, de 50e brief aan
Geyla schrijft. Door de brieven heeft hij de eerste 47 jaar van zijn leven overdacht. Hij heeft weliswaar 4 jaar over deze therapie gedaan, maar dan heb je ook wat:

Het was een psychoanalyse geweest van vier jaar lang in dagelijkse sessies, waarbij ik mijn eigen therapeut was. Iets van mijzelf had ik wel begrepen. (696)

Zo eindigen 700 pagina´s van zelfanalyse. Het is een heel avontuur dat je leest, waarbij niet elke brief en elk verhaal even interessant is. De beloofde liefde voor de stad Genua drijft soms teveel weg in het levensverhaal van Ilja Leonard Pfeijffer. En daar zijn sommige delen te langdradig en zelfvererend, waarmee hij juist de charme verdwijnt zoals dat in een boek als La Superba voorkomt.

Stadsverhalen

Juist in zijn roman La Superba draait het om de vele stadsverhalen, de verhalen van het pleintje waaraan zijn stamkroeg zit. Die maken het boek zo treffend. Hier valt het teniet door de vele zelfpromotie waardoor het echte verhaal teveel naar de achtergrond verdringt.

Misschien is de werkelijkheid echt minder mooi dan fictie.

Ilja Leonard Pfeijffer: Brieven uit Genua. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 295 0661 8. 703 pagina’s. Prijs: € 21,50. Bestel

Maak jij notities bij het lezen? – #50books vraag 20

image

Bij de bloggersleesclub Een perfecte dag voor literatuur lezen we op 30 mei het debuut van Basje Bender: Brussel. Het boek vertelt over de fascinatie van de ik-verteller en hoofdpersoon Elvira voor Brussel.

In de roman komt een trits aan personen uit deze stad voorbij. Elk met een eigen verhaal, vormen ze het grote verhaal van de roman. Als Elvira op een bankje zit te wachten bij de metrohalte Montgomery, haalt ze haar opschrijfboekje tevoorschijn:

Dat boekje heb ik meestal bij me, voor het geval er toevallig een goed idee komt of voor als ongemakkelijk ben en iets te doen wil hebben, zoals nu. Het is een gewoon opschrijfboekje. Ik heb er al een aantal gehad, steeds verschillend maar nooit een Moleskine. Ik heb niet de illusie dat mijn ideeën beter worden als ze in een duur boekje staan. De boekjes gaan gemiddeld een halfjaar mee. (104)

Het toeval wil dat in in Brieven uit Genua Ilja Leonard Pfeijffer uitvoerig stilstaat bij de boekjes van het merk Moleskine. De schrijver uit Genua zweert juist bij deze boekjes en beweert het volgende over zijn verzameling van ongelinieerde boekjes:

Als ik echt beroemd zou zijn, zou die collectie de natte droom zijn van elke verzamelaar en elke literatuurwetenschapper. (601)

Het noemen van het merk lijkt niet alleen de waarde van het boekje te willen vertegenwoordigen, maar ook de waarde voor de lezer. Juist Basje Bender koketteert met het pronken met een merk. Een opschrijfboekje is een opschrijfboekje. De prijs bepaalt niet of wat er staat beter of slechter is.

De opmerking komt voor mij als geroepen. Juist omdat ik mij afvraag hoe het zit bij iets als een opschrijfboekje. Zou de waarde van het boekje echt geen invloed hebben op de inhoud. Ik geloof het niet, maar ik denk dat het een self fulfilling prophecy is.

In geval van Ilja Leonard Pfeijffer zou een ander merk de doodsteek voor zijn schrijfwerk zijn. Bij Basje Bender juist andersom. Het maar wat gelooft. Dat het invloed heeft, is zeker. Alleen ligt het niet bij het boekje, maar degene die de pen of het potlood vasthoudt om in het boekje te schrijven.

Notities bij het lezen

Maar schrijvers zijn niet de enige die notities maken. Ze melden geregeld hoe en wanneer zij notities maken voor het boek dat je in handen hebt. Interessant natuurlijk voor de lezer, maar schrijvers lijken zich nooit af te vragen wat de lezer doet. Want sommige lezer maken ook notities bij het lezen. Zeker doen boekenbloggers dat.

Ik hou eigenlijk altijd wel een potloodje bij de hand om notities te maken van het boek dat ik lees. Ik doe dat altijd op een los blaadje dat ik eveneens als bladwijzer gebruik. Het worden trefwoorden waarachter ik een paginanummer zet. Heel soms komt er op de betreffende pagina een streepje in de kantlijn.

Gedachten erbij houden

Zo probeer ik mijn gedachten bij het verhaal te houden en te zorgen dat ik later als ik erover schrijf, makkelijk voorbeelden erbij kan pakken.

Dat brengt mij bij de boekenvraag:

Maak jij notities bij het lezen en hoe doe je dat?

Ik ben heel benieuwd naar jullie antwoorden.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Basje Bender: Brussel. Roman. Amsterdam: Meulenhoff, 2015. ISBN: 978 90 290 9029 2. 208 pagina’s. Prijs: € 18,99. Bestel

Voetnoten en eindnoten – #50books antwoorden vraag 19

image

Voetnoten noemt Arnon Grunberg zijn dagelijkse stukjes op de voorpagina van de Volkskrant. Hij heeft deze korte overpeinzingen al uitgegeven in een paar verzamelbundels. Ik heb zijn eerste stukjes nog wel gevolgd, maar ergens ben ik afgehaakt. Zeker in het begin ging het Grunberg nog niet goed af om iets over de actualiteit te vertellen en te vinden in 140 woorden.

Nu zijn de stukjes af en toe ware parels. Een zijsprong uit de actualiteit. Even stappen uit de hectiek van alledag. Ik moest eraan denken bij het stellen van de boekenvraag over voetnoten in teksten. Hij kwam binnen via Niek, die eveneens meedoet met het beantwoorden van de vraag. Een voetnoot hoef je niet te lezen, maar soms is het even een heerlijke zijsprong uit het verhaal. Niet direct ter zake doende, maar de informatie is te interessant om niet te lezen.

Onderaan de pagina

In haar eerste bijdrage aan #50books schrijft Lalagè dat ze voetnoten onderaan de pagina het handigste vindt. Als de tekst achter de nummertjes helemaal achterin het boek verdwijnt, wordt het een stuk lastiger lezen. Je moet dan steeds naar achteren bladeren om de notitie te kunnen lezen. Dat kost meer moeite en daarnaast haalt het je uit het verhaal.

Bij het lezen van de vraag moest Lalagè meteen denken aan Het korte maar wonderbare leven van Oscar Wao waar in de voetnoten delen uit de geschiedenis van de Dominicaanse Republiek staan. Het grote voordeel is volgens de boekblogger dat de noten onderaan de pagina staan. Dat haalt je niet heel erg uit het verhaal. Bovendien zijn de voetnoten best interessant om te lezen.

Echte voetnoten

Ook blogger Ali wijst op het verschil tussen de noot onderaan de pagina, de ‘echte’ voetnoot, en de noot helemaal achterin het boek, de eindnoot. Ze vraagt zich af waarom de tekst zonodig in een voetnoot of eindnoot moet. Kan de tekst uit de voetnoot niet gewoon in de lopende tekst van het verhaal?

Een goede vraag, waarbij ik ook vaak tijdens mijn studie merkte dat sommige voetnoten heel erg interessante informatie bevatte. Wat mij daarbij altijd opviel, was dat gedachte in de noot niet altijd even goed wetenschappelijk te staven was. Waarschijnlijk wilde de wetenschapper zich niet branden aan de bewering en hield hem daarom in de voetnoot.

Voetnoot leidt tot meer vragen

Ze merkt daarom terecht op dat sommige voetnoten tot meer vragen en daarmee ook tot interessantere boeken leidt. Dat moet Martha missen, want ze leest geen voetnoten. In haar blog over de voetnoot schrijft ze dat voetnoten alleen maar afleiden. De boekenvraag levert voor haar wel een nieuwe vraag op: hoeveel schrijvers zijn er niet gereduceerd tot voetnoot?

Veel schrijvers die ze noemt, worden nauwelijks gelezen. Of het heel erg is, weet ik niet. Daarvoor in de plaats zijn vaak weer veel andere boeken verschenen die zeker ook de moeite van het lezen waard zijn. Zo’n oude voetnoot-lezer kan soms heel verrassende effecten opleveren. Dat ervoer ik vorige zomer bij het lezen van Jacob van Lenneps roman Ferdinand Huyck.

Irritante noten

Blogger Niek vindt alle soorten noten irritant. Ze heeft gemakshalve alle noten op 1 hoop gegooid, dus ook eindnoten en noten die aan het eind van elk hoofdstuk staan. Ze halen je uit het lezen van de tekst en hebben geen enkele functie. Dan liever geen noot of de informatie uit de voetnoot verwerken in de tekst.

Ze maakt 1 grote uitzondering, dat zijn de Schijfwereld-boeken van Terry Pratchett. In deze boeken steekt de verteller juist de draak met voetnoten. Ze lopen soms pagina’s door en Pratchett creëert soms zelfs voetnoten in een voetnoot en daar weer een voetnoot binnen. Ze zijn volgens haar onderdeel van het verhaal en daarom kan ze er zo van genieten. Misschien dat Niek daarom zo’n hekel heeft aan ‘gewone’ voetnoten. Ze weet hoe leuk ze kunnen zijn.

Verschil in voetnoot

Ook voor Fokke is er een verschil in noot. Voor hem is de voetnoot onderaan de bladzijde waarin de verwijzing wordt gemaakt, de meest ideale plek. Een eindnoot haalt je toch teveel uit de tekst en daarvoor heb je een tweede bladwijzer nodig. Hij vindt in de voetnoten soms de informatie die hem weer extra aan het denken zet. Of een geweldige vondst zoals in de brief van Du Perron Mayer. Hierin vraagt Du Perron om een boek te bestellen, maar wel zonder voetnoten onderaan de pagina. Als er iets erg is, dan is dit het wel:

Van alle akeligheden is dàt voor mij wel het ergste.

Uitgerekend op deze pagina staat er een voetnoot onderaan de pagina. Een heerlijke vondst waarbij de editeur geen rekening houdt met de ergernissen van de brievenschrijver. Wat bij mij meteen de vraag oproept of het misschien een mode is: de voetnoot of de eindnoot en de ergernis aan 1 van de 2. Zoals Du Perron zich ergerde aan voetnoten, zo ergeren de bloggers op de boekenvraag zich aan eindnoten.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Moleskine

image

Regelmatig vertelt Ilja Leonard Pfeijffer in zijn nieuwste boek Brieven uit Genua over de Moleskines die hij als schrijver verslijt. Al zittend in het café zit hij met de lijntjesboeken van dit merk voor neus.

In de enige Moleskine die ik bezit, zit een los blaadje. Op dat blaadje staat de volgende tekst:

Moleskine is the legendary notebook used by European artists and thinkers for the past two centuries, from Van Gogh to Picasso, from Ernest Hemmingway to Bruce Chatwin. This trustly, pocket-size travel companion held sketches, notes, stories and ideas before they were turned into famous images or pages of beloved books.

Zou het echt waar zijn dat dit notitieboekje je meehelpt bij het bedenken van die prachtige ideeën. Ilja Leonard Pfeijffer lijkt het in zijn Brieven uit Genua alleen maar te doen. Overal waar hij zit, legt hij het Moleskine-boekje voor zich en borrelen de briljante ideeën rechtstreeks uit het brein op papier.

Terwijl computers en internet ver weg zijn, haal ik mijn Moleskineopschrijfboekje uit mijn binnenzak en terwijl de piazza langzaam begint te zoemen, kleuren dieper worden, mensen menselijker en de avondvullende operette een aanvang neemt, zak ik onder de tijd en haal mijn pen tevoorschijn om glimlachend met trage streken te etsen en te schrijven wat mij echt interesseert, zoals deze brieven aan jou. (212)

Of verderop wanneer hij aan zijn oude ik een brief schrijft over het ontstaan van zijn roman Het ware leven, een roman:

Elk hoofdstuk van dat boek heb je in eerste instantie in een minuscuul handschrift met een zwarte fijnlijner met de hand in een Moleskineopschrijfboekje geschreven. (462)

In een brief aan zijn accountant stelt de schrijver uit Genua dat al die opschrijfboekjes bij elkaar best wat waard zouden zijn. Mits hij natuurlijk een beroemd schrijver zou zijn:

Ik heb sinds jaar en dag de gewoonte om zo goed als alles wat ik schrijf in eerste instantie in handschrift te schrijven, met pen en papier, in kleine, ongelinieerde, zwarte Moleskineopschrijfboekjes. Inmiddels is dat een aardige verzameling geworden van vele tientallen gelijkvormige notitieboekjes met daarin de complete manuscripten in een eerste versie van al mijn romans, gedichten, verhalen en toneelstukken, in ieder geval vanaf 2001, inclusief schematische opzetten, verworpen passages, ongepubliceerde fragmenten, tekeningetjes en dagboeknotities. (601)

Bij mij rijst onmiddellijk de vraag op of de notitieboekjes van het betreffende merk eraan hebben bijgedragen. Zou het uitmaken of iemand iets opschrijft in een aftands schriftje, doormidden geknipt, de helft van de blaadjes eruit gescheurd, een hoekje van een oude krant of gewoon op een los velletje dat nergens en overal rondzwerft?

En zouden echt alle boekjes van het merk Moleskine zijn, of heeft de dichter weleens overspel gepleegd en is op een goedkoper merk overgestapt, een dummy uit de Xenos of nog erger een Moleskine met streepjes.

Op die vraag krijg ik geen antwoord in het boek en ik snap het idee: Ilja Leonard Pfeijffer wil zich graag scharen in de lijst met Moleskine-gelovigen. Of dat terecht is, weet ik niet altijd. Wat ik bij het lezen van zijn brievenboek Brieven uit Genua wel opmaak is dat er wel erg veel informatie uit de boekjes met briefschetsen in de bundel is gekomen. Misschien wel alles.

Geen idee of deze grote schrijvers en kunstenaars inderdaad hun briljante werk in de notitieboekjes van Moleskine hebben geschreven, getekend en geschetst.

Ilja Leonard Pfeijffer: Brieven uit Genua. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 295 0661 8. 703 pagina’s. Prijs: € 21,50. Bestel