Categorie archief: boeken

De offers en De val van Jakob Duikelman

image

Bij het lezen van De val van Jakob Duikelman van Anne-Marieke Samson trek ik steeds een vergelijking met De offers van Kees van Beijnum. Speelt in het laatste boek een rechter onbewust naar zijn ondergang. In dit boek draait het om de aanklager.

Er ligt een lange periode tussen beide boeken. De tijd waarin het internationaal en oorlogsrecht zich ontwikkeld hebben. Lag er tussen het Tokio-tribunaal een lange leegte, in de jaren ’90 werden de oorlogsmisdadigers uit voormalig Joegoslavië en Rwanda.

Het internationaal recht heeft daarmee een heel andere positie gekregen ten opzichte van het Tokio-tribunaal waar de Nederlandse rechter Rem Brink recht spreekt. Het tribunaal kenmerkt zich door gekronkel en een sterke invloed vanuit de overwinnaar Amerika. Eerlijk oorlogsrecht moet aandacht besteden aan beide partijen.

Dat lijkt bij de tribunalen rond Joegoslavië en Rwanda veel meer aan de orde te zijn. In de roman van Anne-Marieke Samson speelt weer een andere vorm van internationaal recht een rol. Aanklager en hoofdpersoon Jakob Duikelman moet asielzoekers opsporen die zich in oorlogen hebben misdragen.

Deze vluchtelingen moeten overgeleverd worden aan de oorlogstribunalen wanneer ze oorlogsmisdaden hebben begaan. Vluchtelingen mogen geen misdadigers zijn. De vriend van zijn dochter Disi heeft oorlogsmisdaden begaan in Nigeria. Duikelman is specialist in dit Afrikaanse land. Zijn vorige vrouw kwam er zelfs vandaan.

Voor Duikelman is het een kwestie van routine om de vriend van zijn dochter te verhoren. Dat het op een jammerlijk verhoor uitloopt, past in de rest van het verhaal. Het bedriegelijke zit erin dat het aanvankelijk juist goed lijkt te lopen.

De rasmanipulator staat tegenover iemand die probeert te manipuleren, maar bij wie de wereld instort. Er ontstaat een duel, waarbij de uitkomst juist weer in lijn met de rest van de roman valt.

Anne-Marieke Samson De val van Jakob Duikelman. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers, 2014. ISBN 987 90 295 8950 5. Prijs: € 19,95. 272 pagina’s.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn bijdrage over De val van Jakob Duikelman van Anne-Marieke Samson en De offers van Kees van Beijnum. We lazen deze boeken bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nlLees de bijdragen van anderen in de reacties.

Leesdoelen – #50books

image

Een collega vroeg mij laatst hoe ik dat toch deed al dat lezen. Ik ga met de trein, antwoordde ik. Ik reis misschien wat langer, maar vermaak mij onderweg met een mooi boek. Het maakt voor mij de vertragingen die NS soms heeft ruimschoots goed.

Marcel van Driel wees mij op het voornemen elke week een boek te lezen. Het is een leuk initiatief waar op twitter lezers elkaar stimuleren wekelijks een boek te lezen via #boekperweek.

Ruimschoots gehaald

In 2014 zou ik het ruimschoots hebben gehaald. Ik hou van lezen en las het vorig jaar zo’n boek of 60. Zeker aan het einde las ik ongeveer twee boeken per week in de trein naar en van mijn werk. Heerlijk na een dag hard werken.

Of ik het dit jaar haal, weet ik niet. Ik heb geleerd dat je met lezen vooral niet teveel doelen moet stellen, maar gewoon lekker moet lezen. Zo kwam ik maar moeizaam door het boek De grote goede dingen van Alma Mathijsen. Nu lees ik Euforie van Christiaan Weijts en het gaat gelijk een stuk sneller. Hoe dat komt, weet ik niet. Maar het gebeurt.

Daarom durf ik mij niet te koppelen aan zo’n belofte van een boek per week. Misschien wordt het wat minder of het wordt wat meer. Net als dat ik nog het hele oeuvre van Paul Theroux wil lezen en alle romans van Dickens. Het hoeft niet meteen. Het moet de tijd krijgen. Als je lezen de tijd geeft, krijg je er plezier in en dan gaat het hard.

Tot die tijd laat ik het gewoon gebeuren. Een beter leesdoel kan ik niet verzinnen. Of het is het al jaren brandende verlangen om De goddelijke komedie van Dante de aandacht te geven die het verdient.

Wie weet…

#50books

Dit is het antwoord op vraag 1 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief van Peter Pellenaars. Na Martha Pelkman in 2014 heeft Peter het in 2015 weer overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

Boekenblogs in 2014

wpid-20140707_203905.jpgIk heb ontzettend veel gelezen in 2014. Misschien wel meer dan ik ooit eerder in een jaar las. Zeker sinds mijn studie. Ik kom op een lijst van 58 boeken, waar mogelijk nog wat extra boeken bijzitten.

Ik verslind momenteel gemiddeld twee boeken per week. Dat doe ik voornamelijk tijdens het treinen tussen huis en werk. Het is echt een moment van ontspanning geworden tijdens de drukke werkdagen.

Daarbij heb ik mijn bijdrages voor Litnet flink uitgebreid. Ook lees ik leuke boeken voor de bloggers leesclub Een perfecte dag voor literatuur. Het leverde dit jaar een ongekende hoeveelheid blogartikelen op over boeken. Vaak verschenen er meerdere blogs over een boek. Soms lag er zelfs langere tijd tussen omdat ik een gelezen boek nog even liet bezinken.

Mijn blogartikelen over boeken in 2014

De boekenlijst die ik in 2014 las en waar ik over schreef (link naar eerste blogje over het boek):

Naar het overzicht van alle blogartikelen in 2014

De Avonden – Dag 10

image

‘Ik leef,’ fluisterde hij, ‘ik adem. En ik beweeg. Ik adem, ik beweeg, dus ik leef. Wat kan er nog gebeuren? Er kunnen rampen komen, pijnen, verschrikkingen. Maar ik leef. Ik kan opgesloten zijn, of door gruwelijke ziekten worden bezocht. Maar steeds adem ik, en beweeg ik. En ik leef!’ (Gerard Reve De Avonden, p. 222)

Leesdagboek De Avonden

woensdag 31 december, 10.36 uur

Ik leef!

Dag 10, de laatste dag. Het laatste hoofdstuk. Ik heb de honden uitgelaten en nestel mij heerlijk op de bank. De honden liggen op mijn schoot, over elkaar heen. Het dekentje erover en nu heerlijk lezen. De honden beginnen te snurken. Ik trek het dekentje weg bij de koppen zodat ze vrij kunnen ademen.

Het tiende hoofdstuk is het langste van allemaal. Het telt in mijn uitgave 45 pagina’s. Het is de dag waar bij de hoofdpersoon Frits van Egters alles loskomt. Dat de dag pas ‘s middags om 14.30 uur begint met de constatering dat het een dag is als zaterdag, maar het is dinsdag.

Dat gevoel herken ik. Het ritme wordt aan het eind van het jaar met de kerstdagen en de jaarwisseling genadeloos door elkaar geschut. De laatste jaren was ik niet anders gewend dat ik de dagen tussen kerst en oud en nieuw vrij was. Die dagen was de universiteit namelijk gesloten en verbruikten we verplicht onze vrije dagen. Vorig jaar zat ik helemaal thuis dus vielen de feestdagen op doordat ik niet alleen thuis was.

Nu schieten de buurjongens hun vuurwerk af. In De Avonden worden welgeteld drie vuurpijlen afgevuurd. Rode vuurpijlen, maar Frits vindt ze meer een paarse kleur hebben. ‘Zoals het zilverpapier om de chocoladetorentjes, toen we klein waren.’ Hier knalt de ene knal na de andere. Eerst is er de lichtflits en dan de knal. Het zijn strijkers weet ik.

In het boek van Gerard Reve vormt Oudjaarsavond de climax en ook de anti-climax. De spanning heerst in het gezin. Moeder wil het goed doen. Ze bakt oliebollen, maar heeft zich een dure fles bessen-appelsap laten aansmeren. Terwijl ze zich eerder zo uit de naad heeft gewerkt met een heerlijk avondmaal, met als dessert gele vanillepudding met beschuiten, jam en chocoladehagelslag in lagen erin verwerkt.

Ook ik merk spanning zo in de uren voor de jaarwisseling. Inge wil testen of een spijker wel werkt op vuursteen en schiet met het metaal langs de steen die Doris vorig jaar op Texel vond. Er gebeurt niks. Het geeft alleen krassen. Ik bemoei me ermee. Dat moet ik niet doen. Het levert ergernis op. Ik vind het jammer van de steen en Inge wil graag laten zien dat het stukje steen in de tuin vuursteen is.

Het gedrag van Frits irriteert zijn moeder. Hij wil zijn fietsband plakken in zijn slaapkamer. Dat staat ze niet toe, want het geeft vlekken. Later is hij op zoek naar de krant van gisteren. Hij ziet zelfs dat zijn vader hem heeft, maar gaat nog even door om zijn ouders te jennen. Als hij uiteindelijk ‘s avonds kort voor 12 uur iets tegen zijn vader wil zeggen, krijgt hij er enkel uit dat alleen mensen kunnen zingen. Dat bestrijdt zijn vader. Vogels kunnen ook zingen, mijn jongen.

Om na de nachtelijke wandeling door Amsterdam thuis te constateren dat hij leeft. En eigenlijk is dat ook meer dan genoeg. Ik leef! In deze tijd is het niet veel anders. Omringd door een internet dat alle vormen van informatie binnen handbereik brengt. Het huis met overal verwarmde kamers en in elke ruimte een nieuw vermaak. De vrijetijd die met de vrije zaterdag enorm is toegenomen. De weelde die ons omringt, de rijen voor de oliebollenkraam op de markt.

Maar er gaat niks boven die zelfgebakken oliebol en de constatering dat je leeft!

Een heel mooi nieuw jaar. Al mijn lezers. Bedankt.

Voor een uitleg over dit blogproject: lees de aanleiding

De Avonden – Dag 9

image

‘Oude mensen zijn een plaag. Zodra ze moeilijk lopen, zich bevuilen, beginnen te klagen of aan tafel morsen-weg! Een slag achter de oren met een zware staaf en dan in de kalkput.’ (Gerard Reve De Avonden, p. 162)

Leesdagboek De Avonden

dinsdag 30 december, uur

Fictie en werkelijkheid

Verandert een boek als je er meer van te weten komt? Ik lees naast het boek zelf ook in de biografie van Nop Maas. Het gaat hierin over de werkelijkheid in De Avonden. Veel personages zijn gemodelleerd aan echte vrienden, of beter: vrienden van Gerard Reves broer Karel.

In Hoe word ik een beroemde schrijver schrijft Ilja Leonard Pfeijffer dat het werkelijke leven zich nooit leent voor een roman. De wonderbaarlijke dingen die iemand meemaakt, zijn slechts onder voorwaarde van verregaande manipulatie materiaal voor een roman. Daarom moet je bij het schrijven van een roman niet vanuit een verhaal denken, maar vanuit een constructie.

Gerard Reve doet dat ook in De Avonden verklapt Nop Maas. De fout die de biograaf maakt, is door uitvoerig naar de werkelijkheid in Gerard Reves roman te verwijzen. Daar zijn biografen gek op. Ook Gerard Reve gebruikt elementen uit de werkelijkheid als materiaal voor zijn roman. Dat hij hierbij schuift met de tijd, spreekt voor zich. Nop Maas doet bijna of het een zonde is. Zo werkt Frits van Egters op een kantoor en is Gerard Reve journalist bij Het Parool:

De avonden van 26 tot en met 31 decemer besteedde Reve tenminste gedeeltelijk aan het schrijven van zijn boek, terwijl Frits van Egters niets tot stand brengt.

De film De groene weiden waar Frits vandaag naartoe gaat, is de enige film die Gerard Reve in de laatste dagen van 1946 bezoekt. Hij heet in werkelijkheid anders, De grazige weiden. Alleen is het niet in de nachtvoorstelling van 30 december, maar op zondagochtend 29 december om half elf. In het boek ligt Frits op dat moment zijn roes uit te slapen.

De werkelijkheid in de roman is een andere dan de werkelijkheid zoals die zich aan de verschillende vrienden heeft voorgedaan. Het zou een leuk spel zijn om een boek of verhaal te schrijven vanuit een personage in De Avonden. Zo komen vrouwen er slecht vanaf in de roman van Gerard Reve. Ook irriteren de buitengewoon denigrerende opmerkingen over oude mensen andere personages in het boek.

Vandaag misdraagt Frits zich in zijn uitspraken over de die dag begraven opa van zijn vriend Jaap. Het irriteert vooral Jaaps vrouw Joosje. Ze zegt herhaaldelijk dat ze niet leuk zijn en vraagt of ze willen ophouden. Ze gaan natuurlijk door. Dat zit in de aard van Frits. En dan is het weer jammer dat biograaf Nop Maas daar niet zoveel over te melden heeft.

Het is leuk om al deze dingen bij het boek zelf te lezen, maar daarmee gaat ook veel leesgenot verloren. Het is een keuze en ik vind die lastig te maken. De wetenschap van allerlei dingen haalt de verbazing en verrassing weg. Dan wordt het een soort verhaal over de dingen die ik zou moeten zien en die ik van anderen heb. Terwijl een leeservaring vooral een persoonlijke ervaring is.

Dat overpeinzend zie ik vanuit het raam hoe een oude vrouw op haar scootmobiel stapt en wegrijdt. Een jongere man – haar zoon? – loopt eveneens het huis uit en gaat de andere kant uit. De scootmobiel is buiten mijn gezichtsveld, maar plotseling doemt het in de hoek van het raam weer op en rijdt in volle vaart achter de man aan.

En dan is opeens de opmerking van Frits van Egters over oude mensen helemaal niet zo verschrikkelijk.

Voor een uitleg over dit blogproject: lees de aanleiding

De Avonden – Dag 8

image

‘Ik voel me vandaag beroerd. Maar laat ons om ons heen zien. Sommige mensen worden reeds bij het begin van hun leven zwaar gestraft: zij worden als vrouw geboren. Frits van Egters, wijsgeer. Bladzijde tweeëntachtig.’ (Gerard Reve De Avonden, p. 140/141)

Leesdagboek De Avonden

maandag 29 december, 11.12 uur

Stoommanifestatie

Vroeg opgestaan vanmorgen. Ik kon niet meer slapen en loop daarom voor zonsopkomst langs de gracht met de honden. Daarna lekker onder het dekentje gekropen voor het lezen van De Avonden. De honden nestelen zich om mij heen. Het leesproject past zo goed bij de tijd van het jaar, maar kost tegelijk ook veel energie.

Ik vraag me af waar ik in vredesnaam aan ben begonnen. Elke dag weer een tekstje verzinnen bij wat ik gelezen heb. Een project dat zo mooi is als je eraan begint, maar dat je gaandeweg wilt opgeven.

Maar dan begin ik te lezen. Het is zondag in De Avonden, de ochtend van de kater bij Frits. Hij heeft een vreemde geur in zijn neus die er niet uit wil. Tenslotte gaat hij er maar op uit en bezoekt Bep.

Hij weet haar de angst aan te praten dat ze daar alleen in het huis zit. Ook heeft hij opmerkingen over haar been met vlekken. Hij neemt haar wollen speelgoedkonijn mee dat hij mag lenen. Het beest mag een paar weken bij hem logeren.

Het konijn is wereldberoemd geworden vanwege zijn glorierijke rol in het boek. Het is later geschonken aan het Letterkundig Museum in Den Haag. Zo vermengen werkelijkheid en fictie zich eindeloos in dit boek.

Na het lezen gaat de DVD in de speler. Afgelopen weekend zag ik hem liggen bij de bibliotheek. Ik zie de beelden van de treinmanifestaties in 1989 in Utrecht. Ik zie de stoomparade waarbij ik ook op het perron van de posttrein stond. De stoomtreinen rijden in beeld die ik toen in het echt zag langstrekken.

Net als de locomotieven die aan elkaar gekoppeld met veel gefluit door het station Utrecht reden op weg naar de manifestatie. We hebben er verschillende keren op het perron van de posttreinen staan kijken naar al die stoomtreinen.

Gelukkig zoek ik in de middag ook mijn eigen heil. Ik fiets een rondje Lepelaarplassen en geniet van het prachtige licht. Wat een schoonheid levert dit jaargetijde. Het licht valt precies goed voor de mooiste beelden. De wereld is even van goud en voor ik het weet vergeet ik De Avonden.

Voor een uitleg over dit blogproject: lees de aanleiding

De Avonden – Dag 7

image

Hij bleef een paar minuten staan om naar de stilte in huis luisteren. In de bewolking was een opening doorgebroken: bleek zonlicht viel nog juist over de huizen op de mat voor de kachel. (Gerard Reve De Avonden, p. 110)

Leesdagboek De Avonden

zondag 28 december, 10.25 uur

Stilte

We moeten best een beetje haasten om op tijd op het station te zijn. Ik hoor de trein al binnenrijden als ik de fiets op slot zet. Hollen om een railrunner te bestellen en dan weer rennen om op het perron te komen. Tutterende mensen voor ons op de roltrap. Hij staat al klaar voor vertrek. We stappen snel in.

Doris moet verschrikkelijk hoesten. Het is de koude lucht in combinatie met het rennen. Ze moet al een tijdje flink hoesten. We zoeken een plekje in de trein. Nee, in de stiltecoupe gaan we niet zitten. Maar als haar longen weer tot rust zijn gekomen en we op het rumoerige balkon zitten te lezen, gaan we toch bij de stiltemensen zitten.

Ik sla De Avonden openen. Frits luistert naar de stilte in de woonkamer. Het verhaal neemt me mee. Heerlijk zijn de redenaties van Frits. Hij gaat een avondje uit, maar doet eerst een dutje. Na het eten vertrekt hij naar zijn vriend Jaap. Viktor meldt zich eveneens en ze vertrekken.

Het kind Hansje, die een paar dagen eerder 1 jaar werd, laten ze alleen achter. Volgens vader Jaap is dat voor het kind het beste: zoveel mogelijk liefde, zo weinig mogelijk zorg. Als er brand komt, is dat overmacht. Waarschijnlijk zou het kind stikken voor het vuur er zou zijn.

In de gisteren bij de bibliotheek gehaalde biografie staat dat Jaaps vrouw Joosje (in werkelijkheid Mirjam Noorderbos) het alleen achterlaten van haar kind zich wel kwalijk nam.

Voor ik goed en wel bij het avondje uit ben, zijn we in Leiden. We stappen uit en lopen naar Naturalis. Het grote modderige stuk grond steken we over. De modder is hardgevroren en de plassen zijn veranderd in ijs. Op het gras ligt een uiterst dun laagje sneeuw dat net zo goed rijp zou kunnen zijn.

In Naturalis is het een drukte van belang. Kinderen gillen kriskras om ons heen en vliegen als heuse insecten in een wolk door de zaal. Ouders ontfermen zich niet over de drukteschoppers en ik heb het gevoel in een overdekte speelhal rond te lopen in plaats van in een museum. Overal gillen de kinderen, grijpen iets vast of turen er kort naar, en vliegen verder naar de volgende attractie.

Uit al die drukte verzamelen we onze eigen indrukken en gaan verder naar de volgende hal die soms drukker is en en een andere keer rustiger. De stenen vindt Doris erg mooi, net als de dinosauriërs en dieren uit de IJstijd. Het zijn stuk voor stuk attracties waar we even bij stilstaan.

Ik geniet het meeste van de kleine dieren als de vele soorten vlooien, luis, mijt en wants. Vergroot op een scherm veranderen ze in heuse monsters. Of de noten en bloesem van de Japanse notenboom op sterk water. Ze trekken niet de aandacht van al die kinderen. Misschien dat ik er daarom extra van geniet.

Als we in de trein terug zitten, kan ik het laatste deel van hoofdstuk 7 lezen, de zevende dag. Frits bezat zich en komt dronken thuis. Zijn ouders trekken zijn kleren uit en brengen hem naar bed. Het past goed in de lijn met zijn filosofie: je reinigt je lichaam door het eerst te vergiftigen.

Voor een uitleg over dit blogproject: lees de aanleiding

De Avonden – Dag 6

image

Hij peuterde met zijn pink achter zijn kiezen. ‘Je hebt,’ dacht hij, ‘de adem als een lucht van beschimmelde oude jassen, die in azijn worden gekookt. Zeker. Dan de adem van iemand, die te veel harde eieren heeft gegeten. Maar het ergste is de lucht van iemand, die een dag heeft gevast. Dat is als bedorven melk of als boomschors, die in het water heeft liggen rotten. Jawel.’ (Gerard Reve De Avonden, p. 100)

Leesdagboek De Avonden

zaterdag 27 december, 10.38 uur

Perversiteiten

De regen verandert in natte sneeuw als ik naar de bibliotheek fiets. Op zoek naar de biografie van Nop Maas over het ontstaan van De Avonden en het voorleesboek waarin Gerard Reve zelf zijn debuutroman voorleest. De markt is verlaten. De paar kraampjes die staan, bevatten weinig publiek.

Het heeft iets treurigs. Zelfs bij de notenboer hoef ik niet te wachten. Er staan meer mensen achter de kraam dan voor de kraam. Ook de zalmkop voor de honden heb ik snel in mijn bezit. In de bibliotheek zijn eveneens weinig mensen. Ik trek een stapel nieuwverschenen boeken van de betreffende tafel. Over de ondergang van boekenketen Selexyz en oorlogsherinneringen van Guus Luijters. Ook vind ik een leuke dvd-box met fragmenten rond 175 jaar spoorwegen in Nederland.

Als ik op de bovenste etage op zoek ben naar de biografie van Gerard Reve overvalt mij plotseling een drang van binnen. Ik wil het toilet binnen. Op slot. Bijna gelijktijdig hoor ik het slot opendraaien. Een groezelige man stapt eruit. Een grote plastic tas waar meer afval dan etenswaar in lijkt te zitten, houdt hij in zijn hand vast. Uit de ruimte komt zo’n bedorven lucht dat ik er nog voor ik binnenstap weer naar buiten vlucht. Nog voor de man zijn handen heeft gewassen zak ik een etage lager om mij daar te verlossen van de drang van binnen.

Thuisgekomen gaat het hoofdstuk voor vandaag in de cd-speler. De sombere, diepe voorleesstem van Gerard Reve klinkt door de huiskamer. Vandaag heeft hij een kaartje voor de avondbioscoop, bestemd voor Viktor, maar die wil niet mee. Als hij later die avond aanklopt bij Louis om hem mee te vragen, zegt deze dat hij niet kan. Hij heeft Viktor op bezoek.

Bij de bioscoop treft hij Maurits, de aan lager wal geraakte man met één oog. De perversiteiten schieten over de bladzijden. Het begint met slechte adem, maar eindigt met het wurgen van jongetjes in het bos. Het is onduidelijk of het hier om humor of opwinding gaat. Het laatste is erg aannemelijk, maar misschien ben ik bevooroordeeld door de latere Gerard Reve.

Het klinkt door de mond van de schrijver gelijk anders, maar ik geniet. Bijna net zo als eerder deze morgen bij het lezen van het hoofdstuk van de dag. Hier kan weinig tegenop. Ik hoor weer nieuwe dingen waar ik waarschijnlijk overheen heb gelezen. Het is gewoon een prachtig boek. Zeker gelezen in deze tijd van het jaar komt zijn betekenis tot volle wasdom.

De Avonden – Dag 5

image

‘Het is een boom, die boom is in het huis. Dat is al iets bijzonders, iets aparts. Dan heb je kaarsen. Een kaars zie je zowat nooit, alleen eentje in de kelder, of voor als het licht stukgaat, maar nu zitten ze te branden in die boom. Denk je eens in. Ze branden-‘ (Gerard Reve: De Avonden, p. 91)

Leesdagboek De avonden

vrijdag 26 december, 11.14 uur (Tweede Kerstdag)

Kerstboom

Gisteren bij het gourmetten bij mijn ouders vroeg mijn zwager aan mijn neefje van 1 jaar waar de kerstboom stond. Hij wees met zijn knuistje in de richting van de boom en riep ‘Daar’.

De dag na het gourmetten is bij mij de inspiratie opgedroogd. Daarom laaf ik mij aan het boek van Gerard Reve. Vandaag is maar de stad ingegaan. Niemand is thuis. Zijn vader is naar Utrecht en zijn moeder houdt het thuis niet meer uit en gaat naar Den Haag. In de stad komt hij Maurits tegen, een louche figuur met een lap op zijn oog.

Die avond gaat hij bij Viktor langs. Hij wil een echte kerstboom zien, maar Viktor heeft er geen. Ze ouwehoeren er lekker op los. Frits leent het boekje De kleine zenuwlijder, handleiding tot een fatsoenlijk leven. Drie jaar terug vond ik de herdruk van het boekje voor een spotprijsje in de uitverkoop bij de boekwinkel.

Thuis hebben we niet altijd een kerstboom gehad. Mijn vader wilde het graag, maar mijn moeder hield het tegen. Zij was niet opgevoed met het Heidense voorwerp. Wie neemt er nou een boom in huis? Wel hing er in de adventstijd een adventskrans in huis. Elke nieuwe zondag voor kerst een nieuwe kaars aan en na vier weken brandde de hele krans tot na kerst. In huis hingen alleen takken.

Na een paar jaar kwam er toch een boom in huis. Met van die grote lichtjes. Die deden mijn vader denken aan de kaarsjes van vroeger. Mijn oma vertelde er weleens over. Dat ze er uit voorzorg een emmer water bij zetten. Er gebeurden vaak ongelukken en dan stond er een brandende fakkel midden in je kamer. Bij mijn grootouders was het gebleven bij een brandende tak.

Van mij hoeft het allemaal niet zo met die bomen in huis. Die echte bomen laten altijd enorme hoeveelheden naalden vallen. Daarom hebben wij een kunstboom in huis. Het dinge gaat op Nieuwjaarsdag gelijk weer naar zolder. En er branden van die kleine lampjes in. Vanmorgen zag ik dat we twee reservelampjes hebben. In een plastic zakje dat aan de stekker vastzit.

Voor een uitleg over dit blogproject: lees de aanleiding

De Avonden – Dag 4

image

‘Kom in godsnaam tot de zaak,’ zei Frits, ‘zeg nu eerst in het kort wat er aan de hand is. Net als een krantenbericht. Eerst alles kort samengevat, dan het hele verhaal uitvoerig.’
(Gerard Reve: De Avonden, p. 61)

Leesdagboek De avonden

donderdag 24 december Eerste Kerstdag, 9.38 uur

Traditie

Het lezen van De Avonden op een feestdag als kerst is een bijzondere ervaring. Voor de drukte losbarst, sla ik het boek open. Het is nog ochtend. Ook de hoofdpersoon Frits van Egters ligt nog te draaien in bed. Hij ruikt onder de dekens en vraagt zich af of anderen zijn slaapgeur hetzelfde zouden ervaren.

Frits doet niet zoveel met kerst. Zijn ouders gaan ‘s morgens vroeg al op pad en laten hem achter met een afgekoeld eitje en brood. Ik lees het terwijl ik een bakje cruesli met yoghurt wegwerk. Een vriend eet een hapje mee voordat ze naar de bioscoop gaan. Frits’ moeder maakt zich vooral druk over de sleutel van het kolenhok die verdwenen is en maakt ‘s avonds voor het slapen gaan ruzie met vader.

Met kerst ruziemaken. Het schijnt dat rond de feestdagen veel frictie is. De plicht dat het gezellig is, drukt zwaar op het gemoed. Zeker als je daarvoor ook nog druk bent geweest. Het is niet altijd zo gezellig als de commercie wil doen geloven. Sommige mensen zouden met kerst het liefst in een holletje willen kruipen en er pas dagen later uitkruipen.

Ik heb ook weleens ruzie gemaakt met kerst. Het is een tijd met spanning en die komt er soms uit. Verwachtingen en verdriet vermengen zich en daar is het moeilijk afscheid van te nemen. De geborgenheid van vroeger is niet zomaar terug te halen. De wetenschap dat sommige dingen nooit zullen veranderen helpt dan om afstand te nemen.

De traditie biedt houvast, maar is ook heel beknellend. Het lijkt wel of er steeds meer tradities komen: elk jaar staan er weer kerstbomen, is er Serieus Request, de Top 2000 en All You Need is Love. Elk jaar is er De Avonden. Maar aan die traditie geef ik mij gelukkig niet elk jaar over…

Voor een uitleg over dit blogproject: lees de aanleiding

#WoT

Omdat deze kerst in de lijn ligt van het grotere De Avonden-project, is de #WoT verdreven naar dit plekje: Traditie. Wat vindt jij van traditie? Moet het, geeft het houvast of zou je het liefst aan elke vorm van traditie willen onttrekken?