Categorie archief: boekenkast

Boeken achter mij aan – #50books

image

Mijn boeken in twee speciaal daarvoor ingerichte kamers: de bibliotheek en de naastgelegen studeerkamer. Beide kamers op zolder bevatten het grootste deel van mijn boekenbezit. Toch kan ik niet verhinderen dat ook op andere plekken in huis boeken van mij rondzwerven.

Lezen doe ik namelijk niet daar. Dat doe ik beneden op de bank en in bed. Daarom sleep ik het stapeltje boeken dat ik lees, de hele dag met mij mee. ‘s Morgens als ik wakker word mee naar beneden en ‘s avonds als ik ga slapen weer mee naar boven.

Voor de zekerheid zwerft er ook een stapeltje boeken rond mijn zitplek op de bank. De grote boeken staan rechtop tegen de tafel. De kleiner liggen op de hoek van het tafeltje naast mijn zitplek.

Zo zorg ik ervoor dat ik de hele dag voorzien ben van boeken. Als ik onderweg ben, neem ik vaak het boek dat ik lees mee. Momenteel zijn dat Bob den Uyls reisboekje en natuurlijk de roman van Eva Kelder die over twee weken op de lijst voor Een perfecte dag voor literatuur staat.

#50books

Dit is het antwoord op vraag 13 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief vanPeter PellenaarsMartha Pelkman heeft in 2014 het stokje overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject

In de gaten

image

Ik zet Billy in elkaar voor haar kamer. Het duurt niet zo lang voor we gaan eten, maar ik wil graag de eerste boekenkast in elkaar zetten. De kamer net opgeruimd. Het boekenkastje van oma krijgt een ander plekje in huis. Het oude bureautje gaat naar de weggeefgroep.

Ik ben druk bezig. Ik weet dat je goed de gebruiksaanwijzing moet volgen. Zorgvuldig zoek ik de juiste delen op en leg ze op de juiste manier in de vorm. Dan gaat het hard. De delen passen mooi in elkaar. De schroefjes schroeven aangenaam in het hout.

Het geraamte staat, even omdraaien voor de achterkant. Het gaat wat anders dan normaal. De plaat moet tussen een smalle richel worden geschoven. Ik heb te weinig ruimte. Het lukt door hem dubbel te klappen en voorzichtig erin te laten vallen. Dan hamer ik de spijkertjes in het dunne hardboard.

Ik mag de kast oprichten. Als hij staat zoek ik de plankjes en hang ze in de kast. Een plank zit er niet goed in, zie ik. Het spaanplaat is open en bloot zichtbaar. Dan ontdek ik dat het de dragende plank uit het midden is. Ik heb me vergist. Nu priemen de spijkers in de gladde, witte voorkant.

Niet goed opgelet. Ik moet de boel weer uit elkaar halen en als het dan eindelijk staat wijzen zes gaten eigenwijs in mijn richting. Niet goed opgelet, druiloor zeggen ze. Ik scheld, maar het helpt niet. De gaten blijven zitten.

Aan tafel biecht ik de gatenkaas op en vertel dat ik het verschrikkelijk vind. De nieuwe eigenaresse van de Billy-kast met gaten in een plank, kijkt mij indringend aan: ‘Papa, misschien vind jij het erg, maar ik vind het niet erg hoor.’ Een glimlach trekt over haar gezicht. ‘Eigenlijk is het best grappig. Niemand heeft dat.’

Boekendozen – #50books

image

Bij de verhuizing acht jaar geleden pakte ik rustig aan mijn complete boekenverzameling in bananendozen. Ik had er al ervaring mee, een paar jaar eerder trok ik bij Inge in en nam een grote stapel met dozen mee. Bij de boekendozen zat ook een grote doos met boeken die ik weg wilde doen. Ik nam de doos mee en een paar jaar later verkocht ik de inhoud op de Almeloose boekenmarkt op Hemelvaartsdag. We haalden driehonderd euro op.

De boeken na de laatste verhuizing bleven heel lang in de dozen staan. Ze zwierven eerst door het huis en stonden uiteindelijk op zolder. Meer dan twee jaar zat ik zo zonder bibliotheek. Ik was te druk met het opknappen van de andere kamers in huis. Uiteindelijk kwam de zolder aan de beurt. Ik maakte een grote bibliotheek die tot in de nok van het dak reikte. Een wens ging in vervulling.

De vreugde om mijn bibliotheek weer op te kunnen bouwen en bij de boeken te kunnen die ik al zo lang niet meer had gezien. Ik was helemaal blij en voelde mij als de dichter Bloem die uiteindelijk ook zijn bibliotheek weer kan inrichten. Het ging heel traag en eigenlijk lukte het hem ook niet. Zodra hij de dozen uitpakte, begon hij te lezen en verdwaalde hij met zijn gedachten in de boeken.

Ik heb het wat zakelijker aangepakt en zoveel mogelijk – alfabetisch – proberen te ordenen. Er bleef eigenlijk geen doos met boeken over. Tot ik een paar jaar terug via marktplaats bij iemand drie grote dozen met boeken kocht. Daarbij zat ook een ongebonden uitgave van Junghuhns meesterwerk Java, de eerste druk. Het is bijna volledig en was voor mij de eerste uitgave van Java die ik in bezit kreeg. Er zouden nog twee volgen.

Bij die dozen boeken zaten ook veel boeken die ik niet wilde. Ik zou ze wel gaan verkopen. Het is nog altijd niet gebeurd. Sinds die tijd zijn er wel boeken in de dozen bijgekomen. Boeken die ik per ongeluk dubbel kocht – echt heel schandelijk een boek dubbel kopen – of boeken waarvan ik een goedkoper exemplaar vond zodat ik het duurdere zou verkopen.

Omdat die boekenverkoop niet van de grond is gekomen, zit ik nog altijd met stuk of zes bananendozen. Ze staan ergens in een hoek onder het schuine dak. Waar niemand bij kan. Naast de campingspullen, de twee dozen met kerstversieringen en de televisie van mijn overleden schoonmoeder. Ik zou er best weer eens in kunnen neuzen. Ik ben er zeker van dat ik er weer een paar boeken uithaal die ik bij nader inzien toch zou willen houden.

Daarom geloof ik niet dat het slecht is om je boeken af en toe in een doos te doen. Zo ontdek je weer wat je eigenlijk hebt en merk je dat de waarde van spullen kan veranderen. Iets dat je tien jaar geleden met afgrijzen wegstopte, kan je nu koesteren. En andersom. Er is dus niks mis mee om wat boeken weg te stoppen in een doos. Voor nooit of juist voor later.

Dit is het antwoord op vraag 48 van het blogproject #50books van Petepel. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

Kakofonie – #50books

image

Bibliotheken zijn over het algemeen doodstille ruimtes. Dat is erg misleidend, want de bibliotheek is een kakofonie van stemmen die hard door elkaar tetteren. De ene schreeuwt nog harder dan de andere. Achter elke rug schuilt een verhaal, vertelt door één of meerdere stemmen. Tussen de kaften krijsen de personages om het hardst.

Mijn bibliotheek is ook zo’n ruimte. De ene titel schreeuwt nog harder dan de andere dat hij gelezen wil worden. Of ik hem ooit zal lezen, ik weet het niet. Dat is afhankelijk van het juiste moment, de juiste hoeveelheid tijd en voldoende innerlijke rust. Er is genoeg. Misschien wel meer dan waar ik een mensenleven mee kan vullen.

Een groot gedeelte van mijn bibliotheek bestaat uit boeken die ik alvast gekocht heb voor een later moment. Een moment dat het beter uitkomt of dat ik er meer tijd voor heb. De rij boeken groeit gestaag, maar de voldoening die het geeft als je begint aan het boek. Dat genoegen is bijna niet te beschrijven.

Zo geniet ik elke keer als ik een ongelezen reisverhaal van Paul Theroux uit mijn kast trek. Op dit moment is dat Gelukkige eilanden. Het boek van 675 pagina’s vraagt aardig wat leestijd, maar daar krijg je wel veel plezier voor terug. Heerlijk lezen aan het boek dat al enige tijd in mijn boekenkast ligt.

Datzelfde verlangen maakt ook begeerlijk. Het gebeurt in die verleiding vrij snel dat je een boek koopt waarvan de kans best groot is dat je het later niet meer zal lezen. Mijn boekenkast bevat zeker ook van dit soort boeken.

Soms grijpt mij de angst aan dat ik meer boeken heb dan ik ooit van mijn leven zou kunnen lezen. Waar te beginnen? Wat zou ik allemaal missen? Al die stemmen die verhalen vertellen en om het hardst schreeuwen. Op zulke dagen verlaat ik mijn bibliotheek meteen.

Andere keren ga ik op de grond liggen en kijk omhoog naar al die boeken die op mij wachten gelezen te worden. Ik streel de ruggen, pak soms een exemplaar uit de kast en sla het open. Dan lees ik een klein stukje. Verlekkerd. Met volle teugen geniet ik dan. Dit mag ik straks allemaal nog lezen…

Dit is het antwoord op vraag 37 van het blogproject #50books van Petepel. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

Hotz en Theroux – #50books

image

De boeken van Hotz in mijn bibliotheek

De vierde vraag in de serie #50books: Van welke auteur lees je alles, maar dan ook alles wat uitgebracht wordt?

Mijn bibliotheek vult zich meer en meer met boeken van dezelfde auteurs. Regelmatig komt er een boek bij. Gelukkig niet zoveel als de vele boeken die Martin Ros naar binnen sleepte aan het eind van zijn werkdag. Ik concentreer mij meer en meer op een aantal vaste auteurs. Soms omdat het aanbod verleidelijk is. Zo zie je bepaalde boeken heel vaak in kringloopwinkels liggen. Het is dan heel verleidelijk de hele auteur te gaan verzamelen.

Vaker enthousiasmeert een bepaald boek van een auteur mij. Zo ontdekte ik in 2011 bij het uitkomen van de Hotz-biografie van Aleid Truijens de verhalen van F.B. Hotz. Ik las de bloemlezing van Truijes, Mannen spelen, vrouwen winnen. Maar ik wilde meer lezen. Vooral de novelle De voetnoot – waarover Aleid Truijens en Maarten ‘t Hart erg enthousiast over zijn – lonkte in al mijn begeerte. Ze noemden het allebei de mooiste novelle van de Nederlandse literatuur.

image

Compartiment Hella Haasse in mijn bibliotheek

Ik zag de stapels Hotz’en voorbijkomen die ik in de loop van de kringloopjaren had genegeerd. In mijn boekenkast stonden slechts 2 titels van deze bijzondere schrijver. Het boek Ernstvuurwerk in een lelijke pocket-uitgave en het die zomer in Goor aangeschafte Proefspel.

De begeerte dreef mij kringloopwinkel in en uit. Ik speurde, ik zocht. En ineens zag ik al die rijen boeken van Hotz in gedachten langskomen. Waarom had ik ze allemaal laten staan. Ik dacht altijd dat ik het boek wel zou hebben. Of dat het niet interessant was. Hotz is voor oude mannetjes die stinken naar zweet, vond ik. Van die mannetjes die op boekenmarkten neurien en in zichzelf praten als ze hun vingers langs de rijen boektitels glijden.

image

Aantal delen van de 46 delen Bilderdijk uit de bibliotheek van Boudewijn Buch

Ik speurde en zocht, maar vond niks. Alleen in Almere Haven had ik beet. Ik stuitte op het debuut en sloeg gelijk aan het lezen. Wat een prachtige verhalen stonden er in Dood weermiddel. Ik speurde verder. Al snel vond ik op internet een paar bundels, weliswaar wat duurder dan in de kringloop, maar voor een goed prijsje. Daarna ging het snel. Alleen lukte het niet De voetnoot te vinden.

Een paar keer viste ik achter het net bij een antiquariaat in Nijmegen. Ik stuurde een mailtje of hij een volgend exemplaar voor mij apart wilde houden. Een paar weken later, kwam het bevrijdende mailtje. Het was er: De voetnoot. Een prachtige novelle. Ik heb het vorig jaar een keer of vier gelezen.

Gelukkig houdt het hier op bij Hotz. Het hele literaire archief van Hotz is namelijk verbrand door de erfgenamen op nadrukkelijke wens van de overledene. Op de 2 delen van zijn verzamelde werken en de bloemlezing van Maaten ‘t Hart na, bezit ik alles. En ik ben er ontzettend gelukkig mee.

image

Paul Theroux, voornamelijk de reisverhalen met de nadruk op treinreizen.

Hetzelfde geldt voor een andere verzamelwoede van een auteur waar ik werkelijk gek op ben geworden: Paul Theroux. Enthousiast geworden door zijn De grote spoorwegcarrousel, vond ik spoedig andere boeken van hem bij kringloopwinkels. De verzameling boeken van hem is nog lang niet compleet. Maar hier neem ik de tijd voor. Als ik een boek van hem tegenkom voor een leuke prijs dan koop ik het. Maar het hoeft niet tegen elke prijs. Dat is juist de sport van het verzamelen.

En dat geldt voor lezen ook. Ik heb genoeg oeuvres die ik nog moet uitlezen. Naast alles van Hotz, wacht alles van Dickens, alles van Multatuli, alles van Komrij, alles van Haasse, alles van Bilderdijk en alles van Hermans. En al die auteurs van wie het oeuvre in mijn boekenkast de 3 boeken overstijgt.

De wees van Da Costa

In mijn boekenkast verbleef een eenzaam exemplaar van Da Costa’s Kompleete dichtwerken. Het exemplaar – achtste druk, een volksuitgave – kocht ik 3 jaar terug op een julidag in het antiquariaat van Jan Knigge in Hengelo. Ik kwam er later achter dat het deel uitmaakte van een 3-delige uitgave. Zodoende verbleef het boekje van Bilderdijks leerling als wees in mijn boekenkast.

Een vervelend fenomeen, een boek dat deel uitmaakt van meerdere banden. Los, zonder zijn andere deeltjes in de buurt. Ik tref het vaak aan bij kringloopwinkels. De boeken van Dickens hebben er bijvoorbeeld een handje van om als I of II alleen door het leven te gaan. Vaak tref je de II of I die erbij hoort een boekenplank verder. Of ergens aan de andere kant van het gangpad. Ik breng de wezen die ik aantref altijd bij elkaar. Gewoon omdat ik het niet kan aanzien dat boeken die bij elkaar horen alleen door het leven moeten gaan.

Dat het met Da Costa gebeurd is, kon ik mijzelf niet vergeven. Het boek heeft recht op de rest. Anders kan het beter van de aardbodem verdwijnen. De wezen van Da Costa – deel 2 en 3 – trof ik beide aan in de kringloopwinkel van Weesp. Ik kon het niet over mijn hart verkrijgen de delen alleen te laten, terwijl er thuis bij mij het eerste lag.

Zodoende zijn de wezen verenigd en liggen ze innig tevreden met de kaften tegen elkaar. De rug van de eerste Da Costa is iets lichter dan de ruggen van de andere 2. Maar het zijn allemaal achtste drukken. Uitgegeven door dominee Hasebroek. Een zorgzamer vader kun je niet wensen.

 

Catalogiseren bibliotheek

Een van de dingen waar ik de laatste tijd regelmatig op stuit is dat ik een boek koop dat ik al heb. Bij een aankoop van een kringloopwinkel is dat niet zo erg. Het gaat immers om enkele euro’s. Maar als het regelmatig gebeurt, dan tikt het flink aan.

Zo speel ik de laatste dagen met de gedachte mijn bibliotheek eens te catalogiseren. Handig. Ik kan een simpel bestandje in mijn mobiel zetten. In een oogopslag zie ik dan of ik de voorgenomen aankoop al in bezit heb. Een stuk prettiger dan er thuis achter te komen. Of nog erger: het boek in alle vertwijfeling te laten staan. Lees verder

Lezen zonder boekenkast

image

Ze schuifelen tussen de boekenkasten. ‘Kijk’, zegt de ene vrouw tegen de andere. ‘Dat is een leuk boek.’ De andere begint te zuchten. ‘Leuk hoor, maar wat moet ik met al die boeken. Ik heb niet eens een boekenkast.’ ‘Je hebt gelijk’, zucht de andere mee. ‘Ik heb ook zo’n stapel. Wat moet je ermee?’

Ze schuifelen verder zonder nog een boek aan te raken. Ik vraag me af hoe je nu kunt leven zonder een boekenkast en boeken. Alsof je je eten naar binnen moet werken rechtstreeks uit de pan. Of naar het toilet moet terwijl het toiletpapier op is. Lezen is niet een luxe, het is een noodzaak.

Het hoekje met erotica grinnikt naar me en geeft me een verleidelijke knipoog. Ik loop snel verder. Tussen noodzaak en noodzaak zit een wereld van verschil.

denieuwebibliotheek van Almere

denieuwebibliotheek staat in grote kleine letters op het glas bij de ingang. De woorden ‘de’ en ‘bibliotheek’ zijn vetgedrukt, nieuwe staat er als een onwennig woordje tussen. Het accent valt op ‘nieuw’ boven de ingang. En het is ook nieuw, zeker als je het vergelijkt met de oude bibliotheek, een kleine 100 meter verderop, aan de andere kant van het stadhuis. Vandaag ben ik maar eens naar binnengegaan om mijn boeken terug te brengen en natuurlijk om eens goed rond te kijken. Ik was vorig jaar al eens op ‘De dag van de bouw’ binnen geweest en was diep onder de indruk geweest.

Spruitjeslucht
Heerste in de oude Openbare Bibliotheek nog het gevoel om de wereld te verbeteren, compleet met spruitjeslucht, de nieuwe bibliotheek deint mee op de nieuwe tijd. Met nieuwe media. Het oog reikt verder dan boeken, maar drukt zich uit in media en communicatie.

denieuwebibliotheek van Almere

De nieuwe bibliotheek ligt tussen het nieuwe stadshart en de oude stad. Oud is natuurlijk een relatief begrip in Almere, het staat er zo’n 30 jaar. Het stadhuis is zelfs van jongere datum. Als je met de rug naar de nieuwe bibliotheek staat, dan zie je rechts het stadhuis, voor je de McDonald’s en de straat naar het station, de stationsstraat. De rug staat naar het stadshart toe, waardoor de modernste gebouwen aan het oog onttrokken worden.

Fietsenstalling

Het eerste probleem dient zich aan op een plek waar geen auto’s mogen staan, want het hele Stadhuisplein is verboden voor auto’s. Voor de bibliotheek staat het nu vol met fietsen. Het geeft de nieuwe bibliotheek een rommelig aanzien. Zeker als je weet dat nog geen 50 meter verderop, in het pand van de bibliotheek, een fietsenstalling zit.

Veel fietsen bij de ingang

De ingang van de fietsenstalling 50 meter verderop

Binnenkomst

De binnenkomst heeft nog niet direct iets van een overweldigende ervaring. Je staat recht voor een roltrap, geen grootste ontvangsthal, maar een dubbele roltrap en links een lift. De lift is van binnen volledig verstaald waardoor het een spiegel lijkt, maar je ziet jezelf er niet in.

Veel roltrappen in de bibliotheek

De hoogteverschillen worden in de hele bibliotheek voornamelijk overwonnen met roltrappen. Het geeft denieuwebibliotheek wel het idee van een groot warenhuis. In het warenhuis verplaatst de lopende band het shoppende publiek ook van verdieping naar verdieping. Sterker nog het lijkt daar vaak om de roltrappen te gaan die de indruk moeten wekken dat boven nog meer te halen valt. In de Almeerse bibliotheek is boven zeker meer te halen, maar daarvoor hoeven of die roltrappen nog niet zo duidelijk in beeld te zijn

Hal

De echte ervaring komt pas als je de roltrap bent opgegaan. Een grote hal met een plek om je boeken in te leveren en een enorme informatiebalie. Het vormt een schril contrast met de oude bibliotheek, waar de uitleenbalie zo’n beetje was weggedrukt. Hier heerst licht en ruimte. Verder wordt je overspoeld door lichte boekenkasten en betreed je de tempel der wijsheid zonder het gevoel te krijgen dat je een elitaire wereld binnenstapt. Zelfs iemand die niet van boeken houdt, voelt zich hier gelijk thuis. Dat gevoel kreeg ik tenminste als boekenliefhebber bij het betreden van de hal.

Inleveren

Het inleverproces is volledig geautomatiseerd. De oude inlevergleuven bij de ingang, zijn vervangen door moderne apparaten die de boeken stuk voor stuk slikken, waarna een poortje het afsluit. De titel van het ingeleverde boek verschijnt in beeld en als alles ingeleverd is, kun je de ingeleverde boeken op een overzichtelijk lijstje uitgeprint krijgen.

De nieuwe inleverbalie is volledig geautomatiseerd

Apparatuur waar veel bezoekers nog aan moeten wennen, maar gelukkig liep een medewerker van de nieuwe bibliotheek in een nieuwe outfit rond. Ze bood waar nodig hulp en bijstand. Ik heb niet veel ervaring met geautmatiseerde inleversystemen, maar ik kan mij voorstellen dat een dergelijk systeem snel ontregeld kan zijn. Zeker voor het komend halfjaar is het denk wel nodig dat hulp in de buurt is.

Ruim opgesteld

Blonk de oude bieb uit in onoverzichtelijkheid, dat is in deze nieuwe bibliotheek ruimschoots goedgemaakt. De boeken staan ruim opgesteld in overzichtelijke schappen en kasten. De indeling is thematisch, iets wat ook al bij de vorige bibliotheek het geval was, maar hier komt het veel natuurlijker over doordat er veel ruimte is geschapen. En licht.

Veel licht in denieuwebibliotheek

De eigentijdse uitstraling van het gebouw maakt niet dat het ongezellig is. Juist tussen de grote rijen zijn lees- en zithoekjes geschapen. In mollige kronkelvormen breken ze de breedte van het gebouw en zorgen ze voor de nodige rust. Lezen is vooral lekker rustig ergens kunnen zitten. Dat kan hier. Niet op de grond voor een boekenkast, zoals ik gewend ben te doen, maar heerlijk op een bankje. O
mgeven door gezellige lampjes en wat minder verlichte plekjes.

Ruimtegebrek

De eigentijdse boekenkasten herbergen wel enkele flinke nadelen. Zo is een tijdschrift niet op een fatsoenlijke manier in of uit de kast te halen. Een ernstig gebrek en het lijkt of de ontwerper van de kast zich wel erg strikt aan de hoogte van een tijdschrift heeft gehouden. Een tijdschrift heeft namelijk ook wat ruimte onder en boven nodig om hem goed in een schap te kunnen leggen.


Bekijk het filmpje om een praktijkvoorbeeld te zien

Een vreemd idee dat hier zo krap met de ruimte is omgespongen, terwijl alles zo’n ruimtelijke indruk maakt. Ook viel mij op dat de afstand tussen de boekenplanken ook tamelijk krap berekend is. Misschien is dat de reden dat zoveel boeken liggen in plaats van staan. Het maakt misschien een knusse indruk en breekt de grote boekenkasten wat, maar het komt de overzichtelijkheid niet ten goede.

Automatisch lenen

Ook lijkt bij de ingang de mogelijkheid om je boek geautomatiseerd te lenen erg beperkt. Er staat slechts één uitleenapparaat. Een beetje weinig en een schril contrast met de enorm brede servicebalie die erachter staat. Een probleem die met een apparaat of 4 erbij snel verholpen kan worden. Overigens staan binnen de bibliotheek die een enorme oppervlakte heeft diverse uitleenapparaten verspreid. Zo trof ik aan het einde van de eerste verdieping, die geleidelijk via trapvelden omhoog gaat, bij de kinderboeken ook een uitleencomputer aan. Ook hier is het misschien een kwestie van gewenning.

Een rij voor de enige uitleencomputer in de hal



Flexibel ingericht?
Kortom, een bibliotheek die heel goed bij Almere past. Een bibliotheek waar geen spruitjeslucht maar service heerst. Overzichtelijkheid, licht en ruimte zijn hier de kernwoorden. Het pand straalt ook moderniteit uit en demonstreert dat het bij deze tijd hoort. Het is wel de vraag of dit enorme gebouw snel kan meegaan op nieuwe informatiegolven die bij deze tijd horen.

denieuwebibliotheek van opzij in de richting van het station

De inrichting is namelijk sterk gericht op boeken en het kan best zijn dat over een jaar of 10 boeken veel minder ruimte vragen dan nu. Als het e-book een succes wordt, dan zullen voor de enorme rijstvelden waar nu nog boeken op staan, andere oplossingen bedacht moeten worden. Of zo’n volledig ingericht gebouw daar goed op inspeelt, betwijfel ik.

Maar wie dan leeft, wie dan zorgt. Almere heeft een bibliotheek die terecht de naam denieuwebibliotheek draagt. Daar mogen we best een beetje trots op zijn.

Update

Mijn 2e bezoek aan de nieuwe bibliotheek vervulde mij met een heus voorjaarsgevoel. Wat een prachtig uitzicht heb je op de 4e verdieping.

Lees mijn blog over de nieuwe bibliotheek van Almere en het voorjaar »

Boekenlandschapjes

Voor mijn schoonmoeder is het een rijtje stofvergaarders, voor Gerrit Komrij zijn het landschapjes. Het is heerlijk om een tijdje naar een boekenkast te staren en dan de ruggen te lezen. De hele inhoud van het boek doet er dan niet toe, want de fantasie vult het verhaal van de titel in.

Geïnspireerd op Gerrit Komrij kan ik het ook niet laten om mijn boekenkast op de foto te zetten. Kleurrijke ruggen van meer dan een eeuw oud.

Hier een rijtje ruggen die nog gelezen moeten worden voor mijn Zuid-Afrikaanse vrienden.
Nog een rijtje.
Deze rij boeken is de inspiratiebron voor een essay dat ik graag wil schrijven.

De boeken van Gerrit Komrij natuurlijk.