Categorie archief: brug

Nieuwe fietsbrug

image

In het donker fiets ik voor het eerst over de nieuwe fietsbrug naar het park. Ik zie niets want de straatverlichting brandt niet op dit stukje. Het verse grind op het fietspad kraakte onder mijn banden. Minder steil dan voorheen, maar met meer stijl.

Zelfs in het donker en met de zachte regen zie ik de opvallende leuning van licht hout. Verder alles op de gok. Ik zal het morgen wat uitvoeriger bekijken, neem ik mij voor.

image

De volgende ochtend loop ik er met de honden over. Hij lijkt breder dan de vorige. Nog niet alles is klaar. Zo moeten links en rechts bij het begin van de brug nog leuningen worden aangebracht. De betonnen fundering ligt er al.

Alles oogt gloedjenieuw. Dit keer is het enige hout van de brug, het hout van de rugleuning. Volgens de gemeente is deze brug duurzamer dan de vorige. De vorige bestond voornamelijk uit hout, waar wat staal in verwerkt was. Deze bestaat voornamelijk uit staal.

image

Ik heb gezien hoe ze aan het begin van de week de brug in twee helften op de pijlers takelden. Zo kon de brug in nog geen twee weken worden opgebouwd. Het vele fietsverkeer kan er weer overheen. Net als de vele hondenuitlaters.

image

Bruggetje

image

Het bruggetje waar ik overheen loop als ik met de honden het Den Uylpark in wil, wordt opgeknapt. Zodoende loop ik al meer dan een week een aardig eind om. Dat het in het donker moet, is al niet zo motiverend, dat ik nu extra om moet lopen, maakt het nog minder plezierig.

Vanmorgen ben ik maar eens gaan kijken naar de vorderingen. Van de gemeente begrijp ik dat ze het houten bruggetje vervangen door een duurzamer exemplaar waarin meer metaal is verwerkt voor de stevigheid.

image

Na iets meer dan een week werk, staat de basis er. Twee grote stalen steunen in het midden van het water. Ze zijn op de twee betonnen eilandjes geplaatst en vervangen de houten pilaren die er eerst stonden.

Aan elke waterkant is de wapening gereed voor het leggen van de zijsteunen in beton gegoten. Bij de vorige brug was dit ook niet het geval. De houten zijkanten verzakten snel en vielen zo om.

image

Het werk zou volgens het bordje op 10 december klaar zijn. Het lijkt me sterk dat ze dat halen, maar ze zijn ook een paar dagen te laat begonnen. Dat betekent nog een groot deel van de maand omlopen.

Het aanleggen van het bruggetje naar Stedenwijk-Noord een paar jaar terug duurde zeker een week of zes. Ik vraag me af of we voor het eind van het jaar over het vernieuwde bruggetje naar het park kunnen lopen.

Bruggetje

20141101_165046Een man en een vrouw staan op het bruggetje. Zijn arm ligt om haar schouder. Ze turen in de richting van het water. De zon schijnt voorzichtig langs de wolken in hun richting.

Ik loop langs ze heen. Ze kijken niet op of om, maar kijken in de richting van de zon die nog maar net over de bomen heen schijnt. De brug en de verlichte wolken doen de rest. Hij neemt een trekje van de sigaret en geeft het rokertje aan haar. Zij zuigt. Ik ruik de lucht van een brandende joint.

Als ik voorbij ben, nadat ik de bomen heb gefotografeerd met mijn telefoon, zie ik dat hij over zijn schouder in mijn richting kijkt. Misschien voelt hij zich betrapt. Ik voel mij betrapt omdat ik een kort moment tussen ze in stond en genoot van de najaarszon.

De bomen kleuren helemaal herfst, de bladeren zijn al minder intens groen, kleuren voorzichtig in de richting van bruin, een enkel geel blad ertussen. Het maakt weemoedig. Net als het stelletje op het bruggetje. Te jong voor een pensioen, maar te oud voor een joint.

Trein op bijzonder boottransport

20140909_165315Een bijzonder boottransport voer gisteren onder mij door. Ik fietste op de spoorbrug over het Amsterdam-Rijnkanaal. Op de terugweg van mijn werk naar het station, kruiste een binnenvaartschip met een heuse trein aan boord mijn pad.

Wat was dit? Normaal rijden de treinen evenwijdig aan mij, maar nu voer er een boot met een trein op het kanaal. Ik zag rode dubbeldekrijtuigen aan boord van het schip. Precies drie achter elkaar, twee rijen dik. De raampjes op het bovendek van het dubbeldekkersrijtuig staken net boven het scheepsboord uit.

Ik nam snel een foto van het schip dat de bocht nam in het kanaal in de richting van Amsterdam. Ik kreeg het nog dichtbij en fietste snel verder om mijn trein te halen.

Terwijl ik wachtte op mijn vertraagde trein, zette ik de brandende vraag op twitter met de bijbehorende foto: wat was dit voor een bijzonder transport?

Ik stapte de trein in en sloeg aan het lezen in mijn boek. Pas toen ik het avondeten ophad, ontdekte ik de stortvloed aan reacties op twitter. Het gelukzalige antwoord zat erbij: het was een bijzonder transport van rijtuigen voor een Russische treinlijn van de drie luchthavens naar Moskou: de Aeroexpress.

De rijtuigen zijn gemaakt bij Stadler in het Zwitserse Altenrhein. Vanwege de bredere spoorbreedte kunnen de rijtuigen niet per spoor worden vervoerd. Daarom worden ze per schip getransporteerd. Eerst naar Amsterdam, waarna het vervoer gaat via scheepstransport over Noordzee en Ostsee via het Duitse Sassnitz. Daar worden ze op de juiste spoorbreedte gezet voor de reis naar Minsk.

Een spectaculair transport van deze zes rijtuigen. Er worden slechts vier treinen in Zwitserland gebouwd. De rest van de 21 worden in Minsk afgemaakt. Ik zag daar dus een heel bijzonder boottransport van een trein onder mij doorvaren.

Lees meer over dit bijzondere transport (in Engels)

Omzwervingen: Twee bruggen (1)

image

Gewoon omdat het zulk mooi weer is en omdat ik niet lekker in de tuin kan lezen door de herrie van bevrijdingspop, stap ik op de fiets voor een omzwerving. Ik kies een bekende route en pak de twee bruggen die Almere verbindt met het westen van Nederland: de Hollandse brug en de Stichtse brug.

De keuze van de richting, eerst de Hollandse brug en dan via Naarden naar Huizen, komt mij vandaag erg goed uit. Er staat een stevige bries die mij straks in de bossen bij Blaricum genoeg uit de wind houdt. Eerst rijd ik nog langs de Zuiderzeedijk. Schapen grazen er. De lammetjes kijken schattig om zich heen. Het geeft deze dag nog iets extra’s.

De polder oogt rustig al zie ik het verkeer over de snelweg langs komen. Ik sta er ver genoeg vanaf om er speelgoedauto’s in te zien. Ik verbaas mij over de weg die hier dwars door de oude zee gaat. Het verkeer raast aan alle schoonheid voorbij. Twee vrouwen rijden dwars over de polder en ik vraag mij af of het niet sneller zou zijn die weg te kiezen.

image

Maar ik fiets langs de vesting en rijd door. Uiteindelijk rij ik daar waar de twee vrouwen vandaan kwamen. Ik probeer uit te rekenen waar ik zou fietsen als ik die snellere route gekozen zou hebben. Onder de snelweg door kom ik uit bij het vervolg van de dijk. Een moeder en zoon fietsen mij tegemoet, maar ik wil het vastleggen wat ik zie. Deze dijk waar de snelweg overheen gaat.

Ik zie de verte, de brug waar ik eerder fietste, een trein trekt in een dunne slang over de brug. De verrekijker ligt in mijn fietstas, maar ik neem de moeite niet hem tevoorschijn te halen. Daarvoor is dit uitzicht te mooi. De stad waar ik woon ligt aan mijn voeten en ik kijk alleen maar.

imageDit is het eerste verhaal in een serie van vijf over mijn fietsrit gemaakt op Bevrijdingsdag

Lees deel 2

Omzwervingen: Spoorbrug bij Weesp

imageNu steek ik de noodweg voor het bouwverkeer over en klim de hoge spoordijk op. De spoorbruggen bij Weesp. Een flinke hoogte is het. Zeker op de fiets. De brug steekt groots over het kanaal. Ongehinderd varen de binnenvaartschepen onder de brug door. Ik zie als ik via de haarspeld boven kom, de bogen hoog voor mij uitbuigen. Een trein dendert over de brug. Het is de internationale trein uit Berlijn. Wat een schoonheid tegen de lelijkheid van het wegverkeer verderop.

imageAls ik aan de overkant van het kanaal weer afdaal, denk ik aan het treinongeluk bijna een eeuw geleden, in 1918). Een stoomtrein met wagons kletterde zo van de dijk naar beneden. De spoordijk was niet goed aangelegd, bleek na onderzoek. De lange regentijd had gezorgd voor verzakkingen. Een lang gedeelte van de dijk was onder het gewicht van de trein bezweken. Zo ontspoorde de trein op volle snelheid. Het was op dat moment de grootste treinramp met 41 doden en 42 gewonden.

Nu rijden de treinen af en aan over de vier sporen brede spoorbrug. Van en naar Amsterdam, Schiphol, Hilversum en Almere. Het is één van de drukste delen van het spoorwegnet. De dijk houdt al dat gewicht. Van het ongeluk is niks meer te zien. In de verte zie ik hoe het wegverkeer in kleine speelgoedauto’s over het asfalt jaagt. Niets verraadt iets van het drama dat hier op vrijdag 13 september 1918 zich afspeelde.

image

Omzwervingen: Spoorbaanpad en Hollandse brug

image

Ik maak graag omzwervingen rond Almere. Het Spoorbaanpad is een onvermijdelijke route om de stad te kunnen verlaten. Voor een fietsrit in de richting van Naarden, Weesp en Muiden moet je het 8 kilometer lange fietspad afrijden.

Het Spoorbaanpad is een lange kronkelige weg langs de spoordijk. Het leidt nergens toe. Hoe je ook fietst altijd blaast de wind van voren. Het zetje in de rug lijkt alleen gegund aan de tegenliggers die vrijwel zonder trappen je tegemoet rijden.

De Hollandse brug aan het eind van het fietspad levert even weinig lol op. Als je daar rijdt vraag je je af waarom je in godsnaam voor de fiets gekozen hebt om Almere uit te komen.

De zon mag dan lekker branden, het langsrazende autoverkeer dat achter de groene flappen genadeloos voorbij zoeft, het klinkt angstaanjagend en bedreigend tegelijk.

Het stinkt er geheid naar de uitlaatgassen die de auto’s uitspugen. De fijnstof bereikt je longen, zodat ik mij afvraag of ik niet beter een peuk zou kunnen opsteken dan van Almere naar Naarden te fietsen.

Door de verbreding van de snelwegen A6 en A1 is het een kale bedoening geworden. Fietste ik voorheen graag door het Kromslootpark om het langdradige Spoorbaanpad te ontlopen, de ervaringen met plotselinge en kilometerslange omleidingen, verplichten mij dat ik nu het Spoorbaanpad neem.

Het maakt ook nier meer zoveel uit. De meeste bomen die het Kromslootpark tot zo’n aangename belevenis maakte voor hardloper of fietser, zijn overigens ook gekapt. Een kale vlakte van verschoven zand en uitzicht op het langsrazende verkeer van de snelweg is nog over.

Ik fiets de vervelende route langs de spoorbaan tot de brug. Pas daarna wordt het interessant. Zo begint de route over het oude land vanaf het moment dat je afzakt van de snelweg. Pas daar wordt het leuk en is de wind op slag verdwenen.

Dit alles bezorgt mij genoeg walging van het gedeelte tussen Almere en de ‘oude wereld’. Zeker als de tegenwind mij treft. Hij komt altijd hard aan op de terugweg. De laatste 8 kilometer naar huis fiets ik steevast tegen de striemende wind in.

Het lijkt dan of er dan geen eind komt aan de weg. Het kronkelende fietspad maakt het alleen maar erger. Alle vreugde wat je eerder onderweg tegenkwam, lijkt verdwenen en komt pas thuis een beetje terug bij het bedaren.

Deze blog is de eerste in een reeks omzwervingen. Op de fiets of te voet rond Almere.

Oud ijzer

image

Op zondagmiddag hangen ze over de bruggetjes in mijn wijk. Aan lange touwen zitten magneten vast.Met een zware plons vallen ze in de sloot waarna de gooier het touw binnenhaalt. Zo halen ze de vangst naar binnen. Meestal is de magneet leeg, soms kleeft er een blikje aan.

Andere keren trekken ze een roestige fiets omhoog of een lege bankkluis. Of een rolschaats, een pannendeksel of gewoon een staaf. Ze hebben de sloot overal leeggevist op zware metalen.

image

Waarom ze dat doen, weet ik niet. Want alles wat ze eruit hengelen smijten ze op de brug. Het liefst midden op de brug zodat fietsers en wandelaars er omheen moeten slalommen. Overal ligt het oud ijzer. Voor mij is het de vraag of ze nou op iets anders azen of dat dit een soort weldoenerij is.

Toen ik ze het vroeg gebaarden ze dreigend in een onverstaanbare taal die wel iets van Pools had. Ik hield mijn mond maar en stapte dapper weg. Rakelings langs de zware metalen staaf die midden op de brug lag.

image

Bijna stapte ik op een pannendeksel, dat onder een laagje modder lag. De wind nam een half weggeroest bierblikje mee. Een rolschaats stopte met rollen precies op de rand van het bruggetje. Uitdagend zijwaarts kijkend met de roestige uiteinden.

image

Haarlemmermeerlijn

spoorbrug over a9 met aan weerzijden een fietspadIk volg het spoor verder vanaf het Haarlemmermeerstation langs de tramrails, maar moet een stukje Amstelveenseweg pakken. Gelukkig vind ik snel weer de fietsroute verder langs het tramspoor. Dan rij ik Amstelveen binnen, het fietspad blijft keurig naast de rails lopen alsof het een trein is. Dan splitst het pad zich in twee smalle paden. Ik nader de snelweg A9, want ik zie het torentje van de kerk uit het loof spitsen.

De kerk vlak langs de snelweg wordt met sluiting bedreigd. Een verbreding van de snelweg is de directe bedreiging. Kon de Sint-Annakerk de vorige keer nog worden behoed. Nu schijnt het lot beslist te zijn. Voor mij is het het symbool dat wegen niet overal dwars doorheen gaan, maar ook met een boogje om iets heen kunnen. De kerk ligt namelijk zo prachtig in een bocht.

a9 bij amstelveen

De weg is hier verdiept, zodat de werkelijke wereld zich als een berg boven de snelweg uittorent. Een wereld boven al het geraas van het verkeer. Hier op de brug naast het spoor oogt het allemaal erg smal. Ik maak een filmpje over dit bijzondere punt in het Nederlandse wegennet. Onderwijl druk ik mij tegen de reling, want eigenlijk kan je hier helemaal niet staan. Zo smal is het hier.

station amstelveen ligt aan een fietspad

Wat voor een indruk maakt het station Amstelveen op mij, vlak na de brug over de snelweg. Het station is een kleine scheet vergeleken bij het imposante Haarlemmermeerstation vier kilometer verderop in Amsterdam. De tegels met de plaatsnaam in de zijwand en de schattige bloemen voor de ramen maken het extra beminnelijk.

De rit gaat verder, langs de plas bij Bovenkerk. De vorige keer dat ik hier was stormde het. Mijn jas viel steeds open van de harde wind. Ik kreeg vleugels want de wind vatte steeds de zijflappen van mijn jas waardoor ik een halve vogel of een straaljager leek. Ik was toen zelfs nog even op de aanlegsteiger gaan staan. Ik zie nu hoe klein de plas eigenlijk is. In formaat toch zeker kleiner dan het Weerwater bij huis. De wilde golven van de vorige keer maakten het bedreigender en daarmee groter in mijn gedachten.

De toren van de St. Urbanuskerk van Bovenkerk, een neogotische creatie van Pierre Cuypers, komt extra mooi uit door de ruimtewerking van het water en de omringende bomen. Zo valt de dakruiter, midden in de spits extra op. Dat de kerk met de achterzijde naar het water wijst, maakt deze werking alleen maar sterker. Ook nu, met een vluchtige blik, zie ik genoeg. Het ideale plaatje van een kerk – liefst Middeleeuws – dat boven alles uit stijgt.

image

Daar is de kringloopwinkel van Amstelveen. Ik haal er drie deeltjes van het verzameld werk van Van Eyck. De koop van de eerste drie delen op een veiling was al een jaar of vijf geleden. De begeerte naar de andere drie delen bleef, nu kon ik haar goedkoop vervullen. Het zijn ‘werkexemplaren’ uit de bibliotheek van het ministerie van OKW. Veel is er niet mee gewerkt, de boeken ogen ongelezen. Het lijkt zelfs dat de bladzijden voor het eerst sinds jaren openvallen.

Wat ga ik nu doen? Ik kon op het toilet van de kringloopwinkel wat kwijt, maar dat is niet genoeg. De route van de Haarlemmermeerlijn laat ik voor wat hij is. Voor de kringloopwinkel drink het flesje met roosvicee leeg voor de nodige energie en eet het laatste stukje van de Enkhuizer krentenmik. Het is iets na 2 uur en ik neem het besluit: doorrijden naar Ouderkerk aan de Amstel. Ik ken het plaasje verder niet, maar het moet in een open landschap liggen.

De grote oversteek

image

Een waterig winterzonnetje schijnt in het park. In de verte loopt een echtpaar over de boulevard. Ze flaneren niet. Ze drentelen. Het lijkt wel of ze rondjes om elkaar lopen en zo geleidelijk vooruit cirkelen.

Ver achter hen loopt een hond. Hij laveert zich vooruit over het pad. Nog slomer dan het cirkelende echtpaar. Ze bereiken het bruggetje, dat haaks op de brede boulevard staat. Ze nemen die brug om het pad op het eilandje te bereiken. Ze trekken over het bevroren water.

De stappen van eenden en waterhoentjes liggen donker op de sneeuw. Daaronder ligt ongetwijfeld ijs. Maar de scheuren in het ijs verderop doen vermoeden dat een stap op het natuurijs vragen om problemen is. Daarvoor is het ijs te dun en het water eronder te diep.

Traag loopt het echtpaar over de brug. De klim naar boven vraagt veel van ze. Ze cirkelen niet meer, maar gaan kreunend en steunend omhoog. De hond laveert zijn tocht verder over de boulevard en mist zo de brug. Het dier heeft er geen last van. Er ligt genoeg sneeuw en ander vermaak om zich over te bekomeren.

Dan tikt de man tegen jas van de vrouw. Hij wijst het dier na. Zij roept hem. ‘Jimmie hier’, gilt ze over het bevroren water. Hij staat al aan de overkant en roept ook. ‘Jimmie’. Het dier rent in de richting van het water en springt op het donkere ijs. ‘Trui’, gilt de man nu. ‘Jimmie hier’, roept ze nu.

Er klinkt paniek in haar stem. Het dier heeft de overtocht ingezet en gaat gewoon door. Dwars over de bevroren sporen van de waterhoentjes. Zonder angst en vrees. Trui begint nu te gillen. Er is geen naam meer in te horen. Dan staat het dier in de rietkraag aan de overkant. Bij de man. ‘Hij is hier’, schreeuwt hij.

De vrouw stopt met gillen en rent de brug over naar de hond. Ze omhelst het dier opgelucht. Dan slaat ze een arm om de man en samen cirkelen ze verder en slaan het pad in. Jimmie laveert erachter. Net als voor de oversteek.