Tagarchief: cd

Vierne en Reger in Rotterdam

Ook op deze vrijdagavond hoor ik het: Vierne en Reger. Ze klinken prachtig op het orgel in de Lambertuskerk van Rotterdam Kralingen. De wisselende sferen bij deze presentatie van de cd-box Verborgen parels van Michaël Maarschalkerweerd, van uitbundig tot ingetogen, en van vreugdevol tot weemoedig. Allemaal zijn heel mooi tot uiting te brengen op dit instrument.

Het is genieten, vooral van het deel Stéle pour un enfant défunt uit de Tryptique van Louise Vierne. Een fijngevoelige uitvoering van de Schiedamse organist Arjen Leistra. De lichte zweving aan het einde van dit muziekstuk, geeft dit stuk extra kracht. In zijn tijd als organist van de Hoflaankerk nam Arjen Leistra op dit orgel enkele orgelwerken van Franz Liszt op.

Gerrit Christiaan de Gier laat een andere Franse kant van het orgel horen in de tweede sonate van C.F. Hendriks. Deze Nederlandse componist schreef in een mooie Franse stijl. Ik ken zijn variaties op psalm 107 en betrap de 2e sonate op enkele gelijkenissen.

Improvisatie

De improvisatie van Gerben Mourik biedt juist ruimte om enkele andere kanten van het orgel te laten horen. De fluiten nodigen uit, in combinatie met de strijkers, een hemelse klank. Muziek die echt door de ruimte zingt. Om die sacrale sfeer op te roepen. De opening van het thema gespeeld met de basson van het zwelwerk, is al geweldig. Met de diepe klank van de subbas, krijgt het geheel een prachtige basis. Genieten!

Dat geldt zeker ook van de muziek van Hendrik Andriessen. Op de cd spelen 3 organisten werk van deze Haarlemse componist, waaronder een paar grote werken. Het herinnert mij aan de begintijd van mijn liefde voor het orgel, het Andriessenjaar. Veel muziek op de radio, waaronder de Sonata da Chiesa.

Een werk met bijzonder thema dat veel verwantschap heeft met Der Tod und das Mädchen van Franz Schubert. De variatiereeks bevat een hoog improvisatorisch gehalte. De fraaie variatie met de cornet, zoals altijd bij Maarschalkerweerd een fel ding dat goed van zich laat horen in de interpretatie van organist Eric Koevoets. Hij is de vaste bespeler van dit instrument. Een mooie afsluiting van het concert.

Groot scherm

Blijft wel jammer het grote scherm waarop je de organisten kunt zien spelen. Ik merk dat het vooral afleidt. Ik wil gewoon lekker luisteren en de omgeving in mij opnemen. Die omgeving die bij Maarschalkerweerd zo belangrijk is. Zeker om op YouTube te bekijken is de speeltafel ideaal.

Voor een concert draait het om de ruimte die nu hinderlijk wordt verstoord door een enorm wit scherm waarop je kale mannen ziet en registranten die op het verkeerde moment een bladzijde willen omslaan. Dat de organist zich hier niet door laat afleiden is prachtig, maar deze kleine ramp was onopgemerkt gebleven zonder scherm.

Ik ben het met spreker Hans Fidom eens dat elke organist op hetzelfde orgel het instrument weer van een andere kant laat horen. De concerten die ik laatste maanden heb bezocht waren allemaal met meerdere organisten. Het geeft daarmee het instrument meerdere dimensies. En je leert er vooral van dat muziek maken een samenspel van instrument en muzikant is.

Na afloop genieten we nog na in de prachtige tuin naast de kerk. Het publiek heeft 1 grote overeenkomst: de bewondering voor deze bijzondere orgelbouwer. Want daarvan zijn we wel overtuigd na het horen van deze presentatie door de 4 organisten op dit bijzondere orgel.

Meer informatie en bestellen 4 CD-box ‘Verborgen Parels van Michaël Maarschalkerweerd’

Maarschalkerweerd in veelvoud

Zo’n heerlijke avond in juni. Het is best een trip om even op vrijdagavond heen en weer te rijden naar Rotterdam. De cd-presentatie van de cd-box met 4 cd’s van 4 toporganisten op maar liefst 12 verschillende orgels van Maarschalkerweerd. Ik kan daar moeilijk van wegblijven. Van deze kant Rotterdam binnengereden, kom ik op een bekende onbekende plek: de Oostzeedijk.

Aan de andere kant van de Hoflaan is mijn vader geboren en opgegroeid aan de Oudedijk. Hier ligt de kerk beduidend lager achter de hoge dijk waar iets verderop de Nieuwe maas ligt. In de verte de binnenstad met de vele hoogbouw. Hier oogt Kralingen echt dorps.

Als het dorp dat meer dan een eeuw geleden werd ingelijfd bij Rotterdam. En waar mijn familierotsen liggen. Mijn opa schijnt zelfs vroeger met kerst naar de Lambertuskerk te zijn gegaan om te kijken naar het ‘kindje wiegen’. Gewoon uit nieuwsgierigheid. Voor protestantse jongetjes moet het een hele belevenis zijn geweest om naar te kijken.

Lambertuskerk in Rotterdam Kralingen

De Lambertuskerk ligt aan de andere kant van de Hoflaan. Aan de kant van de Oudedijk staat de protestantse kerk, de Hoflaankerk. De Lambertuskerk is van de katholieken. Ik ben er nog nooit geweest. En zodra ik binnenstap, stap ik de profane sfeer binnen. Bakstenen muren, zelfs de pilaren zijn gemetseld van bakstenen, fijne voegen en dunne stenen.

De muren zijn mooi beschilderd, net als het tongewelf. Met grote medaillons waarin verschillende aspecten van de schepping worden uitgelicht zoals de zon, de zee en de sterren. Bij dat alles staan Latijnse spreuken. En de rest van het gewelf is blauw beschilderd.

Het orgel zit hoog weggestopt op een koorzolder. Vanuit de kerk oogt het klein. Het is ook niet zo heel groot, maar ik heb buiten al iets van de brede klank gehoord. Ik ben namelijk net te laat voor de demonstratie van het orgel en de toelichting over Maarschalkerweerd-orgels. Wel ben ik ruim op tijd voor het concert.

4 organisten op 4 cd’s

De 4 organisten van de 4 cd’s presenteren een gedeelte van hun uitvoering op een cd. Het orgel van de Rotterdamse Lambertus komt op de cd’s niet voor. Het is een tactische oplossing hiervoor te kiezen, zo blijkt. Daarmee vermijd je de discussie op welk orgel van de 12 de presentatie is. Het is op geen van allen, maar een ander, ook heel mooi orgel van Maarschalkerweerd.

Want dat is meteen bij het allereerste muziekstuk duidelijk: de orgels van Maarschalkerweerd zijn herkenbaar. Ze bevatten allemaal een brede grondtoon, hoe klein ze ook zijn, klinken vol en rond. Maar ze weten ook een heel mooie, fijngevoelige mystieke sfeer op te roepen. De combinatie van stemmen, waarbij de stemmen je echt raken en altijd iets in je weten te roeren. Zo kenmerkend voor deze instrumenten. Nooit overheersend, maar heel subtiel in beleving. Voor speler en luisteraar.

Wat heb ik met veel plezier gespeeld op de orgels in Tubbergen. Ik speelde zelf op een klein Maarschalkerweerd in Langeveen, zelfs dat orgel, waar veel mankeerde aan de intonatie, wist die sfeer op te roepen.

Lees het vervolg: Vierne en Reger in Rotterdam

Meer informatie en bestellen 4 CD-box ‘Verborgen Parels van Michaël Maarschalkerweerd’

La Nativité in de Laurens

image

Het behoort tot Olivier Messiaens meest toegankelijke orgelwerken, de orgelcyclus La Nativité du Seigneur. Het werk schreef de Franse componist in 1935. Drie van zijn vrienden voerden het in februari 1936 integraal uit in de kerk waar Messiaen organist was: de Sainte Trinité in Parijs.

Het muziekstuk is vooral de getuigenis van een geloofsbelevenis. De componist omvat in de cyclus het hele geloof rond de persoon van Jezus. Dat reikt verder dan de geboorte. La Nativité du Seigneur is daarmee helemaal geen kerststuk, maar omvat het hele geloof.

Tegelijk geven de muzikaal verbeelde fragmenten uit het kerstverhaal – de herder, de engelen en de wijzen – het tegenargument dat het wel om een muziekstuk voor rond kerst gaat.

Wat het ook is, de uitvoering van Hayo Boerema kenmerkt zich door helderheid en zorgvuldigheid. Hij voert de 9 delen prachtig uit. Hij benut hierbij alle facetten die het orgel in de Rotterdamse Laurenskerk in zich heeft. Hij weet door zijn zorgvuldige registratie zelfs de profane en serene sfeer op te roepen zoals die alleen in Franse kerken geldt.

Het bovenwerk is hierbij de onmisbare factor, maar Boerema weet soms te verrassen. De vele tongwerken en vulstemmen die het orgel bezit, geven hem hiervoor de ongekende mogelijkheden. Daarbij voert hij de doordachte werken uit op de manier waarop hij improviseert. De bekende melodiën, tempi en registraties krijgen hiermee de verrassing alsof je het voor het eerst hoort.

Wel roept de uitvoering van Hayo Boerema bij mij de vraag op waarom alle uitvoeringen van La Nativité du Seigneur zo strikt in de voorschriften blijven hangen? Ik mis de creativiteit in tempi en registraties. Waarom altijd die cornet in “Le Verbe”, de terts in het pedaal bij “Les Mages” en het grommende tongwerk aan het begin van “Jésus accepte la souffrance”? Is hier geen variatie mogelijk? Dat geldt zeker ook voor het veelvuldige gebruik van de Voix Celiste. Is hier geen variatie mogelijk om hetzelfde effect op een andere manier op te roepen?

Het doet geen afbreuk aan de uitvoering van Hayo Boerema. Het is alleen een oproep voor een herziening van het werk van Olivier Messiaen. Anders blijft het teveel stranden in het oproepen van de nostalgie van de uitvoeringen zoals Messiaen en zijn school dat deed. Muziek die tijdloos is, kan overal en op elke manier worden uitgevoerd.

Het hoogtepunt van de cd is de ruim 17 minuten durende improvisatie waarmee Hayo Boerema afsluit. Het thema is het Gregoriaanse gezang Puer natus est. Hierin verwijst hij op een speelse manier naar zijn grote voorbeeld: Olivier Messiaen. Toch weet hij een geheel eigen sfeer op te roepen. Daarmee is de improvisatie een loflied op de grote meester.

De cd is te bestellen op de website van de organist zelf voor € 16,00 (exclusief verzendkosten).

Duitse orgel-verrassingen

image

De orgels die Gerben Mourik in zijn cd-serie Audite Nova behandelt, zijn naoorlogse instrumenten. Orgels gebouwd in de periode van de wederopbouw. Op de derde uitgave, een dubbelcd, bespeelt hij 2 grote orgels in Duitsland: het orgel van Bosch en Bornefeld in de Martinskirche te Kassel. Het andere instrument is het Klais-orgel in de Kiliansdom te Würzburg.

Op de cd’s klinken een paar mooie verrassingen. De eerste cd laat 2 Preludia en Fuga’s van Jan Koetsier horen. Onbekende werken die zeker de moeite van het beluisteren waard zijn. De tongwerken komen heel overtuigend over in het Preludium van nummer II in D. In de fuga kiest Gerben Mourik voor de gemshoorn en roerfluit, waarbij de Oktavbass mooi de basis legt.

Het instrument van Werner Bosch en de organist Helmut Bornefeld bezit een heel poëtisch klankpalet van fluiten en wijde fluiten als de nachthoorn.

De Triptich van Jan Oskar Bender is de andere grote verrassing op de eerste cd. Vooral het laatste is een oorstrelend werk dat als een symfonie voor de nieuwe wereld klinkt, compleet met een krachtige Toccata, een fuga die refereert naar het lied Herzlich tut mich verlangen en een Aria waarin veel gevoeligheid doorklinkt.

Het werk van Bornefeld is minstens zo indrukwekkend. Het moderne werk waarbij de vulstemmen een grote rol vervullen. Heerlijke strijken de registers tegen de haren van de tonale grenzen, zonder ergens te vervelen. De variaties in composities als de Choralpartita Christus, der ist mein Leben of de Pastorale uit Der Herr ist mein getreuer Hirt.

Bornefelds variaties op Nunn komm, der Heiden Heiland lijken de jonge Jan Welmers te hebben geïnspireerd in zijn variaties op dit adventslied. De klankwereld vertoont grote overeenkomsten met het werk dat Gerben Mourik hier laat horen.

Het zijn composities waarbij je afvraagt waarom ze niet vaker uitgevoerd worden. Gerben Mourik haalt ze heel mooi omhoog uit de poel van vergetelheid. Ze sluiten ook heel mooi bij de tekstuele klankbeleving zoals Gerben Mourik ook in improvisaties laat horen. De lang aangehouden hoge tonen hebben een prachtig spanningsverhogend effect.

Voor de 2e cd in de Kiliansdom van Würzburg is veel Nederlands werk gereserveerd. Het werk van Gerrit Wielenga rond het Lied van de Drie Koningen komt verbazingwekkend overtuigend over. Zeker het gedeelte waarin de wijzen uit het Oosten het kind Jezus begroeten, komt heel sterk over.

Het Adagio over psalm 139 van Bert Matter vind ik een mooie compositie. Gerben Mourik weet er een mooi kleurenpalet te schetsen met de 32′ voet-begeleiding in het pedaal. Het werk blinkt uit in eenvoud en het blijkt uitermate geschikt te zijn om uit te voeren op dit grote instrument.

Het orgel in Kiliansdom is werkelijk een juweeltje binnen de cd’s van de serie Audite Nova. Wat een instrument en wat een mogelijkheden heeft dit orgel. Ik heb nooit in het compromisorgel geloofd, maar het horen van de cd van Gerben Mourik lijkt mijn mening te veranderen: het orgel in de Kiliaansdom heeft een heel eigen klank, dat een breed klankspectrum bedient.

Audite Nova 3, Gerben Mourik bespeelt de orgels van de Martinskirche in Kassel en de Kiliansdom in Würzburg. Tuliprecords 2015, TURE 201518. Meer informatie en bestellen: www.auditenova.org

Audite Nova op Klais en Bosch

image

De organist Gerben Mourik presenteert vandaag zijn derde cd in de serie Audite Nova. Hij doet dit op een studiedag rond het neobarok-orgel in Bunnik. Het Flentrop-orgel in de Barbarakerk klinkt al op de eerste cd in de reeks. Deze cd-serie vormt voor mij een hernieuwde kennismaking met een heel bijzonder soort orgel: het neobarok-orgel.

De derde cd-box is een dubbel-cd op Duitse orgels van Klais en Bosch/Bornefeld. De orgelbeweging vindt zijn oorsprong in Duitsland. Later is het overgeslagen naar Denemarken met de bouwer Marcussen als grote pretendent van de nieuwe beweging.

Op de eerste dubbel-cd’s van de serie maakt de luisteraar kennis met de neobarokke orgels in Nederland. Centraal staat het orgel dat Marcussen bouwde in de Nicolaikerk van Utrecht. Het is het eerste instrument dat Marcussen in Nederland bouwde.

Er volgenden later nog ruim 10 instrumenten, waaronder in Doopsgezinde kerk in Groningen, Kloosterkerk in Den Haag, Moerdijk en alle 3 de orgels in de Laurenskerk te Rotterdam.

In de tweede cd van de serie, bespeelt Gerben Mourik 3 inspirerende instrumenten in Denemarken. Ze bezitten dezelfde helderheid als het orgel in Utrecht. Daarnaast beschikken de instrumenten vaak over een bovenwerk in een zwelkast dat de verbinding legt met de romantiek.

De orgels in Duitsland zijn van een ander kaliber. Ik hoopte op de instrumenten waarover de makers van de serie spraken in het tweede deel. De orgels om de grote werken van Siegfried Reda en anderen helemaal tot hun recht te laten komen. Instrumenten als van Karl Schuke met veel vulstemmen waar organisten als Augustinus Franz Kropfreiter en Johann Nepomuk David vaak op terugvallen in hun composities.

De orgels op de dubbel-cd zijn hier niet geschikt voor, maar dat betekent niet dat het geen grote orgels zijn. Met name het orgel waarop Paul Damjakob lang speelde in de Kiliaansdom te Würzburg is een instrument dat ongekende mogelijkheden bezit. Dat demonstreert Gerben Mourik wel op zijn cd.

Ik heb de dubbel-cd een week in huis en geniet van de verscheidenheid aan klanken, bijzondere composities en nieuwe geluiden die mijn kamer binnendringen. Wat direct opvalt is dat deze instrumenten weer zo anders klinken als de orgels op de andere cd’s in de serie. Tegelijkertijd is er een grote overeenkomst: de helderheid en de scherpe klank. Een genot om naar te luisteren.

Audite Nova 3, Gerben Mourik bespeelt de orgels van de Martinskirche in Kassel en de Kiliansdom in Würzburg. Tuliprecords 2015, TURE 201518. Meer informatie en bestellen: www.auditenova.org

Marcussen in de Nicolaikerk

image

Ergens in mijn schuilt dat christelijke jongetje dat psalmen zingend door het leven gaat. Ik ben gek op psalmen, betrap mij er vaak op dat ik een psalm zing of neurie. De combinatie van psalmen zingen en het orgel in de Nicolaikerk lokken mij naar Utrecht. Wat een prachtige herfstdag is het toch. De zon schijnt zo laag dat alles in goud verandert.

Ik ben nog nooit in de Nicolaikerk geweest, al had ik het ergens rond 1995 serieus in de planning om naar een Bach-concert van Leo van Doeselaar te gaan. Later zag ik een weergave van het concert op televisie bij de NCRV.

image

Het Nicolaiorgel ken ik natuurlijk van cd’s en ook van radioprogramma’s, maar het instrument echt zien en horen is een belevenis op zich. Bij binnenkomst, het zonlicht gaf natuurlijk al zijn eigen schwung. Zeker ook omdat de zon zo mooi naar binnen scheen door het venster.

Dit raam in de westwand is de eigenlijke reden van de komst van dit orgel. Bij de restauratie in 1943 werd dit venster gereconstrueerd door Monumentenzorg, maar wel met de voorwaarde dat het zichtbaar moest zijn vanuit de kerk. Het Witte-orgel moest daardoor weg. Het is naar Maasland verhuisd.

image

De organist Lambert Erné had wel plannen voor een nieuw orgel. Hij stelde voor dat de Deense firma Marcussen hier een instrument zou bouwen. Het is het orgel geworden dat hier in 1957 is gekomen.

Ik sprak eens een man die bij het inwijdingsconcert op 23 januari 1957 aanwezig was. De pianodocent op het Haagse conservatorium was diep onder de indruk geweest van dit instrument. De enorme helderheid, directheid en vele vulstemmen maakten hem helemaal vrolijk. Ik sprak de man bijna 40 jaar later, maar hij had het er nog met veel ontroering over. Hij vertelde dit orgel de liefde voor het orgel aanwakkerde. Zodoende kwam ik hem tegen op een orgeltocht door Friesland van Lindeberg.

image

Nu sta ik zelf in deze ruimte en zie het orgel. De kleuren van het eikenhout in combinatie met de koperen frontpijpen. Wat een combinaties. De vergulde pijpenmonden, de horizontaal uit de kast stekende trompet, de grote pedaaltorens en het kleine rugpositief met de flanken die doen denken aan orgelluiken. Een front dat op deze zonnige middag helemaal tot bloei komt. Wat een schoonheid.

Morgen over het speciale project: de cd-opname van psalmen zingen in de Nicolaikerk.

Mompou (3)

image

Het was een miskoop die cd-box van Mompou interpreta Mompou. Ik durfde er niemand over te vertellen. Zelfs mijn orgelleraar vertelde ik niet van mijn aankoop. Misschien had hij wel iets verteld over deze componist. Dat hij leek op Satie, maar dan anders. Gewezen op aspecten waar ik op kon letten. Zo kon ik ernaar leren luisteren. Maar in die tijd luisterde ik niet naar Satie. Ook niet naar andere pianomuziek als Chopin of Brahms. Alleen orgelmuziek en heel soms een Passion van Bach.

Ik hoorde nooit iemand over Mompou. De laatste keer dat al mijn cd’s door mijn vingers gingen – ik stopte ze in plastic hoesjes om ruimte te besparen – ging de box van Mompou weer door mijn handen. Ik draaide de eerste cd nog een keertje, met de Impresions intimas. Ik herkende de eerste onmiddellijk. Vaak gedraaid. Het begin, omdat het zo’n dure box was. En ergens bij nummer 4 of 5 de cd uit de cd-speler gehaald en verruild voor iets anders dat beter behapbaar was.

Tot ik met Sinterklaas ineens De hartslag van de aarde kreeg van A.L. Snijders. Het boek is mooi gebonden en ruikt zo heerlijk naar vers boek. Achterin de bundel zit een cd waarop A.L. Snijders de dertien verhalen uit de bundel voorleest. De verhalen die hij voorleest op de cd worden afgewisseld met werken van Federico Mompou. Zelfs twee ZKV’s gaan over deze Catalaanse componist. A.L. Snijders noemt hem Mompou, met een ‘au’. Ik spraak de naam altijd uit met een ‘oe’.

Ineens kleurt de muziek heel mooi. Op deze plek is ze betoverend. Ik droom weg tussen de verhalen die A.L. Snijders met zijn mooie diepe stem voorleest. Wat een verademing zijn die werken van Mompou. Ze herbergen inderdaad iets mystieks in zich. Ik speur in de dozen naar de cd-box met vijf cd’s en ontdek de schoonheid van Mompou die zichzelf speelt.

Mompou (2)

image

Als puber had ik een krantenwijkje. Elke ochtend reed ik ’s morgens tussen half zes en half zeven door Veenendaal om de Trouw en de Volkskrant bij de mensen in de brievenbus te doen. In de brievenbus van de deur, zodat ze niet naar buiten hoefden te gaan. Ik kreeg van een blije klant met Sinterklaas een mooie chocoladeletter, met een briefje van 25 gulden erin.

In de enige platenwinkel van Veenendaal – The Free Record Shop – stond tussen alle populaire muziek één bak met klassieke muziek. Daar kocht ik de afgeschreven opnames van de grote platenmaatschappijen op cd’s van een paar gulden. Het waren de symfonieën van Mahler en de vijfde van Beethoven. Kranten schreven er heel negatief over.

In de bak stond ook een cd-box met vijf cd’s. ‘Mompou interpreta Mompou’ stond op het kartonnen doosje met vijf cd’s. De uitgave was te koop voor 25 gulden. Het leek mij de mooist mogelijke uitvoering van pianomuziek die er mogelijk was. Misschien leidde het mij wel even af van al de orgelmuziek die ik opnam van de radio op cassettebandjes die ik in pakken van 10 stuks bij The Free Record Shop kocht.

De middag nadat ik de 25 gulden had gekregen, kocht ik opnieuw zo’n pak cassettebandjes. Maar de box met pianowerken van Mompou kon ik niet laten staan. Ik kocht hem erbij. Het geschonken geld van die morgen was zo in één slag weg. Er bleven slechts een paar kwartjes over. Thuis peuterde ik onmiddellijk het plastic hoesje van de cd-box. Hier moesten meesterwerken in zitten.

Ik luisterde naar de eerste cd. Hij verloor meteen zijn raadselachtigheid. Het was de moderne pianomuziek zoals ik die zo vaak hoorde op de radio. Nee, dat was niks voor mij en ik stopte ze weg. Weggooien durfde ik niet. Ik hoorde nooit van de naam Mompou. Af en toe, bij een verhuizing of zo, probeerde ik nog een cd te luisteren, maar na het openingsnummer haakte ik af.

Jazz en pop op orgel

image

Bert van den Brink bespeelt het Verschueren-orgel in het Orgelpark te Amsterdam

Bert van den Brink is al jaren het bewijs hoe mooi jazz en popmuziek op orgel kunnen klinken. Gisteren presenteerde hij zijn eerste orgel-cd in het Orgelpark. Zijn concerten zijn een jaarlijkse traditie in het Orgelpark. Dit jaar kreeg de traditie een bekroning met de uitgave van een cd. Bij het presentatieconcert liet de jazz-pianist publiek enkele stukken van de cd horen.

Reach out
De opening: Reach out van The Four Tops. Een indrukwekkend muziekstuk waarmee hij zijn cd ook begint. Het spreekt misschien voor zich, maar ik liet mij verrassen door de ongebruikelijke ritmes en ongebruikelijke akkoorden. Zeker, het orgel leent zich ook heel goed voor de lichte muziek. Dat bewees deze entrada wel.

Tussen de muziekstukken door lichtte Bert van den Brink de muziek toe. Tegelijk gaf hij een inkijkje in de keuzes die hij maakte voor zijn cd. Alle nummers van de cd zijn opgenomen op het Verschueren-orgel. ‘Bij mijn concerten hier bespeelde ik alle orgels die hier staan. Wat me daarbij opviel, was dat ik daardoor nauwelijks toekwam om het instrument echt te ontdekken.’

Vox Celeste
Het Verschueren-orgel leent zich volgens Bert van den Brink uitstekend voor zijn muziek. ‘Het is het grootste orgel van het park en het is helemaal mechanisch. Je moet ervoor werken en daar houd ik van.’ Hij is gek op de Frans-symfonische bouw van het instrument. Met name de Vox Celeste is erg geliefd bij hem. ‘Ik kreeg de kans om twee hele dagen hier te spelen en dan ontdek je zo’n instrument.’ Hij speelde wat op de Vox Celeste. ‘En dan is er zo een uur voorbij.’

De mogelijkheden die de Vox Celeste biedt, demonstreerde hij daarna in de bewerking van het Ierse anonieme lied Shenandoah. Een liefdeslied. Het klonk adembenemend. In de vertolking van Bert van den Brink kreeg dit lied  rust en een bijna profane karakter. De combinatie van de Vox Celeste als begeleiding en de fluiten als uitkomende stem maakten het tot de sensatie die bij dit Ierse lied hoort.

image

Het Mustel-harmonium beneden in de Orgelzaal op het podium.

Harmonium
Op de cd heeft Bert van den Brink één nummer op een ander instrument gespeeld. Op het Mustel-harmonium speelt hij Body and Soul van Johnny Green. Hij speelt het jazz-nummer op de célesta. De combinatie van het klokkenspel met de ‘vox celeste’ van het harmonium maken het tot een ingetogen stuk. Dat demonstreerde de jazz-muzikant gisteren overtuigend in het Orgelpark.

Bij de wandelingen naar en van het podium beneden liet hij zich begeleiden door ‘pauzemuziek’. Op het Sauerorgel had hij enkele improvisaties eerder ingespeeld die het publiek te horen kreeg als hij naar het podium liep. En later ook toen hij terugkeerde naar het grote orgel om Yesterdays van Jerome Kern te laten horen. Gevolgd door de Blues die hij door het Orgelpark blies.

Queen
De afsluiting was het meest verrassende en ik denk stiekem ook het hoogtepunt van de avond: de uitvoering van Bohemian Rhapsody van Queen. Een verzoek van zijn vrouw en twee kinderen. ‘Maar het kan niet’, had hij verzucht. ‘Probeer maar eens.’ En die poging werd rijkelijk beloond. Want wat klonk het overtuigend.

De uitdaging bij de uitvoering van dergelijke muziek is een zorgvuldige analyse van het origineel. Je kunt onmogelijk alles laten horen. Een uitvoering op orgel vraagt om keuzes. Die keuzes maakt Bert van den Brink. Hij laat dingen weg en legt op andere aspecten accenten. De registratie vormt hier een wezenlijk element bij. Het levert een interpretatie van een poplied op, dat net zo overtuigend klinkt als een klassieke compositie of als het origineel.

image

Bert van den Brink wordt gefilmd voor een videoreportage.

Hij is een overtuigende muzikant. De muziek die hij speelt, overtuigt mij ervan dat elke organist een tijdje bij een jazz-muzikant in de leer zou moeten gaan. Of moet meespelen in een popbandje. Het zou helpen bij het improviseren en spelen van klassieke composities. Het zou hem nog beter leren muziek te maken.

Update
De cd die ik aanschafte, deed het helaas niet. Gelukkig kreeg ik vandaag bericht: er is iets misgegaan met de persing. Volgende week krijg ik de nieuwe toegestuurd. Ik zie er erg naar uit. Ook omdat ik heel graag de muziek die ik zaterdag hoorde nog een keer wil horen.

Audacity

image

De uitvoering op cd van Tjeerd van der Ploeg is prachtig maar toch blijft de behoefte aan de Tournemire van Marc Brefield – of hoe hij ook heten mag – in de Sint Servaasbasiliek in Maastricht. Ik moet het bandje maar digitaliseren om het te redden van de ondergang.

Elke keer afdraaien betekent weer het risico van een beschadiging op de band. Die zit er nu al dik in. Daarom speur ik op zolder naar het cassettedek van weleer. Het dubbeldek waarop ik het bandje heb samengesteld. Mogelijk weet dit apparaat ook de ruis een beetje te drukken.

Ergens in het midden achter de stapels dozen zou hij moeten zitten. Ik zoek de doos met het cassettedek, maar hij lijkt onvindbaar. Wel de platenspeler maar het apparaat dat ik zoek is er niet. Weer de stapel langs. Naar een andere stapel. Ik sjouw me rot maar zie niet wat ik zoek. Een laatste keer, hier zou hij moeten zitten. Ik kijk onder de platenspeler en zie het cassettedek.

Naar de computer om het apparaat aan te sluiten. Het bandje draait, ik hoor muziek, maar het programma – een oud programma bijgeleverd bij een boekje om van platen cd’s te maken – geeft geen sjoege. Misschien is het te zacht. Terug naar zolder naar de doos met de platenspeler voor de versterker. De versterker voor de platenspeler ertussen. Het geluid schalt in een oorverdovende brom uit de speakers, maar het programma registreert niks.

Misschien gewoon opnemen. Het bandje draait. Ik ben ijzig stil. De vorige keer dat ik iets opnam, registreerde hij alleen het geluid via de microfoon. Zo zat ik met allemaal geklets en het geluid van de televisie, maar niet met de muziek die ik wilde opnemen. Het is driekwartier later. Ik buig mij weer over de apparatuur. Het bandje stopt. Ik stop de opname in het programma.

Benieuwd wat ervan geworden is. Ik speel het af, maar ik hoor niks. Opnieuw speur ik de instellingen af. Maar er gebeurt niks. Het is voorbij met dit programma. Dat is mij wel duidelijk. Op de computer op zolder kan ik dit niet doen. Deze heeft niet zo’n mooie audio-ingang. Ik ga weer op zoek. Neus handleidingen door, scharrel wat op internet. Maar het baat allemaal niet. De opnames lukken niet.

Dan vind ik het gratis programma ‘Audacity’. Misschien is dat wel iets voor mij. Ik zoek verder naar achtergrondinformatie en download het programma. In tegenstelling tot het oude programma registreert dit apparaat wel de muziek uit het cassettedek. Maar hij neemt even enthousiast achtergrondgeluid via de microfoon op. Zoeken in de instellingen en ik zie dat er verschillende geluidskanalen openstaan. Het juiste kanaal zoeken en de verkeerde kanalen afsluiten. Voor ik er erg in heb is het gepiept en neemt hij op.

De zeven koralen klinken. Prachtige muziek, voorafgegaan door het betreffende kruiswoord door de Amerikaanse kunstenaar. Intiem en groots tegelijk. Het orgel van de Sint Servaas is ontstemd. Maar dat is niet belangrijk. Het maakt de weeklacht nog intenser. Die valse trompet lijkt het diepste verdriet nog beter weer te kunnen geven. Ik ben tevreden Hier wordt een groots wonder verricht en ik kan er straks nog eindeloos naar luisteren.

Als de opname klaar is, volgt het opdelen in stukken. Ik snap er niks van. Al die rare tekentjes. Ik kan er niet eens mee overweg. Het oude programma was daar veel makkelijker in. Weer terug het internet op en daar openbaart zich de oplossing. Het programma is zeer gebruiksvriendelijk ontdek ik snel. Veel gebruiksvriendelijker dan het oude. Ik ga heerlijk verder en voor ik het weet staat alles prachtig op een cd.

Met de opnames die ik heb liggen van Chemin de la Croix van Dupre verloopt het allemaal soepel. Behalve dat de opname in de Sint Jan van Den Bosch door Maurice Pirenne onmogelijk op een cd gebrand wil worden. Ik moet het opdelen en combineer het met Ton van Ecks uitvoering van hetzelfde werk. Op het orgel van de Sint Servaas van Maastricht. Dit keer strak gestemd, maar wel zacht opgenomen.

Niet alles kan volmaakt zijn.