Tagarchief: literatuur

Zintuiglijke vergelijkingen

De vroege notities van Konstantin Paustovski in dagboeken en brieven, laten een zeer poëtisch taalgebruik zien. De zintuiglijkheid staat centraal in de vergelijkingen die hij maakt in Goudzand. Het is een beeldspraak die je vangt en die op geen enkel moment gekunsteld overkomt.

Hierbij ook alle lof voor de vertaler Wim Hartog. Hij weet in zijn vertaling heel treffend het Russisch om te zetten in het Nederlands. Je voelt nooit de taal in de weg staan in de vergelijkingen.

Zoals het moment waarop Paustovski schrijft over de eenzame stad Joezovska waarin hij tijdens de Paasdagen verblijft:

Ik ben helemaal alleen achtergebleven in dit grote, voor de feestdagen leeggelopen hotel. Doodse stilte alom. Vuurgloed boven de fabrieken, zwarte straten, in de nachten ritselt regen tegen de ramen, in de achtertuinen janken honden en zeurt een trage, effen wind. Er schuilt iets dofs, ondoordringbaars, lugubers in deze vochtigem mistige nachten, net nachtmerries van Goya. (75/77)

Konstantin Paustovski weet in deze vergelijkingen en vermenging van zien en horen, prachtig de eenzaamheid te treffen. Dat hij hierbij enerzijds de natuur en anderzijds zijn eigen gevoel meeneemt, is bijna vanzelfsprekend, maar je leest dit bijna nooit bij een schrijver. Voor Konstantin Paustovski hoort dit bij elkaar. Hij pakt je met dit taalgebruik dat zweeft tussen poëzie en proza in.

Konstantin Paustovski: Goudzand, Verhalen, dagboeken en brieven. Samengesteld en vertaald door Wim Hartog. Amsterdam: Uitgeverij van Oorschot, 2016. ISBN: 978 9028 261 228. Prijs: € 34,99. 670 pagina’s.Bestel

Overleven door de herinnering

De verzameling brieven en verhalen van Konstantin Paustovski begint in de Eerste Wereldoorlog. De Russische schrijver werkt als hospitaalsoldaat op een ambulancetrein. De trein rijdt door het oorlogsgebied om gewonde soldaten op te halen. Hier ontmoet hij zijn latere vrouw Katja. Zij is zuster van barmhartigheid.

De heftige en indrukwekkende gebeurtenissen in de oorlog, lopen als een rode draad door het verhaal. Op een uiterst treffende manier weet Konstantin Paustovski de verschrikkingen die hij hoort en ziet vanuit de trein te verwoorden. Je leest dat hij in de overlevingsstand staat en beseft hoe iemand zijn gedachten verplaatst uit het hier en nu. Alleen zo kun je overleven. De dromen waaruit hij ontwaakt bewijzen dit:

Ik ben net uit een korte, vreemde droom ontwaakt. Ik ben al bijna vergeten waar die over ging. Als ik mijn geheugen inspan, herinner ik mij nog vaag een brede, hete straat, een donkere nacht, een doorzichtigheid van lichten, het ruisen van een kastanje. Het is een slaperige straat, overspoeld door een tere stilte – een soort zwijgen van de sterren – waarin mijn stappen galmend weerklinken en ik ben ervan doordrongen dat hier ergens heel dicht bij de zee ligt te ademen. De lente is naar de zee toe gestroomd. En in het ruisen van de bladeren, in de warme wind, in het roezemoezen van de zee en de nacht, in alles bespeur ik jouw nabijheid en zie ik je ogen. (53)

Pure poëzie in de meest zuivere vorm. Het leest als een gedicht deze droom. De zintuigelijke waarneming vermengt met de gedachten en de duiding. Wat een betoverende beeldspraak lees ik in dit fragment. Niet alleen een liefdesverklaring, maar veel meer. Een ontsnapping uit de verschrikkingen van de oorlog. De verteller verbergt zich in de belofte van de liefde. Zijn liefde voor Katja houdt hem op de been. Het maakt de oorlog om hem heen niet minder erg, maar hij weet er wel door te overleven.

Konstantin Paustovski: Goudzand, Verhalen, dagboeken en brieven. Samengesteld en vertaald door Wim Hartog. Amsterdam: Uitgeverij van Oorschot, 2016. ISBN: 978 9028 261 228. Prijs: € 34,99. 670 pagina’s.Bestel

Goudzand

Het is misschien wel het mooiste boek dat ik in 2016 las, Goudzand van de Russische schrijver Konstantin Paustovski. Ik heb 2 van zijn boeken in mijn boekenkast staan, maar dit boek dat ik geleend heb van de bibliotheek, haalt mij over aan zijn oeuvre te beginnen. En wat voor een oeuvre is het!

Konstantin Paustovski heeft van de nood een deugd gemaakt. Hij wordt omringd door de wereldgeschiedenis. Goudzand begint met de Eerste Wereldoorlog en loopt via de Russische revolutie en al het gedoe van onteigening en de alleenheerschappij van Stalin, zo de Tweede Wereldoorlog in. Het zijn niet deze gebeurtenissen, maar het vormt wel de leidraad van het krachtige oeuvre van Konstantin Paustovski.

Paustovski vertelt zijn levensverhaal dat begint in de Oekraïne. Hij doorloopt het gymnasium in Kiev, al onderbreekt hij hem diverse malen omdat hij het schoolgeld niet op tijd betaalt. De universiteit komt op hem over als een gevangenis, waardoor hij een zwervend leven gaat leiden.

Ik werd bevangen door levenshonger, begon een zwervend leven te leiden en had daarbij veel verschillende baantjes. Toen de oorlog uitbrak was ik tramconducteur in Moskou. Ik werd ontslagen omdat gewonde soldaten van mij gratis mee mochten. (9)

Dat schrijft Paustovski in zijn inleiding. Hij stelt dat je door reizen en trekken in staat bent om een tijdperk te doorgronden en te doorvoelen. Zo weet hij je ook in zijn aantekeningen te vangen. Het zijn brieven, dagboekaantekeningen, journalistieke stukken en literaire verhalen waarmee Konstantin Paustovski je pakt. Het is een imposant en dik boek dat een levensverhaal is, maar leest als een roman. Wat is dit een indrukwekkend boek.

Konstantin Paustovski: Goudzand, Verhalen, dagboeken en brieven. Samengesteld en vertaald door Wim Hartog. Amsterdam: Uitgeverij van Oorschot, 2016. ISBN: 978 9028 261 228. Prijs: € 34,99. 670 pagina’s.Bestel

Ben jij anders gaan lezen door school? – #50books vraag 45

img_20161106_083730.jpgOp Twitter zag ik een interessante discussie over het literatuuronderwijs op school. De ontlezing is namelijk op zijn retour. Jongeren durven weer een boek te pakken en te gaan lezen. Hierbij grijpen ze ook terug op het papieren boek. Even geen mobieltje, even geen internet, maar gewoon met een boek op schoot.

Ik ben gek op lezen en verslond toen ik jong was al veel boeken. Ik las De schippers van de Kameleon, de spannende scheepsverhalen van K. Norel en Snuf de hond van Kees Prins. Op de Middelbare school maakte ik kennis met de geschiedenisboeken van Thea Beckman. Enthousiast geworden door een fragment van Kruistocht in spijkerbroek bij Nederlands.

De liefde voor literatuur kwam pas na de Mavo op de MTS. Ik ontdekte de boeken van Maarten ’t Hart en via hem rolde ik de Nederlandse literatuur in. Pas toen ik stopte met de MTS en versneld Havo en VWO ging doen, volgden andere boeken van ondermeer Harry Mulisch en ook Jan Wolkers.

Daarom loopt mijn liefde voor het lezen hand in hand met de opleidingen die ik deed. Maar geldt dat voor iedereen?

Daarom de boekenvraag voor deze week:
Ben jij anders gaan lezen door school?

Ben je juist meer gaan lezen door je opleiding en je docenten? Of werkte het literatuuronderwijs juist demotiverend voor je?

Ik ben heel benieuwd naar de antwoorden.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Opbouw

img_20161010_205343.jpgDe bijzonder strakke opbouw, ingedeeld volgens het dagritme van de monniken in een klooster. Umberto Eco’s roman De naam van de roos speelt in 7 dagen, verdeeld naar de gebedsmomenten op de dag: metten, lauden, priem, terts, sext, noon, vespers en completen.

Het is die strakke opbouw waarmee Umberto Eco zijn lezers uitdaagt. Alles speelt zich ook in deze momenten van het klooster. Daarbuiten lijkt de wereld niet te bestaan. Het verhaal wordt gedragen door het vaste ritme van de dagen.

Het is de ademhaling van de roman. Het brengt de lezer in het verhaal. Het strakke leven in een klooster is hiermee prachtig in de structuur van de roman gebracht. Zo geformeerd rond de dagelijkse cyclus aan gebeden krijgt de roman een duidelijke opbouw, waarbij de lezer meteen ingewijd wordt in het kloosterleven.

Het bijzondere klooster in Melk dat de verteller Adson hier aanhaalt, ken ik vooral als dat klooster dat je ziet liggen vanuit de trein in Oostenrijk. Dat is een gebouw in barokstijl. Het klooster van De naam van de roos ligt eveneens mooi bovenop een berg. Alleen is het een paar eeuwen voor het huidige klooster er staat.

De monniken in De naam van de roos leven volgens de orde van de benedictijnen. Deze orde is gesticht door kerkvader Benedictus. Onder het kopje ‘Opmerking’ vermeldt de verteller, de persoon die zegt dat hij het manuscript van monnik Adson heeft bewerkt naar onze tijd:

Adsons verwijzingen naar de canonieke uren hebben me enigszins in verlegenheid gebracht, want niet alleen varieert de bepaling ervan naargelang van de plaats en de jaargetijden, maar naar alle waarschijnlijkheid hield men zich in de veertiende eeuw niet angstvallig precies aan de door de heilige Benedictus in de regel vastgelegde aanwijzingen. (12)

Daarmee speelt de verteller of bewerker van het manuscripten van Adson al meteen het spel van het verhaal. Hij trekt hiermee meteen al het manuscript in twijfel voor de lezer. Net als het aanhalen van een boek dat in de 20e eeuw het kloosterleven beschrijft. Het is een leuk spel, omdat het verhaal heel strak is opgebouwd door het volgen van dagindeling in het klooster.

Meteen merkt de verteller erbij op dat het mogelijk helemaal niet zo strak gevolgd werd in de Middeleeuwen, de tijd waarin het verhaal speelt. De opbouw van het verhaal volgt deze regel wel heel strak. Het geeft de roman het ritme, waarover Umberto Eco in het naschrift nog een aantal interessante dingen schrijft.

Umberto Eco: De naam van de roos. Oorspronkelijke titel: Il nome della Rosa, Postille a ‘ll nome della Rosa’ Vertaald door Jenny Tuin, Pietha de Voogd en Henny Vlot. 36e druk. Amsterdam: Ooievaars Pockethouse, 1996 [1983, 1e druk]. ISBN: 90 5713 117 X. 582 pagina’s. Prijs: € 15 Bestel

Wie verdient voor jou de Nobelprijs? – #50books vraag 42

img_20161014_124551.jpgEen spannende week voor de liefhebber van literatuur: wie wint dit jaar de Nobelprijs voor de literatuur? Het antwoord: Bob Dylan krijgt de Nobelprijs! Zijn liedjesteksten zijn zo literair, dat de Zweedse Academie de Amerikaanse protestzanger de meest prestigieuze literaire prijs ter wereld gunde.

Bovenop de verrassende keuze, krijgt Bob Dylan zelfs een vergelijking met grote Griekse dichters:

Als je 5000 jaar terugkijkt, ontdek je Homerus en Sappho. Zij schreven poëtische teksten die bedoeld waren om te worden voorgedragen. Datzelfde geldt voor Bob Dylan. Wij lezen Homerus en Sappho nog steeds en genieten van hun werk.

Dat is klare taal. De organisatie achter de Nobelprijs blijft natuurlijk best een geheimzinnig genootschap. Het is mij altijd onduidelijk hoe ze precies bepalen wie deze prijs krijgt. Het lijkt een volstrekte willekeur te zijn en daarom is de verrassende keuze voor Bob Dylan best leuk om te horen.

Fan Martin Bril zou een gat in de lucht hebben gesprongen als hij dit hoorde. Maar heeft Bob Dylan deze literaire prijs wel verdiend? Zijn teksten zijn namelijk onlosmakelijk verbonden met zijn muziek. En blijft er nog iets overeind van zijn tekst als je de muziek weglaat. Zoveel mensen, zoveel meningen. Dat geldt bijna elk jaar als de Nobelprijs voor de literatuur aan een schrijver wordt toegekend.

Dat brengt mij bij de boekenvraag van deze week.
Wie zou volgens jou de Nobelprijs voor de literatuur verdienen?

Bij de toekenning van de prijs wordt altijd meegenomen dat het werk van de schrijver een idealistisch karakter bezit. Je bent vandaag even het doorslaggevende lid van de Zweedse Academie en bepaalt wie de winnaar is van de Nobelprijs voor de literatuur. Ik ben benieuwd waarom je hem of haar kiest.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Hoe lees ik?

img_20161015_145036.jpgBoeken lees ik al mijn hele leven. Ik ben in de loop van de jaren wel anders gaan lezen. Meer gericht op wat de tekst met mij doet. De betekenis die ik erin leg en hoe ik het verhaal bleef. De rol van de lezer zie ik als de belangrijkste schakel. Zonder de lezer bestaat de tekst niet.

Lidewijde Paris geeft in haar boek Hoe lees ik? allerlei aanwijzingen hoe je een boek kunt lezen. Ze heeft haar verhaal opgedeeld in 3 delen: basisbegrippen, stijlfiguren en context. Het uitgangspunt is het lezen van een roman.

Wat gebeurt er in een roman?

De aanleiding is een gesprek met een lezer in de boekwinkel over een roman van Grøndahl. De vrouw waarmee ze spreekt vraagt zich af wat er in de roman gebeurt. Later geeft ze een lezing in de boekwinkel in Heemstede. Aan de hand van een stapel romans vertelt ze over haar avonturen bij het lezen:

Of die ene mevrouw erbij was, weet ik helaas niet. Ik hoop van wel. Aan de hand van Grøndahls boek – Dat weet je niet had ij door haar vraag immers een extra betekenis gegeven: hoe literatuur werkt, dat weet je soms niet. En ik dank aan haar indirect de titel van mijn boek: Hoe lees ik?

In eerste instantie helpt Lidewijde Paris om meer grip te krijgen op de tekst. Ze begint groot en zoomt steeds verder in op kleinere onderdelen. Zo noemt ze motief en thema, kijkt ze naar verteller en perspectief, tijd en kijkt ze naar de structuur en verhaallijnen. Allemaal ingrediënten om als lezer meer uit een verhaal te kunnen halen.

Als ze aan het eind van het boek met haar buurvrouw over lezen praat, zegt haar buurvrouw dat ze zich juist wil ontspannen. Zou ze met dit boek haar buurvrouw helpen of blijft literatuur moeilijk voor haar. Sommige onderdelen die Lidewijde Paris noemt, heb ik al op de middelbare school gehad en helpen mee bij een goed begrip van de roman. Andere aspecten heb ik later bij mijn studie Nederlands verder uitgediept. Maar dat betekent niet altijd dat ze van waarde zijn.

Plezier in lezen

Voor mij dragen ze zeker bij aan het plezier waarmee ik een roman lees. Of iedereen dat zo ervaart, weet ik niet. Het is onderdeel van mijn eigen twijfel rond literatuur en hoe anderen dat ervaren. Niet iedereen waardeert schoonheid op dezelfde manier. En of en hoe je dat kunt leren, is lastig te bepalen. Net zoals dat ik nooit uit kan leggen waarom ik een psalm zo mooi vind.

Ze levert echter prachtige voorbeelden aan in haar leesboek. De keuze in de korte verhalen die ze opvoert, is bijzonder sterk. Ze laat je kennismaken met schrijvers als Sefi Atta, T.S. Boyle en Olaf Olafsson. Het zijn erg indrukwekkende verhalen en ik vind het bijna spijtig dat ze hier niet dieper op ingaat. De hoeveelheid verhalen die ze aanhaalt is namelijk soms een beetje overweldigend.

Mooie voorbeelden

Daarmee heb ik vooral plezier gehad aan de voorbeelden die ze gaf. Ze citeerde de hele verhalen en dat leverde een onverwacht genoegen op. Het maakt dit boek ook voor de ervaren lezer de moeite waard het te lezen. Al ben ik het inhoudelijk niet altijd eens. De zoektocht naar de intentie van de schrijver, heb ik namelijk al heel lang geleden opgegeven.

Lidewijde Paris: Hoe lees ik? Met inspirerende voorbeelden uit de literatuur. Amsterdam: Nieuw Amsterdam uitgevers, 2016. ISBN: 978 90 468 2108 4. 288 pagina’s. Prijs: € 17,99. Bestel

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn bijdrage over Hoe lees ik? van Lidewijde Paris. We lezen dit boek bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

De naam van de roos

img_20161010_205304.jpgDe Middeleeuwen, kloosters en monniken. Doris is er erg mee bezig en ik besluit inspiratie te halen uit de Umberto Eco’s roman De naam van de roos. Een bijzondere titel die pas helemaal aan het eind van de roman duidelijk wordt. Het is een boek die ik al heel lang wil lezen.

De verteller van het verhaal is de oude monnik Adson. Hij schrijft de oude geschiedenis op die hij beleefde met de franciscaanse frater William. Ze bezoeken het klooster in Melk. Het is Adson onduidelijk wat de precieze missie van zijn leermeester is, maar als ze aankomen in Melk blijkt dat er een raadselachtige dood is van een monnik.

Hij is buiten gevonden in de sneeuw. Het is onduidelijk of hij uit een raam is gevallen of dat er iets anders is gebeurd. William en Adson gaan op onderzoek uit. William hoopt meteen iets meer te kunnen zien in Melk, namelijk de fraaie kloosterbibliotheek. Hij zegt dit als hij de opdracht krijgt om de dood van de monnik te onderzoeken:

‘Maar ik zal vandaag nog beginnen, voordat de monniken horen welke opdracht u mij hebt gegeven. Bovendien zou ik, en dat is niet de onbelangrijkste reden van mijn komst hier, bijzonder graag uw bibliotheek bezoeken, waarover in alle abdijen van de christelijke wereld met bewondering wordt gesproken.’
De abt kwam haast met een ruk overeind, zijn gezicht strak en gespannen. ‘U kunt gaan en staan war u wilt in de abdij, heb ik gezegd. Maar beslist niet op de bovenste verdieping van het Hoofdgebouw, in de bibliotheek.’ (43)

Als William vraagt waarom hij er niet mag komen, spreekt de abt zich in vage termen uit. Op de bibliotheek rust een verbod voor alle monniken, alleen de bibliothecaris mag er komen. De toegang is beperkt tot hem, waarbij het geheim waar alle boeken zich bevinden, wordt overgedragen van bibliothecaris op bibliothecaris.

De roman van Umberto Eco wordt niet alleen ontzettend spannend door de speurtocht naar de oorzaak van de raadselachtige moorden. Ook draait het in De naam van de roos om de toegang tot de bibliotheek. Het zoeken naar boeken en vooral het labyrint waarin de boeken zich bevinden, maken het verhaal extra spannend.

Umberto Eco: De naam van de roos. Oorspronkelijke titel: Il nome della Rosa, Postille a ‘ll nome della Rosa’ Vertaald door Jenny Tuin, Pietha de Voogd en Henny Vlot. 36e druk. Amsterdam: Ooievaars Pockethouse, 1996 [1983, 1e druk]. ISBN: 90 5713 117 X. 582 pagina’s. Prijs: € 15 Bestel

Drankprobleem

img_20160811_205559.jpgDe roman Advocaat van de hanen leest als een heuse detective. Daarbij zit de roman ook literair gezien buitengewoon vernuftig in elkaar. Het drankprobleem van de advocaat Ernst Quispel passeert de revue. Hoe een verslaving zijn carrière kapot maakt. Daarnaast speelt een rol hoe hij gebroken heeft met zijn familie vol advocaten en de vader die zich aan het eind ontfermd over de zoon.

Ernst Quispel heeft op alle fronten verloren. Tegelijk weet Van der Heijden op een heel bijzondere manier het verhaal van de Tandeloze tijd door deze roman te verweven. Hij heeft de controle over de eerdere delen. Daarbij wetend dat voor de lezer al deze aspecten pas later duidelijk zouden worden. Een tour de force waarbij de verteller de enorme van het verhaal helemaal onder controle heeft.

Als Advocaat van de hanen in 1990 verschijnt, moet het 3e deel nog verschijnen. Uiteindelijk komt dit deel in 2 helften in 1996 uit. Pas dan ontdekken de lezers hoe goed het 4e deel aansluit op de eerdere delen. A.F.Th. van der Heijden laat zien hoe goed hij de controle hij heeft over de vele verhaallijnen.

De alcohol speelt natuurlijk in de hele Tandeloze tijd een prominente rol. Ook dat de alcohol fataal kan zijn, zie je in de eerdere delen terug. De relatie met Zwanet Vrauwdeunt is hier samen met de advocaat. Hoe Ernst Quispel aan haar komt, blijft lange tijd onduidelijk. Zij krijgt zelfs een kind van hem, een dochter. Quispel is een periodiek alcoholist, een ‘kwartaaldrinker’ zoals hij het zelf noemt.

Eerst was er de euforie zonder drank, een euforie die zich naar buiten keerde. Pas toen hij het niet langer hield en de wereld deelgenoot wilde maken van zijn wonderbaarlijke geluk, ging hij kroegen bezoeken. Wekenlang duurde die toestand van opperste gelukzaligheid, die hij weerspiegeld zag in het zomerse humeur van de stadsbevolking. Tropisch voorjaar in Amsterdam. (252)

Aan het eind is de alcohol uitgewoed als hij het absolute dieptepunt bereikt. Dan heeft de alcohol alle lust in hem uitgedoofd. Hij heeft verloren en moet zich gewonnen geven. Het leven in de euforie is dan voorbij. Het gewone leven begint weer en hij kan er weer een paar maanden tegenaan. Het einde van Advocaat van de hanen blijkt deze levenswijze niet meer houdbaar. Ernst Quispel maakt een opmerkekijke keuze.

Dat Ernst Quispel in het 6e deel dat nog in ontwikkeling is, een plek krijgt, is onweerstaanbaar. Het maakt het verlangen naar dit deel met de veelzeggende titel Kwaadschiks alleen maar groter. Het zou vorig jaar al verschijnen, maar daar kwam de historische roman Ochtendgave eerst nog even tussendoor. Nu hopen dat dit najaar het 6e deel vande Tandeloze tijd verschijnt.

A.F.Th van der Heijden: Advocaat van de hanen. De tandeloze tijd 4. Amsterdam: Querido, 1998 [1e druk 1990]. ISBN: 90 214 6690 2. 574 pagina’s. Prijs: € 15,00.Bestel

Steden en boeken – #50books vraag 27

img_20160628_082758.jpg

Ging het vorige week over muziek, de vraag die Jannie in haar blog over boeken en muziek stelt over een ander aspect in boeken, staat aan de basis van de vraag van vandaag.

Land, streek of plaats in boek

In veel boeken speelt namelijk een bepaalde plaats, land, gebied of streek een prominente rol. Jannie haalt in haar voorbeeld mijn woonplaats Almere aan, waarnaar ze erg nieuwsgierig werd toen ze vorig jaar Renate Dorresteins roman Weerwater las.

Door omstandigheden heb ik het boek nog steeds niet gelezen, maar Jannie werd wel heel nieuwsgierig naar Almere en ze heeft zelfs al eens een wandeling rond het Kasteel gemaakt. Een prachtige plek. Ik kom er wel een paar keer per jaar. Ik ga vooral in de winter, omdat de desolate indruk van dit half affe bouwsel dan het sterkste op mij overkomt.

Agnetapark in Delft

Ik vind het wel heel mooi dat een boek iemand naar de plek waar het verhaal speelt, krijgt. Dat geldt natuurlijk ook voor het boek van Jan van der Mast Agneta waarin het Delftse arbeiderstuindorp Agnetapark een belangrijke rol speelt. Allemaal plaatsen waar je na het lezen van een boek in geïnteresseerd raakt.

Het zijn de plekken van schrijvers en dichters die mensen bezoeken, maar de plekken die in een roman of boek een rol spelen, zijn minstens zo belangrijk. Het schijnt dat jaarlijks mensen op Bloomsday door Dublin lopen in het spoor van romanheld Leopold Bloom door de stad.

Dat brengt mij op de volgende vraag:
Welk boek heeft jou geïnspireerd een bepaalde stad, streek of land te bezoeken?

Beïnvloeden door plaats?

Laat jij je door de beschrijving van een plaats in een roman beïnvloeden? Of word je niet nieuwsgierig naar een bepaalde stad na het lezen van een mooi boek? Ik ben waanzinnig benieuwd naar de antwoorden.

En wat betreft het lezen van Renate Dorrestein haar roman over Almere. Ik ben er zeker van. Het komt wel, alleen weet ik nog niet wanneer.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.