Tagarchief: teckel

Teckeltransport – #fietsvakantie

Oldenzaal uit. Oldenzaal ligt mooi op een helling. Na de klim om in het centrum te komen, fietsen we verder omhoog, de stad uit. In de korte daling, de stad uit, rijden we langs een vijver met een fontein in het midden. We klimmen weer.

We klimmen weer. Aan de andere kant van de weg rijdt een gezin. Vader op de bakfiets, moeder en kinderen ervoor. Het lijkt erop dat de man alles vervoert: tent, proviand en kleren. En achter hem op de bagagedrager een hondenmandje, keurig afgeschermd met een stalen bovenkant.

Achter hem op die bagagedrager klinkt gegil. Uit het mandje steekt een teckelkop, terwijl de fietsbestuurder met zijn hand achter zich zwaait en iets tegen het dier roept. ‘Ophouden met dat gegil’, schreeuwt hij. Wij horen het beter dan de hond, want het gegil achtervolgt hen de heuvel af.

Wat herken ik dit! Als wij de honden mee zouden nemen, zouden ze dit ook doen. Ik vertel het lachend aan Doris en we hebben heel veel plezier. Wat genieten wij dat we de honden hebben thuisgelaten. We besparen daarmee veel medefietsers een pleziertje, maar gunnen ons de rust.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

Het wak in mijn kleedje

image

Een wat koudere avond, ik kruip lekker onder mijn kleedje op de bank. Schik het cadeautje dat ik 2 jaar terug van Sinterklaas kreeg en schrik me rot: een enorm gat!

De teckels bij ons in huis zijn kleedjesknagers. Saartje vindt het heerlijk om te knagen op textiel. Ze kauwt erop alsof het een botje is. Ze gaat hierbij heel nauwgezet te werk: eerst maakt ze een gat in het kleedje, daarna weer eentje en zo verandert het hele kleedje in een gatenkaas.

image

Het eerste gat betekent namelijk dat het kleedje is geconfisqueerd en dat je je kleedje kwijt bent. Direct ingrijpen dus. Gelukkig woon ik in huis met iemand die handig is met naald en draad.

Zo heeft het gat een nieuwe functie gekregen. Het is een wak geworden, waarom pinguïns staan. Een heus ijslandschap dus. En het resultaat mag er best zijn. Al hoop ik dat het bij dit ene gat blijft.

image

Ik heb het kleedje wel veilig opgeborgen voor de zekerheid.

Proust

image

De tijd verglijdt in de roman Ik neem toch een hond van Marjan Berk. De hoofdpersoon merkt het ook. Ze merkt dat ze langzaam vergeetachtig wordt.

Op een avond staat ze in Olst voor een donkere dichte bibliotheekdeur terwijl ze dacht er columns te moeten voorlezen. Een voorbijganger roept haar toe dat ze een dag te vroeg is. Tot haar schrik merkt ze dat ze die avond in Delfzijl een groep vrouwen moest toespreken. Zou ze echt vergeetachtig worden?

Het verglijden van de tijd illustreert Marjan Berk het mooiste in het noemen van Marcel Prousts romancyclus À la recherche du temps perdu. Zelf komt de hoofdpersoon Lena Steketee niet zover:

Lena was voor de zoveelste keer aan Proust begonnen, ze kwam al jarenlang nooit verder dan de passage waarin de grootmoeder een rondje om de kerk liep. Dan was de vakantie weer voorbij en wachtte Proust op de volgende vakantie. (42)

Later bezoekt ze in Parijs met een vriendin nog snel een museum om de verzamelde manuscripten en brieven van de Franse schrijver te bewonderen. Zogenaamd om het verblijf in de Franse hoofdstad nog een cultureel tintje te geven.

Het lukt haar schoonmoeder wel om door een deel van Prousts magnum opus te komen. De gretige lezer kon de boeken van de Franse romanschrijver wel waarderen.

Zelfs Proust werd door haar ijverig verorberd: ‘Mooi boek!’ zei ze enthousiast, toen ze drie delen van de verloren tijd had doorgewerkt. (112)

Daarmee wordt de romancyclus van Marcel Proust het symbool van de verloren tijd. Hoe de ouderdom komt en het grote levenswerk van de Franse schrijver maar niet gelezen wordt. Zelfs haar schoonmoeder heeft het gelezen, maar Lena Steketee komt er maar niet aan toe.

Marjan Berk: Ik neem toch een hond Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2011. ISBN 987 90 450 6777 3. 134 pagina’s.

Marjan Berk en teckels

image

De kaft met de drie teckels erop trok mijn aandacht in de kringloopwinkel. Ze kijken met een eigenzinnige blik de lezer aan. Daarom kocht ik het boekje van Marjan Berk met de veelzeggende titel Ik neem toch een hond. Het spreekt tot de verbeelding deze roman. De aangename schrijfstijl van Marjan Berk doet de rest.

Het boek gaat over Lena Steketee. Haar teckel Karel is pas overleden. Hij is 17 jaar geworden. Nu hij er niet meer is, voelt ze zich onveiliger dan voorheen. Ze overweegt weer een hond te nemen, maar voelt zich geremd. Een hond betekent ook afhankelijkheid en zorgt ervoor dat je aan je huis gekluisterd bent.

De oudere vrouw Lena Steketee worstelt ermee. Ze wordt zelfs beroofd bij het pinautomaat waardoor ze zich nog onveiliger voelt. Maar iets weerhoudt haar om weer naar een teckel om te zien. Want wie zorgt er voor het beestje als ze niet meer voor zichzelf zorgen kan?

Ze mist het gezelschap van een hond of een man. Ze kan geen afstand doen van haar overleden teckeltje Karel. De mand met speeltjes erin staat nog steeds bij de gaskachel. Het verlangen blijft, maar moet ze er niet eens afstand van nemen?

Het blijft knagen en ze is al op zoek naar het adres van iemand van de teckelclub om te informeren naar een teckel. Ondertussen trekken alle mannen in haar leven voorbij, net als de drie teckels die ze gehad heeft. En van wie ze hield.

Marjan Berk: Ik neem toch een hond Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2011. ISBN 987 90 450 6777 3. 134 pagina’s.

2013 in blogs (9) – Teckels, kikkers en uitjes

image

Het schrijven over Sientje was een zoete herinnering, waarbij ik veel moest glimlachen. Uit die dromerij werd ik wel gehaald door Teuntje en Saartje. De teckels die nu ons huis onveilig maken. Ook zij kregen veel aandacht in de vorm van blogs of opgegeten foto’s. Herinneringen direct opgetekend.

Waren ze vorig jaar nog vrij kalm, het ontdekken sloeg om in jagen. Ze kwamen thuis met wild. De poel werd ontdaan van de kikkers en een binnengebrachte jonge merel werd in koele bloede omgebracht. Ik durfde er zelf niet over te schrijven.

Vergeet niet dat het barf’en onverminderd voort gaat met lam en reebout. Of de grote botten van de Action, die een heuse theatervoorstelling in huis opleverden. En de botjes die voor ontspanning zorgen. En de sneeuwhonden die herinneringen opriepen aan een jaar eerder. Als je dan met agressie bejegend wordt in het park, is dat wel weer jammer.

Wat betreft de kikkers, vond ik weer een mooie aanvulling op Inges kikkerverzameling. Een mooie vondst bij al mijn speurwerk door kringloopwinkels. We liepen door de Apenheul en Doris won een fiets. Of haar verjaardagswens om naar het vernieuwde rijksmuseum te gaan. In de zomer bezochten we het Zuiderzeemuseum, Schokland en nog later het Spoorwegmuseum. Het eerste stukje grebbeliniepad liep ik met mijn moeder en krijgt in 2014 nog een vervolg. Ik vond het heerlijk te fietsen naar Ouderkerk aan de Amstel, Abcoude en Naarden.

Lees verder

Dit is de negende blog van tien blogs over 2013

NaNoWriMo – Week 4

image

De laatste week zit erop, nog een dag en de echte NaNoWriMo 2013 is helemaal klaar. Ik heb mijn doel gehaald. Op maandag bereikte ik al het aantal woorden: 50.000! De teksten slaagden inhoudelijk wat minder goed. Het hoogtepunt viel een week eerder.

De passages van nu waren vooral het zoeken naar een mooi einde en dat is lastig. Zeker ook omdat de laatste teksten vooral over de tijd na de dood van Sientje gingen en ook vertelden over de komst van onze huidige teckels Saartje en Teuntje. Het doel om meer dan 50.000 woorden te schrijven was groter dan de kwaliteit van de teksten.

Het echte einde volgde pas twee dagen later op woensdag. Ik zag wat beter het grote geheel en het lukte mij om de inhoud beter te laten aansluiten op het eerdere verhaal. Het zoeken van een conclusie is altijd lastig en of het geschreven einde ook het echte einde is, weet ik nog niet. Ik moet het nog eens goed laten bezinken.

Dat neemt niet weg dat ik flink geschreven heb de afgelopen maand. Meer dan 60.000 woorden telt het document dat ik nu voor me heb liggen. Ik ben al stiekem begonnen met het doornemen van de eerdere gedeelten. Het begin kostte zeker ook flink wat moeite, ontdek ik nu. Ook daar zocht ik naar de juiste toon en een mooie vorm. Pas later kwam dat, zie ik nu. En misschien valt dat ook tegen, dat moet ik nog ontdekken.

Zo is er een mooie schrijfmaand voorbij en vraagt de geschreven tekst flink redigeren en corrigeren. Maar ik heb een mooi doel. De tekst die ik gemaakt heb, is al een goed begin dit doel te bereiken. Ik ben trots en geniet daar nog even van.

En dan corrigeren om daarna aan de slag te kunnen met de echte roman.

NaNoWriMo – week 1

image

De eerste week NaNoWriMo zit er op. Precies een week geleden worstelde ik nog met het idee aan een heel nieuw project beginnen, een roman over de zorg. Zeker dat idee zweeft nog steeds in mijn gedachten, maar ik ben mij ook gaan afvragen waarom veel plannen bij mij stranden. Dat komt omdat ik vaak teveel tegelijk wil en niet wat ik begonnen ben, afmaak.

Andere idee

Zo zit ik een week later te werken aan het andere idee waarmee ik vorige week worstelde; de verhalen over teckel Sientje. Ik ben er in augustus mee begonnen, schreef in totaal 14 bijdragen tot de NaNoWriMo begon. Bij het schrijven merkte ik dat ik het heerlijk vond om over het verleden te schrijven. Ik droomde heerlijk weg in de herinneringen van mijn teckel en schreef het verhaal uit mijn blote gedachten op.

Of het allemaal klopt? Ik geloof best dat er wat dichting bij gekomen is. De fantasie wringt zich ook door de herinnering. Aan de andere kant verbaasde het mij hoeveel er terugkomt bij het schrijven. Al schrijvend herinner je andere verhalen die ermee te maken hebben.

Uit blote hoofd

Het is heerlijk om zo uit het blote hoofd te schrijven. Het lijkt net of je weer eventjes terug in de tijd gaat en die periode herbeleeft. Zo heb ik bewust oude dagboeken, blogs en verhalen laten liggen en ik weet zeker dat daar ook best veel in terug te vinden is.

En zo zit ik na een week al over de 18.000 woorden. Het verrast mijzelf. Het hele document telt nu meer dan 27.000 woorden. Of ik voor dit project de vereiste 50.000 woorden haal, betwijfel ik. Ik verwacht dat er nog zoveel komt als dat ik tot nog toe geschreven heb. Of dat nog een week werk is, weet ik niet.

Misschien dat ik het komende week iets rustiger aandoe. Ik heb genoeg de ruimte daarvoor. Met vanaf nu 1.386 woorden per dag kom ik bij die 50.000. Ik merk dat het best hard werken is. De cadans waarin ik ben terechtgekomen is wel lekker. Dan ontdek je dat je bij schrijven misschien minder hard moet nadenken, maar gewoon moet schrijven. Doen!

Ik ben blij dat ik de keuze gemaakt heb een bestaand project eerst af te ronden. Voor het eerst van mijn leven heb ik het gevoel echt iets af te maken. En of het nu bij blogs blijft of meer de richting van een roman opgaat, dat kan ik nog niet zeggen. Het resultaat tot nog toe stemt hoopvol.

Naar mijn introductiepagina op NaNoWriMo.org

Beschrijving van het project

Dromen van Harry Mulisch

image

In Logboek 1991-1992 schrijft Harry Mulisch geregeld over zijn dromen. Op woensdag 5 juni 1991 schrijft hij op zijn computer:

‘Vannacht – eigenlijk vanochtend – gedroomd dat Julius (de teckel) naar mij toe kwam. In de twee zachte holtes van zijn keel en de aanzet van zijn voorpoten zaten plotseling twee extra ogen, lichtgrijze, die mij aankeken. Hij bracht zijn snuit naar mijn oor en zei zacht: ‘Harry…’ Met een fysieke schok van verbijstering werd ik wakker.’

Ik droom nooit over mijn teckels. Net als dat ik nooit over Harry Mulisch droom. Ik droom weer andere dingen. Dat ik heel mooi orgel bespeel (Zutphen) en een masterclass krijg van een beroemde organist. Of dat ik met een groep van 15 mensen ben en steeds iedereen moet tellen. Het zijn er 15 maar ik tel er steeds 17 of 18.

Overdag ben ik druk genoeg met de teckels. Het verzorgen van de maaltijd en het uitlaten vraagt genoeg aandacht. In de nacht laten ze mij met rust. Ik moet er niet aan denken ineens door ze te worden aangesproken in mijn dromen.

De schrijver ontdekt verderop in Logboek ook dat het verzorgen van de teckels best veel tijd kost. Op 17 juli 1991 schrijft hij:

‘Lastig leven zonder S. De hond eist even veel aandacht als een kind. K. helpt. Weinig geschreven, veel nagedacht.’

Het verklaart voor mij waarom De ontdekking van de hemel geschreven is en ik niet aan schrijven toekom. Mulisch hoeft niet steeds met de hond eruit en kan onafgebroken werken. Als zijn vrouw een dagje van huis is, dan breekt de paniek los. Ook al krijgt hij hulp van zijn vriendin K. Een teckel houdt je van het werk af.

Symfonie van smeltwater

image

Sneeuw op vlonder in Beatrixpark smelt

Heerlijk hoe het smeltende water van de vlonder in de plas viel. Het klonk als muziek in de oren. De dunne waterstralen geven een hoge klank af. De combinatie van de waterstralen laten een heuse symfonie aan klanken horen.

Ik loop met de honden. Ze vinden het best interessant om de verte in te kijken. Voor het smeltwater hebben ze geen oog, meer voor de blaffende honden aan de andere kant van de plas.

De hoeveelheid sneeuw die er een week ligt, smelt vlug. De smalle gootjes in de planken voeren het water efficient af. Waarom het zo duidelijk te horen is, komt omdat als het regent de regen deze dunne waterstraaltjes royaal overstemt. De stilte in het park doet de rest.

image

Dooi in Almeerse Beatrixpark

Zo geniet ik van de dooi en fantaseer hoe het straks in de zomer hier uitziet. Hoe de bruinverbrande mannen en vrouwen hier op de vlonder pootjebaden. Vergetend dat het hier winter was en het smeltwater wegstroomde met hoge tonen.

Ontspannen spelen

saartje-speelt-met-botjeDe teckel die lekker in haar mandje ligt en ontspannen aan het spelen is. Ik betrap onze honden er regelmatig op. En dan zijn Teuntje en Saartje totaal verschillende honden. Ook al zijn ze van hetzelfde ras.

Waar Teuntje de bezoeker graag met een botje of todje in de vorm van een stuk spijkerbroek of een sok begroet, vindt Saartje het heerlijk om met een botje of todje te spelen. Ze doet dat heel onbevangen en schaamteloos.

saartje-speelt-met-botje-in-mand

Ik betrapte haar laatst in haar mand. Ze lag heerlijk tevreden met het botje in haar bek op de rug. Ze maakte geen aanstalte om het botje werkelijk op te kluiven. Ze speelde er heerlijk mee, liet het uit haar bek vallen om het dan weer op te rapen. Of gewoon op te vangen. Ik heb ervan genoten en filmde het gebeuren. Te leuk om niet te delen.