Het pronkstuk van onze nieuwe tuin: de Ginkgo Biloba. Het boompje met het unieke blad dat op twee bladeren lijkt, waarover Goethe zegt:

Dieses Baums Blatt, der von Osten
Meinem Garten anvertraut,
Gibt geheimen Sinn zu kosten,
Wie’s den Wissenden erbaut.

Ist es ein lebendig Wesen,
Das sich in sich selbst getrennt?
Sind es zwei, die sich erlesen,
Daß man sie als Eines kennt?

Solche Frage zu erwidern,
Fand ich wohl den rechten Sinn:
Fühlst du nicht an meinen Liedern,
Daß ich Eins und doppelt bin?

Ik ken de Ginkgo van Goethe via mijn docent Peter van Zonneveld. In een bundeltje met opstellen over vertalen voor Pim Lukkenaar, staat een bijdrage van mijn docent over Goethe en de Ginkgo. Hij eindigt het artikel met een prachtige vertaling van het gedicht. Ergens is het daarom een beetje zijn gedicht, zijn Ginkgo en zijn Goethe. Ik kan de vertaling helaas niet geven, want hij verblijft nog ergens in een doos boeken op zolder.

Nu staat de boom in mijn tuin. Ik heb hem gevonden in het tuincentrum bij mij om de hoek. Samen met Doris ben ik met het ding naar huis gelopen. In mijn hand hangt de boom en gelijk moet ik Doris goed in de gaten houden. Het is natuurlijk een crime, maar het kind wil zo graag mee. Ze geniet met iedere stap die ze zet.

Inge heeft hem geplant. Het is een langzame groeier daarom mag hij er van haar staan. Ik heb Inge niet verteld dat de Ginkgo in de Leidse Hortus (geplant in 1785, Goethe was toen al 36 jaar oud) meer dan dertig meter hoog is (de precieze lengte heb ik niet kunnen vaststellen). Ze kunnen wel tot veertig meter hoog worden. Het Leidse exemplaar staat overigens recht tegenover de kamer van Peter van Zonneveld.

De Leidse boom mag dan oud zijn, de boom zelf wordt ook weleens een levend fossiel genoemd. Het is de enige plant uit het mesozoïcum (248 tot 65 mln. jaar geleden), die nog leeft. Dat hij er nog is en al die anderen verdwenen zijn, heeft te maken dat hij brand overleeft. Vandaar dat hij er nog wel is en al die dinosauriërs niet.