Hoer en klootzak. Ouders van dove kinderen schijnen nogal moeite te hebben met scheldwoorden en vloeken in gebarentaal. Het verbaasde mij toen ik het vanmorgen in de krant las. Het initiatief van de Vereniging Ouders van Dove Kinderen Noord laat zien dat er grote behoefte aan is. Veel ouders zouden alleen alledaagse woorden kennen en daardoor de puberende dove niet begrijpen.
Ik zie het helemaal voor me. Een situatie van spanning waarbij de puber wild gebaart en de ouder er geen snars van begrijpt. Als je dan terug kunt vloeken, is natuurlijk ideaal.
Het verwondert mij dat de ouders de gebarentaal niet zo goed beheersen. Ik zou denken dat je de taal beter spreekt dan het alledaagse. Je wilt toch ook met je kind kunnen praten over diepere dingen dan het aangeven van de suiker of het dekken van de tafel?
De cursus leert de ouders de vloeken te gebaren en daarmee te verstaan. Of zouden de ouders graag terug kunnen vloeken en tieren naar hun oververhitte puber?