Bij het speuren op de verschillende nieuwssites omdat mijn werkgever de laatste dagen wat vaker in het nieuws is, trof ik een foto van het Almeerse Stadshart. Ik herkende deze nieuwbouw uit duizenden: uitstekende daken, veel lucht, een grond van stijgende tegels en een hoogbouw met scherpe punten in felle kleuren achter een waas van glas.
De inzet van de foto stemde mij minder vrolijk: een verkiezing voor de lelijkste plaats op de wereld. Het argument erbij: ‘het eerste wat in me opkwam bij de vraag naar de lelijkste plek ter wereld! Al sinds het werd gebouwd in de jaren 70 het toppunt van doodsheid’.
Erg gemakkelijk Almere te nomineren voor de lelijkste plek van de wereld. Bovendien spreekt de spreker hier meer vooroordeel dan een heus oordeel uit. Voor mij is Almere een paradijsje. Als ik hardloop en het vele groen mijn longen binnenstroomt, geniet ik van de plaats waar ik woon. Dan schud alleen mijn hoofd van links naar rechts in een herhaling voor dergelijke opvattingen.