‘Zóó, die is er vroeg bij.’ Als ik zijn gezicht niet herkend had, was het wel de stem die ik herkende. De pretoogjes keken mijn dochtertje Doris aan. Zij huiverde wat terug voor de grijze baard van enige dagen uit en het muffe uiterlijk.
Martin Ros liep met een voor zijn doen, zeer klein stapeltje boeken onder de arm. Hij schuivelde wat vooruit, zoals oudere mensen ook hun middagrondje lopen in de gang van het bejaardentehuis. Hij glimlachte naar mij en ik beaamde zijn woorden. Ik knikte mij van hem weg, Doris aan de arm en betaalde de drie euro entree.
Of Martin Ros het nu tegen Doris of tegen mij had, we waren allebei verreweg de jongsten in het gezelschap van de grote Nationale boekenstuntdag in de Amsterdamse RAI. Een hoeveelheid boekhandelaars ter grootte van een normale vrijdagmiddag op het Amsterdamse Spui, stond uitgestald in een bende kramen.
De kramen stonden keurig in lange rijen, zoals de bomen in een Nederlands bos staan aangeplant. Gezelligheid bestond niet, want er moest verkocht worden. Alle tweedehands boeken moesten de deur uit. Alleen de prijzen stonden mij tegen. Een boek, daar wil ik best voor betalen, maar het moet mij verleiden en vooral: de moeite waard zijn.
Het leek allemaal te mislukken. Een rolstoel tufte voorbij waarna een lange adem met de lucht van alcohol volgde. De mannetjes neurieden terwijl ze voor de kraampjes met hun vingers over de boekenruggen gleden. Of ze mompelden zachtjes de boektitels op, net hard genoeg om te horen.
Ondanks alles mocht ik ‘Een keuze uit zijn verpreide geschriften’ van J. de Kadt meenemen met een bundeltje Komrij’s en Biesheuvels voor de verzameling. Wat verderop deed ik zowaar twee vondsten: een tweedelige De Afstamming van den mensch en de seksueele teeltkeus, een Nederlandse vertaling van Darwins The descent of man, and selection in relation to sex uit 1871. Mijn vertaling dateert uit 1882 en is van Hartogh Heys van Zouteveen. Helaas ontbreekt deze vertaling op de website waar alle werken van Darwin staan, terwijl de Duitse en Deense vertaling van dit werk wel op de site staan.
Naast Darwin lag een boekje van Boudewijn Büch, Links!,een ontbrekend stukje in mijn verzameling. Mijn dag was goed en Doris begon het rennen tussen de kraampjes te vervelen. Al vond ze het erg leuk om al die grijnzende oude mannetjes te ontwijken. Een verkoper bij een kraampje probeerde mij nog een verschrikkelijk beduimeld, maar kleurrijk boekje, rond de eerste commune te verkopen. Het was leuk voor Doris, meende ze. Ik vond het boekje niet bepaald geschikt voor mijn dochter, de katholieke evangelisatiedrang droop van de bladzijden.
We stapten het cafeetje in dat net buiten de aanplant van kraampjes lag. ‘Zóó, die is er vroeg bij.’ Ik knikte weer vriendelijk in zijn richting. Doris deinsde wat voor hem terug, net als voor de man die net met zijn handen haar tegemoet liep, ter begroeting. We dronken lekker een kopje koffie en chocomel voor Doris. Genoeg boeken voor vandaag. Snel liepen we weer naar de trein, iets dat Doris veel leuker vond dan de ouderwetse lucht van boeken.