We aten het ontbijt. Doris schoof de mouwen van haar trui omhoog en nam een hapje van haar boterham met jam. ‘Kijk papa, ik heb korte mouwen.’ ‘Ik heb lange mouwen’, antwoordde ik en laat mijn lange mouwen van het colbertje zien.
Pas toen ik haar gedag zwaaide bij de peuterspeelzaal, zag ik de jamvlekken op haar truitje zitten. De mouwen waren nog altijd opgestroopt.