Rond het middaguur passeerde ik de Hollandse Brug. De scheen dapper en maakte het Gooimeer tot een gouden paradijs. Het langzaam rijdende verkeer om mij heen, zorgde ervoor dat ik tijd had voor een mijmering. Zelfs de overvliegende zwanen konden mee in mijn gedachten.

Hollandse Brug in september

De halzen rekken recht
en maken een potloodpunt
De vleugels bleken wit
de zon maakt zomer

Het verkeer trekt een winkelhaak
met de twee zwanen
Zij volgen wat wij kruisen
het blauw glinstert goud

De luidsprekers zeggen
de regel van een psalm
U alleen U loven wij
zing ik het orgel mee

Vooruit de muziek
achteruit het verkeer
in een stoet van rook
vlamt de file licht op

Zij zijn verder weg
het goud zuigt ze mee
als alles om mij bromt
en zoekt naar rust