Een rijtje van vier mannen stonden op het ponton over het water heen. Vier miniboeien dreven in het water, bovenop het piepschuim klemde een oranje haakje. Vier kleine zeilbootjes voeren achter elkaar aan. De mannen pielden met de koude vingers aan een bedieningspaneel.
De mannen konden zo van een schip komen. Ze waren bonkig van uiterlijk, droegen stuk voor stuk een donkere coltrui waarvan de kraag nauw aansloot tegen de baard. De sneeuw viel ondertussen op het parcours, een scheepje dreef van de waterkant af. Deze zeilboot lag duidelijk achter op de rest.
De zeilen stelden keurig bij met de windrichting. Kleine, smalle draadjes trokken de zeilen strak en lieten de bootjes mooi laveren door het winterse Weerwater. Op de zeilen stond een nummer. ‘NL’ meende een zeil alsof de andere bootjes van hot naar her waren verscheept.

Ik dacht aan het liefdesliedje over de radiografisch bestuurbare zeilboot van Brigitte Kaandorp. Glimlachend holde ik mijn tocht verder. De sneeuw veranderde langzaam in hagel en zette zich wat verderop om in koude regen.