Het taluut langs de snelweg is wit, een auto staat scheef langs de kant. Een hippe Alfa Romeo staat stil. Geen mens is in de buurt te vinden. De ramen zijn ijsvrij, op het dak ligt een laagje ijs.

Een Alfa Romeo hoort niet aan de kant te staan. Als ik even later terug keer met een auto bomvol met stoeltjes, parkeert een sleepauto op de vluchtstrook bij de grijze auto.

Het verbaast me hoeveel auto’s met ijs op de ruiten rondrijden. De auto achter mij, heeft slechts een wak in het glas waardoor de bestuurder tuurt. Om het voertuig heen slaat een wolk van warmte omdat de koude motor nog sputtert tegen de ijskou.

Op de weg om Inge en Doris bij de Naardense Kringloop op te halen, hijst de gele sleepauto net de auto op de trailer. Voorbij zoeven alle oude roestbakken, inclusief de mijne. Hip of niet, hij rijdt en de Alfa Romeo staat stil.