Nu ik wat vaker onderweg ben, vergezellen mij een handvol potloodstompjes in de winterjas. Kortgeleden hadden we er twee potloden uit gehaald die ergens via een gat in de binnenzak mijn jas van binnen bekeken. Met geen mogelijkheid kreeg ik ze eruit, maar Inge wist wel raad en repareerde na afloop het gat gelijk.

Deze week was ik al heel snel twee potloodjes uit mijn jaszak verloren. Ik kon ze ook nergens meer vinden, zelfs in de binnenvoering vond ik niet de vertrouwde stukjes hout. Ergens had ik ze al afgeschreven, tot ik vandaag op de fiets in de buurt van mijn rits zo’n potloodje voelde. Hij stak eigenwijs omhoog, ik kreeg er verder geen beweging in. Iets meer naar beneden lag een tweede exemplaar heel zoet op een idee te wachten. Achter de voering, zoals een toneelspeler wacht achter de coulissen tot hij die ene zin mag uitspreken. Alleen deze speler kon er niet uit, hij zat verstrikt in zijn eigen verborgenheid.

Thuisgekomen gelijk aan de slag om de twee potloden, want twee van deze schrijfwaren kon ik niet missen. We visten, maar het gat waar ze doorheen waren gekomen, was er niet. Inge maakte gelijk een klein gaatje zodat ze eruit konden en volgende potloden er ook simpel uit kunnen.

Een jas die elke potloodventer zich zou wensen.