Het zou zo gebeurd kunnen zijn. Ze boog haar hoofd een beetje naar beneden. Hij probeerde haar ogen te zien, maar ze keken weg. Hij had al verloren wist hij, maar het woord was nog niet gesproken. Ze had iets van een heel mooie pop, die je bijna niet durfde aan te raken en waar de maker zo zorgvuldig alle details had getekend, dat hij zich vergeefs afvroeg hoe het allemaal van hem geweest had kunnen zijn. Geweest, inderdaad, want het was niet meer. Het spel was gespeeld. Het was over.

Daarna hadden ze het NOS-journaal gebeld. ‘Dat komt goed uit’, zei de redacteur. ‘Philip heeft vanavond dienst en die kan het wel leuk brengen zo tussen de moord en de doodslag in.’