De hoge grijze SUV reed mij tegemoet vlak voor de bocht. Ik holde netjes ter linker zijde van de weg, zodat tegemoet komend verkeer mij makkelijk kon zien. Hij moest mij zien en reed de bocht in. Alleen week hij niet uit voor mij, terwijl ik ook de bocht in rende. Sterker nog, hij dook de berm in en dook de grote waterplas in die in de binnenbocht lag. Ik zwaaide en week uit, hij week eveneens uit, raakte half in de slip, kreeg net op tijd de grip en haalde uit vlak langs mij.

Voor hem waren de waterplassen belangrijker dan mijn leven. Peuters vinden het ook zo leuk om in de plassen te springen. Ik zwaaide woest in zijn richting, maar hij reed veilig en behouden gewoon door. Niet even stoppen en excuses aanbieden, maar wegrijden. De held op sokken. Als je dan zo kinderachtig bent om van rijden door de plassen te houden, wees dan zo volwassen om dat toe te geven.

Ik stuurde hem nog een middelvinger na en een verwensing. Het hielp niks, hij reed al in hoge vaart de dijk op. Terwijl ik verder liep vroeg ik mij af hoe het mogelijk kan zijn dat mensen hun eigen plezier zo belangrijk vinden dat ze daar wel een hardloper van de sokken voor willen rijden.