Hij staat net een stap naast me, trekt een boek uit de doos en bekijkt aandachtig het kaft. ‘Het hongergen’ vermeldt de omslag en meneer moet dat ook even kenbaar maken. Hij kan immers lezen. Hij tikt me aan. ‘Wist je dat op de wereld ruim één miljard mensen met overgewicht kampt?’ Hij kijkt van zijn boek op en ziet mij. ‘O, sta je daar’, geeft hij als excuus en gebaart naar de vrouw die aan de andere kant naast mij staat. ‘Ach’, zegt ze snel. ‘Van mij hoeft dat niet dat lijnen en zo.’ Ze trekt haar buikje een eindje in, wrijft er even over met haar hand en slaat haar ogen weer op de dozen met boeken.

Hij legt het boek terug en staart naar een andere titel. ‘Transedente seks’, leest hij opnieuw voor. ‘Wat zou er nou in zo’n boek staan?’ Dan moet je het kopen en lezen lul. ‘Ik zou het niet weten’, antwoordt zij geduldig. Zij reageert verder niet en duwt met haar wijsvinger de ruggen weg om de titels wat beter te kunnen lezen. Hij legt het boek weer weg en ik zoek snel een plek verderop om het stel niet meer te horen.

Wat later als ik bij de andere kraam sta, passeert het stel mij. Hij houdt een tasje vast van de boekwinkel van het kraampje waar hij de boektitels voorlas. Ze lopen wel een mijl uit elkaar. Hij blaast een beetje voor zich uit. Het tasje slingert tussen beide. Ze zeggen niks, er zijn geen titels meer om voor te lezen.