Ze sleepte een eind voor mij uit op het fietspad twee dieren achter zich aan. Het leken zo vanuit de verte twee flinke honden, maar toen ik wat dichterbij kwam zag ik uit elke kop twee hoorns steken. De geiten lieten zich niet gewillig meevoeren met de oversteek. Het touw vormde een splitsing waarbij de ene geit de tegenovergestelde richting van de andere koos. Het hielp niet, maar de dieren lieten zich niet ontmoedigen en wisselden keurig van richting.

Ik holde steeds meer in haar richting en hoe meer ik haar naderde hoe meer ze de twee dieren met zich kreeg. Ze kwam weer op gras langs de sloot terecht en liep over het smalle paadje. De twee dieren liepen achter haar aan. Het meisje liet de touwen zelfs los en liep als een verkenner voorop. De geiten volgden keurig.

Vooruit met de geit, de snelheid kwam er goed in. Ze zette het zelfs op een sukkeldrafje en de geiten namen het tempo over. Bovendien volgden ze netjes in de strook aarde die de twee stukken gras scheidde. Ik passeerde het drietal en even leek eentje mij interessanter te vinden. Het meisje zwaaide wat met een hand en riep er wat bij en het dier volgde haar weer.