Een veelbelovend programma hoeft niet een veelbelovend concert op te leveren. Dat leerde mij het concert van Gerrit Kommers vanmiddag in de Lambertusbasiliek van Hengelo.

Het orgel is een 2 jaar geleden gerestaureerd en uitgebreid. Ik ken het instrument vooral uit de tijd dat ik in Almelo woonde en dan op zaterdagmiddag een bezoek bracht vanwege de kwalitatief hoogwaardige concertanten. Met name een prachtig concert van Ton van Eck staat mij heel helder voor de geest. Vorig jaar hoorde ik dezelfde speler op het gerestaureerde orgel spelen. Een zingende microfoon daargelaten, was het opnieuw een schitterende uitvoering. Het orgel was er bijzonder goed op vooruit gegaan. Niet alleen in aantal registers, maar ook in klankrijkdom.

Vanmiddag hoorde ik het instrument opnieuw, ditmaal roerde de Hengelose organist Gerrit Kommers de toetsen. En ik vind het jammer om te zeggen, maar het viel me erg tegen. Ik twijfelde vandaag of ik wel moest gaan, maar het lekkere weer haalde me over voor het fietstochtje naar Hengelo. Ik kon gelijk op de terugweg mijn boodschappen doen. De speciale gast bij dit concert was Doris. Ze ging voor de eerste keer mee naar een orgelconcert en wat voor een.

Praatje van de pastoor
Het thema van het concert typeerde de pastoor in zijn inleiding als ‘roepen om gehoord te worden’. Kommers had het lied ‘Aus tiefer Not schrei ich zu Dir’ als muzikale verbinding in zijn programma gekozen. Mijn twijfel viel helemaal weg. Dit was geweldig. Aan de hand van de 6e sonate van Merkel en de 3e sonate van Mendelssohn kwam het thema goed aan bod. Alleen miste ik in de uitvoering de zo noodzakelijke subtiele benadering. Veel registratiewisselingen, maar ook veel slordig spel, waarbij de muziek soms verviel tot een notenbrij. Vooral de sonate van Mendelssohn werd hier slachtoffer van. Heel veel werd ook de bibberknop van de tremulant opengetrokken. Het veroorzaakte veel trilling, maar haalde daarmee ook een juiste interpretatie uit de lucht.

Geen fijnzinnigheden
Fijnzinnigheden zoals het benadrukken van een thema, een fijn spel waarbij duidelijk de noten te horen zijn en een subtiele benadering van de mogelijkheden van het instrument. Niet die voortdurende registratiewisselingen of het wegmoffelen van lastige passages door het stuk als een muziekmassa te presenteren, maar doorzichtig spel in een heldere registratie.

Wel slagen
De enige keer dat Kommers er wel in slaagde, was bij het koraalvoorspel ‘Ich ruf zu Dir’ van Bach. Een prachtige registratie van fluiten met een rustiek tongwerk in combinatie met een fluit als uitkomende stem, het was echt adembenemend. Want het Hengelose orgel leent zich juist heel goed voor ingetogen spel. Zelfs met een electrische tractuur is prima een bepaalde noot te accentueren. Het instrument biedt voldoende mogelijkheden de gevoelige snaar bij het publiek te raken. Ik ben ervan overtuigd dat Gerrit Kommers dit kan, alleen overtuigde hij mij vanmiddag niet.

Storingen
Of hij van slag raakte door storingen in het orgel, weet ik niet. Soms klonk namelijk tussen de stukken een zachte toon of een vreemde brom. Dat zou wel wat kunnen verklaren. Al ben ik van mening dat een geoefend concertant wel voldoende weerstand hiertegen moet kunnen bieden.

Tegenvallende Toccata
De Toccata in F van Bach waarmee Kummers zijn programma afsloot viel mij erg tegen. Het scala aan kansen dit instrument helemaal tot uiting te laten komen en het publiek alle hoeken van de kerk te laten horen, bleef helemaal achterwege. In plaats daarvan leek het of alle lucht uit het muziekstuk geblazen werd. Als een ballon die leegloopt. De mooie en virtuoze pedaalpartij, het spel met de akkoorden, bij Kommers viel de spanning uit het stuk weg. Het leek of hij probeerde elke vorm van spanning te vervlakken in een notenpudding.

1 keer gevallen
Doris kwam heelhuids door het concert heen. Ze viel slechts 1 keer van de bank. Ze kan erg goed gekke bekken trekken, het is een wonder dat ik niet in de lach schoot. Maar ze heeft zich voorbeeldig gedragen, want ze was doodstil. Die mag zeker nog een keertje mee naar een orgelconcert.