Ze liep een eindje met me op van de kantine naar de caravan. De
steentjes van het pad kraakten onder mijn sandalen. 'Heb je het
gehoord?' vroeg ze me. Alsof ik kon weten wat ze ging vertellen. Nog
voor ik een antwoord kon geven, ging ze verder. 'Ze zeggen dat er half
augustus een hittegolf komt.' Aan mijn arm bengelde een zakje met
patat voor 2 personen en voor ieder een kroketje. 'O', probeerde ik te
reageren.

Een week eerder hoorde ik het de kaasboer in Almelo ook al beweren.
'Met temperaturen van wel 40 graden', had hij er dreigend bij gezegd.
De magere armen van de lange vrouw die nu met me opliep over het pad
van de camping, schoten heen en weer. 'Als we allemaal hard aan het
werk zijn, dan barst het los. Waar hebben we het aan verdiend.' Ik
keek omhoog en zag een grijze hemel waar. Af en toe voelde ik een
sputter regen op mijn blote armen vallen. Het was niet veel, maar net
genoeg om het waar te nemen.

'Wie zegt dat eigenlijk?' vroeg ik haar eens. In Almelo kreeg ik de
bron van dit vergezicht niet te pakken. 'Iedereen. Ik hoorde het net
op de radio.' 'Zei Piet Paulusma dat?' vroeg ik in een laatste poging
de profeet achter deze onheilstijding te vinden. 'Nee, gewoon op de
radio', antwoordde ze. 'Ach', zei ik zo nonchalant mogelijk. 'We
zullen wel zien. Voorlopig regent het.' Ik wees naar de grijze hemel
om mijn constatering kracht bij te zetten.

We liepen net het zwembad voorbij. Zelfs de hoge gilletjes van de
kinderen waren nu niet te horen. 'Waar hebben we het aan verdiend',
zei ze en ze keek somber naar haar voeten die over het natte pad weer
een stap verzetten. Mijn weg was ik genaderd. 'In elk geval een fijne
dag verder', zei ik om het afscheid in te luiden. 'Ja', antwoordde ze.
Ik liep het veldje op naar de gele kanarie aan het einde van het
veldje. Waar hebben we het aan verdiend, hoorde ik nog nagalmen in
mijn hoofd. Ik moest wat sneller lopen want de druppels volgden
sneller achter elkaar.

Het begon weer te regenen. Een hittegolf. Ik kon me er bijzonder
weinig bij voorstellen, maar de 2e helft van augustus ligt nog ver
genoeg weg om me er geen al te grote zorgen over te maken.