Bij het hardlopen over het Van Wagtendonkpad werd mijn weg versperd door een flinke boomstam van een omgevallen boom. Iets verderop lagen allemaal takken waar ik ook omheen moest. De weg voert van de dijk af dwars door Pampushout. De wind woei nog altijd herfstig door de bladeren van de populieren die zo mooi langs het pad staan opgesteld. Wel eigenaardig dat zo veel takken gevallen zijn door de wind. In juli is hier nog onderhoud gepleegd aan de bomen door een flinke snoeibeurt.

De 10 tot 15 meter hoge bomen geven het pad iets monumentaals, maar de status van waaiboom zorgt ervoor dat de takken alle kanten op deinen. Ergens hoog boven in de bomen zag ik een dikke tak van zo’n 20 centimeter doorsnede vervaarlijk liggen op een paar takken van naburige bomen. Een zucht wind zou voldoende zijn om het gevaarte naar beneden te laten vallen. En ik weet niet of je een dikke boomtak die een meter of 10 naar beneden zijlt op je knar kunt verdragen.

Ik waarschuwde wat verderop een hardloper die mijn richting in rende. ‘O’, zei hij bijna terloops. ‘Dan ren ik toch weer terug.’ En hij holde verder naar de gevelde bomen toe.

Bij thuiskomst toch maar de gemeente gebeld om de omgevallen bomen te melden. Het meisje dat ik aan de lijn had zou de betreffende dienst inlichten. ‘Dan kunnen ze een lintje spannen.’