Soms kom ik van die juweeltjes tegen op een boekenmarkt of in de kringloopwinkel. Zo trof ik vorige week op de laatste werkdag in Den Haag het prachtige boek Eendagsvliegen op de Haagse boekenmarkt aan. Eendagsvliegen van Willem Walraven is niet een titel die echt uitnodigt het boek te kopen, maar bij het lezen de afgelopen dagen heb ik er erg veel plezier aan beleefd. Want Willem Walraven is een heuse schrijver en een miskende kankeraar.

Onze tijd keert zich een beetje tegen de mopperaars en kankeraars.
Positief denken is wat de boventoon voert. Dat zeuren en kankeren gewoon ook tot de Nederlandse volksaard behoort, wordt vaak vergeten. Het is toch heerlijk om het af te geven op de trein die nooit rijdt en de post die niet bezorgd wordt. Vervolgens stap je al mopperend in die vertraagde trein en doet de brief toch op de post. Mopperen is ook iets van je afschudden, zoals een hond de regen van zich afschudt als hij natgeregend is.

Goed zeuren kan soms heel mooie stukken opleveren. De kankeraar Willem Walraven demonstreert dat het beste in zijn korte overpeinzingen die in het boekje Eendagsvliegen zijn samengebundeld. De mooiste stukken cabaret in feite een lange mopperparade. Zoals bijvoorbeeld die bekende act van Bert Visscher over de familie Mug. In het buitenland zal er nauwelijks om gelachen kunnen worden, Nederlanders komen niet meer bij.

De bijdrage aan het einde van Eendagsvliegen ‘De miskende kankeraar’ is misschien wel het pleidooi voor de kankeraar. Ik kan mij hier heel goed in vinden. Een flink partijtje mopperen kan geen kwaad, als het wel met de nodige humor en eerlijkheid gebeurt. Mopperen om het mopperen is nooit goed, maar als er een kern van waarheid in zit, mag het van mij best. Walraven schaart alle groten der aarde onder de kankeraars, van Maarten Luther, Multatuli tot aan Bas Veth:

Laat ons daarom kankeren, waarheidslievend, en zo mogelijk litterair, en zelfs een beetje geniaal. De grootsten hebben nooit anders gedaan en zijn dienovereenkomstig uitgescholden door het plebs. Zij allen hebben ‘gekankerd’ en het is daarom, dat wij hen nog kennen en nooit vergeten. (320)