De pelgrimage heeft mij mijn hele leven al getroffen. De verhalen in de bijbel waarbij de Joden elk jaar weer met Pasen de weg naar Jeruzalem maken. Het gebeurt allemaal lopend om kilometers verderop iets te beleven en verbondenheid te voelen. De prachtige psalmen die dan gezongen werden en de geur van heiligheid die de groepen mensen omringden bij die dagenlange voettocht door Israël.

Pelgrimstochten maken

Pelgrimstochten maken is weer bijzonder in. Vooral de tocht naar Santiago de Compostella wordt door vele duizenden pelgrims jaarlijks afgelegd. Geloof speelt bij een groot deel van deze mensen geen rol. Voor hen speelt de beleving en de fysieke prestatie om een paar duizend kilometers te voet of per fiets af te leggen een rol. Ik ben gek op een dergelijke fysieke prestatie. Ik heb het bewezen met de marathons die ik hol en de 100 kilometer vorig jaar met de Trailwalker.

Bijna al die wandelaars worstelen met zichzelf. Ze zien in de maandenlange tocht de ultieme confrontatie met zichzelf, een herontdekking van de ware ik en wellicht ook wel een speurtocht naar het uiteindelijke doel in het leven. Kortom, de karavaan mensen op weg naar Santiago of Rome bestaat uit mensen in het midden of einde van hun midlifecrisis.

Droom te voet naar Rome

Ook de historicus Jan Blokker jr. besluit in 2008 om zijn droom te volgen om te voet naar Rome te gaan.
Waar die droom vandaan komt, weet hij niet, maar hij was er al jaren en sluimerde diep in hem:

Ik heb een aantekening gevonden uit 1995, toen was de droom er al: ik wilde een keer Rome binnenkomen door de Porta del Popolo, te voet, wel te verstaan, na een reis van maanden. Maar het kwam er niet van: vrouw en kinderen, een baan die alle aandacht opeiste, een eigen huis en geen geld op de bank. Ik was het hele plan al lang vergeten, toen ik in het voorjaar van 2006 het onderwijs verliet. En opeens herinnerde ik het me weer: ik zou toch nog altijd een keer naar Rome lopen? (11)

Blokker wil de tocht lopen in het voetspoor van allen die hem zijn voorgegaan: Erasmus, Luther, Goethe en die miljoenen, het klootjesvolk die met de lange voettocht hun zielenheil probeerde te halen uit Rome. Voor Blokker gold niet zozeer de geloofsbeleving, alswel de historische sensatie en de fysieke prestatie. Oftewel het lopen om het lopen, terwijl al die gelovigen de fysieke inspanning gebruikten om geestelijk een stapje hoger te komen.

Verbazing

Jan Blokker stuit bij zijn voettocht naar Rome op verbazing bij familie en mensen onderweg. Eigenlijk zegt de Duitse herbergier van het hotel onder de ruïne van Burg Ramstein het meest treffend als Blokker hem vertelt dat hij geen echte pelgrim is:

‘Dus je gaat geen aflaat halen?’ Hij lacht. En tegen zijn zoon, die net de ontbijtzaal binnenkomt, roept hij: ‘Deze meneer gaat naar Rome ohne Sünden.’ (64/5)

De nieuwe vorm van pelgrimage waaraan Blokker eveneens deelneemt, heeft volgens hem een geheel nieuwe motivatie:

[D]e bedevaart werd een bijzonder onderdeel van het moderne massatoerisme. Het geloof in vagevuur en de mogelijkheid om de tijd daarin te bekorten door het verzamelen van aflaten zijn praktisch verdwenen. De pelgrimage is een ‘beleving’ geworden, een prestatieloop. (149)

Moeite waard

Best een leuk idee dat zelfs wanneer het geloof wegvalt, een dergelijke wandeltocht de moeite waard blijft. Blijkbaar drukt de tocht zelfs zonder geloofsbeleving veel uit. Voor mij persoonlijk zou een dergelijke tocht vooral symbool staan voor de tocht die het leven zelf is, met alle dieptepunten en (soms letterlijke) hoogtepunten. Ook zou het historische idee om in het voetspoor van duizenden vertrouwelingen te treden voor mij veel betekenen.

Blijft heel wrang dat de pelgrim in wiens voetsporen Jan Blokker jr. wil treden, Maarten Luther, juist door de pelgrimstocht in enorme vertwijfeling is geraakt. De tocht bracht geen verdieping, maar zorgde er juist voor dat hij een van de aanvoerders van de reformatie is geworden. Dat demonstreert dat een pelgrimstocht geen kwaad zou kunnen.

Het zet mij in elk geval weer aan het denken en dromen…