De man van vele manieren die te lang wachtte, keek gewoon niet goed

De man van vele manieren die te lang wachtte, is de man die niet goed keek. Vanmiddag liep ik toch even de VU boekhandel weer binnen. Het idee dat ik mij zo had laten afleiden door een boek dat er niet was, irriteerde mij. Daarom gaf ik mijzelf nog even de kans eens rustig de boekenrijen af te gaan. Wie weet vond ik er wel een boek of 3 bij die mij de 10 euro waard waren.

Ik ging de rijen af en wilde bijna de moed opgeven tot ik in een doos keek waar mijn oog gisteren volledig aan voorbij ging. Ik leefde in de veronderstelling dat het allemaal boeken waren om af te vallen. Of boeken die vertelden hoe je de tuin moest indelen als je macrobiotische groenten wilde telen. Daar lag de bekende bruine kaft met de foeilelijke letters: De man van vele manieren, Verzamelde gedichten 1998 – 2008.

Dus toch: hij lag er nog gewoon. Mijn veronderstellingen van gisteren waren helemaal fout. De frustratie dat het boek voor mijn neus was weggekaapt, was volledig ongegrond. Ter plekke zakte ik door de grond van schaamte. Maar de schaamte maakte vrijwel gelijk plaats voor vreugde. Ik sprong een gat in de lucht. De man van vele manieren was nu echt van mij.

Nadat het laatste obstakel, de betaling, geheel vlekkeloos verliep, verliet ik de boekwinkel met de overwinning op zak. Het wachten had dus toch geloond. Bijna liep ik het signeertafeltje van Ronald Giphart omver. Ik had geen oog voor de boeken die daar lagen. Voor mij geen IJsland, maar goud in ruim 600 pagina’s in pure poëzie. Op de koop toe nam ik voor die 10 euro het dikke poëziedebuut Meisjespijn (544 pagina’s) van Karel ten Haaf mee.

Als compensatie en misschien ook wel uit medelijden. Want wie neemt zo’n boek nou mee? Nou een krent van 35. Iemand die het boek met de geknakte rug in zijn boekenkast zet. Ongelezen.