Hondekoppen vinden hun waterloo in Groningen, kopt het Dagblad van het Noorden vanmorgen. Ik kreeg de attentie via dagboekspoorwegen.nl. De eerste reactie die bij mij loskwam: nu pas? De laatste hondekop is namelijk al sinds 1995 buiten dienst. De treinstellen uit 1954 zijn in die tijd vervangen door de Bizons, de DD-IRM.

De journalist bedoelde de bekende stoptrein waarvan de eerste lichting in 1964 op het Nederlandse spoorwegnet kwam. Sindsdien heet deze trein materieel ’64. Hij staat ook te boek als plan T en plan V. Een bijnaam van dit stoptreinmaterieel weet ik niet. Volgens mij is het in de volksmond vooral ‘stoptrein’ gaan heten omdat deze trein voornamelijk als stoptrein werd ingezet. Deze treinen zijn sinds vorig jaar massaal buiten dienst gesteld nadat de SLT-treinstellen in dienst kwamen. Het zijn de treinstellen die afgelopen winter zorgden voor veel problemen gedurende de vorst.

Moet je een journalist verwijten dat hij een stoptrein een hondekop noemt? Eigenlijk wel. Het is een stukje spoorhistorie die namelijk veel over de tijd zegt. De hondekop stamt uit de tijd van de muizeneuzen, compleet met de snorharen. Treinen kregen bijnamen uit het dierenrijk. Iets dat 10 jaar na de hondekop met de komst van de stoptrein verdween.

Kortom, voer voor psychologen