Acteur Tom Hoffman spreekt over zijn liefde voor de Max Havelaar

Kranten, krantjes, het papier dat ritselend door de vingers gaat. Ik ben er gek op. Daarom was ik zo enthousiast toen Gerard Termorshuizen 10 jaar geleden met het eerste deel krantengeschiedenis van Nederlands-Indië kwam. Ik heb destijds zelfs de informatie van het kakelverse boek in mijn scriptie over Junghuhns Terugreis verwerkt.

Als ik Gerard sprak vroeg ik altijd even naar het tweede deel, dat de periode 1905-1942 moest gaan beslaan. Altijd noemde hij als jaar 2011. En hij heeft woord gehouden. Een kleine 2 maanden geleden viel bij mij de uitnodiging in de bus voor de boekpresentatie. Bovendien was er een heel symposium aan dit onderwerp gekoppeld.

Albert Einstein
Gisteren was het moment er. In de historische collegezaal van het Kamerlingh Omnes gebouw waar ondermeer Albert Einstein college gaf, waren zo’n 150 geïnteresseerden gekomen. Ze kwamen om zich te laten bijpraten over het onderwerp amusement in de koloniale pers.

Een mooi onderwerp, zo bleek, waar niet alleen Indië-gasten Gerard Termorshuizen en Peter van Zonneveld spraken. Ze werden aangevuld met bijdrages van Michiel van Kempen en Wim Rutgers. Naast hen de kenners van allerlei koloniale pers, René Vos, Harry Poeze, Huub de  Jonge, Olf Praamstra en Angelie Sens.

Het symposium rond de koloniale pers was in de historische collegezaal (links) van het Kamerlingh Omnes gebouw in Leiden

Een zeer gevarieerd programma dat ook werd opgeluisterd met een ontroerende bijdrage van acteur Tom Hoffman. Hij vertelde over zijn Indische roots en het lezen van de Max Havelaar. Hierbij kreeg Termorshuizen een heldenrol toegedicht. En zo ken ik Termorshuizen ook. Het is een vreemde snuiter, maar wel een leuke vreemde snuiter.

Termorshuizen is gedreven en wordt gestuurd door veel passie en ambitie. Hij zoekt hierbij naar het verhaal achter het verhaal. Of het nu  Multatuli of een krantenschrijver is, er schuilt een werkelijkheid achter. En die werkelijkheid is de voedingsbodem voor het verhaal van Termorshuizen.

Niet verliezen in details
Wat ik heel knap vind, is dat hij de lijn vasthoudt en zich niet verliest in details. Dat kwam ook terug bij het symposium. Gerard genoot van de bijdrages en slurpte de verhalen en lezingen helemaal op. Het enthousiasme waarmee hij zijn onderwerp onder het voetlicht bracht, zorgde ervoor dat veel deelnemers het boek na afloop kochten. Het lintje dat hij als kers op de appelmoes kreeg, is dan ook zeer verdiend.

De cover van Realisten en reactionairen. Een geschiedenis van de indisch-nederlandse pers 1905-1942

Realisten en reactionairen
Dit boek misstaat niet in de boekenkast van de krantenliefhebber en de liefhebber van Nederlands-indië. Laat ik dat nou allebei zijn. Het symposium heeft veel enthousiasme bij me losgemaakt rond het nieuwe deel van Gerard Termorshuizen met medewerking van Anneke Scholte: Realisten en reactionairen, Een geschiedenis van de Indisch-Nederlandse pers, 1905-1942.