image

Als je in een situatie terechtkomt waarbij niemand te vertrouwen is, dan zit je in een wespennest. Dat vertelt het spreekwoord tenminste. En het spreekwoord refereert naar een rotsituatie. Als je te maken krijgt met een echt wespennest, dan is dat niet minder erg.

Gisteravond wilde ik de stoelkussens alvast pakken uit de schuur. Plotseling voelde ik een ferme steek in mijn scheenbeen. En ik wist het gelijk: ik was gestoken door een wesp. Er zwierf namelijk gisteren en vandaag een enorme wesp in het schuurtje. Het beest was al eens ergerlijk in mijn richting gevlogen. Ik had het wel grappig gevonden. De wesp zat met Pasen ook al in het schuurtje. Ik dacht dat hij daar al die tijd had gezeten.

Naïef
Heel naïef, bedacht ik een dag later. Er gaapte boven de schuurdeur namelijk een enorm gat. Daar kon de wesp zonder problemen in en uit.

Aan het wespennest had ik niet gedacht. Hoewel we hier midden in het bos zitten. Een prachtige bol papier maché prijkte op het stoelkussen. De wesp zag ik nog altijd in de schuur rondvliegen nadat ik wat bijgekomen was van prik en schrik.

Daar moest actie op worden ondernomen. Deze gast mag niet ons feestje vergallen, dacht ik. Gewapend met de spray waarmee ik 2 jaar terug al zeer effectief bestreed, heb ik de rest van de kussens uit de schuur gehaald. Geen wespennest, maar wel de wesp. Toen ik de kans kreeg, heb ik hem een flinke spuit gegeven. Hij vloog in mijn richting de schuur uit, het hoekje om. We hebben hem niet meer gezien.

Ik zat gisteren inderdaad even in een wespennest. En dat is niet mals. Dat kan ik je verzekeren.