Raketten en bureaucratie lijken 2 woorden die helemaal niet bij elkaar horen. Toch zijn ze broer en zus. Tenminste als je de woorden van astronaut Wubbo Ockels moet geloven.

Het televisieprogramma 1 vandaag stond gisteren stil bij de laatste lancering van de spaceshuttle. Morgen vertrekt de laatste ‘herbruikbare’ raket in de richting van de ruimte. De Atlantis – met 30 muizen aan boord – maakt dan een 12-daagse een reis naar het internationale bemande ruimtestation ISS. Na terugkomst wordt het ruimteveer nog tentoongesteld waarmee het doek definitief gevallen is voor de spaceshuttles.

Bij het interview met Wubbo Ockels kwam ook even het ongeluk met de Challenger op 28 januari 1986 aan de orde. Het ongeluk kostte de bemanning – 7 astronauten – het leven. Het maakte destijds op mij een grote indruk als 10-jarig jongetje. Temeer omdat er ook een onderwijzeres meeging aan boord. Ze zou onderweg haar leerlingen lesgeven over de ruimte.

Wubbo Ockels had een jaar eerder met de Challenger zijn ruimtevaart gemaakt. Ook een indrukwekkende gebeurtenis. In het interview gisteren haalde hij ook even de oorzaak aan. Het zou komen door een lek uit een stuwraket. Een medewerker had hiervoor gewaarschuwd, maar een manager luisterde hier niet naar. Zijn prestige werd belangrijker gevonden dan de veiligheid. ‘Verdomde bureaucratie’, mopperde de eerste Nederlandse astronaut. Wel was hij zeer te spreken over de gang van het onderzoek, waarbij niets en niemand gespaard werd.

Het zette mij aan het denken over hoe het vaak in organisaties gaat. Maar weinig managers luisteren echt naar hun medewerkers. Met veel frustatie als gevolg. Als dan de veiligheid in het geding is, moet het extra frustreren. Volgens mij ligt de sleutel van de oplossing in een verdeling van de verantwoordelijkheden. Waarbij de eindverantwoordelijke de verschillende deelverantwoordelijkheden delegeert en hierbij op zijn medewerkers vertrouwt.

Misschien is vertrouwen wel de grootste sleutel tot succes.