image

De najaarszon schijnt alsof het een zomerdag is. De lunchpauze trekt al het kantoorpersoneel uit de kantoren. Ze flaneren door de straten van Amsterdam Zuid die direct aan het kantoorpark grenzen. Het verbaast mij hoeveel heren nog keurig in het jasje met dasje lopen.

Een groepje van 3 heren komen mij tegemoet. Ze hebben de singel net gehad. Nu trekken ze een rechte lijn naar het kantoor. Het einde van de pauze nadert. De mannen zijn van mijn leeftijd. De ene aardappel zit nog dieper verstopt in de keel dan de ander. Het ene pak ziet net iets netter uit dan het andere. Maar iemand als ik ziet het verschil niet.

Het lijkt of ze even stil zijn geweest. ‘Dus’, hoor ik de roodharige jongen tegen de 2 andere mannen zeggen. Het gesprek was even vastgelopen, maar de smeerolie begint te druppelen. ‘Dus Andries krijgt ook een kind.’ Zijn taal klinkt zeer geaffecteerd. Alsof iemand de taal loeihard op zijn donder geeft.

De leren hakken klinken dof in deze heerlijke najaarszon. De blonde jongen trekt zijn dasje recht. Hij nadert kantoor. ‘Dat is wel heftig’, zegt de stropdas met het donkere haar. Zijn taal heeft dezelfde zweepslag gehad als dat van zijn blonde korpsgenoot.

‘Inderdaad’, roept de blonde. En ik kan het verschil niet meer horen tussen de 3 mannen. ‘5 kinderen in 1 maand’, eindigt de roodharige als hekkensluiter. ‘Dat is wel heftig zeg.’ De automatische deuren gaan open en de mannen worden opgeslokt door hun werk.