Ik ben druk bezig in de trein maar hoor mijn mobieltje in mijn jaszak fluiten. Dat ben ik niet gewend zulke vroege berichtjes. Het zal wel een nieuwe twittervolger zijn, denk ik snel. Maar als ik de trein uitstap en over het perron loop, kan ik het niet laten eventjes te kijken. Het is een whatsApp-berichtje dat flikkert. Een ongewoon tijdstip voor dergelijke berichten. Iets over half 8.

Ik open het bericht en zie een onbekend telefoonnummer bovenin staan. En dan een fabelachtige zin: “Hi, ik heb dat stukje voor in de nieuwsbrief gemaild, het is anoniem, maar gaat over een 23 jarige man.”

Een zin om een roman mee te beginnen. Een enorme stapel vragen verzamelt zich in mijn brein. De vroege ochtend helpt daar ook aan mee:

  • wat voor een stukje?
  • welke nieuwsbrief?
  • waarom is het anoniem?
  • waarom een 23-jarige man?
  • en vooral: waar gaat het over?

De fantasie slaat op hol. Ik daal het trapje af dat mij naar de straat brengt. De buitenveldertselaan voert mij weer verder naar de bunkers van mijn werk. Ik geniet van woeste wolken. Zie hoe de lichten op de etages van de hoge kantoorpanden branden. Soms schuilt een haarbos achter een computerscherm.

Bovenal krioelen de kantoorbewoners buiten het kantoor. Ze lopen gericht een richting op. Gehaast, half gebogen, alleen voor hun voeten kijkend. Niets vermoedend. Anoniem. Het stukje voor de nieuwsbrief dat ze net vanuit de trein gemaild hebben. Ze hebben het vooral anoniem gelaten. Een 23-jarige man wacht nu in spanning op het antwoord.