image

De derde en laatste dag improviseren in Bergentheim was minstens zo inspirerend als de voorgaande 2 dagen. Ik moest er wel even goed inkomen. Op vrijdagavond hadden we nog tot laat in Den Ham geluisterd naar de orgels in de Gereformeerde kerk en de Gereformeerd vrijgemaakte kerk ‘de Fontein’.

Vooral de laatste kerk was indrukwekkend met het orgel van William Holt. Organist van de kerk en medecursist Herman Hamberg. Hij speelde werken van Vierne, Schuurman en Lemckert. Orgelwerken die prachtig klonken op dit qua klank stevige instrument. Als toetje kregen we een improvisatie van onze docent Gerben Mourik.

In de Gereformeerde kerk mochten we kennismaken met het spel van de organisator van onze cursus Henk Dubbink. Het orgel viel een beetje tegen, maar hij wist het beste eruit te halen.

Daarmee verliep het op de derde dag allemaal wat anders. Aanvankelijk had ik ook het gevoel dat het een dag teveel was. Zo gingen we door met elementen als de fuga en de toccata. Nuttige en leerzame informatie, maar ik moet nog werk maken van de bouwstenen die we de eerste 2 dagen kregen uitgereikt. Het was een beetje teveel voor me.

Het hoogtepunt gisteren was vlak voor het einde. We kregen de vraag om een schetsje te maken op basis van een lied dat Gerben Mourik aan ieder opgaf. Bij mij draaide hij het om hij gaf een lied – gezang 218 – en ook het schetsje. Ik stond er een beetje sceptisch tegenover. Ik moest de ‘f’ repeteren en daar dan op variëren. ‘Ja, we gaan het even anders doen’, zei hij. Dat hij er eigenlijk een andere bedoeling mee had, vermoedde ik wel.

Hij haalde met deze opdracht namelijk helemaal mijn improvisatiestijl en voorkeur naar boven. Ik ging voor ik er erg in had helemaal los. Iets wat ik nog niet gedaan had. Natuurlijk veel te wild, maar het haalde het laatste restje schroom bij mij weg. Ik liet mij uitdagen en nam de uitdaging gretig aan. Eindelijk kwam de improvisatie in mij los. De opmerkingen en tips die ik kreeg, bieden veel materiaal en oefening aan om heel lang mee aan de slag te gaan.

Tot slot enkele huiswerktips die we meekregen:

  • studeer elke dag: dagelijks ongeveer 10 minuten studie op loopjes en harmonisaties levert al veel resultaat op.
  • begin met de harmonisaties. Ga op de eerste dag de C-ladder oefenen en begin met de stijgende D-ladder. Op dat 2 begin je gelijk met de D-ladder (stijgend) en maak hem af. Als je de ladders C, D en A kunt spelen, ga je ze in verschillende tempi spelen. Elke dag eentje.
  • studeren is wat anders dan het doorspelen van je muziek. Oefen aspecten, figuren, loopjes, accenten.
  • neem jezelf op in de kerk en analyseer je improvisatie grondig. Wat deed je goed en waar heb je waardevol materiaal laten liggen? Hoe heb je geharmoniseerd?