Bij thuiskomst wachtte een enorme doos. Het bevatte het nieuwe UPC-abonnement. Inge was 2 weken terug voor iets heel anders in de stad. Ze haalde cartridges voor de printer. De verkoper sprak haar aan. Of ze een UPC-abonnement had. ‘UPC heeft de prijzen flink verlaagd. Als abonnement verlopen is, dan zou ik er zeker naar kijken’, ried hij aan.

Ze gingen even puzzelen en kwamen tot een flinke korting. Het scheelt het eerste halfjaar de helft en daarna is het 20 euro goedkoper. Het telefoonabonnement is miniem veranderd. De rest hetzelfde gebleven.

Ik verbaasde me over het verhaal. Hoe kan het zijn dat vaste abonnementhouders er niet op geattendeerd worden. Zo betalen we al jaren hetzelfde bedrag. Netjes en braaf. Blijkbaar word je niet beloond om je gedrag. Het blijft stil en je betaalt hetzelfde. Je maakt rumoer en het scheelt de helft.

Met de doos begint natuurlijk wel het drama. Ik haalde een wirwar aan snoeren omhoog. Dat scheelt straks aan gevaar als de 2 nieuwe bewoners komen. Installeerde het nieuwe apparaat, maar het nieuwe apparaat deed het niet. Het weigerde pertinent de telefoon. Zodoende hing ik rond etenstijd weer een kwartier met mijn mobieltje aan de helpdesk.

Ik sprak tot 2 keer toe mondeling mijn postcode in. In het voorbeeld dat ze gaven, moest je de letters volgens het telefonisch alfabet uitspreken. Op mijn Pieter Karel reageerde het systeem niet. Blijkbaar moest ik daar iets anders zeggen.

Daarna in de wacht. Toen ik aan de beurt was, keek de jongen aan de andere kant van de lijn in mijn nieuwe router. ‘Ik zie het al’, zei hij. Ik zag niks aan het ding. Het lichtje bij de telefoon knipperde niet. ‘Uw telefoon is nog aangesloten op uw oude router.’ Hij tikte iets hoorde ik. ‘Ik zal dat gelijk voor u aanpassen’, vervolgde hij vriendelijk.

Ik hoorde even niks. ‘Het duurt wel tot 24 uur voordat uw telefoon is aangesloten’, zei hij nadat ik weer wat knoppen van zijn toetsenbord hoorde terugveren. Ik vond het prima. Of ik nog vragen had. Nee, ik had geen vragen. ‘Dan kunt u morgenavond weer bellen’, zei hij.