image

Zwerversnest in het park

Op de terugweg pak ik het avonturenpad door de bosjes. Laaghangende takken en volle struiken versperren het pad. Zo lijkt het net een ondoordringbaar pad in de wildernis.

Meestal kom ik niemand tegen. Nu staat een man bij een stapel troep. Een deken, een stukgereten vuilniszak, een Feijenoord-sjaal en een donkere stroomadapter. Het verstoort de wildernis op dit paadje.

De man draagt een groen truitje. De kleine letters op zijn borst kan ik niet lezen. ‘Dat is van zwervers’, zegt hij om zich te verontschuldigen voor de rommel. Hij wijst naar het stuk van het pad waar ik vandaan kom. ‘Ik ga eens daarheen om te kijken of daar nog een zwerversnest zit.’

Hij loopt mij voorbij. ‘Parken zuid’, staat in rode letters op zijn rug. Ik trek de andere kant op en sla rechtsaf bij de t-splitsing. Ik kom weer bij het trottoire en zie een witte bestelwagen staan. De motor draait stationair.

De laadbak ligt vol met afgewaaide populierentakken. De man komt terug met een nieuwe tak en gooit het in de achterbak. Dan stapt hij in en rijdt weg. Ik tuur de wildernis in. Het zwerversnest ligt duidelijk herkenbaar midden op het pad.