In een herfstliedje stelt het lyrisch ik een vraag: herfst, herfst wat heb je te koop? Als antwoordt krijgt hij: duizend kilo bladeren op een hoop. Ik kon me tot voor kort niet zoveel voorstelen bij duizend kilo bladeren. Het was vooral veel, dat besefte ik.

Laatst op een fietstocht passeerde ik een recyclingbedrijf. Ze hergebruiken grond en maken compost. Bovenop een enorme berg bladeren stond een grote machine. De zware rupsbanden rolden over de opeengehoopte bladeren. Met de grijper, greep de kraan wat bladeren omhoog en verplaatste het naar een ander gedeelte van de bladerberg.

De hoeveelheid bladeren die daar lag, overtrof vele malen de duizend kilo. De machinist reed zijn kraan naar de andere kant van de berg. De bladeren zakten een klein stukje in. Diep in de berg zouden de bladeren broeien tot compost. In de berg compost naast de bladerberg dampte het al. De typische geur van rijpende compost kwam omhoog.

Zo ligt daar een heel bos aan bladeren te wachten tot het in vruchtbare grond verandert.