image

Snel netwerken aanleggen, staat groot op de cover van het computertijdschrift. Ik blader erin en ziet schema’s voorbijkomen. Screendumps van Netgear en Cisco. Overzichten van wifi-systemen en lege tabellen die je zelf kunt invullen.

Verder 14 stappen. Het zijn grote stappen. Bij elke stap kom je een stapje dichterbij het netwerk dat je aanlegt. Onder elke stap vermelden 5 blokjes hoe zwaar de stap is. De blokjes kleuren groen of blijven leeg. Zijn alle 5 vakjes groen, dan is het kost voor de heavy user. Is er slechts 1 vakje groen, dan kan de grootste oen het zelfs.

Ik kijk naar de eerste stap. ‘Analyseer de gebruikers van je netwerk.’ Boven de stap een kluw computerdraden als illustratie. ‘Je moet inzichtelijk hebben wie je netwerk gebruiken en hoe. Iemand die de mail leest en op zijn mobieltje een spelletje speelt, heeft een andere behoefte dan iemand die World of Warcraft speelt en elke avond 10 films downloadt.’

Ik ben geen van beide gebruikers. Ik gebruik gewoon het netwerk om online te zijn op twitter, mijn blog of een stukje te schrijven in Google Drive. Gebruik je dan veel data of weinig. Films of spelletjes downloaden doe ik niet. Ik surf en leef op internet. Verder doe ik niet zoveel aan datavreterij.

Ondanks dat ligt onze wifi er om de haverklap uit. Een belletje naar de UPC heeft niet geholpen. De mevrouw van de servicedesk heeft de router al op een andere frequentie gezet. Volgens haar had de wifi-repeater van de Aldi die ik boven geinstalleerd heb, geen effect. ‘Ik zie dat u een versterker gebruikt’, had ze gezegd. ‘Die werkt niet’, vervolgde ze.

Het veelzeggende advies dat ze gaf was om een andere router op de router aan te sluiten voor het draadloos netwerk. Dan kun je boven op een ander netwerk dat op het netwerk is aangesloten. Niet bepaald een tip die ik in de stappen terugvindt.

Ze laten een uitvoerig schema zien van gebruikers. Precies vermelden ze wie er ‘s avonds gebruik maken van het netwerk en wat ze er doen. Ik vraag me af of zo’n schema zin heeft voor een huishouden met 3 personen.

Daarna kruip ik verder naar de volgende stap. De hoeveelheid groene vakjes stijgt. ‘Noteer alle instellingen en wachtwoorden. Zet de router daarna terug in de fabrieksinstellingen.’ Zo fietst het programma verder door een woud aan instellingen, wachtwoorden en formules.

Nog meer groene vakjes en de eenvoud die ik dacht te hebben van mijn netwerk is helemaal weg. Alles moet zorgvuldig zijn afgestemd. Ik heb geen idee hoe ik in mijn router kom. Het lijkt erop dat de dame van de klantenservice van UPC daar alleen toegang toe heeft. Andere apparatuur werkt er niet op. De printer weigert zijn printopdrachten. Hij krijgt ze niet binnen via het draadloos netwerk, zegt hij. Net als dat de mobiel om de haverklap klaagt dat hij geen verbinding heeft met het netwerk.

Zo verdwijnt elk ander begrip voor het woord netwerk. Een wirwar van draden en onmogelijkheden. Alleen schema’s en netwerkbeheerders lijken dit begrijpen. Ik sla de gids dicht en pak een oud nummer van Vrij Nederland. Het gaat over Wolkers’ zoon Eric. Hij vertelt over een andere kant van zijn vader.

Maar dan het is mijn beurt. Ik mag naar binnen. Een wachtkamer helpt je bij het hervormen van het computernetwerk thuis, maar ik dwaal liever weg in een interview in een even oud tijdschrift.