de-blauwe-hemel.jpg

We lagen op bed of beter: het matras dat ik van mijn hoogslaper had gehaald en dat nu op de grond lag. Ze vroeg wat mijn lievelingskleur was. ‘Blauw’, zei ik na lang nadenken. Ik dacht aan het blauw van de zee. De strakblauwe lucht op een mooie zomerdag. Het diepe blauw van die Renaissanceschilderijen zoals de achtergrond van het Laatste oordeel van Michelangelo in de Sixtijnse kapel. En de intense beleving die dat blauw kon oproepen.

Indigo noemde Oliver Sachs het. De Amerikaanse neuroloog legde eens uit dat hij twee keer die intense ervaring had beleefd. Hij zag een hemelse kleur blauw, dat hij indigo noemde. Het gebeurde hem de eerste keer bij het roken van een joint. De tweede keer riepen de Mariavespers van Monteverdie deze intense kleurbeleving op.

Ik moest aan Oliver Sachs denken bij haar vraag. Het zou beter passen in het antwoord. Ze studeerde psychologie. Blauw zou wel goed passen in dat verhaal. Het waarmee ik de ramen en plinten van mijn studentenkamer had geschilderd, grensde wel een beetje aan het paarsblauw dat ik in gedachten had.

image

Maar de wens het indigo ooit te zien was groter dan dat het echt mijn lievelingskleur zou worden. Volgens Sachs konden intense belevingen een kleur oproepen in de hersenen. Voor hem was dat het indigo. Ik heb in beide gevallen nooit het indigo gezien.

Meer blauw op straat. Een blauwtje lopen. Blauw aanlopen. Een wereld vol blauw staat op de uitkijk. De blauwe tram. Er is meer blauw dan je lief is. Net als dat je ‘ins Blaue hinein‘ kunt staren. En dank kijk je niet naar het indigo van Oliver Sachs. Dan sta je een beetje dul naar iets te kijken dat er niet is. Misschien is het blauw de kleur waarin alles verdwijnt.

Zo vond het zij het. Maanden later, aan het einde van onze relatie, kwam er ineens een betoog over mijn lievelingskleur. Het paste bij mij: kil en koud. Net als de binnenmuren in Griekse huizen. Ze houden de warmte buiten en de vliegen ook. Zo kleurde ik bij mij thuis ook de binnenmuren blauw. Niet dat het veel helpt, de vliegen blijven komen en als het warm is, druppelt de warmte ook gestaag naar binnen.