image

Het mooiste toetje in De Oude Patagonië-expres is niet het einde. De laatste twee hoofdstukken zijn meer de vervulling van een belofte dan een toetje. Het vorstelijk nagerecht wordt opgediend in Buenos Aires.

In de Argentijnse hoofdstad bezoekt Paul Theroux de uitgever van zijn reisboeken in Argentinië. Hij ziet er in een boekwinkel drie van zijn boeken liggen. Waarschijnlijk zijn het Saint Jack, De grote spoorwegcaroussel en de Muskietenkust.

Naast dat de uitgever hem de treinkaarten aanbiedt voor de reis naar Patagonië en ook iemand vooruit wil sturen om een hotel te regelen, complimenteert de uitgever Paul Theroux met zijn essay over Kipling. Tijdens zijn reis verscheen er in de New York Times een uitvoerig essay van zijn hand over de Engelse schrijver.

De uitgever is niet de enige die het essay gelezen heeft, de schrijver Borges wil Paul Theroux naar aanleiding van het geschrevene ook graag ontmoeten. Een groot compliment natuurlijk. Paul Theroux heeft grote bewondering voor deze Argentijnse schrijver. De uitgever biedt aan om een afspraak te regelen.

Paul Theroux bezoekt de blinde schrijver in zijn appartement. Hij gaat er met de ondergrondse naartoe. Al de eerste avond krijgt hij het verzoek een aantal verhalen van Kipling voor te lezen. Paul Theroux voelt zich als een heuse Boswell die elke opmerking noteert in zijn dagboek. Aan het einde van zijn bezoek vraagt Borges hem om morgen met hem te gaan dineren. Zo begeleidt Borges Paul Theroux op Goede Vrijdag naar het restaurant waar hij altijd eet. De blinde begeleidt de ziende, merkt Theroux droogjes op.

Het zijn erg mooie gesprekken die Paul Theroux met de Argentijnse schrijver voert. Borges nodigt hem weer uit voor de volgende avond. In Patagonië is niks, zo stelt Borges. Waarom zou je daar naartoe willen? Zo blijft hij het vervolg van zijn reis maar uitstellen en luistert aandachtig naar de verhalen van Borges. Tussendoor leest Paul Theroux de verhalen voor die Borges wil horen. Ook omdat Borges zijn eigen verhalen niet de moeite van het luisteren waard vindt.

Als Paul Theroux avonden later verzucht dat hij naar Patagonië moet, wil Borges hem niet laten gaan. Bovendien noemt een Argentijn Patagonië helemaal geen Patagonië, maar ‘Chubut’ of ‘Santa Cruz’. Waarom W.H. Hudson het dan wel Patagonië noemt, begrijpt Borges niet:

‘Wat wist hij er helemaal van? Idle days in Patagonia is geen boek, maar het valt je op dat er geen mensen in voorkomen – alleen vogels en bloemen. Zo is het ook in Patagonië. Daar zijn geen mensen. Het probleem met Hudson is dat hij niet anders deed dan liegen. Het boek staat vol leugens. Maar hij geloofde in zijn leugens en al gauw kon hij geen verschil meer maken tussen wat waar en wat niet waar was.’ Borges dacht even na en zei toen: ‘Er is niets in Patagonië. Het is net niet de Sahara, maar dat benadert het wel het dichtst in Argentinië. Nee, er is niets in Patagonië.’ (393/4)

Als zelfs Borges Patagonië niets noemt, dan moet het wel wat zijn voor Paul Theroux. Deze opmerking van de Argentijnse schrijver is dan ook de reden voor Theroux de trein naar Esquel te nemen. Nu nadert hij het einddoel waarvoor hij maanden eerder in de metro van Boston zat. Hij neemt de trein naar het Zuiden en stapt midden in de nacht over in Jacobacci. Ook de conducteur waarschuwt hem voor niet te grote verwachtingen:

‘Die trein heeft niet veel te betekenen, weet u. Het is een kleine trein.’ Hij gebruikte de dubbele verkleining in het Spaans: ‘Het is een piepklein treintje. Hij doet er eindeloos over.’ (405)

Dan komt daar om 6 uur in de ochtend eindelijk het stoomtreintje binnenrijden. Puffend, zuchtend en steunend. ‘Hij werd oliegestookt, dus kwam er geen zwarte rook uit, maar hij had last van bronchitis en haalde haperend en hijgend adem op hellingen en piepte eigenaardig wanneer we naar beneden gingen, en dan leek hij zijn zelfbeheersing te verliezen.’ (414)

De trein heeft geen naam. De overheid wil hem zelfs opheffen, maar voor Paul Theroux staat de trein symbool voor het ultieme reisdoel. Niet het doel, maar de reis naar het doel, vormt het verhaal. Daarmee zijn de laatste twee hoofdstukken na het toetje met Borges, een schitterende afsluiting. Met de schrijver heeft ook de lezer zijn doel bereikt. En er blijft bij het dichtslaan van dit boek de onweerstaanbare neiging het boek weer te openen en te beginnen bij het begin: in de metro van Boston.

‘Ik was aangekomen in Patagonië en ik moest lachen toen ik bedacht dat ik hier was gekomen uit Boston, met de metrotrein die de mensen naar hun werk bracht.’ (421)

Meer lezen

Dit is het laatste deel van mijn reeks blogs over De oude Patagonië-expres van Paul Theroux. Lees mijn andere blogs over dit boek: