image

Ontsnappen met een fietsrit door het bos

Het is drukkend warm. Tijd voor de ontsnapping. Ik maak een tochtje op de fiets. Dit keer heb ik het Gooi voor ogen. Ook hier kwam Nescio op zijn zwerftochten door de regio. Hij hield erg van Huizen, Laren en de streek rond Bussum en Naarden. Ik weet dat er vandaag een temperatuur van 30 graden is voorspeld, maar ga het proberen.

Plechtig beloof ik aan het thuisfront naar huis te gaan als het niet meer gaat. Op mijn krent blijven zitten, is warmer, is mijn redenatie. Ik smeer mij snel in om mij te beschermen tegen de warme zon. Natuurlijk neem ik ook een beetje zonnebrandcrème mee.

Op de Hollandse Brug voel ik de warmte over mij heen gaan. Het is inderdaad heet. Ik fiets verder in de richting van Naarden, langs de kringloopwinkel. De deur is gesloten. Hij gaat pas om 13 uur open. Daarom fiets ik maar verder in de richting van het Hilversumse bos. Ik weet Bussum mooi te ontwijken door onderlangs te fietsen, langs het Naardermeer.

Het is rustig. Niemand waagt zich buiten. Een fietser heeft zich onder een boom geïnstalleerd. Naast hem ligt een plastic tasje waarin de ronde vormen van de blikjes bier zich aftekenen. Aan zijn lippen brengt hij een geopend blikje. Hij zwaait uitbundig als ik voorbij fiets.

Ik rij het Spanderswoud binnen. De bomen geven verkoeling. De warmte lijkt moeilijk het bos binnen te dringen. Over het smalle fietspad fietsen tegenliggers mij tegemoet. Ik ga even op het bankje zitten om even te pauzeren.

Een man en een vrouw komen voorbij. Hij loopt voorop met een hondje. Zij achter hem aan. De jurk floddert langs haar lichaam. Witte benen steken onder het jurkje uit. Ze zwijgen. Het grint van het fietspad kraakt onder hun schoenen. Als ze bijna uit zicht zijn hoor ik de man tegen de vrouw schreeuwen. De hond blaft.

image

Hervormde kerk van Gravenland

Weer verder, ik kan moeilijk mijn route bepalen. Weer terug, want ik wil naar ‘s Gravenland. Ik wil eens Trompenburgh zien. De creatie in de vorm van een schip is van Daniël Stalpaert en behoort tot de hoogtepunten van de Gouden eeuw. Ik wilde het eens zien, maar als ik in ‘s Graveland aankom, zie ik het bouwsel niet. Een gebouw dat doet denken aan de Hervormde kerk van Renswoude met imposante muren in een vierkant gebouwd. In de toren prijkt het jaar 1658.

Ik mis de Trompenburgh en besluit de ingekorte route naar Hilversum te gaan maken. Het is best warm en om nu helemaal door te rijden naar Vreeland, vind ik net te ver. Ik weet niet beter, anders was ik doorgereden, dan zou ik de Trompenburgh wel zien. Nu staat een meisje in een zomerjurkje achter mij stil bij het stoplicht.

Alle fietsers gelijk groen, staat er bij het stoplicht. We rijden de ‘s Gravelandseweg op in de richting van Hilversum. Passeren allerlei landhuizen. De koeien staan in de sloot vanwege de hitte. Ik hoor de koe die midden in het water staat tevreden snuiven.

Ik vind het fietsnetwerk weer en zak af naar Hilversum. De warme stad kom ik binnen. Een stad die ik alleen ken als wandelaar en automobilist. De laatste verdwaalt nogal eens, maar als fietser red ik mij goed.

Ik fiets de stad in, struin bij de boekwinkel door de afgeprijsde boeken en moet nog even wachten tot De Slegte open is. Solare staat op de winkelruit, ‘voorheen de Slegte’. De winkel is niet ingrijpend veranderd. Achterin nog altijd de tweedehands boeken. Voorin loop ik langs de nieuwe boeken.

Dan nog even langs de kringloopwinkel, waar ik een aardige buit vandaan haal. Als ik weer buiten sta, voelt het warm. Het is iets na twee uur en de temperatuur stijgt tot tropische waarden. Ik stap weer op de fiets en vervolg mijn route. Daar komt de hei: de Zuiderheide. De zon brandt moordend.

Ik rij helemaal alleen en waan mij even als enige aanwezig hier op deze heide. Bij de eerste boom zit een stelletje op het bankje. In het enige schaduwplekje. Ze groeten als ik langsrijd. Ik ben hier niet de enige. Als ik de heuvel op klim, raast het verkeer van de A1. In Nederland ben je nooit alleen. Zelfs niet in een hutje op de hei.

image

ANWB-paddestoel nummer 1

De volgende heide op. Daar tref ik de eerste ANWB-paddestoel aan. Het is de eerste paddestoel die geplaatst is. Iets verderop op de Bussumerhei staan de vervolgpaddestoelen. Een bord herinnert aan deze eerste paal. Het is inmiddels wel een modern model. De vorige paddestoel liep een stuk minder steil af langs de zijkanten.

image

Schaapskudde Tafelbergheide zoekt verkoeling

Op de Tafelbergheide lopen de beroemde Gooise schapen van de schaapskooi. Vaak vastgelegd door de schilders die in de 19e en 20e eeuw naar Laren en Blaricum kwamen om het authentieke landleven vast te leggen. De schapen zijn naar het fietspad gekomen voor de verkoeling. Onder de bomen staan ze, dicht tegen elkaar. Ze hijgen en drukken hun kop tegen de bast van de boom.

image

Als ik door Blaricum fiets, wil ik mij nog even insmeren met zonnecrème. Ik zoek in mijn tas maar kan de fles niet vinden. Ik zou hem toch niet vergeten zijn? Ik vrees het ergste. De zon brandt op mijn huid. Kan ik zo nog doorrijden. Het is een vol uur nog fietsen naar huis. Ik rij door. Er zit niet veel anders op. Door de bossen rijdt het heel prettig. Onder de bomen over de smalle paden, langs al de villa’s van bekende Nederlanders zitten verborgen achter de hoge hekwerken.

Ik kom weer terug waar ik begonnen ben, bij de kringloopwinkel van Naarden. Daar ga ik nog even naar het toilet en fris mij op aan een flinke hoeveelheid water. De verkoeling is niet zo moeilijk te vinden. Bij de boeken neus ik vanzelfsprekend nog even, maar ik vind zo snel niks van mijn gading. De fietsrit zit in mijn benen en in mijn hoofd. Ik ga snel naar buiten om de rest van het rondje Gooi af te maken.

image

Fiets zo de Grote kerk van Naarden binnen.

De Hollandse brug voelt warmer dan de heenreis. De tegenwind zorgt voor een prettig verkoelend briesje. Al is briesje wel erg warm, het voelt nog niet als een föhn waarover ik mensen uit warme landen vaak hoor. Nog een klein eindje. Ik kies de route door het Kromslootpark voor de beschutting.

De schapen in het Kromslootpark grazen gewoon in het open veld. Blijkbaar hebben deze het minder warm dan hun soortgenoten op de Tafelbergheide. Een paar keer de trappers naar beneden drukken en ik ben helemaal thuis. De ontsnapping heeft lang genoeg geduurd.

image

Weer thuis na de ontsnapping