image

In Paul Theroux’ roman De Benedenrivier leven de bewoners van Malabo in grote armoede. Leek in de jaren ’60 nog de hoop te heersen, nu is de hoop vervlogen en proberen mensen binnen te halen wat er binnen te halen valt. De hoofdpersoon van het verhaal Ellis Hock lijdt hier erg onder. Ze proberen hem zijn geld afhandig te maken. Iets waar ze aanvankelijk niet in slagen, maar wat ze geleidelijk aan steeds beter afgaat.

Ellis Hock krijgt weinig respect van de bewoners. Mocht hij in het verleden een heldenrol hebben toebedeeld in het dorp, nu lachen ze hem uit. Als onderwijzer kwam hij zonder iets, alleen zijn kennis. Nu stapt hij het dorp binnen met een fortuin aan geld. Hij verwacht de bewoners te kunnen helpen, maar ze zijn alleen geïnteresseerd in het geld dat hij bij zich heeft.

Afrika van herinnering

De hoofdpersoon van de roman verbaast zich hierover. Hij probeert het Afrika uit zijn oude herinnering te laten herleven, maar hij vergeet dat hij zelf veranderd is. Heb je aanvankelijk als lezer nog medelijden met Ellis Hock, gaandeweg het verhaal slaat dit oordeel om.

Het valt namelijk op dat Ellis Hock een grote egoïst is, die niemand wil helpen en alleen maar met zichzelf bezig is. Misschien ligt zijn ellende helemaal niet bij de dorpsbewoners die hebzuchtig zijn, maar bij hemzelf die alleen maar met zichzelf bezig is. Zelfs als iemand een groot offer doet voor hem, is hij alleen maar bezig of de opdracht die hij die persoon gegeven heeft, wel is overgekomen. De verwondingen en ellende van die persoon lijken minder belangrijk voor hem. Het maakt hem van een sympathiek personage tot een persoon waar je van walgt.

Veranderen

Niet alleen Afrika is veranderd, maar Ellis Hock zelf ook. Net als alle Amerikanen en Europeanen. Ze gooien maar voedsel naar beneden in de veronderstelling dat ze weldoen, maar het kostbaarste wat ze hebben – hun kennis – delen ze niet. Ze weten het altijd beter dan de mensen in Afrika zelf. Het roept een wroeging op die begrijpelijk is en die je zelfs als lezer overneemt.

Zoals het moment dat Zizi zegt dat ze bang is voor hem. Het argument mompelt ze heel zachtjes waarbij Ellis Hock een deel van een Senaspreekwoord hoort: ‘de vluchtende rat…’

‘De vluchtende rat brengt alle andere in gevaar,’ zei hij. ‘Denk je zo over hem?’ (291)

Als lezer schud je weemoedig het hoofd. Begrijpt hij het echt niet? Ze denkt niet zo over Aubrey die hem inderdaad besodemieterd, maar ze denkt zo over Ellis Hock zelf!

Wat doet die man daar?

Er doemt nog een vraag op bij het lezen van het boek: Wat doet die man daar eigenlijk in dat dorp? Is hij daar alleen omdat hij zulke mooie herinneringen koestert aan de tijd dat hij daar werkte? Een tamelijk egoïstische houding. Hij ziet de honger en ellende waarin de dorpelingen leven niet.

Hij is er alleen voor zichzelf en beziet alles wat er gebeurt vanuit dat standpunt. De honger en ellende merkt hij wel op, maar hij werkt niet aan een oplossing en gaat zelfs mee in de macht van het dorpshoofd. Weerloos en machteloos.

Dat is de grootst ontnuchtering in de roman van Paul Theroux. Een gewaarwording die onmogelijk in een reisverslag is te stoppen, maar die zich in fictie heel mooi laat vatten. Daarmee demonstreert Paul Theroux een schrijver van formaat te zijn, die op verschillende manieren de werkelijkheid kan beschrijven. Als reiziger in Laatste trein naar Zona Verde en als romancier in De benedenrivier.

Meer lezen

Dit is de derde blog van een serie van vier blogs over De Benedenrivier van Paul Theroux. Lees ook de andere drie blogs:

Informatie over het boek

Paul Theroux: De Benedenrivier. Vertaling van: The Lower River. Vertaald door Suzan de Wilde en Maarten Polman. Amsterdam: Uitgeverij Atlas/Contact, 2012. ISBN: 978 90 450 2062. Prijs: € 21,95. 386 pagina’s.