image

Het idee dat de Chinezen aan de wieg staan van alle moderne uitvindingen, is niet uit de jaren ’90. Op reis door China verwijst Paul Theroux hier ook naar. Hij stelt dat China het eerste en het laatste land is dat stoommachines maakt. De lijst met vele Chinese uitvindingen, stelde professor Needham op in zijn Science and Civilisation in China.

Het eerste deel van dit 24-delige levenswerk verscheen in 1954. Mogelijk heeft dit grote overzichtswerk van Chinese vindingen aan de wieg gestaan van de paradigmawiseling waar Maarten van Rossem over schrijft in zijn essay Waarom de stoommachine geen Chinese uitvinding is. De kritische noot van de Utrechtse hoogleraar lees ik niet bij Paul Theroux. De treinreiziger spreekt van het eerste ontwerp van de stoommachine die in het jaar 600 zou zijn gemaakt door de Chinezen.

Maarten van Rossem vindt dat hier de ‘meest elementaire logica’ niet wordt toegepast. Dat is de vraag waarom de kloof tussen West-Europa en China zo ongelooflijk snel en zo diep kon worden.

Kortom, de strekking van mijn betoog is dat Europa, ondanks de retoriek van het nieuwe paradigma, nu juist wèl iets bijzonders was, in elk geval voor de periode 1500-1900. (13/14)

Een overheersing dankzij de stoommachine die volgens Maarten van Rossem te vergelijken is met de landbouwrevolutie die eindigde met de domesticatie van het paard, vijfduizend jaar geleden.