image

Ik ben gek op het lezen van (auto)biografieën. Ze stimuleren mij het werk van de gebiografeerde verder te onderzoeken. Het meeste lees ik biografieën van schrijvers en kunstenaars. Gevolgd door biografieën van politici, musici of andere beroemdheden.

Zo las ik de biografie van Steve Jobs. Het boek geeft een mooi inkijkje in het leven van deze computerrevolutionair. Het leven van zo’n man was voor mij een enorme leerervaring. Ik leerde anders te kijken naar werk en ontdekte ook de poëzie die in industrieproducten verborgen ligt.

Al ver voor mijn studie ontdekte ik de biografie. Ik hield op de Mavo een spreekbeurt over het boek Heintje, hondje, hoedje van Toon Kortooms. Een boekje over het leven van Hein Fentener van Vlissingen. Een man die ik kende uit het NCRV-programma De stoel van Rik Felderhof.

Daarna volgden de biografieën zoals Wim Hazeu ze schreef, over Gerrit Achterberg, Slauerhoff en tenslotte ook over Vestdijk. Het waren heerlijke boeken om kennis te maken met de bijzondere levens van schrijvers. Het lonkte zo dat ik zelfs de biografie van Escher aanschafte. Of de biografie over Willem Walraven en de biografie van Couperus van de hand van Bastet.

Ook ontdekte ik het boeiende leven van Van Deyssel dat Harry G.M. Prick zo mooi verwoorde in zijn biografie.

#50books

Dit is het antwoord op vraag 27 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief vanPeter PellenaarsMartha Pelkman heeft in 2014 het stokje overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.