imageDe voorkant van het boek Het Boschhuis is een schilderij waarop Joke ter Beek staat, de moeder van de schrijfster. Het is geschilderd door ‘Annie, die tegenover Het Boschhuis woonde en in haar huis een atelier had.’

Pauline Broekema haalt het maken van het schilderij aan in de familiegeschiedenis. De buurvrouw Annie schildert het doek in de tijd dat bij de familie het Franse meisje Huguette inwoont. Huguette is van Franse adel en heeft gescheiden ouders. Ze is het zusje dat Joke niet heeft, maar ook het meisje dat jaloers is op het mooie portret van Joke.

Wat Pauline Broekema over het schilderij en Huguette schrijft, demonstreert op een integere manier hoe het verhaal zich vormt om deze voorwerpen en de bewaardgebleven documenten uit opa’s omvangrijke archief.

Ze was zelfs geschilderd. Door Annie, die tegenover Het Boschhuis woonde en in haar huis een atelier haad. Ze had mogen zeggen in welke kleren ze geschilderd wilde worden. De rode jurk had ze gekozen, met het ronde kraagje en de fijne gele en blauwe stipjes die oma erop had geborduurd. En haar lievelingsspeld: de blauwe ring waaraan figuurtjes hingen, een grijs mannetje met een witte muts en een geel muiltje, een groen schelpje. Ze had hem helemaal bovenaan op haar jurk gespeld, zodat je hem goed kon zien. ‘Stuk eigenwijs,’ had moeke gezegd, en ze had haar geknuffeld. Van Annie mocht ze geen vlechten. Het haar moest los, met een zijscheiding en een rode strik. Ze had gedacht dat ze de hele tijd zou moeten glimlachen, tot ze er pijn van kreeg in haar kaken. Net zoals bij de schoolfotograaf. ‘Kijk maar gewoon zoals je bent,’ zei Annie, en dat was wel zo prettig. Als vader foto’s maakte moetsen ze altijd vrolijk kijken. Vooral Pieter trok dan met opzet een gek smoel of keek expres naar de grond, zoals laatst toen er foto’s voor Haukje werden gemaakt.
Dat poseren voor Annie vond ze fijn. Zo heerlijk rook het er naar verf. Annie achter de schildersezel, met alleen maar aandacht voor haar. Toen het schilderij klaar was, hing vader het in de kamer. Zelf keek ze er graag naar. De rode strik, de ernstige blik. Dat was zij dus.
Huguette verpestte het gevoel. Al snel wilde ook zij geschilderd worden. Vader schreef maman een brief. Die stuurde een postwissel, wat betekende dat ze alvast geld betaalde, en een week later verdween Huguette naar de overkant. Het werd een stom schilderij. Het leek helemaal niet. (192)

Hier vermengen de gegevens uit brieven en documenten (zoals de postwissel) zich met het verhaal over het meisje dat poseert bij de schilderes Annie. Het levert een mooi verhaal op, waarin op een aantrekkelijke manier ook andere dingen worden verteld.

De zinnen over de gekke bekken die Pieter trekt op de foto’s komen veel later weer terug in het verhaal. Na het overlijden van Pieter, zit vader Juul verdrietig te kijken naar de foto’s en documenten die zijn overgebleven. Veel is verwoest bij de in beslagname van Het Boschhuis door de bezetter, maar het grootste gedeelte van het persoonlijk archief is gered door vrienden.

Net als het bord karton waarop Pieter in zijn jeugd de vogelstand rond het huis bijhield. Dit karton krijgt een mooie plek in het familieboek van Pauline Broekema. Later tuurt vader Juul naar het document, als één van de laatste tastbare herinneringen van zijn zoon, net als het boekje dat Pieter in zijn zak had zitten toen hij gefusilleerd werd.

Deze voorwerpen brengen de geschiedenis dichterbij en vormen met het boek van Pauline Broekema de schakel van toen naar nu. Het is jammer dat de foto’s die ze opvoert in het boek niet een plekje in het boek hebben gevonden. Het zou de geschiedenis nog meer tot leven hebben gewekt.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn tweede bijdrage over Pauline Broekema’s familiekroniek Het Boschhuis, Kroniek van een familie. We lezen dit boek vandaag bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Pauline Broekema: Het Boschhuis, Kroniek van een familie. De Arbeiderspers, 2014. 471 pagina’s. ISBN: 9789029588973 Prijs: € 19,95