image

Geen groter plezier dan het lezen van een historische roman. Mijn grote liefde voor geschiedenis en verhalen, maakte dat ik in mijn pubertijd Thea Beckman helemaal ontdekte.

Haar verhalen rond historische gebeurtenissen en personen, de kinderkruistocht, Jan van Schaffelaar, het rampjaar 1674, de storm in Utrecht waarbij het middenschip van de Domkerk instortte en de 100-jarige oorlog tussen Engeland en Frankrijk. Geschiedenis die voor mij begon te leven in de verhalen van Thea Beckman.

Later verschoof de historische roman een beetje naar de achtergrond van mijn interesse. Voor en tijdens mijn studie Nederlands genoot ik voornamelijk van de moderne, Nederlandse literatuur. Ik las alles wat los en vast zat, maar geen historische romans.

Dat kwam pas later, maar wel al tijdens mijn studie in Leiden. Samen met 2 andere studenten begonnen we een studentenblaadje met de naam Putdeksel. We schreven de uitgeverijen van Nederland aan om boeken te bespreken. Tot onze verbazing kregen we wat toegestuurd van Prometheus. Het was de uitnodiging voor de presentatie van de debuutroman van Jan van Aken.

Het bleek vooral een incrowd-feestje te zijn waarbij Hafid Bouazza grapjes maakte die alle aanwezigen begrepen, maar ik niet. Later schreef ik mijn eerste recensie over de historische roman van Jan van Aken. We noemden hem de enige schrijver in Nederland die dit genre nog beoefende op de stokoude Teun de Vries na.

Ik besprak het boek en merkte op dat er niet zoveel over de vrouw geschreven werd. Jan van Aken klom in de pen en schreef een mailtje waarin hij vond dat ik mijn politiek correct aanstelde. Hij had een hekel aan politieke correctheid. Voor hem stond het gelijk aan hypocrisie.

Daarna verdween mijn aandacht, totdat ik aan het einde van mijn studie de nieuwe roman van Jan van Aken las, De valse dageraad. Een geweldig verhaal dat het midden hield tussen een avonturenroman, reisverhaal en fantasieverhaal. Het dikke boek ging mee op mijn fietsvakantie en ik hield het in mijn hand als teken van herkenning bij een date met een meisje uit Almelo.

Daarna ben ik hem actief gaan volgen. Het verleden dat hij op een intrigerende wijze weet te vermengen met het verhaal, waardoor het verleden tot bloei komt. De grapjes die de verteller uithaalt met het verleden en waarmee hij de geschiedschrijving op de hak neemt. Ik kan daar erg van genieten.

Afgelopen zomer waagde ik mij aan een andere historische roman. Eentje uit de negentiende eeuw van Jacob van Lennep. De roman Ferdinand Huyck is van een heel ander kaliber dan het werk van Jan van Aken, maar toch proef je ook hier het spel met het verleden. De historische roman is in de 19e eeuw een geliefd genre.

Schrijvers beschikken over een grote fantasie en de beschreven historische werkelijkheid is niet zoals deze geweest is, maar zoals deze geweest zou kunnen zijn. Het is een poging tot reconstructie waarin de beleving belangrijker is dan de feiten. Historici zien het andersom, maar een geschiedenis gebaseerd op feiten en net zomin de werkelijkheid als het verhaal in een historische roman.

De historische roman heeft daarmee een voorsprong op het algemene geschiedenisverhaal. Bij het lezen van een boek van Jan van Aken krijg je een verhaal zoals dat in de beschreven periode zou kunnen zijn geweest. Daarbij gaat de geschiedenis leven bij een goed verhaal. En zo maak je kennis met een periode zonder er erg in te hebben. Als je het niet zo nauw neemt met de historische feiten, heb je er nog veel meer plezier aan.

#50books

Dit is het antwoord op vraag  37 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief van Peter Pellenaars. Na Martha Pelkman in 2014 heeft Peter het in 2015 weer overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.