image

De brieven van Gerrit Komrij uit Alvites zijn eigenlijk een grote verwijzing naar de roman die ik eerder las: Over de bergen. Het is een prachtig boek waarin een bijzonder groot huis de hoofdrol speelt.

Zonder veel fantasie lees je daar het huis in Alvites in. Als je daarbij rekening houdt dat op het kaft van de eerste druk een schilderij van het pallazo in Alvites staat, dan schuurt de werkelijkheid wel heel dicht tegen de fictie aan.

Het verhaal is iets anders. Het verhaal gaat over Pedro Sousa e Silva. Hij vertrekt naar het landgoed van de familie en betrekt het huis waar zijn voorouders hebben gewoond. Het gehuchtje Sampaio waar hij in het grote, lege huis gaat wonen, ligt in de meest afgelegen provincie van Portugal:

Trás-os-Montes? Hadden zijn vrienden in Lissabon gezegd, als het gesprek kwam op de streek war hun grootvaders en overgrootvaders vandaan kwamen. ‘Lopen de mensen daar niet rond in beestenvellen? Brengt de postbezorger daar niet op een ezel de brieven rond? Als er al een brief aankomt?’ En ze barstten in luid lachen uit. (7)

Hij wordt er hartelijk ontvangen. De mensen zijn arm, de dienst wordt nog uitgemaakt door de pastoor en de landeigenaars. De provincie Trás os Montes is de armste provincie van Portugal, het armste land van Europa. Het huis dat Pedro betrekt, behoorde toe aan
dona Augusta, een oudtante van hem.

Vanwege een familietwist had ze haar jongste broer en zijn kinderen onterfd. Pas de kleinkinderen zouden weer aanspraak mogen maken op haar bezit dat bestond uit het huis, het rolar in Samponia.

Ze is bijna 10 jaar overleden als Pedro in het gehucht aankomt. Ze heeft haar huis voor 20 jaar nagelaten aan een stichting die als taak heeft de opbrengsten voor de jonge gelovigen te bekostigen en de arme kinderen in het dorp elke dag een maaltijd in de pauze te geven. Degene die het bezit beheert, is de pastoor, padre Rodrigo.

Pedro vraagt de pastoor of hij tegen betaling een tijdje in het huis van zijn oudtante mag komen wonen. Hij wil experimenteren of hij er na verloop van tijd niet kan blijven. De drukke stad Lissabon ontvlucht, zoekt hij de rust in het paradijs dat hier voor hem lijkt te bestaan.

Hij leeft aanvankelijk in de waas van geluk. Al merkt hij snel dat de revolutie die weliswaar 3 jaar na de dood van dona Augusta was, hier nog niet echt is doorgedrongen. Pastoor en landeigenaars maken hier de dienst uit. Ze zullen het hem lastig maken. Zeker als hij het uitgestippelde plan van de pastoor niet opvolgt. Dan barst de hel los en is het paradijs dat hij aanvankelijk in Sampaio zag, helemaal verdwenen.

Gerrit Komrij: Over de bergen. 9e druk (als Singel Pocket). Amsterdam/Antwerpen: De Arbeiderspers, 1997 [1990]. 249 pagina’s. ISBN: 90 413 3037 2.