img_20160725_201546.jpgBarbara Pavinati, het meisje met de poëtische naam. Ik ken haar uit mijn studietijd waarbij we samen een leesclubje oprichtten en die de mooie klankdichten schreef. Ze volgde een aantal jaren geleden de liefde en verhuisde naar de Achterhoek, haar liefde Boef achterna.

Daar schreef ze haar eerste boek: Grillige pad der liefde. Het vormde een bundeling van haar blogs over haar liefde voor Martin, de jongen in de rolstoel die heel bijzondere kunst maakte. Het is een ontroerend verhaal over aantrekkingskracht, sterke karakters en een liefde die ze voor altijd bij zich draagt.

In Grillig pad der liefde schrijft ze ook over Boef, de jongen die ze leert kennen via een datingsite en die haar naar het Oosten van het land brengt. Haar nieuwe leven is uit uitgangspunt van haar nieuwe bundel columns Een stadse in de Achterhoek. Het boekje bestaat uit 14 korte stukjes over deze bijzondere streek waarin ze belandt is als ‘stadse’.

Ik heb vlak na mijn studie enkele jaren in het Oosten van het land gewoond. Weliswaar ietsje noordelijker, in Twente. De 2 streken grenzen aan elkaar, hebben veel overeenkomsten maar ook heel veel verschillen. Ook ik moest erg wennen aan de bijzondere, typisch Twentse gebruiken. Zo leerde ik als verslaggever van de Twentsche Courant Tubantia de foekepot kennen in Goor en hoorde de verhalen over brommers kieken na het weekend.

Vormde haar eerdere boek een heel persoonlijk en ingrijpend verhaal, nu verwijst Barbara Pavinati naar haar nieuwe leven op een luchtige manier. Soms schiet ze een beetje door in mijn beleving, waarbij ze zich soms westerse voordoet dan ze is. Bovendien is het niet altijd de Achterhoek waar het gebruik leeft. Het kan zich over grotere delen van Nederland verspreiden, maar niet in de Randstad.

Of het dan het contrast is tussen de stedeling en de Achterhoeker, is ook de vraag. Het draait eerder om de Randstedeling Barbara die soms wel heel verwonderlijk kijkt naar de gewoontes die haar vriend erop na houdt. Ze ziet het echter graag met de nodige contrasten en wijst dan naar haar afkomst als ‘stadse’. Zie je wel, daar komt het door, zegt ze dan:

Ben ik nu een stadse? In de eerste plaats voel ik me gewoon mens. Eigenaardigheden hoeven in mijn ogen niet per se met de plek waar je vandaan komt te maken te hebben, maar zijn wel een mooie kapstok om ze aan op te hangen. Nu ben ik de uitzondering, in de stad was ik de regel. In de regel was iedereen in de stad namelijk de uitzondering. Als je begrijpt wat ik bedoel. Dus ja, ik ben een stadse in de Achterhoek. De uitzonderlijke westerling die de ongeschreven regels in het Oosten bevestigd ziet. (21)

Met deze bewering zet ze zich apart en ook buiten spel. Dan vraag ik mij af of het inderdaad zo zwartwit is. Ik heb dat zeker niet zo ervaren toen ik als verslaggever op de streekredactie werkte. De dingen die Barbara Pavinati beschrijft, zijn zeker soms best leuk, grappig en ontroerend, maar ze benoemen niet altijd het verschil tussen het westen en het oosten.

De tekeningen die ze bij haar stukjes heeft gemaakt zijn van een ontroerende eenvoud en drukken daarmee precies uit waar het over gaat. Zo is het boekje Een stadse in de Achterhoek een uitzonderlijk boekje van een uitzonderlijke vrouw, die de regel vaker bevestigt dan ze zelf zou willen.

Barbara Pavinati: Een stadse in de Achterhoek. Uitgegeven in eigen beheer. ISBN: 978 1 36 441431 3. Prijs: € 8,95. 54 pagina’s. Bestel