img_20161004_212949.jpgDe kou hier op het verste puntje van de aarde is ondragelijk, schrijft Dante. De verteller en Vergilius zijn hier beland in het centrum van de aarde. Dit vormt het middelpunt voor Lucifers macht.

Als hij afzakt, ziet Dante tot zijn verbazing dat Lucifer op zijn kop hangt. Het ijs is verdwenen en Dante wil begrijpen waarom de duivel op zijn kop hangt en het ijs verdwenen is.

De uitleg van Vergilius is helder: we hebben haast, de hoogste tijd om door te gaan. Er is geen tijd om lang stil te staan bij de op zijn kop hangende Lucifer.

Vergilius komt tot de uitleg. Ook hier is de wereld een bol. Het is niet helemaal duidelijk of de Romeinse dichter de wereld hetzelfde ziet als wij. Voor hem en Dante is de duivel het middelpunt van de aarde en daarmee van het heelal. De aarde draait immers nog om de zon.

De dichter geeft Dante en de lezer een staaltje van Middeleeuwse astronomie en geologie. De kennis van het heelal en de aarde, reikt best ver. De tegenvoeters leven aan deze kant van de wereld, stelt Vergilius.

Ze staan niet zo lang stil bij deze duistere plek en gaan verder:

Een ruimte is daar beneden, die zich verwijdert
Van Belzebub evenver, als [zijn] graf zich uitstrekt,
Een die niet door het zien, maar door ‘t geluid bekend is

Van een klein beekje, dat daar nederdaalt
Door het gat van een rots, die het uitgehold heeft
Met zijn kronkelende loop, die weinig helt.

De gids en ik traden dien verborgen weg
Binnen om tot de lichte wereld weer te keeren;
En zonder over rust nog zelfs te denken

AStegen wij op, hij eerst en ik als tweede,
Zoover, tot ik weer iets van de schoone dingen
Die de heemel draagt, door een ronde opening zag;

Hieruit betraden wij naar buiten om weer te zien de sterren. (vs 127 – 139, Bremer)

De 2 ontsnappen door een nauw gaatje naar buiten. De laatste regel uit het hel-gedeelte is een ware bevrijding. Het zien van de sterren biedt weer perspectief. Na het dieptepunt van de hel, staat ze weer buiten. Er is weer ruimte. De hel werd steeds nauwer en enger. Nu is daar weer de bevrijding.

Misschien wel de diepste crisis waar de verteller in verzeild raakte, na de tocht door het donkere woud. Ook het niet helemaal begrijpen van de duivel, helpt hem niet. Dan is daar blijkbaar een nauwe doorgang waardoor zijn helper en hij glippen.

Er breken mooie tijden aan…

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 34

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Frederica Bremer uit 1943. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.