img_20161010_213103.jpgDante en Vergilius komen in het tweede deel van de Goddelijke komedie in het gedeelte tussen hel en hemel terecht: het vagevuur. Bij Dante heet dit vagevuur, de louteringsberg. In mijn ogen het mooiste gedeelte van de Divina Commedia.

Hier vermengt de boetedoening voor de zonden in een loutering. Een bijna boeddhistische benadering van omgang met schuld en boete. De boete dient om er uiteindelijk gereinigd uit te komen. Niet het straffen om het straffen, maar de betere mens die er uiteindelijk uit komt. Dat is het einddoel van de louteringsberg.

Dante situeert deze berg aan de andere kant van aardbol: op het Zuidelijk halfrond. Zoals in de laatste Canto van de Hel duidelijk is, ziet Dante dit anders dan wij. Hoe anders, wordt mij niet duidelijk. De louteringsberg begint waar de hel eindigt en na een lange klim komt hij daar aan.

Bij het lezen van dit gedeelte van het boek ben ik vooral bevangen door de mooie beelden en het doel in de richting van de lezer. Trekt de Hel vooral aan door het grote angstaanjagende karakter ervan, dit deel van de Goddelijke komedie trekt op een heel andere manier de aandacht. De lezer heeft er wat aan.

De louteringsberg maakt je veel bewuster van de zonden waar je iets aan kunt doen. Heeft de Hel vooral een fatalistisch gehalte, in dit gedeelte van het hiernamaals heb je invloed. Je kunt iets aan je lot doen. Iets dat mij veel meer aantrekt dan de niet te herstellen verdorvenheid van de hel.

Lees de andere bijdragen van het Dante project